Summary Kiezen Voor Het Jonge Kind

-
ISBN-10 9046901890 ISBN-13 9789046901892
356 Flashcards & Notes
84 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Kiezen Voor Het Jonge Kind". The author(s) of the book is/are Helma Brouwers. The ISBN of the book is 9789046901892 or 9046901890. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Kiezen Voor Het Jonge Kind

  • 1 inleiding

  • Jongen kinderen zijn gericht op de binnenwereld: ze worden beheerst door impulsen van binnenuit.

    Jonge kinderen leven nog in een toestand van onbewuste vanzelfsprekendheid van het bestaan.

    Als het bij is lacht het, als het verdriet heeft, huilt het.

     

    Kenmerken van kinderen in de kleuterleeftijd

    -          Emotionele beleving

    -          Jonge kinderen beleven emotie heel intens. Een knuffelbeest kan voor een kind houvast en veiligheid bieden. Wanneer een kind deze knuffel kwijt is, is het kind ontroostbaar.

    -          De manier waarop kinderen de werkelijkheid beleven is altijd emotioneel gekleurd.

    -          Intuïtief

    -          Kinderen letten minder op verbale uitingen maar meer op non-verbale uitingen.

    -          Egocentrisch

    -          Kinderen kunnen zich niet goed verplaatsen in het perspectief van een ander. Kinderen zullen niet begrijpen dat de moeder van hun moeder, hun eigen oma is

    -          Hang naar gewoontes en routines

    -          Er komt heel veel op jonge kinderen af die ze nog geen plek kunnen geven en dat kan onzeker maken. vaste gewoontes en routines geven hun die zekerheid terug. De wereld wordt inzichtelijker en grijp baarder als je kan terugvallen op hoe het hoort

    -          Behoefte aan handelen en bewegen

    -          Het concentratievermogen van kleuters wordt wel eens in twijfel getrokken omdat zij een enorme behoefte hebben aan handelen en bewegen. De bewegingsbehoefte van jonge kinderen is zo groot dat je bijna kunt voorspellen dat ze gaan zitten friemelen tijdens het zitten in de kring. Een leerkracht die rekening houd met de bewegingsdrang van jonge kinderen zal in haar programma veel tijd inruimen voor rennen, sjouwen, klauteren en klimmen.

    -          Concentratievermogen.

    -          kinderen kunnen zich heel goed concentreren. Alleen kunnen de kinderen niet lang achter elkaar stil blijven zitten

    -          Magisch denken.

    -          Kinderen denken magisch om zo grip te krijgen over de wereld.

    Geen scherp onderscheid tussen fantasie en werkelijkheid

  • Wie is Friedrich Frobel (1782-1852)
    Hij was een van de grondleggers van het onderwijs aan kleuter en zag het onderscheid tussen kinderen van jonger en ouder dan zes jaar. 
  • Jonge kinderen zijn gericht op de binnenwereld. Ontwikkeling van buiten naar binnen.
    kinderen vanaf 6 jaar zijn gericht op de buitenwereld. Ontwikkeling van binnen naar buiten. 
  • Wat zijn de kenmerken van kleuters?
    - Emotionele beleving
    - Intuitief
    - Egocentrisme
    - Behoefte naar gewoontes en routines
    - Concentratievermogen
    - Behoefte aan handelen en bewegen
    - Magisch denken
    - Geen onderscheid maken tussen fantasie en werkelijkheid.
  • 1.1 kenmerken van kleuters

  • Kleuters kunnen angsten niet goed benoemen en gaan daar over fantaseren. Vaak bedenken ze iets wat voor hun de angst begrijpbaar maakt, zoals spoken en heksen. De gefantaseerde figuren worden als realiteit ervaren.

  • 1.1.1 kleuter en school kind

  • Wat wordt in de literatuur bedoeld met schoolkinderen?

    Kinderen die de leeftijd van zes/ zeven jaar hebben bereikt.

  • Jonge kinderen zijn gericht op de binnenwereld: ze worden beheerst door impulsen van binnenuit. Jonge kinderen leven nog in een toestand van 'onbewuste vanzelfsprekendheid van het bestaan. Het jonge kind staat nog dicht bij zijn natuurlijke staat van zijn: als het huilt, is het verdrietig. Als het lacht is het blij.
    Voor jonge kinderen is het niet effectief om de buitenwereld als startpunt te willen nemen voor leerprocessen en ontwikkelingsprocessen.
  • Hoe oud is een schoolkind?
    6/7 jaar
  • Een schoolkind is een kind in de leeftijd vanaf zes/zeven jaar. Een kleuter leer van binnen naar buiten en een schoolkind van buiten naar binnen. Lesgeven heeft dus pas zin vanaf zes jaar. 

    Typische kenmerken van kleuters:
    - Emoties worden heel intens beleefd en de werkelijkheid is altijd emotioneel gekleurd
    - Kleuters zijn heel intuïtief en voelen alles aan
    - Kleuters zijn egocentrisch en kunnen zich niet verplaatsen in een ander. 
    - Kleuters hebben veel behoefte aan gewoontes en routines
    - Kleuters hebben wel concentratievermogen, maar alleen in betekenisvolle situaties
    - Kleuters hebben veel bewegingsbehoefte
    - Kleuters leggen de wereld uit aan de hand van magisch denken
    - Kleuters hebben geen onderscheid tussen fantasie en werkelijkheid
    Deze kenmerken zijn niet voor elk kind waarheid. Ieder kind is uniek en heeft zijn eigen kenmerken. 
  • Fröbel zei dat jonge kinderen jonger dan 6 jaar gericht zijn op de binnenwereld: ze worden beheerst door impulsen van binnenuit. De buitenwereld geven ze vorm in overeenstemming met hun eigen natuur. Groeien en ontwikkelen doen jonge kinderen dus van binnen naar buiten.

  • Wie is Friederich Fröbel (1782-1852)?
    grondlegger van onderwijs voor kleuters (zag groot verschil tussen kleuter en schoolkind)
  • Wat is het verschil tussen een kleuter en een schoolkind?
    Een kleuter is een kind in de leeftijd van 4-6 jaar. Een schoolkind is vanaf de leeftijd van 6/7 jaar.
  • Vanaf 6 jaar zijn de kinderen volgens Fröbel naar de buitenwereld gericht. Ze leren nu van buiten naar binnen. Nu kunnen ze dus ook onderwijs ontvangen waarbij de leerkracht iets verteld of waarbij ze leren uit een boek.

  • Hoe groeit een kleuter?
    van binnen naar buiten (weinig invloed van buitenwereld)
  • Wat zijn  de acht kenmerken van kleuters?
    emoties worden intens beleefd, kleuters zijn intuïtief, egocentrisch, hangen aan gewoontes en routines, hebben concentratievermogen in betekenisvolle situaties, hebben bewegingsdrang, verklaren de wereld door magische denken en hebben geen scherpe scheiding tussen fantasie en werkelijkheid.
  • Volgens Geurtz zijn jonge kinderen anders dan schoolkinderen. Jonge kinderen leven nog in een toestand van 'onbewuste vanzelfsprekendheid van het bestaan'. Als ze blij zijn lachen ze en als ze verdrietig zijn dan huilen ze. Oudere kinderen kijken al veel meer naar anderen en denken na over wat zij ervan zullen denken.

  • Hoe groeit een schoolkind?
    van buiten naar binnen (veel invloed van buitenwereld)
  • Wanneer leren kinderen van 4/5/6 jaar iets?
    wanneer iets hun hele innerlijke wezen grijpt (niet altijd wat docenten willen onderwijzen)
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat zijn  de acht kenmerken van kleuters?
emoties worden intens beleefd, kleuters zijn intuïtief, egocentrisch, hangen aan gewoontes en routines, hebben concentratievermogen in betekenisvolle situaties, hebben bewegingsdrang, verklaren de wereld door magische denken en hebben geen scherpe scheiding tussen fantasie en werkelijkheid.
Wat is het verschil tussen een kleuter en een schoolkind?
Een kleuter is een kind in de leeftijd van 4-6 jaar. Een schoolkind is vanaf de leeftijd van 6/7 jaar.
Wat is de theory of mind (Flavell 2004)?
Een theory of mind wordt gevormt door iemands kennis en opvattingen van de mentale wereld. Deze ontwikkeld zich met de persoon mee.
Regels gericht op veiligheid. Hoe bied je deze uit?
regels die je in het begin duidelijk, met redenen omkleed, aanbieden, en die meestal al snel vanzelfsprekende routine worden
Regels, voortkomend uit morele of ethische principes. Hoe zijn deze regels ten opzichte van de andere? Hoe kan je deze regels in de klas gooien?
De regels zijn het moeilijkst te hanteren regels.
kinderen kan je niet confronteren met regels, maar met de achterliggende morele principes. Deze principes moet je voor kinderen op een begrijpelijke manier verwoorden
Regels gericht op organisatie. Waarom moet de organisatie in orde zijn?
de kinderen en de leerkracht kennen goed de weg, iedereen weet hoe het hoort en wat er van hen verwacht wordt.
Wat zijn goede regels en afspraken?
ervaren als rechtvaardig, nuttig en nodig
duidelijk
gelden altijd en voor iedereen
positief gesteld
kinderen moeten zich eraan kunnen houden
Wat is de beste manier om ordeproblemen te voorkomen?
duidelijkheid verschaffen.  deze ontstaan door goede regels en afspraken
Hoe voorkom je orde problemen bij jonge kinderen en oudere kinderen?
jonge kinderen: laten weten wat er van hen verwacht wordt.
oudere kinderen: machtsstrijd winnen.
ordeproblemen veroorzaken bij de leerkracht gevoelens van onmacht, en die kunnen haar verleiden tot machtsvertoon. Er zijn een paar voorbeelden. Welke?
doorzeuren, onrechtvaardig en willekeurig straffen, machtsvertoon,