Summary Inleiding in de persoonlijkheidspsychologie

-
ISBN-13 9789089538260
208 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Inleiding in de persoonlijkheidspsychologie". The author(s) of the book is/are Dick Barels Pietersen Dijkstra. The ISBN of the book is 9789089538260. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Inleiding in de persoonlijkheidspsychologie

  • 1 Persoonlijkheid: een introductie

  • Galenus en de 4 humores
    beschrijving                                                          naam                      teveel
    vrolijk, vriendelijk, grappig                              sanguinisch            bloed
    traag, loom, lui                                                    flegmatisch            slijm
    onstuimig, grootmoedig, onverschrokken  cholerisch              gele  gal
    somber, zwijgzaam, vasthoudend                  melancholisch     zwarte gal
  • 1.1 Wat is persoonlijkheid?

  • Wat is, in de psychologie, persoonlijkheid?
    1. Je fysieke kenmerken
    2. de dingen die je leuk en interessant vindt
    3. je persoonlijke geschiedenis
    4. je eigenschappen
  • Er zijn enorm verschillende manieren waarop mensen van elkaar kunnen verschillen. Hoe worden deze verschillen aangeduid?
    Door de term individuele verschillen; oftewel, datgene wat mensen van elkaar onderscheid.
  • Waar heeft de term persoonlijkheid betrekking op?
    Op de min of meer stabiele psychologische individuele verschillen tussen mensen.
  • Wat zijn twee hele belangrijke elementen in de definitie van persoonlijkheid?
    Dat de eigenschappen vrij stabiel en deels erfelijk zijn.
  • Welke andere termen worden gebruikt om stabiele psychologische verschillen tussen mensen te beschrijven.
    Dat zijn de termen temperament en karakter.
  • Wat zijn karakter en temperament?
    • Karakter heeft vooral betrekking op het kenmerkende of typerende van een persoon; een goedzak, een gierigaard of een nerd.
    • temperament wordt vooral gebruikt voor de verwijzing van basale persoonlijkheidseigenschappen die al in de kinder jaren aanwezig en observeerbaar zijn; zoals hoe babys reageren op prikkels of hun energieniveau
  • Welke 3 soorten temperament zijn er bij baby,s en kleine kinderen?
    1. Het moeilijke kind; onregelmatig eet- en slaappatroon, trekt zich terug bij nieuwe prikkels, veel tijd nodig zich aan te passen.
    2. het gemakkelijke kind; tegenovergestelde patroon
    3. langzame starter; mengvorm van bovengenoemde
  • 1.2 Stabiliteit van persoonlijkheid

  • Welke 2 vormen van stabiliteit kan men onderscheiden in de persoonlijkheid?
    1. Rangordestabiliteit; verwijst naar de relatieve positie die iemand in een groep inneemt in de loop van de tijd.
    2. mean level stabiliteit; heeft betrekking op de mate waarin scores van groepen personen naarmate ze ouder worden gelijk blijven.
  • Wat heeft onderzoek van de rangordestabiliteit bij persoonlijkheid uitgewezen in de verschillende leeftijdscategorieën(Rothbart)?
    • De stabiliteit van het temperament van baby,s lijkt toe te nemen.
    • bij oudere kinderen blijft de temperament redelijk stabiel.
    • in de volwassenheid is de persoonlijkheid nog stabieler.
    • na de leeftijd van 50 - 60 jaar veranderd hij niet meer.
  • Wat heeft onderzoek van Specht en collega,s onder bijna 15000 personen uitgewezen over de stabiliteit van de Five-Factor-Model-eigenschappen?
    De stabiliteit van de Five-Factor-Model-eigenschappen, Emotionele stabiliteit, Extraversie, Vriendelijkheid en openstaan voor ervaringen piekte rond de 40- tot 60 jarige leeftijd en nam daarna af.
  • 1.3 Erfelijkheid van persoonlijkheid

  • Wat zegt het feit dat persoonlijkheid tamelijk stabiel is?
    Dit betekend dat het vrij fundamentele eigenschappen betreft; die vermoedelijk een duidelijke genetische basis hebben. (erfelijk zijn)
  • Waar verwijst erfelijkheid naar?
    Naar de mate waarin genen overeenkomsten en verschillen tussen mensen kunnen verklaren.
  • Waardoor wordt het deel van de verschillen en overeenkomsten tussen personen dat niet erfelijk is  bepaalt?
    Door de omgeving
  • Wat is de formule voor het berekenen van de erfelijkheid?
    ERFELIJKHEID= 2(Ree - Rte)
    Ree is het verband tussen eeneiige tweelingen
    Rte is het verband tussen tweeeiige tweelingen
  • Wat is de aanname van gelijke omgeving?
    Dat de omgeving waarin twee-eiige tweelingen zijn opgegroeid gelijk si aan de omgeving waarin de eeneiige tweelingen zijn opgegroeid.
  • In hoeverre is persoonlijkheid erfelijk en hoeverre is het toe te schrijven aan de omgeving?
    Persoonlijkheid is voor 50 % erfelijk en voor 40 - 60% toe te schrijven aan de omgeving.
  • Waar kan de omgeving in worden opgesplitst?
    • De gedeelde omgeving; deze heeft vrijwel geen invloed op de ontwikkeling van de persoonlijkheid
    • de niet - gedeelde omgeving
  • Wat is sociale identiteit, die gerelateerd is aan je zelfconcept?
    Heeft betrekking hoe je jezelf presenteert naar anderen toe
  • Welke 2 soorten identiteitscrises zijn er?
    • Identiteitstekort; iemand heeft nog geen nieuwe identiteit gevormd. (midlife crisis)
    • identiteitsconflict; als er enkele aspecten van de identiteit zijn die moeilijk of niet verenigbaar zijn.
  • Wat is het zelfconcept?
    Het beeld dat je van jezelf hebt
  • Wat is je zelfwaardering?
    De mate waarin je tevreden bent met je zelf concept.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.