Summary Marketing kernstof

-
ISBN-10 9001807828 ISBN-13 9789001807825
1500 Flashcards & Notes
75 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Marketing kernstof
  • Hans Vosmer
  • 9789001807825 or 9001807828

Summary - Marketing kernstof

  • 1 marketing en marketingconcept

  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • 1.1 Marketing als concept

  • Definitie marketing

     

    Marketing is alle activiteiten verricht door ruilsubjecten, die erop gericht zijn om ruiltransacties te bevorderen, te vergemakkelijken en te bespoedigen.

     

    Definitie marketingconcept

     

    Het marketingconcept is de wijze waarop invulling kan worden gegeven aan de marktbenadering, waarbij ervan uitgegaan wordt dat ruiltransacties het best tot stand komen door de behoefte van de afnemers als uitgangspunt te nemen bij de activiteiten van de organisatie.

     

    Rekening houden met de wensen van de consument

     

    Rol van marketing in de samenleving

     

    hier wordt niet gekeken naar een groep afnemers maar naar het globale effect van marketing in de samenleving

     

    Batering

     

    Ruilen van een overshot in natura ruilen tegen het overschot van een ander

     

     

  • Hoeveel soorten Marketing zijn er

    3: Micro, Macro, Meso

  • hoe geef je de marktbenadering invulling

    Dmv het marketingsconcept. Daar ga je uit van hoe de ruiltransacties het beste tot stand komen door behoeften van de afnemer als uitgangspunt te nemen tijdens de activiteiten van de organisatie

  • definitie marketing
     Marketing is alle activiteiten verricht door ruilsubjecten, die erop gericht zijn om ruiltransacties te bevorderen, te vergemakkelijken en te bespoedigen.
  • Definitie marketing
    Marketing is alle activiteiten verricht door ruilsubjecten, die erop gericht zijn om ruiltransacties te bevorderen, te vergemakkelijken en te bespoedigen
  • Definitie marketingconcept

    Het marketingconcept is de wijze waarop invulling kan worden gegeven aan de marktbenadering, waarbij ervan uitgegaan wordt dat ruiltransacties het best tot stand komen door de behoefte van de afnemers als uitgangspunt te nemen bij de activiteiten van de organisatie.


  • Definitie marketingconcept
    Het marketingconcept is de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de maktbenadering, waarbij ervan wordt uitgegaan wordt dat ruiltransacties het best tot stand komen door de behoeften van de afnemers als uitgangspunt te nemen bij de activiteiten van de organisatie
  • Met andere woorden, marketingconcept is
    alleen als er bij het ontwikkelen en aanbieden van het product rekening gehouden wordt met de behoeften en de wensen van de consument, bestaat er een kans dat het product op de markt een 'blijvertje' is.
  • Macromarketing is
    alle activiteiten die de stroom van goederen en diensten besturen van product naar consument, we kijken dan naar de rol van marketing in de samenleving
  • Mesomarketing is
    alle activiteiten die de stroom van goederen en diensten sturen van product naar consument binnen een bepaalde bedrijfskolom of bedrijfstak, we kijken dan naar de rol van marketing op bedrijfskolom of bedrijfstakniveau
  • Micromarketing is
    het marketingconcept door een individuele onderneming of instelling toepassen, we kijken dan naar de rol van marketing in een individuele onderneming
  • 1.2 Ontwikkeling van de marketinggedachte

  • Definitie productieoriëntatie
    Bij de productieoriëntatie wordt ervan uit gegaan dat ruiltransacties het best tot stand komen door de efficiëntie en de capaciteit van de productie en de distributie te vergroten. Het concept wordt gekenmerkt door een grote mate van interne gerichtheid.
  • De periode, focus, en macht van het productconcept is
    • 500
    • productkwaliteit (prestaties en functies)
    • verkopersmarkt

    eerste auto's (Mercedes Benz)
  • Definitie productoriëntatie
    Bij de productoriëntatie wordt ervan uitgegaan dat ruiltransacties het best tot stand komen door grote aandacht te besteden aan kwaliteitsverbeteringen van het product. Deze oriëntatie wordt gekenmerkt door een grote mate van interne gerichtheid.
  • De periode, focus en macht van het productieconcept is
    • 1900
    • beschikbaarheid en betaalbaarheid
    • verkopersmarkt

    massaproductie
  • Definitie verkooporiëntatie
    Bij de verkooporiëntatie wordt ervan uitgegaan dat ruiltransacties het best tot stand komen door de nadruk te leggen op communicatie- en distributie-inspanningen.
  • De periode, focus en macht van het verkoopconcept is
    • 1950
    • afzetvergroting (distributie en promotie)
    • verkopers/kopermarkt

    meerdere merken/producenten
  • Definitie marketingoriëntatie
    Marketingoriëntatie is hetzelfde als het marketingconcept; De werkwijze waarop invulling gegeven kan worden aan de marktbenadering, waarbij ervan uitgegaan wordt dat ruiltransacties het best tot stand komen door de behoeften van de afnemers als uitgangspunt te nemen bij de activiteiten van de organisatie.
  • De periode, focus en macht van het marketingconcept is
    • 1960
    • afnemersbehoeftes en -wensen
    • kopersmarkt

    meerdere modellen
  • Definitie maatschappelijke marketingoriëntatie
    De maatschappelijke marketingoriëntatie is een aanvulling op het marketingconcept waarbij ook rekening wordt gehouden met neveneffecten van de ruilprocessen op langere termijn.
  • De periode, focus en macht van het sociale marketingconcept is
    • 1970
    • afnemersbehoeften en -wensen + effecten op de samenleving
    • kopersmarkt

    innovaties gericht op milieu
  • De periode, focus en macht van het globale marketingconcept is
    • 1980
    • aandacht voor opkomende makten (Oost-Europa, Azie, Afrika, Zuid-Amerika)
    • kopersmarkt

    importeur- en dealerschappen in de nieuwe markten
  • De periode, focus en macht van het totale marketingconcept is
    • 1995
    • communicatie via off- en online media
    • kopersmarkt

    computers, internet en mobiele telefoon
  • Definitie van productieoriëntatie is
    ervan uitgaan dat ruiltransacties het best tot stand komt door de efficientie en de capaciteit van de productie en de distributie te vergroten. Het concept wordt gekenmerkt door een grote mate van interne gerichtheid (verkopersmarkt)

    Het is de fase van mechanisering waar het productieproces wordt gestandaardiseert (massaproductie)
  • Definitie van productoriëntatie is
    ervan uitgaan dat ruiltransacties het best tot stand komt door grote aandacht te besteden aan kwaliteitsverbeteringen van het product. Deze oriëntatie wordt gekenmerkt door een grote mate van interne gerichtheid (verkopersmarkt)
  • Definitie van verkooporiëntatie is
    ervan uitgaan dat ruiltransacties het best tot stand komt door de nadruk te leggen op communicatie- en distributie-inspanningen

    Het is de fase waarin de verkopersmarkt verzadigd, en afnemers kritischer gaan worden (promotiemiddelen)
  • Marketingconcept in de dienstensector is
    pas veel later ontstaan dan het concept in de productie. Tegenwoordig is in verhouding grotendeels van de uitgaven aan diensten gericht.
  • Marketingconcept in de nonprofitsector
    Goede doelen, belangegroepen en overheidsinstellingen maken ook gebruik van marketing, vooral nu subsidies steeds minder worden gegeven en de sector steeds meer afhankelijk wordt van hun afnemers
  • Definitie maatschappelijke marketingoriëntatie is
    een aanvulling op het marketingconcept waarbij ook rekening wordt gehouden met neveneffecten van de ruilprocessen op langere termijn

    Ook wel societal marketingconcept genoemd en is zowel in het belang van de onderneming als de consument
  • Maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo) is
    het bewust richten van de ondernemingsactiviteiten op waardecreatie in drie dimensies - profit, poeple, planet - en daarmee een bijdrage aan de maatschappelijke welvaart op de lange termijn
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Marketing kernstof
  • Hans Vosmer & John Smal
  • or
  • 8th

Summary - Marketing kernstof

  • 1 Marketing hs 1

  • Verschil tussen verkopersmarkt en kopersmarkt?
    bij verkopersmarkt overtreft de vraag naar goederen en diensten het aanbod en bij kopersmarkt overtreft het aanbod de vraag naar goederen en diensten
  • wat is micro, meso, macro marketing?
    Micro: als het marketingconcept wordt toegepast door een individuele onderneming of instelling.

    Meso: alle activiteiten die de stroom van goederen en diensten besturen van producenten naar consumenten binnen een bepaalde bedrijfstak.

    Macro: alle activiteiten die de stroom van goederen en diensten besturen van producent naar consument. Over de hele samenleving. 
  • Wat betekend marketing?
    ruil van goederen of diensten en personen of instanties die aan die ruil deelnemen. Het verwerven en behouden van afnemers.
  • Bartering?
    ruilen - wanneer producent een overschot in natura gaat ruilen tegenover overschotten van een ander.
  • Marketingconcept?
    alle activiteiten gericht op het werven en behouden van afnemers voor producten en diensten
  • Productoriëntatie?
    ruiltransacties het best tot stand komen door efficiëntie en de capaciteit van de productie en de distributie te vergroten.
  • Meer produceren:
    Meer geld. Door productie op grote schaal , daalt de kostprijs, zodat verwacht mag worden dat veel consumenten het product nu tegen lagere prijs zullen aanschaffen.
  • Productieoriëntatie?
    ruiltransacties die het beste tot stand komen door veel aandacht te besteden aan kwaliteitsverbeteringen van het product -> interne gerichtheid
  • Verkooporiëntatie?
    ruiltransacties die het beste tot stand komen door nadruk te leggen op communicatie en distributie-inspanningen.
  • Marketingoriëntatie?
    een aanvulling op het marketingconcept waarbij ook rekening wordt gehouden met neveneffecten van de ruilprocessen op langere termijn.
  • Marketinginstrumenten?
    een middel dat kan worden ingezet bij het bevorderen, vergemakkelijken en bespoedigen van ruiltransacties.
  • Marketingmix?
    de combinatie en afstemming van de door een organisatie gehanteerde marketinginstrumenten die gericht zijn op 1 of meer doelgroepen binnen een bepaalde markt.
  • Doelgroep van marketingmix?
    een verzameling van potentiële afnemers waarop de organisatie zich richt en waardoor zij specifieke marketingactiviteiten onderneemt.
  • Noem de 5 p's van Marketingmix
    1. Price
    2. Promotion
    3. Product
    4. Place
    5. Personnel
  • Noem de 3 r's
    1. Ruil
    2. Relatie
    3. Reputatie
  • Product mix
    - kwaliteit 
    - vormgeving 
    - verpakking 
    - merknaam 
    - service 
    - garantie 
  • Prijs mix
    - prijs 
    - leveringsvoorwaarden 
    - kortingen 
  • Plaats
    - distributie kanalen 
    - distribuanten 
    - logistiek 
  • Promotiemix
    - reclame 
    - persoonlijke verkoop 
    - sales promotion 
    - sponsoring 
    - direct marketing 
  • 2 Marketing hs 2

  • 3 marketingomgevingen
    Micro, Meso, Macro
  • Leg micro uit
    Interne omgevingsfactoren. de factoren komen uit de organisatie zelf. En ze zijn beïnvloedbaar.
  • Leg Meso uit
    Factoren uit jouw industrie, buiten je eigen bedrijf. 2 soorten; publieksgroepen (media, overheid, belangengroepen) en marktpartijen (leveranciers, handelsschakels, consumenten)
  • Leg Macro uit
    Externe en niet te beïnvloeden factoren uit de maatschappij.
  • 4 soorten concurrentie
    merkconcurrentie, product concurrentie, generieke concurrentie, behoefteconcurrentie.
  • 5 krachten van Micheal Porter
    1. Nieuwe toetreders
    2. Leveranciers
    3. Substituten
    4. Afnemers
    5. Bedrijfstak concurrenten
  • Demografische factoren?
    hebben betrekking op de omvang en samenstelling van de bevolking.
  • Economische factoren?
    alle elementen die het inkomen en de koopkracht van de consument beïnvloedt. zuiver = inflatie. sociaal = inkomensverdeling.
  • Sociaal-culturele factoren?
    externe omgevingsfactoren die hun oorsprong vinden in ontwikkelingen in de sociologische en/of culturele situatie van de bevolking.
  • technologische factoren?
    externe omgevingsfactoren die hun oorsprong vinden in technologische ontwikkelingen.
  • ecologische factoren?
    factoren die van invloed zijn op het beleid van organisaties.
  • politiek-juridische factoren?
    alle politieke/juridische maatregelen die invloed op een organisatie kunnen uitoefenen.
  • 4 rechten van consumenten
    1. recht op veiligheid
    2. recht op informatie
    3. recht op vrije keuze
    4. recht op vertegenwoordiging. 
  • Merkconcurrentie
    concurrentie tussen verschillende merken met min of meer hetzelfde product. onderscheiden via imago en andere elementen in de marketing mix. (Heineken - Grolsch)
  • Productvorm concurrentie
    concurrentie op product (witbier - pilsener)
  • Generieke concurrentie
    concurrentie op behoefte bv. dorst. concurrentie op verschillende soorten producten (bier, wijn, water)
  • Budget concurrentie
    op budget van consument (vakantie of huis verbouwen)
  • consumentisme
    de consument wordt gezien als een marktpartij met rechten:
    - recht op veiligheid 
    - recht op informatie 
    - recht op vrije keuze 
    - recht op vertegenwoordiging 
  • Publieksgroepen
    - media 
    - overheid 
    - belangengroepen 
  • 4 soorten marktpartijen
    - leveranciers 
    - handelsschakels 
    - consumenten 
    - concurrenten 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

high involvement
grote betrokkenheid > vb. huizen, boten, auto’s > uitgebreide reclame, gedetailleerd, meerdere eigenschappen, functies laten zien
Low involvement
lage betrokkenheid bij het product. > consument zal nauwelijks informatie inwinnen en zich niet diepgaand met de diverse productie eigenschappen bezig houden vb. wc papier
Klassiek hiërarchisch model
beïnvloeden attituden: 
  1. aandacht consument trekken
  2. informatie geven aan consument over product of merk (cognitieve component)
  3. consument komt tot een oordeel (affectieve component)
  4. oordeel over merk brengt consument tot bepaald gedrag (conatieve component)
3 manieren om attituden te beïnvloeden (door markeer)
- het ontwikkelen van attituden bij nieuwe producten
- het versterken van bestaande attituden, om het merkbesef en de gunstige attitude op een hoog niveau te houden
- het veranderen van attituden, wanneer het merk in vergelijking met concurrenten een ongunstig imago heeft
imago
de attitudes vormen de houding tegenover het attitude object. > imago is het totaal van alle ideeën, gevoelens en ervaringen door een persoon of groep personen ten aanzien van een bepaald object (merk, organisatie ,product.. etc)
Conatieve component
Neiging tot actie op grond van een attitude. > iemand met een bepaalde kennis en positieve houding tegenover een bepaalde auto, zal deze auto kopen.
Affectieve component
de gevoelens en emoties > algemene beoordeling of evaluatie. vb. consument vindt bepaalde auto fijn.  je kan positieve of negatieve richting hebben.
Cognitieve component
Kennis over het attitude object. Deze is subjectief , de kennis hoeft niet overeen te komen tussen personen
Attitude
een waardering van datgene waarop hij/zij zich richt: vb. product, merk, persoon, organisatie etc.. meestal blijven attitudes gelijk. als je een winkel niet fijn vindt dan vind je de andere dag niet ineens die winkel wel fijn
Attitude niet tastbaar
mentaal proces binnen een persoon. niet direct toegankelijk