Summary management

-
322 Flashcards & Notes
4 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - management

  • 1 hoofdstuk 1

  • het vakgebied van organisatie en management wordt ook wel organisatiekunde genoemd

    juist

  • effectiviteit is de mate waarin de besturing van een organisatie succesvol is

    juist

  • Adam smith stelde dat door arbeidsverdeling de productiviteit van de arbeid sterk kan worden verhoogd

    juist

  • volgens de contingentiebenadering kunnen managementtechnieken in bepaalde situaties zeer succesvol zijn, terwijl ze in andere situaties volkomen falen.

    juist

  • kapitaal is volgens Drucker de meest essentiële productiefactor

    onjuist

  • Stelling: organisatiekunde bestudeert het gedrag van mensen in organisaties.

    onjuist

  • het mercantilisme stelt dat het bezit van goud en geld niet de enige welvaartsbron is.

    onjuist

  • actuele zaken als arbeidsstudies, functieomschrijvingen en functieclassificatie zijn terug te voeren op de ideeën van Taylor.

    Juist

  • de theorie van bureaucratie stelt dat de overheidsorganisaties en grote organisaties worden gekenmerkt door nauwkeurig afgebakende bevoegdheden en verantwoordelijkheden.

    juist

  • de Human-relations benadering hecht veel waarde aan de menselijke factoren in verband met de effectiviteit.

    juist

  • volgend Hammer staat binnen het herstructureren van bedrijfsprocessen waarde creëren voor klanten centraal.

    juist

  • met het herstructureren van bedrijfsprocessen kunnen organisaties hun kosten met wel 20% verlagen.

    onjuist

  • met het begrip doeltreffendheid wordt een hoge mate van efficiency bedoeld.

    onjuist

  • stelling: volgens Fayol is management vooral een zaak van talent of wordt het verkregen door erfenis.

    onjuist

  • het kenmerkende van de general-managementtheorie is de juiste man op de juiste plaats door zorgvuldige selectie.

    onjuist

  • eenheid van commando houdt in dat iedere werknemer slechts één (directe) baas boven zich heeft.

     

    juist

  • volgens Weber was 'ideale' bureaucratie een organisatievorm die het meest doelmatig is, omdat in een dergelijke organisatie iedereen rationeel functioneert en een radertje in een goed geoliede machine is.

    juist

  • bij de Human- relationsbenadering zijn het vooral objectieve factoren die bepalend zijn voor het resultaat van een organisatie. 

    onjuist

  • het revisionisme is te typeren als een beweging met mensen zonder organisatie.

    onjuist

  • bij de contingentiebenadering is er geen sprake van 'one best way of management'.

    juist

  • werken volgens het 'zero-defects'-concept staat centraal bij Crosby.

    juist

  • kernwoorden bij het gedachtegoed van Hamel zijn strategie en concurrentievoordeel.

    onjuist

  • het vormgeven en aanpassen van de structuur is een belangrijk onderwerp van de besturing van organisaties

    juist

  • de behoefte aan de wetenschap organisatiekunde ontstond in eerste instantie bij het bedrijfsleven.

    juist

  • een belangrijk kenmerk van scientific management is eenheid van leiding.

    onjuist

  • Weber richtte zich met zijn theorie op het gebied van de bureaucratie vooral op het functioneren van productiebedrijven.

    onjuist

  • het vijfde behoefteniveau van de piramide van Maslow is de behoefte aan zelfontplooiing. 

    juist

  • de theorie van Herzberg is gebaseerd op de behoeftepiramide van Maslow.

    juist

  • volgens Michael Hammer is het tegenwoordig noodzakelijk om procesgericht te werken in plaats van taakgericht.

    juist

  • volgens Peters is chaos de norm geworden in de organisatiekunde.

    juist

     

  • een van de aspecten van de definitie van de organisatiekunde is het prescriptieve aspect, waarbij jet gaat om de beschrijving van het gedrag van organisaties.

    onjuist

  • de VOC kan worden gezien als de eerste Nederlandse internationale handelsonderneming

    juist

  • het achtbazenstelsel houdt in dat bij de leiding van een productieafdeling een achttal functies is te onderscheiden.

    juiste

  • Fayol zag als ideale organisatie de lijnorganisatie

    juist

     

  • zowel Taylor als Weber formuleerden theorieën die betrekking hebben op alle soorten organisaties.

    onjuist

  • het derde behoefteniveau van de piramide van Maslow is de behoefte aan erkenning, prestige en succes.

    onjuist

  • kennis is volgens Peter Drucker een essentiële productiefactor.

    juist

  • volgens Crosby is kwaliteitscontrole vooral nodig bij de productieafdelingen. 

    onjuist

  • de configuraties van Mintzberg zijn te vergelijken met de verschillende organisatiestructuren zoals we die in de dagelijkse praktijk regelmatig tegenkomen.

    onjuist

  • de toename van multinationals heeft deels als oorzaak dat nationale overheden hun macht en invloed voor een deel hebben opgegeven.

    juist

  • volgens Henry Fayol bestond de functie van managers vooral uit coördineren en bevel voeren

    onjuist

  • de human-relationsbenadering gaat ervan uit fat gelukkige en tevreden mensen veelal een maximale arbeidsprestatie leveren

    juist

  • het revisionisme probeert een brug te slaan tussen scientific management en de human-relationsbenadering

    juist

  • een belangrijk element uit de systeembenadering is dat de organisaties in wisselwerking staan met de omgeving.

    juist

  • Tom Peters onderzocht de karakteristieken van succesvolle organisaties

    juist

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

  Wat is de rol van de opdrachtgever bij een arts-patiëntrelatie?         coproduceren     expertise opbouwen     gegevens verstrekken

gegevens verstrekken

  Volgens het model van Greiner volgt op de crisis van beheersing:         groei door coördinatie     groei door leiding     groei door samenwerking

groei door coördinatie

  Welke van onderstaande alternatieven is geen principe van Senge?         Genereer een korte termijnresultaat.     Stimuleer groepsdenken.     Bouw aan een gemeenschappelijke visie.

genereer een korte termijnresultaat

  De ambtelijke cultuur (Sanders en Neuijen) is gebaseerd op:         de klant en/of markt     rationaliteit gecombineerd met een maatschappelijke functie     de inbreng van de individuele organisatieleden

retionaliteit gecombineer met een maatschappelijke functie

  In welk soort organisatie is er sprake van een personencultuur?         politie     advocatenkantoor     ministerie

advocatenkantoor

  Welke cultuur is ideaal bij een lerende organisatie?       een machtscultuur   een taakcultuur   een overlegcultuur

taakcultuur

  Volgens het model van Scott vindt uitbreiding via product- en marktontwikkeling vooral plaats in de fase van:       de multidivisionele organisatie   de kleine organisatie   de volledig afdelingsgewijs opgebouwde organisatie

de volledige afdelingsgewijs opgebouwde organisatie

  Een directeur van een klein bedrijf bepaalt alles zelf en het personeel draagt hem op handen. Van welke cultuur is hier sprake?         taakcultuur     machtscultuur     rollencultuur

machtscultuur

Volgens Belasco is de kritische factor bij veranderingsprocessen de organisatiestructuur.

onjuist

De tweede fase van het model van Greiner, groei door dirigeren, eindigt met een autonomiecrisis.

juist