Summary Interculturele samenwerking in organisaties

-
ISBN-10 9046900843 ISBN-13 9789046900840
800 Flashcards & Notes
45 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Interculturele samenwerking in organisaties". The author(s) of the book is/are Herman Blom. The ISBN of the book is 9789046900840 or 9046900843. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Interculturele samenwerking in organisaties

  • 1 Globalisering van de wereld als stad

  • Wat is Globalisering

    Globalisering is de internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden. 

  • Globalisering
    De internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden.
  • Geef een definitie van Globalisering!
    De internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden. 
  • Wat is globalisering?
    De internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden.
  • Wat is Globalisering
    Globalisering is de internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden. 
  • Wat is globalisering?
    De internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden.
  • Globalisering is de internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden. 

  • Welke gevolgen hebben interculturele samenwerking.
    Het geeft een grote aanpassingsdruk waardoor vooroordelen, discriminatie en angst voor het onbekende ontstaan. 
  • Door de veranderende betekenis van afstand versnelde het proces van globalisering sinds de WO2. Globalisering wordt zichtbaar aan welke 3 typen van internationale vervlechting?
    economische, sociale en culturele
  • Wat wordt er bedoelt met economische, sociale en culturele vervlechting?
    economische = landen en werelddelen vervlechten in de vorm van handel en productie van goederen en diensten 

    sociale = vooral te zien in de vorm van migratiebewegingen die vooral de richting hebben van armere naar rijkere landen

    culturele = een grotere afhankelijkheid tussen culturen en ook meer spanningen tussen culturen
  • Hoe wordt globalisering zichtbaar?
    Economische vervlechtingen;
    Sociale vervlechtingen, den k aan migratie bewegingen
    Culturele vervlechtingen, het beeld van de wereld van een stad
  • Wat is globalisering?
    De internationale vervlechting van economische en sociale relaties, waardoor steeds grotere delen van de wereld wat betreft de productie van goederen en diensten en de relaties tussen mensen van elkaar afhankelijk zijn geworden.
  • Welke drie aspecten bevatten internationale vervlechting?
    economische, sociale en culturele vervlechting.
  •  Een populaire benadering zegt dat het internet de functie van de openbare ruimte heeft
    overgenomen. In plaats van in de straat, op het plein en in het café ontmoet men elkaar op
    het internet.
    Uit onderzoek blijkt echter dat internetgebruik niet in plaats van fysiek contact komt, maar
    vooral aanvullend is.
  • Leg de globalisering uit aan de hand van de drie E`s
    Email, Ebay en Easyjet; elektronische communicatie over de hele wereld, goederen kopen en verkopen en goedkoop vliegen waardoor mogelijk voor vele mensen en niet alleen voor de rijken. 
  •   Global community:
     het internet is belangrijk voor vormen van communicatie die alleen
    digitaal mogelijk zijn (geestverwanten, zakenpartners, patiëntenzelfhulporganisaties).
  • Wat is consumer-to-consumer e-Commerce (c2C)?
    Mensen en bedrijven zijn voor de koop en de verkoop van goederen en diensten niet langer gebonden aan de lokale territoria waarin zich bevinden. Je kunt nu een advertentie plaatsen op bv marktplaats. C2C zorgt wel voor meer CO2 uitstoot.
  •   3 aspecten aan het proces van globalisering:

     De economische vervlechting van landen en werelddelen in de vorm van de handel en
    productie van goederen en diensten. Door de ontwikkeling van de telecommunicatie
    bevindt de economische globalisering zich sinds de jaren ’80 in een
    versnellingsproces.
     De sociale vervlechting van landen. Migratiebewegingen die in principe vooral de
    richting hebben van armere naar rijkere landen. Zowel het uitzendende als ook het
    ontvangende land kan hiervan de vruchten plukken. Deze bevolkingstrek is zo
    grootschalig dat ze voor de betrokkenen landen ook ontwrichtend werkt.
     De culturele vervlechting van landen. Toch wordt dit proces door tegenstrijdigheden
    gekenmerkt. Naast culturele eenvormigheid zien we steeds meer spanningen tussen
    culturen.
  • Welke drie aspecten bevat internationale vervlechting (of globalisering)?
    • economische vervlechting: van landen en werelddelen in de vorm van handel en productie van goederen en diensten.
    • sociale vervlechting: vooral in de vorm van migratiebewegingen van arme naar rijkere landen
    • culturele vervlechting: culturen steeds meer gemixed, meer culturele eenvormigheid maar ook spanningen tussen culturen
  •    Internationale handel brengt internationale arbeidsverdeling met zich mee.

    - Dat kan een voordeel zijn, omdat er zo efficiënter en veelzijdiger geproduceerd en
    geconsumeerd worden.
    - Dat maakt producenten en consumenten gelijktijdig ook gevoeliger voor
    gebeurtenissen elders op de wereld (strenge winters is de VS, waardoor de prijs van
    olie stijgt).
  • Leg de globalisering uit aan de hand van de drie E`s.
    Email; hierdoor kunnen we elektronisch communiceren met iedereen op de wereld. Ook is werk niet langer aan een werkplek verbonden.
    Ebay; de eerste internetaanbieder voor koop en verkoop van goederen
    Easyjet; goedkoop vliegen waardoor vliegen mogelijk wordt voor vele mensen en niet alleen voor de rijken.
  •  Voedselkilometer:
    de afstand die eten heeft afgelegd ‘tussen grond en mond’. Hoe hoger dit
    aantal, des te duidelijker de internationale arbeidsverdeling wordt.



    Omdat het transport van eten milieuschadelijk is, valt er iets te zeggen voor regionale versies van maaltijden.
  • Welke effecten heeft de globalisering in Nederland op economisch gebied? 5 pt.

    • investeringen in buitenland nemen toe
    • bedrijven fuseren met buitenlandse partners of worden overgenomen
    • internationale financiële transacties nemen toe in omvang
    • globalisering zet arbeidsvoorwaarden in Nederland en andere westerse landen onder druk
    • globalisering is terug te zien bij internationale concerns met filialen in verschillende landen; werknemers merken de druk van moederconcerns om te concureren met elkaar
  •   De globalisering op economisch gebied blijkt uit de volgende verschijnselen:

     Het exportaandeel van vrijwel alle nationale economieën stijgt (behalve van landen
    die zich totaal isoleren, zoals Noord-Korea en Birma).
     Handelsbeperkingen worden afgebouwd, althans tussen de steeds groter wordende
    handelsgemeenschappen.
     De investeringen in het buitenland nemen toe. Door de globalisering is het moeilijk
    ‘echt’ Nederlandse bedrijven te onderscheiden.

     Bedrijven fuseren met buitenlandse partners. Venture capitalists: dit zijn speculatieve
    geldbeheerders die met geld van over de hele wereld (ook van Nederlandse
    pensioenfondsen) mondiaal op zoek zijn naar hoge rendementscijfers. Onder hun
    invloed worden concerns gedwongen onderdelen af te stoten of zich op bepaalde
    onderdelen te concentreren.
     Internationale financiële transacties nemen toe in omvang.
     De globalisering zet de arbeidsvoorwaarden in Nederland en andere westerse landen
    onder druk. Door de internationalisering van handel en kapitaalmarkten is de
    concurrentie wereldwijd toegenomen. Die dwingt bedrijven om ‘luxe’
    arbeidsvoorwaarden te verminderen. Lonen worden gematigd, pensioenen zijn
    soberder geworden en werktijden flexibeler. De verzorgingsstaat komt in de knel.
  •   Er zijn 2 manieren om werk naar andere landen te verplaatsen:

     Uitbesteden of verplaatsen van productie: Nederlandse bedrijven besteden veel werk
    uit naar landen in Zuidoost-Azië en naar Oost-Europa: het zogeheten outsourcen.
    Wanneer ze werk uitbesteden zijn bedrijven overigens vaak volledig eigenaar van hun
    buitenlandse partner. Dan is er sprake van verplaatsing van bedrijfsactiviteiten.
     Uitbesteden of verplaatsen van dienstverlening: de combinatie van pc’s, internet en
    glasvezelkabels maakt mogelijk dat het outsourcen veel verder gaat dan gewoon
    productiewerk. Hier gaat het om het uitbesteden of verplaatsen van dienstverlening:
    het offshoren. Allerlei dienstverlenende activiteiten als laagwaardige
    informatietechnologie (personeelsadministratie bijhouden), callcenters, ICT, kunnen
    naar de goedkoopste aanbieders uitbesteed of verplaatst worden.
  •  De wereld is plat (Thomas Friedman); metafoor voor de mondiale vervlechtingen als gevolg
    van de communicatierevolutie. Die doet grenzen vervagen, het economisch leven onttrekt
    zich aan de staat en zijn grenzen. 2 kanttekeningen bij dit beeld:
      Ten eerste is het wereldwijde communicatiesysteem bijzonder gevoelig voor
    storingen. De economische en technologische globalisering heeft van de wereld een
    bijzonder kwetsbaar netwerk gemaakt.
     Ten tweede is vraag of nationale regeringen – namens hun burgers – nog greep
    hebben op economische gebeurtenissen in hun land. De buitenlandse overnames van
    Nederlandse bedrijven vergroten het gevaar van overplaatsing van hoofdkantoor en
    vestigingen naar het buitenland. Wanneer Nederlandse bedrijven een bijkantoor
    worden van buitenlandse ondernemingen, kunnen ze niet meer leidend zijn en gaan
    er arbeidsplaatsen verloren.
  •  In Europa en in Nederland wordt gediscussieerd over de herintroductie van een beslissend
    ‘gouden aandeel’ voor overheden om belangrijke bedrijven te beschermen tegen
    overvallers.
  • Immigranten: komen een land binnen, zij zijn ‘nieuwkomers’.
    Emigranten: verlaten een land, zij zoeken hun heil elders.
    Migranten: kunnen zowel immigranten als emigranten zijn.
    Allochtonen (CBS): alle personen die zelf in het buitenland zijn geboren of van wie ten
    minste één ouder in het buitenland is geboren.
  • Noem voor- en nadelen van internationale handel?
    Voordelen:
    • De productie kan veel veelzijdiger en efficiënter.
    Nadelen:
    De handel is:
    • gevoelig voor allerlei gebeurtenissen elders op de wereld
    • digitale afhankelijkheid.
    • gevoelig voor storingen in het wereldwijde communicatiesysteem
  •   Vervolgmigratie:
     immigratie lokt nieuwe immigratie uit.
  •   Watertaal:
    Nederland wordt ‘overspoeld’ door migranten, er is sprake van ‘een golf’
    vluchtelingen, een ‘stroom’ asielzoekers en een ‘tsunami’ van islamisering. Het water is
    Nederlands grootste vijand en in die termen wordt er nu ook over migranten gesproken.
  • Wat zijn de vier grootste groepen allochtonen in Nederland?
    Surinamers, antillianen, turken, marokkanen
  •  Emigratie

    Na de 2e wereldoorlog vond er grootschalige emigratie plaats. Begin jaren ’50 stimuleerde de
    overheid actief de emigratie, uit angst voor overbevolking. Toen de Nederlandse economie
    in de jaren ’60 begon te bloeien, kwam de stroom emigranten tot stilstand.
    Sinds 2000 loopt voor het eerst sinds de jaren ’50 het aantal emigranten weer op.
  •  De omvang van de bevolking hangt samen met 2 factoren:

     Het geboortesaldo: de natuurlijke aanwas van de bevolking – geboorte minus sterfte.
     Migratiesaldo: het verschil tussen het aantal immigranten en het aantal emigranten.
    Dit saldo is positief als de immigratie de emigratie overtreft.
  •  Waarom is Nederland veranderd van een immigratieland in een emigratieland?:
     - Voor immigranten werd Nederland onaantrekkelijk door de slechte economische
    omstandigheden na het ineenzakken van de internethype in 2000 en de invoering
    van de strengere Vreemdelingenwet in 2001.
    - Het aantal emigranten stijgt in verband met de economische perspectieven in
    Nederland. Andere motieven zijn de kwaliteit van de samenleving en de
    demografische druk (bevolkingsdichtheid). België en Duitsland zijn populair vanwege de gunstige woningmarkt in de grensstreken. Vertrekkers vinden in de

    Scandinavische landen rust, ruimte en minder stress op het werk.
  • Wat zijn de argumenten tegen het aantrekken van migranten in het kader van de vergrijzing?
    • slechts gering deel migranten gaat werken
    • je hebt 11 miljoen jonge mensen nodig
    • integratie kost enorm veel geld
    • er is vergrijzing over de hele wereld
  •   Ketenmigratie:
    de slechte economische situatie op de Nederlandse Antillen is voor hen een
    motief naar Nederland te gaan. Ze worden in Nederland opgevangen door hun eigen sociale
    netwerk.
  • Waarom hebben allochtone vrouwen een dubbele achterstand?
    • ongunstige maatschappelijke positie vergeleken met autochtone vrouwen
    • maar ook vergeleken met de mannen uit de eigen groep
  •   Het gaat om de volgende kenmerken van culturele globalisering:

     Een wereldwijde verspreiding van merkartikelen en cultuursymbolen.
    McDonaldisering van de wereld: het streven naar efficiency, berekenbaarheid en
    voorspelbaarheid van het gedrag van mensen (werknemers) in organisaties en van
    burgers in hun vrije tijd.
     Elektronische massamedia zijn mondiaal te ontvangen.
     De Engelse taal fungeert overal als lingua franca in het verkeer tussen mensen met
    verschillende moedertalen.
     Sociale contacten tussen mensen raken ‘gevirtualiseerd’.
  • Welke gevolgen heeft interculturele samenwerking?
    Het geeft een grote aanpassingsdruk waardoor vooroordelen, discriminatie en angst voor het onbekende ontstaan
  •  De grotere afhankelijkheid tussen uiteenlopende culturen heeft ook een keerzijde. De
    grotere zichtbaarheid van de anderen leidt ook tot misverstanden, onenigheid en afwijzing.
    Huntington voorspelde een clash of civilizations: de culturele en religieuze identiteit van
    mensen is de belangrijkste bron van conflict.
  •   Het vergrijzingsdebat

    Er dreigt een tekort aan jongeren op de arbeidsmarkt binnen enkele jaren (ontgroening). Het
    aandeel van 65-plussers in de bevolking wordt gaandeweg sterk vergroot. Beide argumenten
    leiden tot een pleidooi voor het aantrekken van meer migranten. Ook omdat Nederland
    sinds kort met een vertrekoverschot kampt.
  •   Het integratiedebat

    Het pleidooi voor meer migranten staat echter haaks op het ‘immigratietrauma’. De
    negatieve ervaringen die de Nederlandse samenleving heeft met de immigratiegolven sinds
    de jaren ’60 bemoeilijken een nieuwe start op dit gebied. Er bestaat nog steeds een taboe op
    het publiekelijk uitspreken van het probleem van de maatschappelijke kosten van migratie.
  • Waarover gaat het integratie debat?
    Vooral over de vraag wat er verkeerd ging en hoe nieuwkomers beter geïntegreerd raken in Nederland. Er is nog steeds een taboe op het uitspreken van het probleem van de maatschappelijke kosten van migratie.
  •   Babyboomers:
    de naoorlogse geboortegolf (1945-1965). De eerste babyboomers zijn in 2007
    met pensioen gegaan.
  •   Vervangingscijfer:
    het aantal kinderen dat nodig is om op termijn de vader en moeder te
    ‘vervangen’.
  • Welke oplossingen ziet de raad van economische adviseurs voor het probleem van vergrijzing?
    • benutten van arbeidsreserve (werklozen, arbeidsongeschikten, parttimers, niet-werkende vrouwen laten werken)
    • selectieve immigratie, zoals kennismigranten regeling.
  •   Argumenten voor het aantrekken van immigranten:

     Jongeren in West-Europa hebben steeds minder interesse voor opleidingen op het
    gebied van techniek en natuurwetenschappen. Goed opgeleide werknemers van
    buiten Europa zijn daarom dringend gewenst. Een aantal landen in Europa heeft al
    een zogeheten bluecard-regeling (werkvergunningsregeling), om kennismigranten de
    toegang tot het land te vergemakkelijken.
     Door de vergrijzing en de ontgroening zijn er in de toekomst seizoenarbeiders uit het
    buitenland nodig.
  •   De volgende argumenten pleiten volgens Harry van Dalen tegen het aantrekken van
    arbeidsmigranten:


     In 2050 zijn er 1,6 miljoen meer 65-plussers dan nu. Om het aandeel jonger dan 65
    jaar in de bevolking in de tussentijd niet te doen slinken zouden 11 miljoen jonge
    mensen extra nodig zijn.
     Migranten nemen immers vaak huwelijkspartners en kinderen mee. Nederland is
    voor deze instroom van nieuwkomers te klein.
     De integratie van migranten in de Nederlandse samenleving kost veel geld (scholing,
    huisvesting, gezondheidszorg, van immigratie komt immigratie).
     De wereld vergrijst. Het kindertal daalt overal, de levensverwachting stijgt juist. Het
    binnenhalen van immigranten zal de Nederlandse vertraging niet vertragen.

  • De Raad van Economisch Adviseurs (REA) ziet alternatieve oplossingen voor het probleem
    van de vergrijzing:
     1. Het benutten van arbeidsreserves. De arbeidsparticipatie kan fors omhoog vanwege
    de grote arbeidsreserve (werklozen, (deels) arbeidsongeschikten, parttimers, nietwerkende
    vrouwen, vervroeg gepensioneerden). In dit kader zou het nuttig zijn om
    de aantrekkelijkheid van de technische beroepen voor iedereen te vergroten.
    2. Selectieve immigratie. Door selectieve immigratie kan het ontstaan van knelpunten in
    bepaalde sectoren worden tegengewerkt. Daarom blijft de noodzaak aanwezig omgericht in het buitenland bepaalde groepen werknemers te recruteren.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is het probleem van de maatschappelijke kosten van migratie?
Volgens econoom Pieter Lakeman is migratie een hele dure vorm van ontwikkelingshulp. Denk aan uitkeringen, pensioenen, zorgpremies en huurtoeslagen. Gemiddeld per verblijfsjaar 3.000 euro
Wat zijn de vijf nieuwe minderheidsgroepen?
Afghanen, Irakezen, Iraniers, Joegoslaven en Somaliers. (politieke vluchtelingen)
Wat is reshoring?
Terughalen van productie uit een goedkoop land naar het thuisland
Wat is consumer-to-consumer e-Commerce (c2C)?
Mensen en bedrijven zijn voor de koop en de verkoop van goederen en diensten niet langer gebonden aan de lokale territoria waarin zich bevinden. Je kunt nu een advertentie plaatsen op bv marktplaats. C2C zorgt wel voor meer CO2 uitstoot.
Hoe wordt globalisering zichtbaar?
Economische vervlechtingen;
Sociale vervlechtingen, den k aan migratie bewegingen
Culturele vervlechtingen, het beeld van de wereld van een stad
 Diversiteit in de organisatie en in de samenleving moet aan 2 voorwaarden voldoen. Hetgaat om de volgende voorwaarden:
  De ondergrens voor verscheidenheid ligt in het gelijkheidsbeginsel: gelijke rechten
voor iedereen. Huiselijk geweld, mishandeling van homoseksuelen en het recht van
de man om een vrouw te verstoten kunnen in Nederland niet door de beugel.
 Een organisatie, op profitbasis of niet, dient in staat te zijn doelen na te streven
(effectiviteit) en wel op een handige manier (efficiëntie). Ze kan daarom niet in alle
gevallen rekening houden met diversiteit van wensen, behoeften en verlangens.
Rekening houden met verscheidenheid mag niet ten koste gaan van de
professionaliteit van de organisatie.
  De omgang met dilemma’s in de multiculturele samenleving gaat vaak op een van devolgende manieren. We maken een onderscheid tussen 3 standpunten:


 Cultuurrelativisme: ‘Alles moet kunnen’;
 Universalisme: ‘Over regels valt niet te twisten: iedereen dezelfde rechten en
dezelfde plichten!’;
 Pluralisme: ‘Met respect voor elkaar samen zoeken naar oplossingen’.
  De driestappenmethode (DSM) dwingt ertoe een bewuste keuze te maken en een grens tetrekken wanneer waarden – de kern van een cultuur – te veel verschillen. Bij de eerste 2stappen kunnen de conflictpartijen een dubbel perspectief krijgen. Tijdens de 3e stap wordtbeslist of de waarden elkaar uitsluiten of dat er een gemeenschappelijke oplossing mogelijkis:


 Stap 1: Het leren kennen van de eigen (cultuurgebonden) normen en waarden
De eerste stap is moeilijk omdat de eigen regels en codes en vanzelfsprekend zijn.
Mensen houden ze soms voor algemeen geldig.
 Stap 2: Het leren kennen van de (cultuurgebonden) normen, waarden en
gedragscodes van de ander
Meningen over het gedrag van de ander dienen gescheiden te worden van feiten.
Men dient te onderzoeken wat het ‘vreemde’ gedrag van de ander betekent. Bij de
beschrijving dient een onderscheid te worden gemaakt tussen subjectieve
waarneming en objectieve feiten. De volgende 3 punten zijn bij stap 2 van belang:
1. Je maakt een situatiebeschrijving zonder er een oordeel aan te verbinden.
2. Je benoemt je persoonlijke irritaties.
3. Je gaat op zoek naar informatie over de cultuur van de ander door bijvoorbeeld
erover te lezen of bij anderen na te vragen. Om misverstanden in de communicatie te
voorkomen zoek je hierbij nog niet het directe gesprek met de ander.
 Stap 3: Hoe om te gaan met de verschillen
Men stelt de wijze vast waarop men in de gegeven situatie met de geconstateerde
verschillen in normen en waarden omgaat. Vervolgens stelt men vast waar de eigen
grenzen liggen wat betreft aanpassing aan en acceptatie van de ander. Deze grenzen
worden vervolgens aan de ander duidelijk gemaakt op een wijze die eventueel
aangepast wordt aan de culturele communicatiecodes van de luisteraar.
  Dubbel perspectief van conflictpartijen (Pinto):
 inzicht in de eigen waarden en in die van de
andere partij. Hierdoor wordt het onderlinge begrip vergroot en worden de irritaties
gereduceerd. Het is zaak om niet te vervallen in stereotypering of stigmatisering.
  Het diversiteitsbeleid in organisaties stond tot voor kort in het teken van het zogenaamdedoelgroepenbeleid. Dit kon zich, afhankelijk van de door de organisatie gestelde prioriteiten,op 4 groepen richten:


- Vrouwen
- Allochtone Nederlanders
- Gehandicapten
- Ouderen