Summary MK1.1b

-
121 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "MK1.1b". The author(s) of the book is/are y. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - MK1.1b

  • 3.1 Inleiding

  • Wat omvatten reumatische ziektebeelden? 
    Aandoeningen van het skelet, de spieren en andere weke delen. Reumatische ziekten zijn pijnlijke, niet-traumatische aandoeningen van het bewegingsapparaat. 
  •  Hoe kunnen reumatische ziekten grofweg onderverdeeld worden?
    • Inflammatoire aandoeningen (bijv. reumatoide artritis);
    • Degeneratieve aandoeningen (bijv. arthrosis deformans);
    • Overige.
  • 3.2 Reumatische aandoeningen algemeen

  •  Wat zijn oorzaken van reumatische aandoeningen?
    De oorzaak kan liggen in het bewegingsapparaat, maar hiertoe worden ook de ziektebeelden gerekend waarvan de oorzaak elders is gelegen.
  • Hoe ziet het overzicht van reumatische ziekten eruit volgens de American College of Rheumatology (ACR)? 
    • Systemische bindweefselziekten;
    • Spondylartropathieën;
    • Artrose;
    • Reumatische syndromen gecombineerd met infecties;
    • Reumatische ziektes gecombineerd met metabole en endocriene ziekten;
    • Neoplasmata;
    • Neuromusculaire aandoeningen;
    • Bot- en kraakbeenaandoeningen;
    • Extra-articulaire aandoeningen.
  •  Wat zijn voorbeelden van systematische bindweefselziekten?
    • Reumatoide artritis (RA);
    • De meer zeldzame ziekten zoals systemische lupus erythematodes (SLE), sclerodermie en het syndroom van Sjögren.
  •  Wat zijn voorbeelden van Spondylartropathieën?
    • Ziekte van Bechterew;
    • Syndroom van Reiter;
    • Artritis psoriatica;
    • Artritis bij chronische darmaandoeningen.
  •  Welke soorten artrose zijn er?
     Primaire en secundaire.
  • Wat is kenmerkend voor reumatische aandoeningen gecombineerd met infecties?
    Dit zijn aandoeningen die direct het gevolg zijn van infecties en aandoeningen waarbij het micro-organisme niet in het gewricht kan worden aangetoond.               
  • Wat zijn voorbeelden van Reumatische aandoeningen met metabole en endocriene ziekten? 
     Jicht en pseudo-jicht.
  •  Wat is neoplasmata?
     Bindweefseltumoren en metastasen van tumoren elders in het lichaam.
  •  Voorbeeld van neuromusculaire aandoeningen?
     Het carpale tunnelsyndroom.
  •  Voorbeeld bot- en kraakbeenaandoeningen?
    Osteoporose. 
  •  Wat zijn extra-articulaire aandoeningen?
     Aandoeningen vaak samengevat onder de term wekedelenreuma.
  • 3.2.1 Symptomen

  •  Wat zijn de belangrijkste verschijnselen bij reumatische ziekten?
    Pijn en functiebeperking; het meest frequent betreft het klachten van de rug en gewrichten.
  • Waardoor wordt pijn in de gewrichten veroorzaakt bij reumatische ziekten?
    Door een proces in het gewricht (articulair) of dicht bij het gewricht (periarticulair). Daarnaast kan onderscheid gemaakt worden naar oorzaak: inflammatoir of mechanisch van origine.
  •  Wat is kenmerkend voor articulaire aandoeningen?
    Geven pijn ter hoogte van de gewrichtsspleet, gewrichtszwelling en een beperkte beweeglijkheid. De pijn is vooral aanwezig in het laatste stuk van het bewegingstraject van een gewricht.
  •  Wat is kenmerkend voor periarticulaire aandoeningen?
    Hierbij is de pijn locaal aanwezig ter hoogte van het weefsel dat is aangetast. De pijn neemt toe bij druk en bij bewegingen waar juist het aangetaste weefsel wordt gebruikt.
  •  Wat is kenmerkend voor inflammatoire aandoeningen?
    Gaan vaak gepaard met de kenmerkende verschijnselen van een ontsteking zoals warmte, roodheid en zwelling.
  • Wat is kenmerkend voor aandoeningen op basis van een mechanische oorzaak?
    Deze aandoeningen (bijv. sportongeval) kunnen ook gepaard zijn met een zwelling, maar de warmte en roodheid ontbreken. Slotklachten en een eventuele relatie met een recent trauma sturen onmiskenbaar naar een mechanische oorzaak.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Welke vormen van specifiek medicamenteuze therapie bij RA bestaan er? 
  • Chloroquinederivaten (antimalariamiddelen);
  • Goudzouten;
  • Penicillamine;
  • Corticosteroïden;
  • Cytostatica.
Naast deze strikt medicamenteuze therapie zijn er nog andere behandelingsmogelijkheden bij osteoporose, welke?
  • De patient wordt geadviseerd regelmatig lichamelijke activiteit te ontplooien.
  • 's Avonds een calciumrijke drank te nuttigen (het wordt aangeraden calcium vooral 's avonds te nemen, omdat 's nachts het calciumgehalte door het normale dag- en nachtritme het laagst is).
  • Regelmatig vitamine D te nemen. 
  • Naast dit alles wordt fysiotherapie voorgeschreven in de vorm van strekoefeningen in bed, leren met rechte rug uit bed te komen en dergelijke.
Naast oestrogeensubstitutie worden er inmiddels diverse andere geneesmiddelen gebruikt bij de behandeling van osteoporose, welke + functie + nadeel?
  • Anabole steroiden: stimuleren de botaanmaak en leiden gedurende de eerste twee jaar van het gebrui tot een toename van de botmassa. Het optreden van viralisatie echter vormt voor veel vrouwen een onoverkomelijk probleem.
  • Calcitonine: heeft eveneens een positief effect op de botmassa. Door de hoge prijs en de noodzaak van parenterale toediening wordt het in de praktijk nog weinig toegepast.
  • Bisfosfonaten en fluoride: hierover zijn nog onvoldoende gegevens bekend. Uit de voorlopige resultaten van enkele onderzoeken lijken de bisfosfonaten de botdichtheid van in het bijzonder de wervelkolom te doen toenemen en dus gunstig te zijn. (Bisfosfonaten (etidronaat, alendronaat) en fluoride zijn middelen die op dit ogenblik steeds vaker toegepast worden in de behandeling van osteoporose).
Het nadeel van deze therapie met oestrogenen (bij osteoporose) is de geringe therapietrouw: een paar jaar later gebruikt nog slechts 10 tot 20% van de vrouwen de medicijnen. Verklaar dit.
De redenen hiervan vormen onttrekkingsbloedingen, herhaalde gynaecologische controles en dergelijke, verhoogde curetagefrequentie, hysterectomie-ingrepen, de noodzaak van een mamografie (jaarlijks of tweejaarlijks) en kankervrees.
Wat zijn de risico's van de behandeling met oestrogeen bij osteoporose?
  • Het risico van borstkanker wordt door deze therapie niet of nauwelijks verhoogd.
  • De kans op endometriumcarcinoom is verhoogd (ter verkleining van dit risico combineert men oestrogenen met progestagenen).
  • Het risico op hart- en vaatziekten wordt er aanzienlijk door verkleind.

Tijdens de behandeling dient de vrouw wel nauwkeurig onder controle te blijven van de arts.
Wat is de behandeling voor vrouwen met een geringe botmassa rond de leeftijd van de menopauze? Waarom?
  • Zij krijgen het advies oestrogenen te gebruiken (al dan niet in combinatie met progestativa).
  • Zolang men oestrogeensubstitutie toepast, wordt hierdoor het postmenopauzale botverlies grotendeels of geheel voorkomen en in belangrijke mate het optreden van fracturen, mits de behandeling ten minste vijf jaar (bij voorkeur tien tot vijftien jaar) wordt volgehouden.
Hoe kan osteoporose in de vroege fase worden opgespoord?
Het is tegenwoordig mogelijk op betrekkelijk eenvoudige, betrouwbare en voor de patient aanvaardbare manier de botmassa te meten. Dit kan met behulp van de botdensitometrie.
Wat is met bloedonderzoek bij osteoporose vast te stellen?
  • Het calcium-, fosfaat- en alkalische-fosfatasegehalte in het bloed is normaal. 
  • De uitscheiding van calcium via de nieren is soms verhoogd. 
  • Bij fracturen is het alkalische-fosfatasegehalte in het bloed wel verhoogd.
Hoe kun je osteoporose vaststellen?
  • Een uitgesproken osteoporose kan met behulp van een rontgenonderzoek onmiskenbaar worden aangetoond. 
  • Om een verhoogde doorlaatbaarheid van rontgenstralen door het bot te kunnen aantonen, moet een groot deel van het kalk verloren zijn gegaan (ongeveer 30%). 
  • Naast deze verhoogde doorlaatbaarheid treden er andere veranderingen in het rontgenbeeld op die al eerder zichtbaar worden.
Wat zijn de symptomen bij osteoporose?
  • De patient wordt kleiner vanwege het 'inzakken' van de wervelkolom.
  • Ook verkrommingen treden op.
  • Pijnklachten zijn vooral aanwezig indien een wervel inzakt, meestal ten gevolge van geringe trauma of plotselinge krachtsinspanning (de stevigheid van de botten is dan te gering geworden voor de kracht van de spieren). Pijn kan ook meer continu aanwezig zijn of geheel ontbreken.
  • Vanwege de verminderde  stevigheid van het skelet kunnen spontane fracturen optreden. Een verkeerde beweging die voor jongere volwassenen niets betekent kan bij de (hoog)bejaarde patient een fractuur tot gevolg hebben. Berucht in dit kader zijn de fracturen van de dijbeenhals, die vrij makkelijk optreden bij oudere vrouwen.