Summary International economic relations and finance

-
223 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "International economic relations and finance". The author(s) of the book is/are x. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - International economic relations and finance

  • 17 Monetaire omgeving van ondernemingen

  • BIS-ratio
    De BIS-ratio geeft aan hoe gezond de financiële positie van een bank is. Hierbij wordt gekeken naar de solvabiliteit en de uitstaande kredieten.
    Volgens de regels van de BIS dient deze ratio minimaal 8% te zijn, maar hoe hoger hoe beter.
  • Commerciële banken
    Banken die toevertrouwde middelen kredieten verlenen en zorgen voor het betalingsverkeer in een land.
  • Financiële systeem
    De wijze waarop geldstromen in een economie worden georganiseerd.
  • Geld
    Ruilmiddel waarmee betalingen kunnen worden verricht.
  • Giraal geld
    Geld dat op een rekening staat.
  • Hefboomratio
    Ratio tussen het eigen vermogen en het balanstotaal van een bank.
    Deze moet minimaal 3% zijn.
  • Intrinsieke waarde
    Marktwaarde van het materiaal waarvan het geld is gemaakt.
  • Liquide middelen
    Geld.
  • Liquiditeit
    De mate waarin kortlopende verplichtingen van banken gedekt zijn met liquide middelen.
  • Primaire liquiditeiten
    Chartaal en giraal geld. Alleen hiermee kan koopkracht worden uitgeoefend.
  • Secundaire liquiditeiten
    Vorderingen op geldscheppende instellingen (incl. overheid) in handen van het publiek, die op vrij korte termijn, zonder veel kosten en zonder koersverlies kunnen worden omgezet in primaire liquiditeiten. Wordt ook wel near-money (bijna geld) genoemd.
     
     Secundaire liquiditeiten worden derhalve gerekend tot het niet-geld. Een omwisseling van geld in niet-geld of andersom = Transformatie.
    Voorbeelden van secundaire liquiditeiten:
    - Oneigenlijk spaargeld = Spaargeld met een hoge omloopsnelheid.
    - Termijn-deposito = Tegoeden bij de banken die niet direct opvraagbaar zijn.
    - Valuta-tegoeden = Tegoeden bij banken in buitenlandse valuta.
  • Binnenlandse liquiditeitenmassa
    De primaire en secundaire liquiditeitenmassa samen.
  • M1
    De primaire liquiditeiten in handen van het publiek.
  • M3
    De som van primaire en secundaire liquiditeitenmassa.
  • Monetaire financiële instellingen
    Instellingen die aan de creditzijde van hun balans primaire liquiditeiten hebben staan.
  • Nominale waarde
    De waarde die op het geld vermeld staat.
  • Oppotmiddel
    De mogelijkheid die geld biedt om vermogen aan te houden; in de toekomst kunnen gebruiken.
  • Rekeneenheid
    Geld als waardemaatstaf
  • Rentabiliteit
    De verhouding tussen de winst en het eigen vermogen.
  • Rente
    De beloning voor het afstaan van liquide middelen.
  • Rentemarge
    Het verschil tussen de rente die een bank ontvangt op uitzettingen en de rente die een bank betaalt op aangetrokken middelen.
  • Solvabiliteit
    De mate waarin een bank met het aansprakelijk vermogen garant kan staan voor verliezen op debiteuren.
  • Systeembank
    Bank die cruciaal is voor het functioneren van het financiële systeem in een land.
  • Toevertrouwde middelen
    Schulden van banken aan het publiek.
  • Transactiekosten
    Kosten die gepaard gaan met de ruil van goederen en diensten.
  • Wederzijdse schuldaanvaarding
    Er is hier sprake van een girale kredietverlening. Als gevolg hiervan stijgt de maatschappelijke geldhoeveelheid. 
    Bij aflossing van de lening daalt de maatschappelijke geldhoeveelheid.
  • Zakenbank
    Bank die geen spaarmiddelen aantrekt maar actief is op de financiële markten met geld van aandeelhouders en geleend geld.
    Zij houdt zich ook bezig met advisering van bedrijven.
  • Wat zijn de functies van geld?
    -Ruilmiddel
    -Spaarmiddel
    -Oppotmiddel
    -Rekeneenheid
  • Maatschappelijke geld hoeveelheid
    Chartaal en giraal geld horen hierbij.
    Dit is het geld in handen van het publiek & M3
  • Wat zijn de processen van geldschepping/vernietiging?
    -Transformatie  -> ik wil mijn dollar omwisselen voor een euro
    -Substitutie       -> chartaal geld <--> giraal geld
    -Wederzijdse schuldaanvaring
  • Waarom de processen van geldschepping/vernietiging?
    Dit is om de primaire liquiditeiten in handen van het publiek (M1) te beïnvloeden.
  • Fiduciair geld
    Intrinsieke en nominale waarde samen
    Gebaseerd op vertrouwen
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is het renterisico?
Het risico dat de winstgevendheid van een onderneming wordt beïnvloed oor renteschommelingen. Bepalende factoren:

1. De rente-exposure
-de balansstructuur
-de geldstroomprognoses

2. De volatiliteit van de rente
-vrij internationaal kapitaalverkeer.
Wat is ruilvoer?
Prijsindexcijfer uitvoer : Prijsindexcijfer invoer x 100%
Wat is het dekkingspercentage?
Goederenuitvoer : Goedereninvoer x 100%
Wat is de Big Mac index?
Dit is een hulpmiddel op de koopkrachtpariteit vast te stellen en de mate van over of onderwaardering van een valuta.
Wat zijn determinanten?
De vraag en aanbod van een valuta
Wat is de geldgroeiregel?
Geld is het smeermiddel van de economie, maar teveel geld in omloop brengt het gevaar van inflatie mee. 
De groei van de geldhoeveelheid moet om dit zoveel mogelijk te voorkomen gelijk zijn aan:

Trendmatige groei van productie + (gewenste) inflatie)
Wat zijn de kernmerken van hoogconjunctuur?
-Hoge bezettingsgraad productiecapaciteit
-Vraag naar goederen en diensten overtreft productiecapaciteit
-Sfeer van optimisme
-Hoog consumptie en investeringsniveau
-Veel vraag naar krediet/stijgende rentes
Waarom rekent de ECB dan toch met M3 in plaats van met M1?
Bij de beoordeling van het gevaar op inflatie hanteert zij een soort voorzichtigheidsbeginsel.
Secundaire liquiditeiten kunnen gemakkelijk worden omgezet in primaire liquiditeiten waarmee het publiek dan toch weer koopkracht kan uitoefenen.
Wat is de verkeersvergelijking van Fisher?
De kwantiteitstheorie
Fiduciair geld
Intrinsieke en nominale waarde samen
Gebaseerd op vertrouwen