Summary Inleiding in de anatomie/fysiologie van de mens

-
ISBN-10 9023836197 ISBN-13 9789023836193
158 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Inleiding in de anatomie/fysiologie van de mens". The author(s) of the book is/are Ludo Grégoire Ad van Horssen. The ISBN of the book is 9789023836193 or 9023836197. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Inleiding in de anatomie/fysiologie van de mens

  • 1 Weefsels

  • Wat zijn weefsels
    Een verzameling van cellen met zelfde bouw en functie.
  • Wat zijn dekweefsels(epithelen?)
    Hierbij vormen de cellen een aaneengesloten laag, geen tussenstof, niet doorbloed. De voeding van deze cellen komt van onderliggende doorbloed bindweefsel --> het is te vinden bij de opperhuid en als binnen bekleding van holle organen
  • Eenlagig dekweefsel heb je verschillende onderscheidingen.
    Wat zijn eenlaagplaveiselepitheel?
    * eenlaag plaveiselepitheel: binnen bekleding van eht hart, bloed en lymfecaten. Bestaat uit 1 laag platte cellen die goed aansluiten = endotheel
  • Wat is kubisch epitheel?
    Cellen --> even hoog en breed, zitten in nierbuizen en kliercellen
  • Meerlagig dekweefsel bestaat uit:
    Meerlagig plaveiselepitheel: de diepte lagen zijn kubisch
    Overgangsepitheel: 2 lagen sterk rekbare cellen --> in urine wegen.
  • Wat zijn de functies van dekweefsels?
    * Begrenzing
    * Trilhaarepitheel: zorgt voor transport: Eicel naar de baarmoeder
    * Cilindrisch epitheel van de darmen: resorptie ( opnemen van stoffen)
    * Sevretie: afgifte van stoffen.
  • Wat zijn exocriene klieren?
    klieren met een afvalbuis --> geven hun product af aan het m.e. zoals zweet en darmsap.
    Je hebt buisvormige klieren( maagsapklieren) en trosvormige klieren( talgklieren)
  • Wat zijn endocriene klieren?
    Klieren zonder afvoerbuis. --> brengen hun product in de m.i. die geeft het aan het bloed mee.
  • Wat zijn hormonen?
    Afscheidingsproducten van sommige klieren met interne secretie ( schilklier en bijnieren)
  • Wat doet strafbindweefsel?
    het opvangen van trekkrachten
  • Wat is Losmazigbindweefsel
    Zitten kleine hoeveelheid vezels in ( collageen en elastine) = vulweefsel tussen ingewanden
  • wat is elastisch binweefsel?
    elastine overheerst. in de wand van de slagaders, en bekleding van vaat en zenuw strengen
  • Wat is depotvet?
    is een ophangband van de darmen en onderhuidse bindweefsel. Warmte en isolerende functie en steunfunctie(oogbollen)
  • Waarom zit onderhuidse vet in handpalmen en voetzoolen?
    het is extra dik en omwikkeld met collageenvezels( zijn stootkussens) --> je kan met je handpalm slaan --> de vezels zijn verantwoordelijk voor de elasticiteit en stevigheid.
  • Wat is het verschil tussen kraakbeenweefsel en bindweefsel?
    Bij kraakbeenweefsel is de tussenstof vaster en veerkrachtiger. De tussenstof is doorschijnend en bestaat uit: kraakbeenlijm --> word door kraakbeencellen geproduceerd.
  • Wat is kraakbeenweefsel?
    Het is niet doorbloed, het voordeel: krachten opvangen zonder bloedingen optreden. nadeel: onderhoudproces duurt lang na beschadiging.
    Er zitten kraakbeencellen --> in een groepje bij elkaar. omgeven door een dikke mantel van collageenvezels.
  • Soorten kraakbeenweefsels
    Hyalien kraakbeen, elastischkraakbeen en vezeligkraakbeen
  • wat is hyalienkraakbeen?
    in het chondrine(kraakbeenlijm) = gelijkmatige verveelde collageenvezels. Op de gewrichtsvlakken -> glad glijvak = vangt schokken op. tussen ribben en borstbeen = soepele verbindingen --> borstkas is daardoor stevig en bewegelijk
  • Wat is elastisch kraakbeen?
    veel elastinevezels, elastisch kraakbeen --> veel vorm zoals de oorschelp en neufvleugels/schot
  • Wat is vezeligkraakbeen?
    Dicht opeengepakte collageenvezels. Het kraakbeen is hierdoor trekvast en drukbestendig --> te vinden in gewrichtsschrijven (tussenwervelschijven) het dient als soepele botverbinding
  • wat is bloed voorn weefsel?
    Steunweefsel --> geeft steun en de tussenstof heeft meer overgewicht waardoor het kan stromen in bloedvaten en hart. = transportfunctie. vloeibare tussenstof(plasma) --> veel bloedcellen aanwezig)
  • wat is spierweefsel?
    Hier zijn spiercellen gekenmerkt --> door eiwitketens: myofibrillen = actine en myosine. Ze kunnen in elkaar schuiven maar dat kostenergie = verkoring van de spiercel. uit elkaar schuiven kost geen energie.

  • stofwisselings reactie van de spiercel
    komt door beweging spierweefsel is ergactief = goede doorbloeding
  • 3 typen spierweefsel:
    Glad spierweefsel, dwars gestreepte spierweefsel, hartspierweefsel
  • Wat is glad spierweefsel?
    in de maagwand --> dicht tegen alkaar aanliggende cellen met een centrale kern. Cytoplasma is vol met myofibrillen --> trek langzaam samen, trage reactie, onvermoeibaar.
  • Wat is dwars gestreepte spierweefel?
    zoals in de been. Dwarsgestreepte spiercellen zijn langer dan de gladde spiercellen. de spiervezels hebben meerdere kernen die door de hoeveelheid myofibrillen --> tegen de celmembraan gedrukt zijn. De meerkernigheid komt: smelting van vele cellen(membraanfusie). het kan goed samentrekken, reageert snel, is snel vermoeid. Ze zijn verbonden met pezen en de pezen verbonden met het skelet.
  • Je hebt 2 type zenuwweefsel cellen:
    Zenuwcellen(neuronen) en steuncellen/gliacellen(neuroglia)
  • Wat zijn zenuwcellen(neuronen)?
    Ze zijn prikkelbaar. Zenuwcellen --> prikkelopvang en prikkelgeleiding door de verandering van de Na+/K+ balans --> kleine elektische ladingen optreden die via de lang en sterk vertake uitlopers(zenuwvezels) ergens anders geleid worden.
  • wat zijn steuncellen/gliacellen(neuroglia)?
    Dienen voor voeding, verhogen van de snelheid van de prikkelgeleiding
  • Wat is botweefsel?
    Tussenstof is erg vast dmv aanwezigheden van kalkzouten maar ook buigzaam door --> grote hoeveel heden collageenvezels. Het is opgebouwd uit botstukken(beenderen) en samen met gewrichten = skelet. 
    Botweefsel = intensieve stofwisseling --> tegelijk afgebroken en opgebouwd en is voorzien van een rijke doorbloeding.
  • Wat is hartspierweefsel?
    Ventrikelwand --> dwarsgestreept. de hartspiercellen vormen geen syncytium --> 1 centraal gelegen kern. Hart - holle spier - netwerk van opgebouwde hartspiercellen. = goed samentrekken, snelle reactie, hele leven rondpompen van bloed. soms actie en rust.
  • Wat zijn cilindirsch epitheel?
    Hoge cellen --> veel organellen --> binnen bekleding van de darm, galblaas en baarmoeder
  • Wat is bindweefsel?
    bestaat uit bindweefselcellen --> omgeven door tussenstof. In de m.i zijn vezels die door de bindweefselcellen geproduceerd zijn.
  • Noem een paar soorten steunweefsels:
    de tussen stof is van belang: Kraakbeenweefsel, botweefsel en bloed
  • Wat is trilhaarepitheel?
    cellen met meerdere trilharen, 1 krachtige slag in 1 richting bewegen en daarna weer naar de oorspronkelijk positie. --> binnen bekleding van luchtwegen(neusholte tot longblaasjes), en eileider.
  • Wat zijn epitheel, mesotheel en endotheel?
    Epitheel: vromt begrenzing met het m.e. 
    Mesotheel: staat nergens in verbinding met de buitenwereld. 
    Endotheel: meer inwendiger
  • Bindweefselcellen produceren vezels, wat voorn vezels?
    * Collageen: trekvezel, bij het uitkoken levert het lijm op. 
    * Elastine: elastische vezels
    * Reticuline: Trekvaste vezels
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is de functie van de ribosomen en waar liggen ze?

De ribosomen liggen aan de buitenkant van gedeeltes van her ER. de voedingsstoffen worden opgenomen in de ribosomen 

Wat is de functie van ruw endoplasmatisch reticulum

werkt samen met de kern en de ribosomen aan eiwitsynthese.

Hoe is de opbouw van het endoplasmatisch reticulum?  

Het is een groot netwerk van platte holten en verbindingsbuizen op de buitenkant van een gedeelte van het ER zitten korrels, dit zijn ribosomen.

Het gedeelte met ribosomen is ruw ER

het gedeelte zonder ribosomen is glad ER.

Het hangt samen met het celmembraam, liggen door de hele cel verspreid.

Wat is de functie van glad endoplasmatisch reticulum

Het speelt een rol bij de lipide aanmaak voor membramen

Wat is DNA en waar ligt het DNA in de cel?

DNA zijn de erfelijke codes, de recepten voor de aanmaak van alle eiwitten. Ze liggen in het chromatinenetwerk in de cel.

Waaruit bestaat het nucleoplasma?

grotendeels water met daarin:

  • 1 of meerdere kernlichaampjes (nucleoli) zij bevatten Ribonucleïnezuur (RNA)
  • Chromatinenetwerk (netwerk van dunne draden) bevat Desoxyribonucleïnezuur (DNA)
  • Kern zuren (nucleïnezuren)
hoe is de opbouw van het kernmembraam?

tweelagig en erg doorgankelijk dmv vrij  grote porien (ongeveer 50 nm)

Nucleus bestaat uit:  

nucleoplasma omgeven door een kernmembraam

Wat zijn enzymen en welke eigenschappen hebben ze.

Enzymen zijn biokatalysoren, ze hebben de volgende eigenschappen:

  • Ze versnellen of vertragen een chemische reactie
  • Ze worden zelf bij de chemische reactie niet verbruikt of blijvend veranderd
  • het zijn eiwitten
  • Ze zijn reactie specifiek, (bij een bepaalde reactie hoort een bepaald enzym)
  • Ze zijn temperatuur specifiek, (Bij een hoge of lagere temperatuur werken ze minder of niet meestal 37 graden)
  • Ze zijn zuurgraad specifiek, (Er bestaat voor elk enzym een beste PH daarbij werkt het enzym het beste)
  • Vaak zijn andere stoffen nodig om enzymen te laten werken. (Co-enzymen)

De enzymen worden meestal genoemd naar de stof die ze splitsen en heeft dan vaak de uitgang ...ase.

Wat doet energiestofwisseling en hoe wordt dit ook wel genoemd?

ook wel katabolisme genoemd, is het vrijmaken van energie voor anabole processen. (vb beweging, waarneming enz...)

Het gaat gepaard met katabole dissimilatie.