Summary Minor vermogensrecht en BPR Hogeschool Leiden

-
339 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Minor vermogensrecht en BPR Hogeschool Leiden

  • 1.1 Het aangaan van een overeenkomst

  • Rechtsregel Bunde/Erckens (het Misverstandarrest) (1976)
    Het algemene criterium uit dit arrest is de zin die partijen in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs uit elkaars verklaringen en gedragingen mochten afleiden en wat zij over en weer hebben verklaard. De overige vier criteria zijn:
    - Welke betekenis lag het meest voor de hand?
    - Kon de partij van de mest voor de hand liggende betekenis redelijkerwijs verwachten dat de wederpartij deze betekenis ook kende?
    - Was er sprake van deskundige bijstand?
    - Wat is, aan de hand van de partijbedoelingen, de meest logische uitkomst?
  • Rechtsregel Lindeboom/Amsterdam (1969)
    Een aanbod is onherroepelijk wanneer dit aanbod met een aanvaardingstermijn wordt gedaan.

    Degene die zijn aanbod onherroepelijk maakt, ontneemt zichzelf de bevoegdheid om alsnog te voorkomen dat door aanvaarding van het aanbod de overeenkomst tot stand komt.
  • Rechtsregel Hofland/Hennis (1981)
    Een advertentie waarin een individueel bepaalde zaak (specieszaak) voor een bepaalde prijs wordt aangeboden, moet worden gezien als een uitnodiging tot het doen van een aanbod. Advertenties waarin genuszaken worden aangeboden - denk aan een kilo tomaten of een pak melk - gelden wel als een aanbod in de zin van art. 6:217 BW.
  • Rechtsregel Hajjout/IJmah (1983)
    Voor een beroep op gerechtvaardigd vertrouwen geldt een onderzoeksplicht - de fidens moet zich er met redelijke zorg van vergewissen dat de ander zich van de strekking van zijn verklaring bewust is.
  • Rechtsregel Westhoff/Spronsen (1989)
    Indien een eenzijdige ontslagneming ingrijpende nadelige gevolgen voor een werknemer heeft en het niet-ontslaan van de werknemer geen nadeel voor de werkgever heeft, mag de werkgever de werknemer op grond van de redelijkheid en billijkheid niet ontslaan.
  • 1.1.2 Werkcollege 1

  • Definieer het begrip 'verbintenis'.
    Een verbintenis is een vermogensrechtelijke rechtsbetrekking tussen twee (of meer) personen, waarbij de één (schuldenaar/debiteur) verplicht is tot het leveren van een bepaalde prestatie tegenover de ander, die tot die prestatie is gerechtigd (schuldeiser/crediteur).
  • Definieer het begrip 'overeenkomst'.
    Een overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling, waarbij door op elkaar aansluitende wilsverklaringen van partijen tussen hen rechtsgevolgen ontstaan.
  • Definieer het begrip 'obligatoire overeenkomst'.
    De obligatoire (verbintenisscheppende) overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling waaruit een of mer partijen jegens een of mer andere partijen een verbintenis aangaan (art. 6:213 BW).
  • Definieer het begrip 'rechtshandeling'.
    Een rechtshandeling (art. 3:33 BW) is een op rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard. In beginsel stemmen wil en verklaring met elkaar overeen, maar dat hoeft (ook achteraf bezien) niet zo te zijn.
  • Definieer het begrip 'natuurlijke verbintenis'.
    Een natuurlijke verbintenis is een verbintenis die niet (meer) rechtens afdwingbaar is (art. 6:3 BW). 

    Bijvoorbeeld: een verjaarde vordering. Deze is niet (langer) juridisch afdwingbaar, maar vrijwillige voldoening van de vordering wordt niet als onverschuldigd aangemerkt.
  • Definieer het begrip 'voorwaardelijke verbintenis'.
    Art. 6:21 BW = een voorwaardelijke verbintenis is een verbintenis die van een toekomstige, onzekere gebeurtenis afhankelijk is gesteld.
  • Op welke wijzen kunnen verbintenissen ontstaan?
    Als hoofdindeling geldt: uit overeenkomst of uit de wet. 

    Voorbeelden verbintenissen die voortvloeien uit de wet: onrechtmatige daad, onverschuldigde betaling, schadevergoeding uit wanprestatie.
  • Welk kenmerkende verschil geldt tussen verbintenissen uit de wet en verbintenissen uit overeenkomst?
    Voor verbintenissen uit de wet geldt dat deze niet zijn beoogd, verbintenissen uit de wet zijn dat - in de regel - wel.
  • Noem de gronden voor het tenietgaan van verbintenissen.
    1. Door nakoming;
    2. Door gebleken nietigheid;
    3. De rechtshandeling is vernietigbaar en wordt vernietigd.
  • Wat is een vrijblijvend aanbod?
    Een aanbod met ruime herroepingsmogelijkheid, die zo ver strekt dat het aanbod zelfs onverwijld na aanvaarding nog kan worden herroepen

    Ook wel: herroepelijk aanbod met verzwakte werking.
  • Wat is een uitnodiging tot het doen van een aanbod?
    Hiervan is sprake als er onvoldoende duidelijkheid is over de belangrijkste verplichtingen met betrekking tot een overeenkomst. Dit geldt bijvoorbeeld wanneer de aangeboden zaak duidelijk omschreven is, maar de prijs ontbreekt. Bij specieszaken kan ook de persoon van de koper van belang zijn, aldus Hofland/Hennis.
  • Wat zijn de kenmerken van een schenkingsovereenkomst?
    Meerzijdige rechtshandeling; eenzijdige overeenkomst.
  • Wat is het verschil tussen verbintenissen uit overeenkomst en verbintenissen uit de wet?
    Rechtsgevolgen zijn bij de ene wel en bij de andere niet beoogd.
  • Wanneer is er sprake van een aanbod?
    Wanneer de voornaamste elementen van de inhoud van de overeenkomt erin zijn opgenomen. Bijv: 'wil je deze auto vandaag verkopen voor €2.000,-?' is een aanbod. 'Is deze auto te koop?' is dat niet.
  • Welke regel geldt ten aanzien van aanvaarden onder een wijzigingsbeding?
    Het beding moet opnieuw worden aanvaard. In casu is er sprake van verwerping van het originele aanbod en het doen van een nieuw aanbod. Moet vervolgens weer worden aanvaard.

    Belicht BEIDE kanten!
  • Welke regel bij het doen van een aanbod ten aanzien van een specieszaak?
    Bij individueel bepaalbare zaken kun je een advertentie niet opvatten als een aanbod maar als een uitnodiging om in onderhandeling te treden. Arrest Hofland/Hennis.
  • Wanneer vervalt een onherroepelijk aanbod?
    Door verwerping, art. 6:221 lid 2 BW.
  • Wat voor soort rechtsfeit is het opzeggen van de arbeidsovereenkomst?
    Eenzijdige, gerichte rechtshandeling.
  • Waar moet een werkgever aan voldoen wanneer een van zijn werknemers eenzijdig ontslag neemt?
    Aan zijn onderzoeksplicht, zie HR Hajjout/IJmah en Hasani/Van Woerden. Art. 3:33 jo. 35 BW. Ook: HR Westhof/Spronsen.
  • Welke rechtsregel vloeit voort uit het arrest HR Westhof/Spronsen?
    Indien een eenzijdige ontslagneming ingrijpende gevolgen voor een werknemer heeft en het niet-ontslaan van de werkgever geen aanwijsbaar nadeel voor de werkgever oplevert, mag de werkgever de werknemer op grond van de redelijkheid en billijkheid niet ontslaan. Daar komt nog bij: voldoen aan onderzoeksplicht.
  • Wanneer is een aanbod herroepelijk?
    Altijd, tenzij er een termijn aan gebonden is (art. 6:219 lid 1 BW).
  • Is een op=op aanbod een vrijblijvend aanbod?
    Ja.
  • Wanneer een verkoper niet expliciet vermeldt dat bij een aanbod sprake is van op=op én er een aanvaardingstermijn wordt gesteld (denk aan: 'actie loopt t/m 30 september'), is dit aanbod dan onherroepelijk?
    In casu kan zo'n aanbod niet worden herroepen en streng bekeken zou er bij aanvaarding een overeenkomst tot stand komen (ook al is de voorraad reeds uitgeput). 

    MAAR: in de rechtstheorie wordt in zijn algemeenheid aangenomen dat een openbaar aanbod geschiedt onder de voorwaarde 'zolang de voorraad strekt', ook als die voorwaarde niet expliciet wordt benoemd. Dat wordt pas anders als er duidelijk bij staat 'onbeperkt leverbaar' of iets dergelijks. 

    Beetje grijs gebied, goed beargumenteren waarom wel/geen ovk tot stand komt.
  • Welke omstandigheden zijn van belang bij het sluiten van een overeenkomst ten aanzien van een specieszaak?
    - de persoon van de koper;
    - vermelde voorwaarden en (niet) vermelde randvoorwaarden;
    - omstandigheden van het geval.
  • Waarvan is de kans van slagen van een beroep op gerechtvaardigd vertrouwen afhankelijk?
    De discrepantie tussen de wil en het verklaarde.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Hoe moet een conservatoir beslag worden aangevraagd?
Art. 700 e.v. Rv. De voorzieningenrechter moet hiervoor verlof geven. Er moet daartoe een verzoekschrift worden ingediend. De voorzieningenrechter bepaalt bij het toekennen van het verlof ook een termijn waarbinnen de eis in hoofdzaak moet worden ingesteld.
Wat is een dwangsom?
Een geldsom die bij rechterlijke uitspraak wordt vastgesteld. Deze som verbeurt de veroordeelde als hij aan de hoofdveroordeling niet voldoet. De dwangsom is bedoeld om veroordeelde tot nakoming van de veroordeling te prikkelen.
Wat is beslag onder een derde/derdenbeslag?
De beslaglegger wordt beschermd tegen rechtshandelingen van de geëxecuteerde mbt het beslagen goed. Daarnaast is betaling van de beslagen vordering of afgifte van het beslagen goed van onwaarde, art. 475 lid 1 sub a Rv.

Dat betekent dat de beslaglegger de executie onder de derde kan voortzetten alsof de betaling of afgifte niet is gebeurd.
Wat zijn de gevolgen van het leggen van beslag voor de zaak waarop het beslag ligt?
Rechtshandelingen mbt die zaak kunnen in beginsel geen nadeel toebrengen aan de rechten van de beslaglegger en niet tegen hem worden ingeroepen. Derden kunnen mogelijk wel een beroep op goede trouw doen.
Wat is een grosse?
Een authentiek in executoriale vorm afgegeven afschrift, waarop aan het hoofd de woorden 'in naam des konings' zijn vermeld. Alleen met de grosse kan de deurwaarder het vonnis betekenen en executeren (art. 430 lid 2 Rv).
Welke personen zijn bij de executie betrokken?
De tenuitvoerleggende/schuldeiser/executant/beslaglegger aan de ene kant;

De schuldenaar/geëxecuteerde/beslagene aan de andere kant.

Daarnaast spelen een rol: de deurwaarder, en soms de rechter (voor beslagverlof).
Wat is het verschil tussen conservatoir en executoriaal beslag?
Bij conservatoir (= bewarend) beslag kan al voordat een procedure wordt begonnen of beëindigd beslag worden gelegd ter voorkoming van het gevaar dat een schuldenaar ja vonnis geen vermogen (meer) heeft of vermogensbestanddelen heeft weggewerkt. Vermogensbestanddelen worden als het ware geparkeerd om er na vonnis gebruik van te maken bij de executie.

Executoriaal beslag is beslag dat pas na verkrijging van een vonnis kan worden gelegd.
Wat is executie?
De wettelijke tenuitvoerlegging van de inhoud van een vonnis. Een deurwaarder kan dwangmiddelen toepassen om datgene dat in het vonnis staat verwoord, af te dwingen.
Is voldoen aan een vonnis hetzelfde als berusten?
Nee, bijvoorbeeld betalen uit hoofde van een vonnis is geen berusting. Moet ondubbelzinnig worden uitgesproken. Art. 339 lid 2 Rv.
Wat is de appelgrens?
De regel uit art. 332 lid 1 Rv dat de vordering ten minste €1750,- moet bedragen om in hoger beroep te kunnen.