Summary Inleiding groepsdynamica

-
ISBN-10 9001763723 ISBN-13 9789001763725
238 Flashcards & Notes
35 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Inleiding groepsdynamica
  • Gert Alblas Auke Herrema
  • 9789001763725 or 9001763723
  • 1e dr.

Summary - Inleiding groepsdynamica

  • 1 Mensen in groepen 11

  • interactie?
    de groepsleden gaan regelmatig met elkaar op, zonder tussenkomst van anderen.
  • Wanneer is er sprake van een groep?

    Er moet aan 1> kenmerken moeten worden voldaan: 
    * Interactie: de groepsleden gaan regelmatig met elkaar om zonder tussenkomst van anderen. 

    * Identiteit: de groepsleden moeten het gevoel hebben met elkaar een groep te zijn. 
    * Doelen: de groepsleden hebben doelen die ze met elkaar willen bereiken.

     * Afhankelijkheid: de groepsleden hebben het gevoel dat ze elkaar nodig hebben voor het bereiken van die doelen. 

  • Wat is een groep?

    een groep is een verzameling mensen die: 

    • regelmatig met elkaar te maken hebben
    • samen iets willen bereiken (doel) 
    • zijn afhankelijk van elkaar om die doelen te behalen
    • het gevoel van een groep te zijn
  • Wanneer wordt er van een groep gesproken?

    Als het minstens één van de volgende kenmerken bevat:

    - interactie

    - identiteit

    - doelen

    - afhankelijkheid

  • Wat zijn kenmerken van een groep?
    Interactie, identiteit, doelen en afhankelijkheid
  • doelen?
    de groepsleden hebben doelen die ze met elkaar willen bereiken
  • Soorten groepen: 

    * Formele groep: wanneer de leden van een groep worden aangesteld. 
    * Informele groep: een groep is spontaan en zonder dwang van buitenaf ontstaan. 
    * Functiegroep zoals taak- en overleggroepen, woongroepen, vriendengroepen en therapiegroepen. 

  • wat is het verschil tussen informele/formele groepen

    informele groepen bestaan uit mensen die spontaan bij elkaar komen 

    formele groepen zijn groeen die bestaan uit leden die daarvoor worden aangesteld (voetbal)

  • Wat is een formele groep?

    De leden van een groep worden aangesteld. (homegroup)

  • identiteit ?
    de groepsleden moeten het gevoel hebben met elkaar een groep te zijn
  • Verschillende opvattingen over de vraag of het gedrag van mensen bepaald wordt door de groepen waarin ze leven: 

    1. De opvatting: een groep is slechts een optelsom van de activiteiten van de individuele leden. 
    2. De opvatting: de gorpe is meer dan de optelsom van leden. Groep heeft eigen identiteit die boven de individuele kenmerken van de groepsleden uitstijgt. 
    3. Interactionele benadering: het gedrag van de groepsleden komt voort uig zowel hun eigen kenmerken, als uit de kenmerken van de groep waarvan ze deel uitmaken. 

  • welke observatie methoden zijn er?

    • participerende observatie 
      mee doen en tussen de geobserveerde mensen..
    • ongestructureerde observatie
      observeren vanuit een globaal idee of doel
    • gestructureerde observatie
      alles nauwkeurig in de gaten houden.
  • Wat is een informele groep?

    De groep is spontaan ontsaan, zonder dwang. (vriendengroep)

  • afhankelijkheid?
    de groepsleden hebben het gevoel dat ze elkaar nodig hebben voor het bereiken van die doelen.
  • Sociologisch perspectief: 

    Daarbij gaat het over de overdracht van de heersende cultuur. Kind leert bijv. in een gezin hoe het zich dient te gedagen en hoe het tegen allerlei zaken dient aan te kijken. 

  • wat is de evolutionaire en biologische verklaring dat mensen in groepen leven?

    leven in groepen biedt bescherming en mogelijkheden tot voortplanting natuurlijke selectie zorgt voor biologische verankering

  • Wat zijn de drie benaderingen van het karakter van een groep?

    1. Optelsom van het gedrag van de leden

    2. De groep heeft een eigen identiteit

    3. Er is sprake van interactionele benadering

  • naarmate een verzameling mensen meer van bovengenoemde kenmerken heeft, zal dit ook een hechte groep vormen.
  • Psychologisch perspectief: 

    De bestudering is gericht op het individuele gedrag van de groepsleden en de interacties die tussen de groepsleden plaatsvinden. Hoe komen de interacties tot stand, welke wederzijdse beïnvloeding speelt daarbij een rol en hoe bepaalt de groep de opvattingen en het gedrag van haar leden. 

  • wat is de culturele verklaring dat mensen in groepen leven ? 

    leven in groepen is tot norm verheven en in de cultuur verankerd

  • Welke psychologische en gedragsmatige consequenties kunnen er ontstaan als je lid bent van een groep?

    - aanpassing

    - collectief gedrag en controleverlies

    - anonimiteit en diffusie van verantwoordelijkheid

  • kenmerken groep:

    - interactie : de groepsleden gaan regelmatig met elkaar om, zonder tussenkomst van anderen.

    - Indentiteit: de groepsleden moeten het gevoel hebben met elkaar een groep te zijn.

    - Doelen de groepsleden hebben doelen die ze met elkaar willen bereiken.

    - afhankelijkheid: de groepsleden hebben het gevoel dat ze elkaar nodig hebben voor het bereiken van die doelen

  • Groepsdynamica richt zich op psychologisch perspectief. 

  • psychologische verklaring dat mensen in groepen wonen?

    leven in groepen voeldoet aan behoeften van mensen, zoals omsluiting, controle, waardering, informatie, sociale steun, positief zelfbeeld, status, identiteit 

  • Groepsdynamica onderzoekt: 

    * hoe ontwikkelt een verzameling mensen zich tot een groep? 

    * wat is het eigene aan een groep en welke kenmerken spelen daarbij een rol? 
    * wat maakt dat mensen zich door de groep waar ze deel van uitmaken laten beínvloeden en hoe komt die invloed tot stand? 
    * hoe goed/slecht functioneren groepen? 

  • cognitieve verklaring mensen leven in groepen?

    leven in groepen maakt het bereiken van collectieve doelen  mogelijk

  • Lid zijn van een groep heeft zowel psychologische als gedragsmatige consequenties:

    * aanpassing: mensen laten zich in een groep bewust of onbewust beïnvloeden door meningen en gedragingen van andere groepsleden. 

    * collectief gedrag en controleverlies: mensen zijn geneigd zich t laten meeslepen door het gedrag van de andere groepsleden. 
    * anonimiteit en diffusie van verantwoordelijkheid: mensen doen dingen in een groep die ze als alleenstaande niet zouden doen. 

  • wat zijn de functies van groepen?

    • bescherming
    • bevrediging van behoeften
    • bereiken van doelen
  • wat zijn sociaal emotionele determinanten??

    alles waardoor een groep bijelkaar hoort en blijft. 

    • fysieke aantrekkelijkheid
    • gelijkheid
    • sociale achtergrond
    • status
    • vriendelijkheid 
  • wat zijn de taakgerichte determinanten 

    als een groep de zelfde doelen heeft, taken.

    muziek les bijvoorbeeld.

  • wat zijn de fasen van groepsontwikkeling? 

    • orientatie fase
    • conflict fase
    • stabilitatie fase
    • prestatie fase
    • beeindigingsfase
  • Welke technieken om tot een besluit te komen zijn er? 

    • brainstormen
      iedereen roept door elkaar een idee
    • brainwriting
      zoveel mogelijk P.P. op een papier schrijven en dan uitwisselen
    • nominale groepstechniek
      vliegtuig mila en ik, eerst iedereen ideeen laten geven, en daarna per ding kijken wie cijfers geeft
    • delphi techniek
      je ziet de medemensen niet, zelfde als nominale maar dan kiest de voorzitter
  • welke stijlen van leiding geven zijn er? 

    • taakgericht
      behalen van resultaat
    • relatie gericht
      goede onderlinge relaties
    • directieve stijl
      groep bepaald richting zelf
    • participatieve stijl 
      betrekt de groepsgenoten er goed bij
  • wat zijn de 4 verklaringen waarom mensen in groepen leven?

    • evolutionair
    • cultureel
    • psychologisch
    • cognitief
  • 3 factoren die de conformiteit doen toenemen?
    • persoonskenmerken (laagzelfbeeld, hoge behoefte acceptatie)
    • taakkenmerken (moeilijke taak)
    • groepskenmerken (unanimiteit, omvang unanimiteit
  • 3 factoren die de groepscohesie doen vergroten
    • afname in omvang van de groep
    • succes met groepstaken
    • gemeenschappelijke vijand
  • wat zijn de 5 vormen van conflict hantering?
    • vechten
    • samenwerken
    • compromis zoeken
    • vermijden
    • toegeven
  • wat zijn de 3 valkuilen bij escalatie?
    • competitieve valkuil
    • psychodynamische valkuil
    • zichzelf waarmakende voorspelling
  • wat zijn de 6 vormen van conflict management?
    • vergroten contact
    • laten samenwerken
    • onderhandelen
    • machtsingreep
    • arbitrage
    • mediation
  • waarom doet een groep het beter als een individu?

    • Meer kennis en inzicht
    • meer ideeen en oplossingen
    • kritisch vermogen
    • middeling bij schattingsfout

     

  • Groepen nemen minder goede beslissingen door:

    • ongelijkheid (dominatie)
    • zelfcensuur (slechte sfeer en groepsdenken)
    • conflicten
    • slechte structurering
  • wat moet een leider hebben om te kunnen leiding geven aan een groep?
    • hij moet doelen bepalen
    • organiseren en coordineren
    • controle, hulp en bijsturing
    • motiveren
    • problemen oplossen

     

  • wat zijn de persoonskenmerken van een effectieve leider?
    • hoge energieniveau
    • hoge stresstoleratie
    • zelfvertrouwen
    • integriteit
    • emotionele stabiliteit
    • hoge machtsmotivatie
    • technische en inter-persoonlijke vaardigheden
  • welke stijlen kennen we in het leiding geven?

     

    • taakgericht (behalen resultaat)
    • relatie gericht (goede onderlinge relaties)
    • directieve stijl (richting groep, bepaald zelf)
    • paricipatieve stijl (betrekt groepsleden erbij)

     

  • welke stijlen kennen we in het leiding geven?

     

    • taakgericht (behalen resultaat)
    • relatie gericht (goede onderlinge relaties)
    • directieve stijl (richting groep, bepaald zelf)
    • paricipatieve stijl (betrekt groepsleden erbij)

     

  • wat zijn de persoonskenmerken van een effectieve leider?
    • hoge energieniveau
    • hoge stresstoleratie
    • zelfvertrouwen
    • integriteit
    • emotionele stabiliteit
    • hoge machtsmotivatie
    • technische en inter-persoonlijke vaardigheden
  • wat moet een leider hebben om te kunnen leiding geven aan een groep?
    • hij moet doelen bepalen
    • organiseren en coordineren
    • controle, hulp en bijsturing
    • motiveren
    • problemen oplossen

     

  • 3 factoren die de conformiteit doen toenemen?
    • persoonskenmerken (laagzelfbeeld, hoge behoefte acceptatie)
    • taakkenmerken (moeilijke taak)
    • groepskenmerken (unanimiteit, omvang unanimiteit
  • wat zijn de 4 verklaringen waarom mensen in groepen leven?

    • evolutionair
    • cultureel
    • psychologisch
    • cognitief
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • inleiding groepsdynamica
  • Gert Alblas, Willem Vos
  • or
  • 2nd

Summary - inleiding groepsdynamica

  • 1 Mensen in groepen

  • Wat is een groep?
    Voldoet aan het volgende:
    Doelen
    Interactie
    Afhankelijkheid
    Identiteit
  • Welke soorten groepen zijn er?
    Functie:
    - overleggen, beoordelen en recreatie
    - produceren
    - vrije tijd en recreatie
    - politiek, geloof en opvattingen
    - therapie

    Formeel en informele groepen
    Reële en virituele groepen
  • Welke vijf kenmerken typeren de structuur van een groep?
    1. Communicatiepatronen
    2. Rollen
    3. Status en invloed
    4. Affectieve relaties
    5. Normen
  • 2 Functies van groepen en groepsontwikkeling

  • Waarom leven mensen in  groepen?
    1. Evolutionaire en biologische verklaring
    2. Psychologische verklaring
    3. Culturele verklaring
    4. Cognitieve verklaring
  • Wat zijn de volgende kenmerken van evolutionaire en biologische verklaring?
     Gezamenlijke jacht en voedselverzameling;
     Gezamenlijke voedselverbouwing en bereiding;
     Gezamenlijke inspanning voor het bouwen van huizen, het ontginnen van land en het maken van verdedigingswallen;
     Grotere waakzaamheid in gevaarlijke omstandigheden;
     Betere bescherming tegen bedreigingen van buitenaf;
     Zorg voor de jongeren, zieken en ouderen;
     Mogelijkheden tot voortplanting.
  • Wat houdt de culturele verklaring in?
    Het leven in groepsverband is een onderdeel van de cultuur. Iedereen is
    gelijkwaardig
  • Wat houdt de psychologische verklaring in?
    Het leven in een groep bevredigd de psychologische behoeften
    namelijk:
     Omsluiting: de behoefte om deel uit te maken van een groep en hier ook in geaccepteerd te worden.
     Controle: de behoefte om andere mensen te kunnen beheersen, of door andere
    beheerst te worden. Niet teveel ‘heersers’ zijn. Dat is slecht voor de groep.
     Waardering: de behoefte om door andere gewaardeerd te worden, of andere te
    waarderen. In de groep moet sprake zijn van wederkerigheid.
     ook hebben mensen behoefte aan informatie en sociale steun. Sociale steun krijgen ze vanuit emotionele ondersteuning, advies en hulp en positieve feedback.
  • wat houdt de cognitieve verklaring in?
    leven in een groep maakt het bereiken van collectieve doelen mogelijk.
  • Welke twee soorten determinanten zijn er?
    Sociaal-emotionele determinanten en de taakgerichte determinanten
  • Wat zijn kenmerken van sociaal-emotionele determinanten?
     Fysieke aantrekkelijkheid;
     Dezelfde sociale achtergrond;
     Aantrekkelijke status;
     Vriendelijkheid;
     Gelijkheid in opvattingen en voorkeuren.
  • Wat zijn taakgerichte determinanten?
    als de groepsdoelen voor een persoon aantrekkelijk zijn en
    ervoor zorgen dat de eigen doelen eerder bereikt zullen worden, wil iemand deel uit maken
    van de groep. Het gaat hier vooral om de kosten van het lidmaatschap en de baten die
    iemand eruit kan halen
  • De functies van groepen zijn:
    - Bereiken van doelen (projectgroep);
    - Bescherming (stad met muur);
    - Bevrediging van behoefte (bandje).
  • De fasen van groepsontwikkeling zijn:
    1. Oriëntatiefase: iedereen is behoedzaam, eerste contact met elkaar.
    2. Conflictfase: leden worden meer open. Dit zorgt voor tegenstellingen en die zorgen weer voor conflicten.
    Onecht conflict: snel opgelost
    Eenvoudig conflict: makkelijk op te lossen
    Conflictescalatie: tegenstellingen lopen uit de hand.
    3. Stabilisatiefase: de tegenstellingen worden naar ieders tevredenheid opgelost. Hierdoor gaat de groep beter functioneren.
    4. Prestatiefase: als er overeenstemming is over de doelen en wat de groep wil bereiken kunnen ze die gaan uitvoeren.
    5. Beëindigingsfase: nadat het product geleverd is gaan groepen uit elkaar(projectgroep, therapiegroep). Sommige groepen blijven echter in tact.
  • Wat is een cyclisch proces?
    In de praktijk is gebleken dat het vaak moeilijk te zien is wanneer de ene fase overgaat in de andere fase. Zo kan een eerdere fase terug te zien zijn wanneer deze al afgesloten leek
  • Wat is een lineair proces?
    Wanneer een groep een fase afsluit en dan pas overgaat naar de volgende fase is er sprake van een lineair proces
  • Wanneer is er sprake van een evenwichtsproces?
    Bales (1970) gaat meer uit van het principe dat elke groep in elke periode van de samenwerking voor de opdracht staat om een balans te vinden tussen groepstaken en onderlinge relaties en gaat meer uit van een evenwichtsproces.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

oplossen van conflicten
vergroten van contact.
vergroten van samenwerking
onderhandelen. Distributief: verdeling tussen verliezen en winsten. Integratief: maximale opbrengst verschaffen voor beide partijen.
kenmerken van conflictescalatie
verharding en polarisatie. standpunten worden sterker ingenomen en gaan verder uit elkaar liggen.
verslechtering van de verhoudingen. negatieve bedoelingen naar elkaar.
verbreding van het conflict. andere conflicten er bij halen.
toename van conflictpartijen. anderen er bij betrekken
destructie. schade aan andere partij verrichten ook al is dat nadelig voor zichzelf.
conflictescalatie
psychodynamische valkuil. inschatting maken van elkaars bedoelingen. denken dat de ander wil dwarsbomen.
competitieve valkuil. een groepslid ziet de actie van een ander als een poging om voordeel te behalen.
zichzelf waarmakende voorspelling. als je van een ander verwacht dat hij iets expres doet ga je het zelf ook doen.
conflicthantering
vechten. competitie win/verlies situatie
samenwerken. gericht op maximale uitkomst voor iedereen, gunt iedereen een goed resultaat. win/win situatie
compromis zoeken. verdelen, het is voor iedereen voor- en nadelig omdat je water bij de wijn moet doen.
toegeven. eigen belangen en voorkeuren opzij zetten
vermijden. zich op de vlakte houden en irritaties niet tonen.
conflictbronnen
Instrumentele conflicten. conflicten die betrekking hebben op de doelen en werkwijze. over samenwerking en verantwoordelijkheid
Belangenconflicten. de verdeling en de opbrengsten in de groep
Machtsconflicten. strijden om macht wie de meeste invloed heeft.
Relatieconflicten. ergernissen over gedragingen. elkaar niet liggen
conflict
als een groepslid zich door één of meerdere groepsleden voelt dwarsgezeten, aangevallen of onbehoorlijk behandeld
diskwalifikatie
techniek waarmee iemand iets kan zeggen zonder het echt te zeggen of ontkennen zonder duidelijk nee te zeggen
competitieve houding
gericht op eigen belang
coöperatieve houding
gericht op gemeenschappelijk belang
defensief gedrag
afhankelijk gedrag