Summary Kernbegrippen van de Algemene Wet Bestuursrecht bestuursorgaan, besluit en belanghebbende

-
ISBN-10 9492766841 ISBN-13 9789492766847
238 Flashcards & Notes
4 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Kernbegrippen van de Algemene Wet Bestuursrecht bestuursorgaan, besluit en belanghebbende". The author(s) of the book is/are Arnout Peter Klap Ferry Taco Groenewegen. The ISBN of the book is 9789492766847 or 9492766841. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Kernbegrippen van de Algemene Wet Bestuursrecht bestuursorgaan, besluit en belanghebbende

  • 1 Het bestuursorgaanbegrip

  • Wie vallen onder het begrip bestuursorgaan?
    Alle personen of colleges die vallen onder de definitie in art 1:1 AWB
  • Wanneer is er sprake van een B-orgaan?
    Waneer het niet valt onder een A Orgaan. Dwz: Dat als het een persoon college betreft die een orgaan zijn van een publiekrechtelijk rechtspersoon. Dan is dit een A Orgaan.
  • Waarvoor dient er een onderscheid gemaakt te worden tussen A en B organen?
    Zodat een orgaan niet ten onrechte we;/niet als bestuursorgaan gekenmerkt wordt.
  • Personen of colleges die geen onderdeel uitmaken van een publiekrechtelijke organisatie, maar wel specifieke publiekrechtelijke bevoegdheden hebben, worden tot de overheid gerekend voorzover zij:
    Die specifieke publiekrechtelijke bevoegdheden uitoefenen.
  • 1.2 A-bestuursorganen

  • In welke woorden wordt een A bestuursorgaan gedefenieerd in 1:1AWB?
    'Een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld'.
  • Wat zijn twee centrale vragen om te bepalen of iets een A orgaan is?
    1. Is er een rechtspersoon krachtens publiekrecht inbeeld en zo ja,
    2. Is de persoon of het college waarvan de status moet worden bepaald, orgaan van die rechtspersoon?
  • 1.2.1 Rechtspersoon

  • In art. 1:1 lid 4 AWB wordt het belang van de rechtspersoonlijkheid beschreven.  hoe?
    Art. 1:1 lid 4 AWB beschrijft dat de vermogensrechtelijke gevolgen van de handelingen van bestuursorganen worden toegerekend aan de rechtspersoon waartoe zij behoren en waarvan ze deel uitmaken. Zoals de schade als gevolg van een onrechtmatig besluit vd burgemeester voor rekening moet komen voor de rechtspersoon van wie de burgemeester bevoegdheden en taken gekregen heeft. De Gemeente in dit geval.
  • 1.2.2 Krachtens publiekrecht ingesteld

  • In het BW worden twee soorten rechtspersonen uiteengezet:
    1 Rechtspersonen krachtens publiekrecht
    2 Rechtspersonen krachtens privaatrecht
  • Hoe omschrijf je het voornaamste verschil tussen de twee soorten rechtspersonen? (in bestuursrechtelijke zin)
    Het verschil zit in de wijze waarop de rechtspersoon in het leven is geroepen. En niet  in wat ze privaatrechtelijk kunnen of niet kunnen. Voorbeeld:  De Nederlandsche bank NV. Omdat deze de rechtsvorm van een NV kent, kan dit nooit een ' krachtens publiekrecht ingesteld' A Bestuursorgaan zijn.
  • 1.2.3 Orgaan van een rechtspersoon

  • Hoe wordt gecontroleerd of een persoon of college ' voldoende zelfstandige positie'  inneemt binnen de rechtspersoon?
    Dit moet worden beantwoord aan de hand van statuten en reglementen vd rechtspersoon in kwestie.
    Bij rechtspersonen krachtens publiekrecht betekent dat de resp. Organisatie- of instellingswet geraadpleegd zou moeten worden
  • 1.2.3.1 Organisatiewetten

  • Noem drie voorbeelden van een organisatiewet.
    1.Gemeentewet
    2. Provinciewet
    3. Waterschapswet
    Hierin staat gedetailleerd omschreven welke personen en colleges beschouwd worden als organen vd gemeente, provincie, waterschap.
  • Noem een voorbeeld van een persoon of college die niet als orgaan van de gemeente gerekend kan worden.
    Een commissie waarvan zijn oprichting niet een grondslag kent in de ( formele ) wet. En wanneer het niet een taak behelst die in de betreffende organisatiewet staat.
  • Waarom is het lastig om op rijksniveau bepaalde personen te omschrijven als orgaan?
    Hoewel de algemene organisatie van de rechtsstaat omschreven staat in de grondwet. Het geeft geen uitputtende beschrijving van de organen van de staat. Welke personen colleges nemen een genoeg ' zelfstandig positie' in?
  • Wie is wel een orgaan van de staat ?
    VOlgens de algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) is de belastinginspecteur dat.  ook art. 2 AWR bevestigt dit ' bij ministeriële regeling' .
  • Een gerechtsdeurwaarder valt wel/niet onder een orgaan van de staat ?
    Wel, deze wordt heden ten dage bij koninklijk besluit benoemd. Deze heeft een voldoende zelfstandige positie. Hij kan namelijk zelf invulling van zijn werk geven. Tbv het algemeen belang.
  • Wat is een groot en belangrijk onderdeel van de staat , maar geen orgaan?
    Het kabinet. Heeft geen wettelijk voorschrift waarin omschreven staat dat dit een orgaan van de staat is.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is erg belangrijk bij het toetsen van de feitelijke werkzaamheden van een vereniging of stichting?
Dat de feitelijke werkzaamheden los staan van uitvoering of voorbereiding van het in rechte opkomen van bepaalde belangen. Het moet dus zo veel als mogelijk buiten het juridische ingekaderd kunnen worden.

Hiermee wilt voorkomen worden dat 'procedeerclubs' hun weg naar de rechter krijgen toegespeeld.
Op welke manier wordt er ' reeds aangenomen dat er sprake is van een collectief belang' in de rechtspraak?
Wanneer een belangenorganisatie die voor het belang van haar leden opkomt, daarmee opkomt voor een collectief belang, totdat het tegendeel bewezen is. Dit oordeelde de Afdeling.


-Een collectief belang wordt dus aangenomen zodra in de statuten van een vereniging is opgenomen dat de belangen van haar leden worden behartigd.
Welke twee componenten heeft de eis om aangemerkt te worden als belanghebbende wanneer er 'algemeen belang' ' in het bijzonder'  wordt behartigd?
- Functionele component
en
- Territoriale component
Bij welk soort verenigingen of stichtingen is het moeilijker om als belanghebbende aangemerkt te kunnen worden bij een besluit dat aangevraagd of bestreden wordt?
Bij Een vereniging of stichting die een 'algemeen belang' behartigt. Bij dit soort wordt de eis 'in het bijzonder' aanmerkelijk strikter toegepast dan die bij collectieve belangen.
Wat zijn de cumulatieve voorwaarden wanneer een actiecomité of ad hoc opgerichte werkgroep als informele vereniging (en dus als rechtspersoon)   wil worden aangemerkt?
1. Een ledenbestand
2. Een voldoende organisatorisch verband, wat moet blijken uit regelmatige ledenvergaderingen, een bestuur en een samenwerking die op enig continuïteit is gericht. én
3. Het als eenheid aan het rechtsverkeer deelnemen van deze organisatie.
Wat is een tweede voorwaarde die meer inhoudelijk van aard is wil men van algemene of collectieve belangen spreken?
- Ze moeten als zodanig in de statutaire doelstellingen  van de rechtspersoon zijn geformuleerd EN
- Zodanig in de feitelijke werkzaamheden tot uitdrukking komen. Deze belangen 'in het bijzonder' behartigt.
-
Om als concurrent een persoonlijk belang te kunnen claimen worden daarom twee cumulatieve eisen gesteld:
De te verwachten concurrentie moet zich voordoen in zowel (1) hetzelfde marktsegment als (2) in hetzelfde verzorgingsgebied.
In welk geval mag een mogelijke belanghebbende zijn zienswijze delen en ziet de wet daarop toe alvorens een besluit genomen wordt?
Mits het om beschikkingen gaat kan de belanghebbende gehoord worden ( art. 4:7 Awb) en eventuele derden (art.4:8 Awb)
Met het oog op het belang bij een coherent stelsel van rechtsbescherming , Wordt het uitblijven van een reactie op de melding ook gelijkgesteld met een besluit?
Gek genoeg wel. Dit om zodoende rechtsbescherming intact te houden voor (derde) Belanghebbenden.
`Wanneer is een handeling een rechtshandeling?
Waneer het een bepaald rechtsgevolg beoogt.