Summary Inleiding in de pedagogiek

ISBN-10 9023252640 ISBN-13 9789023252641
254 Flashcards & Notes
79 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Inleiding in de pedagogiek". The author(s) of the book is/are . The ISBN of the book is 9789023252641 or 9023252640. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Inleiding in de pedagogiek

  • 1 Begrip opvoeding

  • Definitie opvoeding
    Opvoeding is alle omgang tussen ouder en kind waarbij de ouder gericht een relatie met het kind aangaat. In deze omgang biedt de ouder het kind liefde, geborgenheid, veiligheid, intimiteit, aandacht, grenzen, instructie, ondersteuning en controle. Hierdoor zal het kind tot zelfontplooiing komen en over het nodige zelfvertrouwen en de nodige zelfstandigheid en zelfredzaamheid beschikken om richting te geven aan zijn verdere leven.
  • Vier basisdimensies van het opvoeden
    1. Ondersteuning bieden
    2. Instructie geven
    3. Controle uitoefenen
    4. Grenzen stellen
  • Er sprake van opvoeding als aan deze drie punten voldaan wordt:
    1. Er is sprake van wederzijds respect tussen ouder en kind.
    2. Het kind ervaart voldoende veiligheid bij, heeft vertrouwen in, kan rekenen op, voelt zich geaccepteerd door en krijgt ondersteuning van de ouder.
    3. Het kind wordt door de ouder uitgedaagd om eigen beslissingen te nemen en te experimenteren met nieuwe dingen, waardoor hij vertrouwen krijgt in zijn omgeving.
  • Voorbeelden ten aanzien van ondersteunend opvoedgedrag
    Bemoedigen, accepteren, helpen, samenwerken, affectie tonen en liefdevol omgaan met het kind, aandacht en interesse tonen voor de handelingen, gedragingen en signalen van het kind vaststellen en adequaat daarop reageren, vertrouwen in het kind laten blijken.
  • Warmte en affectie
    Duiden op emotionele beschikbaarheid van de ouder. Zonder warmte en affectie is er een verhoogd risico om blijvende schade op te lopen. Gevolgen zijn agressie, vandalisme en delinquentie bij het kind tot ver in de volwassenheid.
  • Responsiviteit
    Is de mate van adequaat reageren van de ouder op de signalen van het kind. Hieraan gaat sensitiviteit aan vooraf, dat gevoelig zijn voor de signalen die het kind afgeeft ten aanzien van zijn behoeften en gevoelens inhoudt. > De signalen worden door de ouder opgemerkt (sensitief) en er wordt adequaat op gereageerd (responsief.)
  • Ondersteuning
    (Heeft te maken met de handeling van de ouder ten opzichte van het kind. Kan zichtbaar gemaakt worden in de vorm van belonen of straffen, is afhankelijk van de leeftijd van het kind. Operante conditionering.) In belonende materiële vorm (bijtring bij doorkomende tanden, schoolagenda, of samen iets doen), of emotioneel (knuffel, kusje, opgestoken duim) leiden tot een emotioneel goed gevoel. Straffen vereist consequent gedrag van ouder, en uitleg.
    - Warmte
    - Affectie
    - Responsiviteit
    - Betrokkenheid
    - Emotionele ondersteuning/straffen en belonen
    - Aandacht
  • Instructie geven
    Duidelijk maken aan het kind wat de bedoeling van iets is en welk gedrag verwacht wordt, gaat hier om informatie voor de ontwikkeling van kennis en vaardigheden. Zo leert het kind strategieën te ontwikkelen om zijn eigen problemen op te lossen en verantwoordelijkheid te dragen voor zijn beslissingen. Te veel instructie kan leiden tot:
    - Het kind zal een eigen initiatieven durven ontplooien.
    - Het kind zal te veel bezig zijn met wat de ouder zal denken van de acties die het van plan is te ondernemen, waardoor het niet durft te handelen.
    - Aangeven welk gedrag van het kind wordt verwacht
    - Verantwoordelijkheid leren
    - Het kind hulp bieden om zich te ontwikkelen
  • Controle uitoefenen - autoritaire/restrictieve controle
    Opvoedgedrag waarbij de ouder druk uitoefent op het kind om correct gedrag te vertonen. Macht en gezegd van de ouder spelen een grote rol. Eigen behoeften van het kind worden ondergeschikt gemaakt. Geen gelijkwaardigheid tussen ouder en kind. Kind zal niet in staat zijn vorm te geven aan zijn eigen wensen en verlangens.
    - Onderdrukken negatief gedrag
    - Machtsuitoefening
    - Strikte regels
  • Controle uitoefenen - autoritatieve controle
    Gedragingen van de ouder waarbij uitleg wordt gegeven aan het kind en eisen worden gesteld aan zijn zelfstandigheid. Ouder geeft het kind informatie, instructie, suggesties en aanwijzingen. De ouder heeft de mogelijkheid om niet alleen ongewenst gedrag te bestraffen, maar ook gewenst gedrag te belonen. Basis van gelijkwaardigheid. Stelt het kind in staat zijn eigen weg te vinden in de richting van rijp gedrag.
    - Stimuleren positief gedrag
    - Uitleggen en verklaren
  • Grenzen stellen
    Heeft te maken met de wijze waarop de ouder en het kind bestraft of beloont om gewenst gedrag een te leren. Behaviorisme; al het gedrag is aangeleerd en kan dus ook weer afgeleerd worden. Gedragsverandering vindt plaats voor middel van beïnvloeding. Consequent. Respect voor autonomie van het kind.
    - Respect voor autonomie kind
    - Straffen
    - Belonen
    - Zelfstandigheid
    - Zelfredzaamheid
  • Intentioneel opvoedgedrag
    Het toepassen van opvoedingdoelen, de ouder is erop gericht om bewust of onbewust doelstellingen te bereiken bij het kind.
  • Drie opvoedingsdoelen
    1. Zelfstandigheid (individu). Kind is in staat zelf keuzes te maken, daarbij hoort her recht op een eigen leven en uitvinden wat van belang is. De bedoeling is dat het kind zelf beslissingen leert nemen, een eigen leven leert leiden en eigen mogelijkheden leert ontdekken.
    2. Zelfredzaamheid (samenleving). Het kind is in staat keuzes te maken en deze te verantwoorden, mondigheid en verantwoordelijkheid worden hier gestimuleerd. Het kind wordt geleerd om op een positieve manier vorm te geven aan zijn toekomstige rol in de samenleving.
    3. Zelfvertrouwen (toekomst). Het kind kan een bijdrage leveren aan de toekomst en is in staat om technische en praktische problemen op te lossen.
  • Meer specifieke doelen die ouder nastreeft bij opvoeding
    Zijn afhankelijk van de opvattingen van de ouder en diens normen en waarden. Bijvoorbeeld gehoorzaamheid, respect voor ouders, goede schoolopleiding, trouw aan de familie, eerlijkheid, hulpvaardigheid, gelovig zijn, gastvrijheid, goede manieren, met twee woorden spreken, niet stelen, beleefd zijn tegen volwassenen.
  • Circulair proces
    Opvoeden is een circulair proces. Er is sprake van actie en reactie in de omgang tussen ouder en kind. Ouder biedt kind vier basis dimensies, kind reageert met liefde en aangepast gedrag, of boosheid en tegenstribbelen, weer ouder weer tegenreactie op geeft, waardoor er interactie ontstaat tussen beide partijen.
  • Uniciteit
    Ieder mens is anders en heeft andere karaktereigenschappen, hierdoor heeft ieder kind een andere aanpak nodig, en werken sommige methoden van opvoeding niet bij iedereen.
  • Rode draad van opvoedproces
    1. De ouder is verantwoordelijk voor opvoeding
    2. De ouder biedt het kind ondersteuning, instructie, controle en stelt grenzen
    3. Het kind kan rekenen op onvoorwaardelijke liefde van de ouders/verzorgers
    4. Het kind leert zelfstandigheid, zelfredzaamheid en zelfvertrouwen
    (Circulair proces)
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Congruent
Overeenstemming tussen denken, voelen en spreken.
Pedagogische reflectie
Reflectie over de aard van de pedagogische kennis, normen en waarden over opvoeding en onderwijs.
Intellectueel
Verstandelijk
Generaliseren
Een algemene conclusie afleiden.
Deductief
Logisch uit iets afleiden
Criterium
Eis waaraan iets moet voldoen.
Verlichting (18e eeuw)
- Waarheid kan alleen bewezen worden met behulp van theorie en het verstand. 
- De mens is van nature gelijk, maar verschilt van zijn medemens door de omgeving (opvoeding speelt dus een grote rol)
Rene Descartes
Belangrijke vertegenwoordiger van het Rationalisme.
Rationalisme (tegengesteld aan Empirisme)
- Richt zich op theoretische kennis. Gaat ervan uit dat de rede de meest betrouwbare bron van kennis is. 
- Men kan als gedachte experiment alles in twijfel trekken en op basis van feiten tot een conclusie komen.
- gericht op reflectie over de aard van pedagogische kennis, normen en waarden over de opvoeding.
Empirisme
Filosofische stroming;
- Kennis komt voort uit ervaring.
- Waarneming is hierbij essentieel.
- Door systematisch en doelbewust experimenteren, kan er een stelling worden geformuleerd.   
-  Gericht op reflectie over de aard van pedagogische kennis, normen en waarden over de opvoeding.