Summary Hoorcolleges Sociologie

-
105 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Hoorcolleges Sociologie

  • 1.1 De sociologische verbeelding

  • Wat is de definitie van sociologie?
    "De wetenschappelijke studie van het sociale leven, sociale verandering en sociale oorzaken en gevolgen van menselijk gedrag"
  • Welke kernassumpties kent de sociologie?
    Binnen de sociologie bestaan een aantal kernassumpties. Dit zijn aannames die niet ter discussie staan, het is gewoon zo.
    • Mensen zijn van nature sociaal
    • Mensen leven een groot deel van hun leven in sociale groepen
    • Individuen en groepen beïnvloeden elkaar in interacties
      • Bijvoorbeeld; universitair docent werkt op de Universiteit, hoe zij zich gedraagt wordt beïnvloedt door de normen en waarden die een rol spelen in de subcultuur van de organisatie; cultuur brengt structuur en is ook veranderlijk door hoe mensen zich gedragen, want zij heeft ook weer invloed op de cultuur van de Universiteit.
    • Groepen worden gekenmerkt door terugkerende sociale patronen, geordend gedrag en gedeelde verwachtingen en opvattingen
    • Processen van conflict en verandering zijn onvermijdelijk in groepen en samenlevingen
    • Vertrouwen kenmerkt heel veel samenlevingen
      • We gaan er bijvoorbeeld vanuit dat de treinen op tijd rijden, we waarderen elkaars privacy etc.
      • Als er geen vertrouwen is, en we spreken van een crisis, kan dit voor wanorde zorgen, maar wordt de samenleving later ook weer dichter bij elkaar gebracht.
    • Groepen blijven nooit hetzelfde, samenlevingen blijven nooit hetzelfde
      • 10 jaar geleden was het bijvoorbeeld nog normaal om te roken in horeca, nu wordt er niet meer normaal geacht.
  • Er bestaan 4 verschillende disciplines. Welke zijn dit en waar leggen zij de focus op?
    1. Sociologie
      • Interactie, groepen en sociale structuren
    2. Psychologie
      • Individueel gedrag en mentale processen
    3. Politicologie
      • Overheidssystemen en macht
    4. Economie
      • Productie, consumptie en distributie van goederen diensten
  • Als er wordt gekeken naar de casus armoede. Hoe kan je vanuit deze 4 disciplines kijken naar "armoede"?
    1. Sociologie
      • Interactie, groepen en sociale structuren
    Mogelijke verklaring armoede:
      • Generationeel effect = personen zijn opgegroeid in arme gezinnen, niet aangemoedigd te studeren, geld ontbreekt
      • Stigma = mensen blijven in armoede omdat ze gestigmatiseerd wordt; negatief gelabeld en krijgen daardoor geen kans in de maatschappij.
    2. Psychologie
      • Individueel gedrag en mentale processen 
    Mogelijke verklaring armoede: 
      • Mentale processen duwen mensen verder in armoede; door minder zelfvertrouwen is het zoeken van een baan nog moeilijker. 
    3. Politicologie
      • Overheidssystemen en macht 
    Mogelijke verklaring armoede: 
      • In hoeverre is er een model van herverdeling? Hoe gaat het met de bijstand? 
    4. Economie 
      • Productie, consumptie en distributie van goederen en diensten 
    Mogelijke verklaring armoede: 
      • Is er wel genoeg consumptie en productie voor genoeg werkgelegenheid? 
    Het is dus van belang vanuit welk oogpunt je kijkt bij de verklaring voor armoede, want sociologen geven een andere verklaring dan bijvoorbeeld politicologen. Echter is de tabel niet zo zwart-wit als het lijkt, maar natuurlijk houden sociologen bij het zoeken van een verklaring ook rekening met economische, politicologe en psychische aspecten. 
  • 1.1.1 Wat kunnen we met sociologie?

  • Wat kunnen we met sociologie?
    • Problemen die in eerste instantie heel erg privé lijken kunnen door sociologen in de maatschappelijke context geplaatst worden.
    • Er worden dus structurele sociale oorzaken aangewezen op problemen die op het eerste oog heel individueel lijken, maar dus in bredere context getrokken worden.
      • Bijvoorbeeld met armoede; als er niet naar de "maatschappelijke context" wordt gekeken, wordt armoede verklaard doordat de persoon niet hard genoeg werkt, maar als er wel naar de "maatschappelijke context" wordt gekeken kan armoede verklaard worden door andere dingen, zoals normen en waarden van de familie van de persoon in armoede.
  • Er wordt binnen de sociologie gekeken naar deviantie. Wat wordt hiermee bedoelt?
    • Deviantie = afwijkend gedrag. 
      • Bijvoorbeeld = iemand die de regels overschrijdt, zoals niet stoppen voor voetgangers bij een zebrapad, maar ook het overschrijden van culturele normen, bijvoorbeeld een tegenstander van gender-neutrale wc's overschrijdt de norm dat iedereen gelijk is/zou moeten zijn. 
  • Waar doen sociologen onderzoek naar?
    • Sociale processen, zoals individualiseren. 
      • Bijvoorbeeld = steeds minder mensen gaan naar de kerk, sociologen willen dan verklaren waarom steeds minder mensen naar de kerk gaan 
    • Psychische aandoeningen die een structurele sociale oorzaak hebben 
      • Bijvoorbeeld = een burn-out, sociologen proberen te verklaren waarom iemand overspannen raakt op werk, wat de sociale oorzaak hiervan is. 
    • Sociogen erkennen wel dat sommige eigenschappen aangeboren zijn, maar daar kijken ze niet naar. Ze gaat aan van nurture = de eigenschappen van een mens worden ontwikkeld door zijn/haar omgeving. 
  • 1.2 Drie niveaus van analyse

  • Er bestaan drie verschillende analyseniveaus in de sociologie. Welke zijn dit?
    1. Micro
      • Focus op het individu of interacties in kleine groepen
      • Dus: interactie tussen jou en je vrienden, mensen kennen elkaar, meestal persoonlijk, er is hooguit sprake van 1 eenheid. 
      • Bijvoorbeeld = de collegezaal
    2. Meso
      • Focus op sociale eenheden die kleiner zijn dan naties, maar groter dan lokale gemeenschappen
        • Bijvoorbeeld = de Schilderswijk in Den Haag
    3. Macro
      • Focus op grotere sociale eenheden, zoals naties, internationale organisaties, en internationale sociale trends
        • Bijvoorbeeld = internationaal gerechtshof
    Sociologen maken vaak een onderscheiding tussen micro en macro in plaats van dat ze het meso niveau echt gebruiken. Volgens een socioloog is de Schilderswijk in Den Haag dan ook eerder micro niveau, dan meso.
  • Hoe kan je de casus "armoede" verklaren vanuit deze verschillende niveaus?
    • Micro = zelf opgegroeid in een arm gezin, dus daarom is het lastiger om uit de armoede te raken
    • Meso = Stigmatisering door landelijke instanties, want armen worden negatief gelabeld en krijgen geen kans
    • Macro = Economische crisis
  • 1.3 Vier theoretische perspectieven

  • Hoe kun je de vier verschillende theoretische perspectieven ordenen?
    • De mens wordt beschouwd in samenwerkingsverband (mensen gaan met andere mensen om op basis van gedeelde betekenissen en gemeenschappelijke symbolen
      • Structureel functionalisme (macro) 
      • Symbolisch interactionisme (micro) 
    • De mens wordt beschouwd als competitief (gedrag wordt bepaald door eigenbelang)
      • Conflicttheorie (macro) 
      • Rationele keuzetheorie (micro) 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.