Summary Medische Biochemie

-
361 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Medische Biochemie

  • 1.1 bloedvatenstelsel en het cardiovasculair systeem

  • Wat is de functie van het bloedvatenstelsel
    • Vervoer van bloed en plasma
    • Transport van zuurstof, koolstofdioxide, voedingsstoffen, afbraakproducten en hormonen
    • Vasculaire laesies
  • Wat is vasculaire laesies
    Verstoringen van bloedvoorziening aan weefsels waardoor je tekort krijgt aan nutrienten (ischemia) en dat zorgt weer voor een infarct/afsterven van weefsel (necrose)
  • Twee systemen in het lichaam voor bloedvaten
    Pulmonaire systeem en systemische systeem
  • 1.2 bouw bloedvaten

  • Wat is de algemene opbouw van bloedvaten
    Tunica intima, media en externa (adventitia)
  • Wat is de opbouw van tunica intima
    • Endotheel (plaveisel epitheel)
    • losmazig bindweefsel -> endotheel zit hiermee vast aan tunica media
    • intern elastisch lamina -> gevensterd, omdat er openingen moeten zitten voor diffusie van oa voedingsstoffen
  • Wat is de opbouw van tunica media
    • Circulair gerangschikt gladde spieren
    • tussen de spiercellen bevinden variabele hoeveelheden elastische, collageen en reticulaire vezels
    • extern elastische lamina-> heel veel elastische vezels om tegendruk te geven (weerstand tegen bloeddruk)
  • Wat is de opbouw van tunica externe/adventitia
    • Bindweefsel met collageen
    • kan spiercellen en elastische vezels bevatten
    • bloedvoorziening dmv vaso vasorum
  • 1.3 arterien

  • Noem 3 verschillende soorten arteries en hun bijbehorende functie
    • Elastische arterien, opvangen druk hartslag
    • musculaire arterien, bloedvoorziening te verdelen (distributing)
    • arteriolen
  • Hoe kunnen arteries hun diameter veranderen
    • Door elasticiteit (opvangen van hoge druk hartslag)
    • door contractie (regelen snelheid van bloedstroom)
  • Hoe werkt contractie mechanisme als arterien van diameter veranderen
    Door de innervatie van gladde spiercellen via autonoom zenuwstelsel, onstaat er een contractie

    vasodilatatie en vasoconstrictie
  • Noem 2 elastische arterien
    Aorta en pulmonaire arterien
  • Facts elastische arterien
    • Ze worden ook wel de geleidende arterien genoemd. Ze vangen de hartslag op door elasticiteit. Ze zorgen voor een continu bloeddruk
    • ze hebben een groet hoeveelheid geverseerde lamellen in de tunica media
    • tunica externe bevat vaso vasorum
  • Facts musculaire arterien
    • Ze hebben een duidelijk intern elastisch lamina>> zie afbeelding in samenvatting
    • tunica media bevat vaso vasorum
  • Facts arteriolen
    • Ze regelen bloedstroom naar capillair netwerk
    • intern elastisch membraan alleen aanwezig in grotere arteriolen
    • tunica media 1-3 spiercel lagen
    • ze hebben geen extern elastisch lamina
    • tunica externa is klein of afwezig
    • metarteriolen-> geen continu spierlaag sphincter functie ofzo en ze reguleren bloedstroom naar capillair netwerk
    • er zijn nog wel spiercellen aanwezig omdat ze nog steeds bloeddruk moeten doorgeven
  • 1.4 capillairen

  • Noem 3 soorten capillairen
    • Gevensterd
    • niet gevensterd (continu capillairen)
    • sinusoiden
  • Welke van de 3 opbouw van bloedvaten heeft een capillair niet
    Tunica media en externa
  • Een capillair is omgeven door een basale laminaat dus de epitheelcellen zitten vast aan onderliggend bindweefsel
  • Wat zijn pericyten en wat heeft dat te maken met capillairen
    Ze bevinden zich op bepaalde plaatsen die het endotheelcellen gedeeltelijk omgeven

    ze zijn contractiel en hebben het vermogen op een nieuwe bloedvat te vormen wanneer endotheelcellen afsterven
  • Welke weefsels bevatten continu capillairen
    Zenuwstelsel, bindweefsel en spieren
  • Noem de belangrijkste eigenschappen van continu capillairen
    • Ze hebben geen porien niks, het zijn gewoon aaneengesloten cellen
    • er vindt geen uitwisseling plaats en zo wel is het dmv actief transport en dan zijn dan kleine moleculen zoals water ionen en peptiden
    • ze zijn hecht aan elkaar dmv tight junction
  • Welke weefsels bevatten geverseerde capillairen
    Darmen en nieren
  • Noem de belangrijkste eigenschappen van gevensterde capillairen
    • Ze hebben grote porien
    • uitwisseling van water en kleine peptiden mogelijk
    • stoffen vanuit bloed kunnen wel door het membraan echter hebben ze ook nog een basale lamina >> eiwitten kunnen dus niet over het membraan heen
  • Welke weefsels bevatten sinusoiden
    Lever, beenmerg en lymfeklieren
  • Wat zijn de belangrijkste eigenschappen van sinusoiden
    • Groot lumen
    • geen basale lamina
    • vrije uitwisseling van alles
    • bloed stroomt daar wel langzaam want het bloed moet gecontroleerd en gezuiverd worden door immuuncellen
    • er bevatten ook macrofagen tussen endotheel cellen om kapotte cellen en parasieten te verwijderen
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Cox 1
Maag, mucus formatie
Cox 2
Induceert cytokines = inflammatie
3,6 omegazuren
Heeft niks te maken met energiehuishouding>> deze zijn precursors voor het maken van hormonen
Simvastatine
Competitive inhibitie van reductase
Wat doen cholesterol verlagers
Statines bijvoorbeeld remmen HMG-reductase >> hierdoor geen productie van mevalonaat
Hoe wordt LDL opgenomen door de lever
Door clathrin coated pit
Hypercholesterolemie
Defect in LDL receptor leiden tot hele hoge plasma cholesterol>> kwijt raken door opstapeling onder de huid
HMG-coa synthase
Zorgt ervoor dat acetoacetaat verder gesynthetiseerd wordt naar mevanolaat
Waarvoor is cholesterol belangrijk
Voor het maken van celmembraan, steroid hormoon en galzouten
Insuline resistentie gaat gepaard met
Meer LDL
meer Apo-B
minder HDL
lipide profiel veranderd in verkeerde richting