Summary Leren op school

270 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Leren op school

  • 1.1 Aantekeningen college 1 - De school als context

  • 3 belangrijkste functies van school
    1. Stimuleren van persoonlijke ontwikkeling kinderen 
    2. Overdracht van maatschappelijke en culturele waarden 
    3. Toerusten voor participatie in de samenleving
  • Hoofddoel school
    Kinderen voorbereiden op deelname aan de maatschappij
  • Kerndoelen (per vak)
    Geven aan wat leerlingen moeten kennen en kunnen, op bepaalde momenten in loopbaan.
    • Landelijk verplicht 
    • Van basis- tot voortgezet onderwijs 
    • Streefdoel: inspanningsverplichting, maar veel ruimte voor eigen invulling
    • Worden niet gecontroleerd moeten wel aan bod gekomen zijn
  • Referentieniveaus
    Tussendoelen voor rekenen en Nederlands. Continue leerlijn tussen 4 en 23 jaar, dus er is gezocht naar een manier om verbinding te maken tussen leerlijnen op verschillende typen onderwijs. 
    • Gelden voor po, vo, so, mbo
    • Worden wel gecontroleerd
  • 1F - fundamenteel
    Vaardigheden die alle leerlingen eigenlijk zouden moeten beheersen
  • 1S - streef
    Gemiddeld niveau
  • 1S+
    Leerlingen die een hoger niveau van lesstof aankunnen
  • Ontwikkelingsperspectief
    Stel, dat een leerling onder 1F of boven 1S+ scoort, dan kan de school een opp met passende doelen voor die leerling opstellen
  • Wanneer ben je een jonge leerling?
    Geboren tussen oktober en december
  • Wanneer ben je een oude leerling?
    Geboren tussen januari en maart
  • Risico's van geboortemaand
    • Jonge leerlingen blijven vaker zitten 
    • Jongere leerlingen presteren gemiddeld minder goed op rekenen 
      • Verschillen nemen in tweede helft van de basisschooltijd af
    • Er is sociale ongelijkheid binnen het onderwijs door verschillen in geboortemaand 
    • Jongste leerlingen binnen een groep onderschat 
    • De standaard is te hoog gegrepen voor jongste leerlingen
  • Blijven zitten
    Over het algemeen kan er gesteld worden dat er overwegend geen negatieve effecten gevonden zijn van blijven zitten op de prestaties van het welbevinden van het kind. Op lange termijn heeft blijven zitten geen effect.
  • Waarom heeft blijven zitten geen effect?
    Slecht presteren en gedrag op school komt voort uit diverse risicofactoren in het kind en diens omgeving, die niet worden aangepakt met blijven zitten. Er is een aanpak nodig die gericht is op wegnemen van risicofactoren en versterken protectieven factoren
  • Versnellen
    Versnellen leidt niet tot sociaal-emotionele problemen. Versnellen kun je beter zo vroeg als mogelijk doen en samen met een groepje is dat beter.
  • Plusklassen
    Voorzieningen binnen of buiten de school waar leerlingen een verdiept en verbreed aanbod krijgen, bovenop het aanbod van de basisschool -> positieve effecten op leerprestaties
  • Flexibel plaatsen
    Zodra jij 4 bent kunnen je ouders je naar school brengen. Groep 1 dus instroom, het hele jaar door. Ben je bijna 6 of ben je al 6 geworden? -> groep 3.
  • Social promotion
    Sociale of emotionele redenen om een kind niet te laten zitten blijven
  • 1.2 Aantekeningen college 2 - passend onderwijs

  • Passend onderwijs
    Regulier onderwijs moet passende plek bieden aan alle leerlingen, ook leerlingen met ondersteuningsbehoeften
  • Als je moet gaan bepalen als school welk kind zorg nodig heeft, hebben we daar momenteel het response to instruction model voor. Maar voorheen werd er het discrepantie criterium voor gebruikt. Er moest namelijk een verschil zijn tussen wat de leerling laat zien (prestatie) en wat de leerling zou moeten kunnen (potentie). Voornamelijk gericht op intelligentie.
  • Response to instruction model
    De verantwoordelijkheid wordt veel meer bij het onderwijs gelegd. Pas bij goed onderwijs en onvoldoende vooruitgang nagaan of er sprake is van leerproblemen
  • Voordelen response to instruction model
    • Je bent steeds bezig met het monitoren van de vooruitgang van leerlingen: vroeg identificeren en ingrijpen 
    • Nadruk op risico ipv stoornis
    • Minder bias in selecteren leerlingen 
    • Resultaatgericht 
  • Mogelijke problemen response to instruction model
    • Pas laat gekeken naar kindkenmerken 
    • Geen grenzen 
    • Model gaat uit van goede methoden voor preventie en interventie
    • Model is niet duidelijk over wanneer een kind een zorgniveau terug kan
  • Domeingenerieke vaardigheden
    Alle vaardigheden die een breed effect hebben op de leeruitkomsten. Grotendeels aangeboren, omdat ze evolutionair relevant zijn. BV: praten, luisteren, gezichtsherkenning
  • Domeinspecifieke vaardigheden
    Vaardigheden met smalle toepasbaarheid. Grotendeels aangeleerd, culturele overdracht. BV: schrijven, lezen, rekenen
  • Domeinspecifieke- en generieke vaardigheden in onderwijs
    • Gericht op het aanleren van domeinspecifieke vaardigheden 
    • Domeingenerieke vaardigheden toepassen in alle vakken 
    • Domeingenerieke vaardigheden bepalen hoe makkelijk domeinspecifieke vaardigheden geleerd wordt
    • Onderwijssituatie aanpassen om domeingenerieke vaardigheden te optimaliseren
  • Doel van leren en onderwijs
    Expertise ontwikkelen
  • Cognitive load therapy
    Beperkte geheugencapaciteit, kinderen kunnen maar een ding tegelijkertijd
  • 2 algemene principes om kinderen iets aan te leren
    • Worked example effect
    • Expertise reversal effect
  • Worked example effect
    Met een voorbeeld geen geheugencapaciteit nodig voor nadenken over mogelijke oplossingen, volle aandacht voor verwerven oplossingsstrategieën voor het specifieke  probleem
  • Expertise reversal effect
    Wanneer oplossingsstrategie is verworven, ervaring opdoen door toepassen op zo veel mogelijk nieuwe problemen om specifieke kennis in langetermijngeheugen te verzamelen
  • Zorgcontinuüm - niveau 1
    1. Kwalitatief goede instructie en klassenmanagement 
    2. Gebruik van effectieve methodes (evidence-based)
    3. Monitoren van vooruitgang: leerlingvolgsysteem
  • Zorgcontinuüm - niveau 2
    1. (potentiële) uitvallers krijgen extra instructie, sterke leerlingen extra uitdaging
  • Zorgcontinuüm - niveau 3
    1. Intensieve begeleiding individueel of in groepjes volgens effectieve methode 
    2. Vaststellen ernst en hardnekkigheid 
  • Zorgcontinuüm - niveau 4
    1. Diagnostiek
    2. Gespecialiseerde individuele behandeling
  • Niveaus zorgcontinuüm
    Niveau 1: goed onderwijs voor alle leerlingen 

    Niveau 2: Differentiatie in de klas 
    Niveau 3: Extra zorg buiten de klas binnen de school 
    Niveau 4: Diagnostiek en behandeling buiten school 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Decoderen
Grafeem > foneem
Fonetische spelfouten
Woorden schrijven zoals je ze hoort
Orthografische kennis
Kennis van spellingspatroon dat opgeladen is in het langetermijngeheugen
Share's self teaching hypothesis
Het vermogen om zelf geschreven woorden om te zetten in de gesproken vorm is onmisbaar om te leren lezen. Decoderen functioneert als een mechanisme om gedetailleerde orthografische representatie te krijgen. Elke succesvolle verklanking van een 'onbekend' geschreven woord biedt een gelegenheid om woordspecifieke (en algemene) orthografische kennis over dat woord te verwerven, en te consolideren
Intelligentiegebieden en schoolse vaardigheden
  • Fluïde redeneervermogen: Begrijpend lezen, rekenen/wiskunde
  • Gekristalliseerde kennis: technisch lezen, begrijpend lezen, rekenen/wiskunde
  • Kwantitatieve kennis: rekenen/wiskunde
  • Kortertermijngeheugen: instructies volgen, begrijpend lezen, technisch lezen, rekenen/wiskunde
  • Langetermijngeheugen: technisch lezen, begrijpend lezen 
  • Auditieve informatieverwerking: technisch lezen, rekenen/wiskunde 
  • Verwerkingssnelheid: technisch lezen, rekenen/wiskunde
Opportunity to learn
De gelegenheid om de vaardigheden te verwerven
Overlap EF en intelligentie
Er is enige overlap tussen EF en intelligentie, want bij beiden is het werkgeheugen een component. Bij intelligentie ligt traditioneel de nadruk op kennis en redeneervermogen en minder op proces (EF is een benadering van processen), maar het CHC-model bevat bijvoorbeeld ook werkgeheugen. EF zijn nodig voor specifieke taken, en zeker voor zelfregulatie
Dynamisch testen
Testprocedure waarbij (binnen een combinatie van taken) tijdens de afname instructie wordt gegeven om te kijken hoe het kind daarmee omgaat. 2 vormen:
  • Test-instructie-hertest
  • Graduated prompting
Gevoeligheid voor instructie
Kijkt naar specifieke vaardigheden op meerdere meetmomenten. Focus op ontwikkeling van vaardigheden. Kinderen verschillen van elkaar op vaardigheid > kan het gevolg zijn van verschillen in de gelegenheid om de vaardigheid op te doen > meenemen hoe een kind reageert op passende instructie, bij voorkeur in een optimale omgeving
Discrepantiemodel
Er is sprake van een discrepantie als een schoolse vaardigheid significant slechter is dan op basis van het algemene cognitieve vermogen (IQ) verwacht mag worden.