Summary Leerpsychologie

-
284 Flashcards & Notes
0 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Leerpsychologie

  • 1.1 Wat is leren?

  • Wat is een te smalle opvatting over leren?
    bijvoorbeeld dat het alleen om het expliciete bestuderen van teksten / boeken gaat, dat het over onderwezen worden gaat of het te beperken tot het expliciete, bewuste leren waarin bewuste overdrachtsprocessen zijn georganiseerd.
  • Zijn leren en onderwezen worden twee verschillende dingen?
    Ja
  • Leren doe je:

    - Overal, zowel binnen als buiten de school
    - doe je intentioneel en incidenteel/ informeel en formeel/ expliciet en impliciet
    - doe je je leven lang
  • Leren is:
    - is het opnemen van (aanwezige externe) informatie
    - is op actieve wijze werven van inzicht
    - is kennis en inzicht toepassen/gebruiken
    - is een activiteit die door andere gestimuleerd wordt
    - is vaak vooral samenwerkend leren
  • Wat is leren?
    Een relatief permanente verandering in iemands gedragrepertoire ten gevolge van ervaring of oefening.
    - heeft betrekking op inhoud
    - speelt zich af in bepaalde omgeving
    - is een hypothetisch construct (onzichtbaar proces, we weten het niet zeker (hypothese))
    - Veronderstelt activiteit
    - resultaat is min of meer van blijvend aard
  • Wat probeert leerpsychologie?
    leerprocessen te verklaren en te begrijpen
  • Wat zijn belangrijke aspecten bij leren:
    - onthouden (verklarende, reproductieve, parate kennis)
    - begrijpen (denkrelaties leggen: oorzaak- gevolg/geheel-deel/analogieën)
    - toepassen (in een nieuwe context gebruiken/transfer)
    - competentiegericht leren (vakkundig handelen: weten+kunnen+willen+doen)
  • Wat is formeel of intentioneel leren?
    Leren dat gestuurd wordt, het schoolse leren
  • Wat is informeel en incidenteel leren?
    Het buitenschoolse leren. Het vindt vaak plaats in natuurlijke situaties, zonder dat iemand formeel is aangesteld om je op te leiden of te onderwijzen. Het is veelal een vorm van zelfstandig leren.
  • Is al het formele leren ook intentionele leren?
    Nee. De bedoeling iets te willen leren (en een bewuste planning en sturing van het leerproces) gaat vaak uit van de leerkracht i.p.v. de leerling. Er is dan niet perse sprake van intentioneel leren.
  • Wat is het meest essentiële verschil tussen formeel en informeel leren?
    de mate waarin leren door anderen (= formeel) of door de leerling zelf (= informeel) wordt aangestuurd.
  • Wat zijn verschillende definities van leren?
    • Leren is een duurzame verandering in gedrag of in het vermogen daartoe, als resultaat van oefening of andere vormen van ervaring (Schunk, 1996)
    • Leren is het verzamelen van kennis, inzicht en vaardigheden door ervaring of studie (Morris, 1971)
    • Leren is het maken en in stand houden van verbindingen: biologisch (neurale netwerken) en mentaal (concepten) en de wisselwerking tussen de geest / het verstand en de omgeving (AAHR, 1998)
    Kern: Bij leren moet je altijd iets doen; het is een activiteit: ervaren, oefenen, interactie met de omgeving. Passief leren bestaat niet. Leren brengt een langdurige of permanente verandering tot stand. Als je iets geleerd hebt, ben je veranderd!
    De sleutel tot leren is: actief interacteren met de leerstof.
  • Bestaat passief leren?
    NEE!
  • Wat maakt een leraar dan tot een goede leraar en wat is goede instructie?
    • Voor een goede leerkracht doet elke leerling ertoe.
    • Een goede leerkracht is niet bang om zijn lesplanning aan te passen.
    • Misschien is wel het belangrijkste dat goede leerkrachten hoge verwachtingen hebben van hun leerling / ambitieus zijn; ze stellen hoge doelen.
  • Waar richt het onderwijs op jonge kinderen zich op?
    Op de ontwikkelingprocessen ipv de leerinhouden
  • 1.2 Filosoferen over leren

  • Welke foutieve definitie wordt vaak aan leren gegeven?
    een eenzijdige definitie:  bijvoorbeeld uitsluitend gericht op 'leren op school', alleen gericht op individueel leren, of met alleen oog voor de gedragsmatige, waarneembare kant van het verschijnsel.
  • Wat is de juiste definitie van leren?
    Het ontstaan of tot stand brengen van relatief duurzame veranderingen in kennis, houding en vaardigheden en / of in het vermogen om te leren, door middel van het selecteren, opnemen, verwerken, integreren, vastleggen en gebruiken van en het betekenis geven aan informatie door individuen, groepen.
  • Wat zijn de 8 inhouddimensies van het leren?
    Categorie
    Loopt van:
    Via:
    Naar:
    PLAATS
    School, opleiding
    Werkplek
    Elders
    BEWUSTZIJN (bij de lerende)
    Onbewust leren,  impliciet leren
    Bewust van werkdoel, alleen vagelijk bewust van leren
    Bewust van leerdoelen en leerprocessen
    STURING
    Externe sturing
    Gedeelde sturing door lerende en externe instantie
    Zelfsturing
    INHOUD
    Gestructureerd en er bestaat consensus over
    Half gestructureerd, half ongestructureerd
    Niet / slecht gedefinieerde, ongestructureerde problemen
    AANSLUITING REFERENTIEKADER
    Leren als aanbouwen 
    Leren als verbouwen
    Leren als afbreken en opbouwen
    AANZET tot   leren
    Uit eigen beweging
    Vanuit de sociale omgeving, vanuit problemen
    Door een sturende instantie
    DOOR WIE
    Individu
    Groep
    (Deel)organisatie
    VOOR WIE
    Persoon (leren als tool of personal development)
    Groep, organisatie en persoon zelf
    Groep, organisatie (leren als tool of management)
  • Wat is declaratieve kennis?
    kennis van feiten, begrippen, regels, principes, wetmatigheden, concepten, definities, theorieën etc. Het is veelal geabstraheerde kennis in taal uitgedrukt, die in ons geheugen ligt opgeslagen, denk aan de stelling van Pythagoras, weten wat een zonsverduistering is, weten welke landen aan Nederland grenzen, weten waarin convergente en divergente differentiatie verschillen, de relatie tussen groei en rijping kunnen uitleggen, weten wat de stellende, vergrotende en overtreffende trap is van bijvoeglijke naamwoorden. Declaratieve kennis is vooral  knowing what en why.
  • Wat is procedurele kennis?
    Dit zijn (mentale) handelingen of (cognitieve) vaardigheden die volgens bepaalde regels / voorschriften / afspraken dienen te worden verricht om het gewenste resultaat te bereiken. Meestal spreken we in het dagelijks leven gewoon van vaardigheden. Te denken is aan algoritmes (bijvoorbeeld het vinden van de persoonsvorm van de zin of het determineren van een plant of het oplossen van een deelsom), strategieën / algemene denkregels (zoals middel-doel- en oorzaak-gevolg-redeneringen of analogievorming (‘hoeden – hoed en voeten – voet’) of het gebruik maken van modellen (1-zorgroute bij onderwijs op maat)) of heuristieken (het vereenvoudigen van complexe problemen tot een aantal deelproblemen zoals het herleiden van een onbekend figuur tot een samenstel van bekende figuren voor het berekenen van de oppervlakte). De procedurele kennis is vaak weer te geven in als …. dan …-regels. Procedurele kennis is vooral knowing how.
  • Wat zijn de hoofdsoorten van leren?
    • cognitief leren: memoriseren , feitenkennis (kennis in samenhang, bijvoorbeeld weten waar Moskou ligt), inzichtbevorderend leren (een oplossing vinden voor een probleem of vraagstuk, bijvoorbeeld: hoe lang doet een auto over een afstand van 20 kilometen bij een gemiddelde snelheid van 120 kilometer per uur?) en automatismen
    • sociaal-affectief: ontwikkelen van emoties / gevoelen, houdingen / attituden en communicatieve vaardigheden. Sociaal-affectief leren speelt een belangrijke rol in / bij de persoonlijkheidsontwikkeling, denk aan het belang van het begrip ‘attitude’ in de sociale psychologie. 
    • psychomotorisch leren: automatismen. Deze zijn verworven door veelvuldig oefenen. De handeling verloopt nu zonder bewuste controle; het is een routine geworden, een autonome uitvoering. Soms / vaak eisen motorische vaardigheden een nauwkeurige souplesse, snelheid, precisie en regelmaat en is dus training nodig. Galperin (zie de handelingspsychologie) wijst er in dit verband op dat voorafgaand aan de training een goede en volledige oriënteringsbasis van groot belang is. Door de totale handeling te demonstreren krijgt de leerling een goed beeld  van de te verwerven vaardigheid. Vervolgens wordt de handeling als het ware opgebouwd door deelhandelingen apart te oefenen. Langdurige training is geen uitzondering. Belangrijk is dat fouten in de opbouw / het trainingsprogramma moeten worden voorkomen.
    • competentieleren. Kenmerken van competenties of bekwaamheden zijn: integrativiteit (ondeelbaarheid – dit is het belangrijkste kenmerk – ), duurzaamheid, leerbaarheid, contextgebondenheid en handelingsgerichtheid. De Onderwijsraad omschrijft het begrip als volgt: Een competentie of beroepsbekwaamheid is het vermogen om op een creatieve en verantwoorde wijze een set van samenhangende vaardigheden, attituden, onderliggende kennis en persoonlijke kwaliteiten aan te wenden ten einde beroepstaken, deel uitmakende van een functie of beroepsrol, effectief en efficiënt te vervullen.
  • Romiszowski onderscheidt 2 vaardigheden?
    reactieve vaardigheden (houdingen, gevoelens, gewoonten, zelfcontrole) 
    interactieve vaardigheden (bijvoorbeeld goede manieren, vriendelijk in communicatie, kunnen overtuigen, leiding kunnen geven, discussievaardigheden). 
  • Wat zijn attituden?
    Attituden zijn oordelen of opvattingen die van invloed zijn op het gedrag van individuen. Attituden leer je veelal terloops, bijvoorbeeld in het omgaan met elkaar thuis, op de sportclub, in de kerk, op straat etc.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.