Summary Levensfasen

-
ISBN-10 9059316339 ISBN-13 9789059316331
332 Flashcards & Notes
43 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Levensfasen". The author(s) of the book is/are Maryke Tieleman. The ISBN of the book is 9789059316331 or 9059316339. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Levensfasen

  • 1 Prenetale periode

  • Hoelang heeft de mens al geleefd voordat hij geboren wordt?
    Negen maanden. Dit is de tijd van de conceptie tot de geboorte.
  • Wat is de conceptie?

    Het begin van een menselijk leven. Dit is na de bevruchting van het zaadje en de eicel
  • 1.1 Lichameijke ontwikkeling

  • Wat is ontogenese?
    De lichamelijke ontwikkeling van een specifiek persoon. Een individu. Dat is de ontogenese
  • Wat zijn de drie meest belangrijke factoren van een (prenetale) ontwikkeling?

    Groei, rijping en leren
  • Wat is rijping?

    Rijping is het in staat zijn om nieuwe functies te vervullen. Dit is een fysiologisch en lichamelijk proces. Voornamelijk erfelijk bepaald

  • Zygote

    Bevruchte eicel
  • Foetus
    12 maanden tot de bevalling
  • Embryo

    Ontwikkeling van 0-12 weken. Eerste drie maanden van zwangerschap

  • Tweede trimester

    In deze fase gaat de foetus allerlei bewegingen maken. Halverwege zwangerschap 25 cm.

  • Wat is leren?

    Leren is het opnemen van informatie die je wordt geboden. Hierbij speelt de omgeving een grote rol. Het erfelijke speelt een rol met intelligentie en hoe snel iemand iets op neemt.

  • Wat is groei?
    Toename van cellen, en toename in gewicht en lengte. Dit erfelijk bepaald.
  • Wat is het eerste trimester?

    Wordt ook wel de embryonale fase genoemd. Heeft twee fasen

    Eerste fase: eerste 2 weken. Hierin gebeurd de innesteling. Celdeling van de zygote. Ook wel germinale fase.

    Tweede fase: volgende 6 tot 10 weken. Ontwikkeling van centrale zenuwstelsel

  • Wat is het derde trimester?

    Laatste fase van de zwangerschap. Kenmerkt zich door gewichtstoename en voorbereiden op de bevalling.

  • Wat is fylogenese?
    Fylogenese is de ontwikkeling van een soort. Dit is voornamelijk gericht op erfelijkheid
  • 1.2 De ontwikkeling van de reflexen

  • Wat is een reflex voor iets?

    Onbewuste en automatische fysiologische reacties op prikkels en veranderingen uit de omgeving

  • Wat zijn de kenmerken van een reflex?

    Kenmerken van een reflex:

    - Onwillekeurige bewegingen

    - Informatie over het functioneren van zenuwstelsel

    - Wordt bestuurd door hersenstam

  • Hoeveel reflexen heeft een ongeborene en wat is daar de functie van?

    Acht. Ze geven informatie over de ontwikkeling.

  • 1.3 Visies op het prenetale bewustzijn

  • Wat is de psychoanalytische stroming en bij wie hoort deze?
    Freud en Erickson, De mens wordt gestuurd door driften en de
    pogingen deze te onderdrukken. Vroegkinderlijke ervaringen staan centraal. Er is besef in de baarmoeder maar dat vervaagt weer.
  • Wat is het cognitieve ontwikkelingsstelsel en van bij wie hoort deze?
    Piaget. Gedrag van kinderen weerspiegelt
    hun denk - en kennisniveau. Voor de geboorte nog geen bewuste geheugenvorming
  • Wat is omgevingspsychologie en van wie is dat?
    ontwikkeling van de mens mens wordt bepaald in
    wisselwerking tussen de sociale en de ruimtelijke/materiële omgeving. Is van Hall
  • Wat is een mensbeeld?
    Is een voorstelling van de  mens als zodanig
  • Wat hebben deze twee stromingen voor doel en van wie zijn ze Ethologie/Biologische stroming?
    (Darwin, Bowlby): Menselijk gedrag dient een
    evolutionair doel. “Survival of the fittest”, elke generatie verandert door
    aanpassing aan een veranderende omgeving
  • Van wie is de humanistische stroming en wat zegt de humanistische stroming?
    Mix van verschillende stroming maar vindt de individuele belangen erg belangrijk. Is van Rogers
  • Waarbij hoort het behaviorisme en de sociale leertheorie?
    De mens is een onbeschreven blad en wordt bepaald door leerervaringen. Is van Skinner en Bandura
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Groei
Toename van cellen.entoename van lengte en gewischt.
Op welke manier draagt echtheid bij aan emotionele ontiwkkelingen?
Kind leert door het zien van mooie en minder mooie momenten omgaan met emoties.
Het boek stelt dat praten over overlijden en pijn in de familie bijdraagt aan de echtheid van een opvoedrelatie. Waarom denk jij dat dit zo is?
Omdat het kind dan de ouder echt leert kennen en er sprake is van lief en leed samen deleln .
In opvoedingsrelatie is er ook sprake van echtheid, geef hier een voorbeeld van gekoppeld aan theorei
Theorie: kinderen en ouders mogen zichzelf zijn, lief en leed wordt met elkaar gedeeld. 

Voorbeeld: Ouder mag boos zijn op kind, kind mag boos zijn op ouder.
Continiuteit in responsie en sensitiviteit is belangirijk voor het kind, wat heeft dit voor gevolgen voor de toekomst van het kind?
Hij leert dat hij altijd op zijn omgeving kan rekenen ---> vertrouwen in omgeving
Soms interperteren ouders de signalen van kinderen niet accuraat (lees lage sensitiviteit) wat kan hier de oorzaak vanzijn?
  • Ouder is zelf onveilig gehecht 
  • psychische stoornissen (depressie ect) 
  • Zintuigelijke problemtaiek (blind en doof) 
Wat leert een kind door sensitieve en accurate handelingen in oudergedrag?
Dat zijn behoeftes gehoord worden wanneer hij signalen geeft, eigenwaarde --> hij en zijn emoties mogen er zijn en worden gehoord
Wat is een responsieve reactie volgens Bobly?
En directe en juiste reactie op de behoefte en signalen van een kind
Wat kan de sensitieve ouder?
De behoefte/signalen van het kind op accurate wijze interperteren
Volgens Bobly moet het opvoedgedrag aan drie kenmerken voldoen om een veilige hechting te creeëren. Welke zijn dit?
  • Het gedrag moet senstief zijn
  • het gedrag moet respontief zijn 
  • Het gedrag moet conituïteit en regelmaat bevatten