Summary Logica: formeel en informeel

-
ISBN-10 9058674517 ISBN-13 9789058674517
232 Flashcards & Notes
5 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Logica: formeel en informeel". The author(s) of the book is/are Wilhelmus Antonius Pater Roger Vergauwen. The ISBN of the book is 9789058674517 or 9058674517. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Logica: formeel en informeel

  • 1.1 Logica

  • Wat betekent het iets te begrijpen? Welke methode (weg) is nodig?
    • Logische methode: vat de premissen, conclusie, en de weg van het ene naar het anderen
    • Analytische methode: definieer en analyseer de concepten en hun voorwaarden
    • Fenomenologische methode: beschrijf hoe het fenomeen zich aan het bewustzijn toont
    • Historische methode: beschrijf de geschiedenis en afkomst van het fenomeen
    • Hermeneutische methode: vat de omliggende context en horizon voor interpretatie
    • Pragmatische methode: kijk naar welk concreet verschil het maakt in de werkelijkheid.
  • Welke manieren zijn er om te achterhalen wat logica is?
    1. Gewone taal 
    2. Wetenschappelijk
    3. Historische benadering: diachroom
  • Welke aspecten zijn er in de definitie van logica in de gewone taal?
    1. Er wordt een grond gegeven (verantwoording stopt hier)
      vb. Ik geef mijn ontslag omdat ik elders dubbel verdien'. Dt is logisch!  Werknemer heeft een grond waarop hij zich baseert.)
    2. Er is een zeker gezag aanwezig waar de spreker beroep op doet (er is geen alternatief)
    3. Logica impliceert (soort interne) coherentie van het denken (als je hun argumenten aanvaard)
      vb. gekken hebben hun eigen logica
  • Geef de wetenschappelijke definitie Logica van Copy
    Logica is de studie van de methodes en beginselen die gebruikt worden om goed (correct) van slecht (niet correct) redeneren te onderscheiden.
  • Geef de definitie Formele Logica van Aristoteles (Analytica)
    Het onderzoek inzake het ontstaan van redeneringen (hoe worden ze opgebouwd?), hun ontdekking (gegeven hun opbouw: hoe vind je de 'middenterm' die subject en predikaat van de conclusie met elkaar verbindt?) en hun validatie (bvb. door terugvoering op reeds als geldig erkende redeneringen).
  • Geef de definitie Dialectiek van Aristoteles
    Een methode waardoor wij, uitgaande van het plausibele, over elk voorgesteld probleem kunnen redeneren én vermijden dat wij, een stelling verdedigend (of aanvallen), onszelf tegenspreken.
  • Waarom past Aristoteles' definitie van de dialectiek beter bij de argumentieleer dan bij de formele logica?
    Volgens Aristoteles is de dialectiek de methode waardoor we, uitgaande van het plausibele over elk vooropgesteld probleem kunnen redeneren en vermijden dat we, wanneer we een stelling verdedigen (of aanvallen), onszelf tegenspreken.


    Deze definitie past beter bij de argumentatieleer, waar het accent ligt op het aandragen van aannemelijke en consistente argumenten, dan bij de formele logica waar de nadruk ligt op de geldigheid van de argumentaties.
  • Wat is het verschil tussen formele logica en argumentatieleer (informele logica)?
    Bij formele logica ligt het accent op 'geldigheid'.
    Bij argumentatieleer gaat het vooral om het aandragen van gronden of argumenten die het redelijk maken een bepaalde stelling te aanvaarden of te verwerpen (niet zozeer bewijzen, maar 'to build a case').
  • Geef de definitie Logica van Thomas van Aquino
    Logica is een noodzakelijke kundigheid (ars) die leiding geeft aan de verstandsact zelf, waardoor de mens namelijk in die act van het verstand geordend, met gemak en zonder dwaling te werk gaat. (Deze definitie slaat zowel op de formele als op de argumentatieleer).
  • Welke zijn de drie activiteiten van de verstandsact volgens Thomas van Aquino?
    1. Het begrijpen van iets (het begrip)
    2. Het oordelen (het oordeel)
    3. De redenering
  • Waarin verschilt de definitie van Thomas van Aquino met die van Aristoteles?
    Definitie Thomas van Aquino: de logica 'is een noodzakelijke kunstigheid (ars) die leiding geeft aan de verstandsact zelf, waardoor de mens namelijk in die act van het verstand geordend, met gemak en zonder dwaling te werk gaat'.
    Definitie Aristoteles:
    Analytica: 'het onderzoek inzake het ontstaan van redeneringen, hun ontdekking en hun validatie.
    Dialectiek: 'een methode waardoor wij, uitgaande van het plausibele (het aannemelijke), over elk voorgesteld probleem kunnen redeneren en vermijden dat wij, een stelling verdedigend, onszelf tegenspreken.
    De definitie van Aquino slaat zowel op de formele als op de informele logica.
    De eerste definitie van Aristoteles 'Analytica' slaat enkel op de formele, zijn syllogistiek.  Terwijl zijn tweede 'Dialectiek' eerder op de informele slaat.
  • Wat is logica volgens Kant?
    De logica is de wetenschap die de formele regels van elk denken behandelt en bewijst. De grensoverschrijdingen naar de psychologie en de metafysica zijn geen uitbreiding maar een verminking van de logica.
  • Geef de definitie Logica van Frege en vergelijk met een definitie die je kan geven vanuit het dagelijks taalgebruik.
    Frege stelt dat Logica gaat over de wetten van het waar zijn.   (De wetten waar het denken zich aan moet houden wil het waarheid bevatten).  
    Definitie uit het dagelijks taalgebruik: 
    1. Er wordt een grond gegeven
    2. Er is een zeker gezag waar de spreker beroep op doet (min of meer onontkoombaar zijn
    3. Logica impliceert coherentie 

    ==> een logische volgende conclusie hoeft niet waar te zijn in het dagelijks taalgebruik, bij Frege wel.
  • Wat is formele logica volgens Dopp?
    Die stelt kort en bondig dat de formele logica zich enkel interesseert voor de geldigheid van redeneringen.
  • Geef de definitie van Strawson. Waarom sluit die nauw aan bij de definitie van Frege?
    Strawson: 'Logica is de wetenschap van de algemene vormen van proposities en van hun relaties van afleidbaarheid of waarheidsafhankelijkheid.'
    Frege: 'Logica gaat over de wetten van het waar-zijn'

    De waarheid in de logica treedt niet op absolute wijze op (zoals Frege stelt, maar misschien niet zo bedoeld), maar als 'hypothetisch' dit wil zeggen als volgend uit voor waar gehouden uitgangspunten (wat Strawson stelt).
  • Geef de definitie van Husserl
    De logica betreft op de meest algemene wijze de ideale mogelijkheidsvoorwaarden van wetenschap .
    Kritiek: dit slaat eerder op een wetenschapsleer of algemene methodologie, die men (ten dele) als een toepassing van de logica kan zien.
  • Wat is logica volgens De Pater?
    Logica is de meest algemene theorie van samenhangen of structuren, en aldus het werktuig bij uitstek voor de analyse van systemen van tekens en betekenissen, en daardoor ook van het redeneren.  De logica is dan de wetenschap van de ordening.
  • Wat is logica volgens Bastable?
    Logica is (als wetenschap van de ordening zoals De Pater stelt) de grammatica van de redelijkheid.  Daardoor kunnen we ook zeggen dat 'logica het besef is van het benul'
  • Wie zijn de grondleggers van de logica?
    1e grondlegger: Aristoteles (384-324 v.C; syllogisitiek en informele logica)
    2e grondlegger: Frege (1879; propositie- en predikatenlogica)
  • Waar gaat logica vooral om volgens ons handboek?
    Logica gaat over het redeneren en wat dat kan inhouden (bijvoorbeeld kwesties van geldigheid en waarheid).  De definitie van Copi wijst in die richting.  Daarom houden we ons pragmatisch voor de rest aan deze omschrijving.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is de probabilistische of waarschijnlijkheidslogica van o.a. Liekasiewicz?
Dat is een logisch systeem met meerwaardigheid als kenmerk .
De proposities kunnen meer dan 3 waarheidswaarden hebben: waarschijnlijkheidsaarde (0, 1/5, 1/4, 1/3, 1/2 ... 1)
Vergelijk het platonisme en het intuïtionisme mbt de wet van de uitgesloten derde.
Platonisme: traditionele logica
- gaat uit van bivalentie: elke propositie is waar of onwaar
- gebruik van waarheidstafels

- de wet van de uitgesloten derde( p ∨⁊ p = tautologie) en de daarmee samenhangende wet van de niet-contradictie  ⁊ (p ∧⁊ p) is volgens de waarheidstafels een wet.

Intuïtionisme: symbolische, niet-klassieke logica (afkomstig uit de filosofie van de wiskunde)
- om te stellen dat een propositie waar of onwaar is (bivalent) moeten we een criterium of methode aangegeven die tot die (on)waarheid leidt. Als er geen methode voorhanden is dan kan je niet aannemen dat een propositie een waarheidswaarde heeft.
- gebruik van asserteerbaarheidstafels: zijn verbonden met procedures die aangeven onder welke voorwaarden een propositie kan bevestigd of ontkend worden.
- de wet van de uitgesloten derde wordt door de intuïtionisten niet verworpen, doch er wordt gesteld dat zij dat deze wet in sommige gevallen niet asserteerbaar is, waarbij die asserteerbaarheid te maken heeft met het aangeven van methodes die toelaten om in principe de waarheid of onwaarheid van proposities te bevestigen.



Hun kritiek is op de traditionele logica is van epistemologische aard.

vb. Jan is dapper 
Geef het onderscheid tussen de opvatting van de waarheidswaarde van uitspraken als 'de koning van Frankrijk is kaal' tussen B. Russel en P. Strawson.  Welke kritiek op de traditionele logica komt hier naar voren?
Russel stelt dat zo'n uitspraak een bewering inhoudt en daardoor onwaar is (er bestaat geen individu dat 'de koning van Frankrijk' kan genoemd worden en dat wordt volgens Russel mee veronderstelt)
Strawson stelt dat zo'n uitspraak geen echte bewering is (er wordt volgens hem enkel voorondersteld dat er zo'n individu bestaat) en daarom is de uitspraak noch waar noch onwaar


Kritiek op de traditionele logica:  de bivalentie oftewel het feit dat zij ervan uitgaat dat uitspraken altijd waar of onwaar moeten zijn.  Logische systemen moeten ook meerwaardig kunnen zijn.  Deze kritiek is semantisch van aard.
Geef de wetten van het denken en de kritiek daarop
  1. Beginsel van identiteit; alles is wat het is.
    p <--> p
    Kritiek: is dat wel zo? 'Panta rei'
  2. Beginsel van geen tegenspraak: niets is tegelijk iets of is het niet.  Als iets is, kan het onmogelijk niets zijn. 
     ⁊(p∧⁊p)
    Kritiek: is de natuur wel zo consistent? (paraconsistentie logica)
  3. Beginsel van de uitgesloten midden: elk ding is iets of het is het niet.  Er is geen midden tussen die twee.
    p∨⁊p of p<-->⁊p
    Kritiek: Exact genoeg in de bewijsvoering? (filosofie van de wiskunde)
  4. Beginsel van voldoende reden ==> Leibniz: niets is zonder voldoende reden, hetzij in zichzelf hetzij in een ander. (Beter: beginsel van noodzakelijke voorwaarde)
    Kritiek: dit begrip volgt minder onmiddellijk op de meest embryonale kennis (die van het zijnde)
Wat is de methode van de waarheidsbomen van Gentzen?
Datis een methode waardoor het aanwijzen van een tegenvoorbeeld geheel mechanisch kan gebeuren en op een efficiënte wijze als volgt:
  1. negatie van de conclusie
  2. controleer deze negatie
  3. controleer dan ook de premissen
  4. vraag: kan ik elk pad van de boom sluiten?
  5. Zo ja: redenering is geldig
  6. Zo neen: redenering is ongeldig
Wat is een logische wet?
Een zinfunctie die een ware zin wordt telkens als al zijn variabelen door constanten gesubstitueerd worden.
Wat zijn de regels voor constructie van waarheidsbomen?
Zie pag 152
Welke zijn namen van de vervangingswetten voor elementaire redeneervormen? (formules zelf: zie pag. 138 en 139)
  1. Dubbele negatie (D.N.)
  2. Commutatie (Comm.)
  3. Tautologie (Taut.)
  4. De Morgan (De M.)
  5. Equivalentie (Eq.)
  6. Implicatie (Impl.)
  7. Contrapositie (Contrap.)
  8. Associatie (Ass.)
  9. Exportatie (Exp.)
  10. Distributie (Distr.)
  11. Absorptie (Abs.)
Welke zijn namen van de afleidingswetten voor elementaire redeneervormen? (formules zelf: zie pag 138)
  1. Conjunctie (Conj.)
  2. Simplificatie (Simpl.)
  3. Additie (Add.)
  4. Hypothetisch syllogisme (H.S.)
  5. Ponendo Ponens (P.P.)
  6. Tollendo Tollens (T.T.)
  7. Ponendo Tollens (P.T.)
  8. Tollendo Ponens (T.P.)
  9. Disjunctieve koppeling (D.K.)
    + Constructief dilemma (C.D.)
  10. Destructieve disjunctieve koppeling (D.D.K.)
    + Destructief dilemma (D.D.)
Wat is het verschil tussen een bewijs via de elementaire redeneervormen en de waarheidsbomen?
Via de elementaire redeneervormen bewijzen we de geldigheid van de hele redeneervorm door de afzonderlijke stappen (die afzonderlijke stappen noemen we de elementaire redeneervormen). 
Via de waarheidsbomen bewijzen we de ongeldigheid van een redenering: als de boom sluit is de redenering ongeldig, blijft er een tak open dan is de redenering geldig.