Summary Methode en Technieken van Onderzoek in de Criminologei

-
ISBN-13 9789462365704
389 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Methode en Technieken van Onderzoek in de Criminologei". The author(s) of the book is/are C C J H Bijleveld. The ISBN of the book is 9789462365704. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Methode en Technieken van Onderzoek in de Criminologei

  • 1.1 Waar gaat dit boek over?

  • dit boek focust op de methoden en technieken van criminologische onderzoek adv twee criteria. welke zijn dit?
    1. als gevolg van het object criminaliteit en een aantal objecteigen kenmerken is de methodologie voor criminologie uniek.
    2. er is sprake van een mate van algemeenheid van een bepaalde methodologie. 
  • 1.2 Criminaliteit en criminolgie

  • welk nadelen van de strafrechtelijke definitie van criminaliteit heeft gevolgen voor de methodologie van criminologische onderzoek?
    1. criminaliteit volgens de wet omvat niet alle criminele handelingen.
    2. de wet is niet stabiel over tijd en plaats.
    3. zelf in dezelfde tijd en plaats is er sprake van verandering. 
  • het object van de criminologie
    • de studie van het voorkomen van criminaliteit
    • het verklaren van het vóórkomen van die criminaliteit
    • de strafrechtelijke reacties daarop. 
    • de methodologie van onderzoek naar reacties op criminaliteit
    • de effectiviteit van sancties 
  • victimologie
    Victimology word ook wel slachtofferstudie genoemd. het is de empirische bestudering van het slachtofferschap.
  • slachtofferstudie kunnen naar hun functie ingedeeld worden in twee typen.
    1. de slachtofferstudie en sich: studie naar de gevolgen van delicten etc. 
    2. de instrumentele studie: niet echt geïnteresseerd in het slachtoffer zelf maar het nut van een slachtofferstudie voor informatie over delicten in nederland. 
  • 1.3.1 standaardclassificatie

  • wanneer zouden onderzoekers een standaardclassificatie gebruiken?
    wanneer onderzoekers voor hun onderzoek diverse typen sporten criminlaiteit onderscheiden gebruiken ze standaardclassifiacties.
  • waarom zouden onderzoekers een standaardclassificatie?
    de vergelijkbaarheid word hierdoor mogelijk. als verschillende onderzoekers dezelfde definitie gebruiken dan zou men hun onderzoeken kunnen vergelijken.
  • De CBS-standaardclassificatie
    obv. artikelen uit WvSr en andere wetten werd crimineel gedrag in 20 categorieën gedeeld. !!! voor onderzoek is er een betere indeling nodig of om niet nauw aan de wet te houden. 
    er is dus behoefte aan meer maatschappelijk kwalificaties. 
  • criminaliteit is een zeer grove verzamelterm en een fijne verdeling zoals de CBS is in de praktijk nog te grof. -> in de praktijk zullen we binnen artikelen uit het wb nader onderverdelingen maken, over classificaties heen.
  • 1.3.2 andere indelingen

  • naast de standaardclassificatie zijn er ook andere indelingen mogelijk:
    1. slachtofferloze delicten vs slachtofferhebbende delicten. 
    2. groepsdelicten vs individueel gepleegde delicten
    3. onderverdeling naar georganiseerdheid
    4. kenmerken van de daders of slachtoffers.
  • slachtofferloze delicten:
    bijv. rijden onder invloed of voorraad hebben van harddrugs.
  • het is niet altijd duidelijk of er sprake is van een slachtofferloos of slachtofferhebbend delict.
  • 1.4 kenmerken en doelen van wetenschap

  • kenmerken wetenschapper:
    1. waarheid
    2. objectief
    3. rationeel
    4. kenniswerving
    5. onafhankelijk vd persoon
  • objectiviteit:
    de onderzoeker is het medium waardoor de gegevens verkregen worden maar mag niet de verzamelende gegevens subjectief inkleuren. men neemt vaak genoeg met intersubjectiviteit: we streven niet naar absolute objectiviteit maar naar het bereiken van onafhankelijke onderzoekers die hetzelfde subjectieve oorkelen trekken uit een onderzoek.
  • rationaliteit:
    de theorieën waarmee we genomen verklaren moeten rationeel zijn: bepaalde regels volgen, uit logische redenaties opgebouwd zijn en niet onderling tegenstrijdige conclusies opleveren.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

er zijn 4 bedreigers voor de externe validiteit
  1. niet representatieve steekproef
  2. interactie testeffect en interventie
  3. interactie selectie en interventie
  4. interactie situatie en interventie
  5. reactieve factoren. 
bedreigers van de interne validiteit
wanneer factoren (anders dan de onafhankelijke variabelen) effect hebben op de afhankelijke variabelen.
welke problemen zijn er met propensity score matching?
  1. in het matchen gaan er respondenten verloren-> extremen
  2. de techniek voor het schatten van de prepositie score uitgaat van bepaalde aannames. 
matching
aantal variabelen binnen een groep moet gelijk zijn -> in elk blok moeten respondenten met dezelfde kenmerken zitten.
observationeel experiment
  1. bestaande groepen
  2. niet zelf interventie uitdelen
  3. alleen observeren
een klassiek experiment is zeldzaam binnen criminologie. waarom?
je hebt vaak te maken met bestaande groepen of met hidden populaties.
welke eisen heeft een klassiek experiment?
  1. voor en nameting
  2. 2 groepen die identiek zijn: E en C
  3. at random toegewezen
  4. zelf interventie toedienen
  5. onafhankelijk en afhankelijke variabelen. 
een oorzaak-gevolgverband is vaak niet eenduidig:
  • multiple oorzaken
  • reciproke causale reacties
  • supressor variabelen
interventie
een stimulus die gegeven wordt aan personen, organisaties, landen of groepen persoenen die tot doel heeft iets te veranderen bij die analyse eenheden.
construct validiteit
meten we wat we beogen te meten?