Summary Levenswetenschappen 2: fysiologie

-
ISBN-10 9492231581 ISBN-13 9789492231581
198 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Levenswetenschappen 2: fysiologie". The author(s) of the book is/are Roel Hoekstra. The ISBN of the book is 9789492231581 or 9492231581. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Levenswetenschappen 2: fysiologie

  • 1.1 Organismen en externe omgeving

  • Afhankelijkheid functioneren van organismen aan hun omgeving:
    1. Afhankelijk voor energie en bouwstoffen
    2. Afgifte afvalstoffen
  • Op welke 2 manieren speelt de omgeving voor een organisme een belangrijke rol?



    Organismen zijn van hun omgeving afhankelijk voor:
    • De energie en de bouwstoffen die (over)leven mogelijk maken, 
    • De afgifte van afvalstoffen. 
  • Energie en bouwstoffen verantwoordelijk voor ...
    Groei, seksuele reproductie en bescherming
  • Hoe staan eencellige en meercellige organismen in contact met hun omgeving?
    • Eencellige organismen staan in direct contact met hun omgeving.
    • Meercellige organismen, zoals vaatplanten en dieren, hebben specialeaanpassingen ontwikkeld om stoffen uit te kunnen wisselen tussen hunomgeving en de cellen waaruit zij zijn samengesteld.
  • Homeostase
    Het in stand houden van een zo constant mogelijke interne toestand
  • Hoe zorgt een organisme er voor dat fluctuerende omgevingsfactoren kunnen worden gebruikt als een constante interne factor?



    Organismen hebben diverse aanpassingen ontwikkeld om onder fluctuerende externe omstandig­heden een zo een constant mogelijk interne toestand handhaven (homeostase).
  • Bij eencellige organismen, staat de cel in direct contact met de omgeving
  • (Voorbeelden) meercellige organismen
    Vaatplanten en dieren. Deze hebben speciale aanpassingen ontwikkeld om stoffen uit te kunnen wisselen tussen hun omgeving en de cellen waaruit zij zijn samengesteld
  • Omgeving risico
    Kan verstorend en bedreigende factor zijn, omdat omgevingsfactoren heel erg kunnen fluctueren maar processen op celniveau vrij nauwe fysische en chemische voorwaarden hebben (zoals de PH waarde, bepaalde temperatuur, zuurstofconcentratie). Om deze redenen hebben diverse organismen aanpassingen ontwikkelend om met fluctuaties om te kunnen gaan. Homeostase
  • Waarom hebben organismen homeostase?
    Processen op celniveau hebben vrij nauwe fysische en chemische voorwaarden (zoals de PH waarde, bepaalde temperatuur, zuurstofconcentratie). De omgeving kan  een verstorende en bedreigende factor zijn, omdat omgevingsfactoren heel erg kunnen fluctueren. Om deze redenen hebben diverse organismen aanpassingen ontwikkelend om met fluctuaties om te kunnen gaan. Homeostase
  • Omgeving is een bron voor... Dit is een bedreiging
    Ziekteverwekkers. Hiervoor zijn ook mechanismen voor gemaakt
  • 1.2 Energie en grondstoffen

  • Wat gebruiken organismen voor de productie van biomoleculen?
    Organismen gebruiken energie en grondstoffen uit de omgeving
  • Biomoleculen (bestaan uit ... + waar vandaan)
    Een keten van koolstofatomen verbonden met andere atomen (waterstof H, zuurstof O, Stikstof (N) of Fosfor (P) . Voor de productie van biomoleculen zijn organismen aangewezen op energie en grondstoffen van hun omgeving
  • Wat zijn de belangrijkste groepen biomoleculen die een organisme gebruikt?
    De belangrijkste groepen biomoleculen zijn:
    • koolhydraten
    • vetten
    • eiwitten
    • nucleotiden
  • Autotroof
    Een organisme dat organische stoffen kan opbouwen uit anorganische stoffen met een niet-organische energiebron
  • Waaruit bestaan biomoleculen?
    Biomoleculen bestaan uit:
    • Een keten van koolstofatomen verbonden met andere atomen. zoals waterstof (H), zuurstof (O), stikstof(N) of fosfor (P). 
  • Foto autotroof
    Een organisme dat gebruik maakt van zonne-energie om organische stoffen op te bouwen 
  • Waarom kunnen sommige grondstoffen voor de bouw van biomoleculen beperkend zijn?
    Als er b.v. een beperkte hoeveelheid aanwezig is.
  • Chemo-autotroof
    Als een organisme gebruik maakt van energie uit een anorganische omzetting
    • Welke energie wordt voor de bouw van biomoleculen vastgelegd?
    • Door welke organismen worden deze energie vastgelegd?
    • Hoe kunnen hogere organismen aan deze energie komen?
    • Zonne-energie wordt gebruikt voor de bouw van biomoleculen. 
    • Planten groene algen en cyanobacteriën leggen deze energie vast. 
    • Hogere organismen gebruiken deze planten, groene algen en cyanobacteriën voor hun metabolisme.
  • Voor vrijwel alle autotrofe organismen zijn de processen voor opname van grondstoffen en die van energie grotendeels van elkaar gescheiden

    - voorbeeld: bijna alle groene planten nemen grondstoffen op via hun wortels, en leggen zonne-energie vast in hun bladgroenkorrels
    - alleen de opname van koolstof is gekoppeld aan de energieopname
  • Hoe noem je organismen die organisch stoffen kunnen opbouwen uit anorganische grondstoffen met een niet organische energiebron?
    Autotroof
  • Heterotroof
    Organismen die organische stoffen nodig hebben als energiebron en/of grondstof
  • Hoe noem je organismen die organische stoffen kunnen opbouwen uit anorganische grondstoffen, met als energiebron zonne-energie?
    Foto-autotroof
  • Voor merendeel van de heterotrofe organismen zijn de processen voor de opname van energie en grondstoffen geheel aan elkaar verweven
    - voorbeeld: meeste dieren nemen grondstoffen en energie op in vorm van organisch voedsel en water via hun darmstelsel
  • Hoe noem je organismen die organische stoffen kunnen opbouwen uit anorganische grondstoffen, als ze energie halen uit de omzetting van anorganische stoffen?
    Chemo-autotroof
  • Belangrijkste groepen biomoleculen
    Koolstofhydraten, vetten, eiwitten en nucleotiden
  • Hoe noem je organismen die organische stoffen nodig hebben als energiebron of als grondstof?
    Heterotroof
  • Fotosynthese
    Het vastleggen van zonne-energie. Vind plaats in alle groene planten, algen en cyanobacterien
  • Organische stoffen
    Zijn stoffen waarin koolstof voorkomt, behalve CO en CO2
  • Inwendige transport bij dieren gebeurt
    Ondermeer via de bloedbaan en het maagdarmkanaal
  • Inwendige transport bij planten gebeurt
    Via de vaatbundels
  • Metabolisme
    Alle opbouw en afbraak samen
  • Het proces eten
    Kenmerkend voor heterotrofe organismen zoals dieren. Daarbij worden organische stoffen opgenomen, het bruikbare deel komt terecht bij afbraak, en reststoffen bij afvoeren
  • Het proces synthese
    Is kemerkend voor autotrofe organismen, zoals groene planten. Met behulp van een externe energiebron (veelal de zon) worden daarbij van CO2 en water, koolhydraten gevormd.
  • Ademen
    Staat voor de opname van zuurstof en is noodzakelijk voor dieren en planten voor de afbraak
  • Drinken
    Staat voorde opname van water en anorganische ionen, die nodig zijn voor de opbouw
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Belangrijk bij specifieke afweer
MHC-eiwitten
Gewerfelde dier afweersysteem
Specifiek en niet specifiek. Specifiek = immuunsysteem. Dit bezit overeen geheugen, waardoor afweer snel op gang kan komen als een dier voor de tweede keer is besmet.
Ontsnappen, vermijden en verdragen plant
Ontsnappen: de timing van bloei en vruchtzetting veranderen
vermijden: maatregelen treffen die de effecten kunnen compenseren
verdargen: tolerant worden
Floeem
Via dit worden voedingsstoffen getransporteerd van het blad naar wortel. Via de sapstromen kunnenschadelijke stoffen en ziekteverwekkers zich verspreiden. Reactie plant is het laten afsterven van bespette cellen, of aanpassen van metabolosme.
Plant verdediging
1. Is grensvlak tussen buitenwereld en plant
2 gifstoffen
3 is lokaal afsterven van weefsel om verdere verspreiding te voorkomen 

planten hebbengeen circulatiesysteem, maar wel sapstromen: via xyleem worden zouten en water van wortel naar het blad getransporteerd
Waarom basispakket aan verdediginsmechanismen
Omdat verdediging veel energie kost
3 verdedigingslinies
1. Fysieke bariere; huid
2 niet-specifieke aangeboren afweersysteem: eiwitten, natural killer cel
3 specifieke / verworven afweersysteem: antigenen
5 algemene strategieen
1. Fysieke barriere tussen organisme en buitenwereld
2 onderscheid lichaamseigen en vreemd
3isoleren van bedrijging
4 signaal moleculen
5 afweergeheugen: staat van paraatheid
Voedselrelaties tussen organismen
Predator - prooi, parasitair - symbiose
Voorbeelden abiotische factoren
Klimaat, osmotische waarde, ph