Summary Nederlands burgerlijk procesrecht

-
452 Flashcards & Notes
4 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Nederlands burgerlijk procesrecht
  • Prof H J Snijders
  • or
  • 6th

Summary - Nederlands burgerlijk procesrecht

  • 1 Algemene inleiding

  • Wat zijn de kenmerken van het burgerlijk procesrecht?
    1. recht van gemengd publiekrechtelijke en privaatrechtelijke aard;
    2. burgerlijk procesrecht is grotendeels formeel recht;
    3. kenmerkend voor het burgerlijk procesrecht is ook een zekere dwangmatigheid.
  • Wat houdt recht van gemengd publiekrechtelijke en privaatrechtelijke aard precies in?
    Handhaving van privaatrecht is een staatstaak en de regels op dat gebied zijn tot het publiekrecht te rekenen. Het is tevens privaatrecht in die zin dat het gaat om een instrumentarium voor verwezenlijking van privaatrechtelijke rechten en verplichtingen.
  • Wat wordt er bedoeld met dat burgerlijk recht grotendeels formeel recht is?
    Het betreft niet de inhoud van rechten en verplichtingen ( het materieel recht) maar de vorm waarin die rechten en verplichtingen verwezenlijkt kunnen worden. Burgerlijk procesrecht is ruim, ook de voorfase en de nafase van het burgerlijk proces vallen eronder.
  • Burgerlijk procesrecht omvat de:
    Regels over de wijze van procesvoering binnen het privaatrecht.
  • Het materiele burgerlijk recht omvat:
    Inhoudelijke rechten en plichten.
  • Ons Nederlands burgerlijk procesrecht is voornamelijk geregeld in:
    - het wetboek van burgerlijke rechtsvordering;
    - wet op de rechterlijke organisatie.
  • Waar het materiele burgerlijk recht bepaalt welke rechten en plichten iemand heeft, geeft het formele burgerlijk recht antwoord op de vraag volgens welke procedureregels deze rechten en plichten kunnen worden geëffectueerd, vastgesteld, tot stand gebracht, gewijzigd en beëindigd.
  • Hoofdzakelijk kent Nederland twee soorten civiele procedures:
    - de dagvaardingsprocedure;
    - de verzoekschriftprocedure.
  • Wat zijn de verschillen tussen de dagvaardingsprocedure en de verzoekschriftprocedure?
    Dagvaardingsprocedure:
    - wordt namens de eisende partij door een gerechtsdeurwaarder aan de wederpartij uitgebracht en is ook gericht aan de wederpartij;  
    - kent meer formaliteiten;
    - accent ligt op de schriftelijke vorm;
    - er worden meer processtukken gewisseld;
    - men spreekt van het instellen van (acties) rechtsvorderingen.

    Verzoekschriftprocedure:      
    - wordt door de verzoeker ter griffie ingediend en is aan de rechter gericht;
    - minder formaliteiten;
    - accent ligt op de mondelinge vorm;
    - minder processtukken;
    - men spreekt van indiening van verzoeken.
  • Degene die een procedure aanhangig maakt krijgt een herkansing, artikel 69 Rv.
  • Wat is het verschil tussen de contentieuze en voluntaire jurisdictie?
    De contentieuze jurisdictie: betreft uitspraken in geschillen tussen partijen.
    De voluntaire jurisdictie: is burgerlijke rechtspraak in zaken waarbij er geen sprake is van een juridisch geschil. Deze vorm van rechtshandhaving komt voor als een wijziging in iemands rechtstoestand wordt beoogd, zoals bij onder-curatele-stelling of de benoeming van een voogd. Voluntaire jurisdictie vindt plaats op basis van verzoekschriftprocedures.
  • 1.2 Functies en Desiderata

  • Het burgerlijk procesrecht heeft vijf functies:
    - rechtsverschaffing ( d.w.z. rechtshandhaving en rechtsbescherming);
    - de bedreigingsfunctie;
    - de politionele functie (voorkomen van eigenrichting);
    - rechtsontwikkeling;
    - rechtseenheid.
  • Wat houdt de bedreigingsfunctie van het burgerlijk procesrecht precies in?
    Laat zich kenschetsen als 'de stok achter de deur'. De middelen die het burgerlijk procesrecht biedt, zoals het instellen van een vordering, kunnen een preventieve werking hebben. Onder dreiging van een gerechtelijke procedure zijn burgers vaak bereid om (alsnog) vrijwillig hun plichten te vervullen.
  • Wat houdt de politionele functie precies in?
    Voorkomen van eigenrichting is een belangrijke functie van het burgerlijk procesrecht. Eigenrichting houdt in dat een persoon zelf en met eigen middelen zijn recht gaat halen zonder hulp van de overheid en zonder dat hem daartoe een wettelijke bevoegdheid is gegeven.
  • Wat zijn CRR's?
    Collectieve rechtersregelingen. Dit zijn regelgevende vormen van rechterlijke samenwerking. Voorbeelden hiervan zijn:

    - de kantonrechtersformule voor de hoogte van de te bepalen vergoedingen bij beëindiging van arbeidsovereenkomsten op de voet van 7:685 BW ( gouden handdrukken);
    - de CRR's voor alimentatie;
    - criteria voor beslissingen tot schuldsanering van natuurlijke personen.
  • Zijn CRR's bindend?
    CRR's mogen formeel niet binden, maar de rechter volgt deze vaak.
  • Rechtseenheid bevordert de rechtszekerheid in de zin van voorspelbaarheid van toekomstige rechterlijke uitspraken.
  • Al deze functies vereisen een adequate burgerlijke rechtspleging. Deze lijkt bereikbaar door:
    Optimale verwezenlijking van desiderata van de rechtspleging.
  • Noem de desiderata van de rechtspleging:
    - kwaliteit (zorgvuldigheid);
    - kwantiteit ( voldoende aanbod van rechtspraak en rechtshulp);
    - eenvoud;
    - snelheid;
    - prijsvriendelijkheid.   

    Problematisch is echter dat deze desiderata kan conflicteren.
  • Hoe wordt het burgerlijk proces door justiabelen en hun rechtshulpverleners beschouwd?
    Het burgerlijk proces wordt door justitiabelen en hun rechtshulpverleners beschouwd als ‘ultimum remedium (laatste redmiddel)’.
  • Wat geniet voor justiabelen en hun rechtshulpverleners de voorkeur boven een burgerlijk proces?
    Een regeling in der minne (schikking) verdient de voorkeur.
  • Geldt het principe van ultimum remedium (laatste redmiddel)’ ook voor proefprocessen?
    Anders ligt dit alles voor proefprocessen, die primair gevoerd worden om voor een grote groep gevallen enige duidelijkheid omtrent de inhoud van het recht te verkrijgen. Dergelijke proefprocessen behoeven niet per se een laatste redmiddel te vormen.
  • Wat is een andere oplossing voor geschillen?
    Een andere oplossing van geschillen is mediation.
  • Wat houdt mediation in?
    Het gaat hier om een gestructureerde bemiddeling door een derde, waarbij partijen proberen onder leiding van die derde tot een oplossing van hun conflict in der minne te komen, bij gebreke waarvan alsnog het burgerlijk proces in klassieke zin kan worden verkozen.
  • Kent de mediatie ook de vijf vermelde functies van het burgerlijk procesrecht?
    De mediatie kent niet de 5 vermelde functies van het burgerlijk procesrecht (afgezien van de functie van voorkoming van eigenrichting). Een functie hiervoor is dus ook voorkoming van eigenrichting. In plaats daarvan kent mediatie de functie van conflictoplossing.
  • Waarbij gelden de vijf functies van het burgerlijk procesrecht nog meer?
    Voor de arbitrage en het bindend advies als particuliere vormen van bindende geschilbehandeling door derden gelden de 5 vermelde functies wel. Alleen de functies van rechtsontwikkeling en rechtseenheid komen hier bij gebreke van centrale instanties zoals de Hoge Raad minder tot hun recht.
  • Soms is een procesfiguur niet te associëren met de functie van conflictoplossing maar gaat het alleen om oplossing van andere problemen van partijen. Dat is aan de orde bij:
    voluntaire jurisdictie van de overheidsrechter, bij de arbitrage buiten geschil (art. 1020 lid 4 Rv), en bij het zuiver bindend advies (koper en verkoper hebben bijvoorbeeld arbiters of bindend adviseurs opgedragen de kiloprijs te bepalen voor een partij graan). Het is ook aan de orde bij facilitation. Dit is een vorm van gestructureerde bemiddeling tussen partijen die een probleem hebben zonder dat er gesproken kan worden van een conflict.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Nederlands burgerlijk procesrecht
  • H J Snijders, C J M Klaassen, G J Meijer
  • 9789013080384 or 9013080383
  • 5e [herz.] dr.

Summary - Nederlands burgerlijk procesrecht

  • 1 Algemene inleiding

  • Wat zijn de kenmerken van het burgerlijk procesrecht?

    Het laat zich kenmerken als recht van gemengd publiekrechtelijke en privaatrechtelijke aard.

  • Welke twee soorten civiele procedures kent Nederland hoofdzakelijk? Licht toe.
    1. Dagvaardingsprocedure: richt zich direct tot wederpartij
    2. Verzoekschriftprocedure/rekestprocedure: richt zich tot de rechter
  • Strafprocesrecht en bestuursprocesrecht zijn in het algemeen zuiver publiekrechtelijk van aard.

  • Wat is het verschil tussen de contentieuze jurisdictie en voluntaire jurisdictie?
    Contentieuze jurisdictie(ook wel eigenlijke jurisdictie): ziet op uitspraken in geschillen tussen partijen(VD koopcontract, OD etc.)
    Voluntaire jurisdictie(oneigenlijke jurisdictie): er is geen geschil. VB benoeming van een voogd door een rechter
  • Wat zijn de vijf functies van het burgerlijk procesrecht?
    1. Rechtsverschaffing
    2. Bedreiging die mogelijk uit gaat van de mogelijke toepassing
    3. Politionele functie
    4. Rechtsontwikkeling
    5. Rechtseenheid
  • Licht de rechtsverschaffingsfunctie toe.
    Rechtverschaffen: het tot leven roepen van rechten en verplichtingen
    De rechter kan op een vijftal manier recht verschaffen:
    1. Door vaststelling->VB  wie eigenaar van een auto is->uitspraak=declaratoir=bevestiging van een al bestaande rechtsverhouding
    2. Totstandbrenging->VB benoeming voogd->uitspraak=constitutief
    3. Wijziging->VB wijziging van door pp. overeengekomen huurprijs->uitspraak=constitutief
    4. Beëindiging->VB ontbinding arbeidsovereenkomst->uitspraak=constitutief
    5. Effectuering->VB veroordeling tot betaling koopprijs->uitspraak=condemnatoir=veroordelend
    Stel dat de verliezende partij niet aan de rechterlijke uitspraak voldoet->executiemiddelen: middelen om een uitspraak zonodig tegen de wil van de veroordeelde ten uitvoer te leggen
  • Licht de bedreigingsfunctie van het BPR toe.
    'De stok achter de deur'
    ->preventieve functie
    ->versterking onderhandelingspositie partijen

    Ook negatieve bedreigingfunctie: een partij kan het ook gebruiken om druk te zetten op de wederpartij om meer te krijgen dan waar hij recht op heeft
    ->naar gelang de posities van de betrokken partijen ongelijkwaardiger zijn, neemt deze negatieve invloed toe
  • Licht de politionele functie toe.
    Bescherming tegen eigen richting
  • Licht de rechtsontwikkelingsfunctie toe.
    Invulling, uitleg en aanvullen van (open normen in) de wet
    ->wetgever maakt uitdrukkelijk van deze functie gebruik
  • Licht de rechtseenheidsfunctie toe.
    De inzichten van rechters verschillen nogal eens met betrekking tot het privaatrecht. Door eventueel hoger beroep en cassatie kunnen deze corrigeert worden om de rechtseenheid te bewaken.
  • 1.1 Rechtsterreinverkenning

  • Burgerlijk procesrecht heeft als kenmerk recht van gemengd publieksrechtelijke en privaatrechtelijke aard. Handhaving van privaatrecht is een staatstaak. De regels ter beinvloeding van subjectieve, privaatrechtlijke rechten en verplichtingen kan men dan ook tot het publieksrecht rekenen. Burgerlijk procesrecht is tevens privaatrecht, omdat het verhouding tussen burgers en burgerlijke rechtspersonen reguleert. 
    Burgerlijk recht is voorts grotendeels formeel recht., betreft voornamelijk de vorm waarin men rechten en verplichtingen kan verwezenlijken.
    Kenmerkend burgerlijk procesrecht: 
    zekere dwangmatigheid: dat de enen persoon de ander kan dwingen tot een procedure en tot het ten uitvoer laten leggen van een uitspraak in die procedure. En  ook omdat een rechtsgevolg in het geheel niet buiten de overheidsrechter om te realiseren is.
  • Wat zijn de verschillen tussen de dagvaardingsprocedure en een verzoekschriftprocedure?
    1. Dagvaarding wordt namens de eisende partij door een deurwaarder aan de wederpartij uitgebracht en is ook aan die wederpartij gericht. Het verzoekschrift wordt door de verzoeker ter griffie ingediend en is aan de rechter gediend.
    2. Dagvaardingsprocedure kent meer formaliteiten
  • Wat houdt het burgerlijk procesrecht in?
    Het is het rechtsgebied dat middelen aangeeft en reguleert voor het verwezenlijken van privaatrechtelijke rechten en verplichtingen van rechtssubjecten door van overheidswege gesanctioneerde, min of meer dwangmatige tussenkomst van derden.
  • Andere termen voor burgerlijk procesrecht?
    burgerlijke rechtsvordering, burgerlijk rechtspleging
  • Wat verstaat men onder het verwezenlijken van privaatrechtelijke rechten en verplichtingen?
    Dit is samengevat het:
    - Vaststellen
    - Tot stand brengen
    - Wijzigen
    - Beëindigen
    - Effectueren
    van privaatrechtelijke rechten en verplichtingen van rechtssubjecten.
  • Wat zijn de kenmerken van het burgerlijk procesrecht?
    - Het is recht van gemengd publiekrechtelijke en privaatrechtelijke aard.
    - Het is grotendeels formeel recht.
    - Het is ruimer dan dat van het recht met betrekking tot het burgerlijk proces zelf: ook de voor- en nafase vallen eronder.
    - Het is een recht van zekere dwangmatigheid.
  • Welke twee soorten civiele procedures kent Nederland hoofdzakelijk? Licht toe.
    1. Dagvaardingsprocedure
    2. Verzoekschriftprocedure/rekestprocedure: 
  • Waaruit blijkt dat het burgerlijk procesrecht van gemende aard is?
    Publiekrechtelijk omdat handhaving van privaatrecht een staatstaak is. De regels ter beïnvloeding van subjectieve, privaatrechtelijke rechten en verplichtingen kan men dan ook tot het publiekrecht rekenen.

    Privaatrechtelijk omdat het de procesrechtsverhouding tussen burgers en burgerlijke rechtspersonen reguleert.
  • Wat zijn de verschillen tussen de dagvaardingsprocedure en een verzoekschriftprocedure?
    1. Rechtsingang: Dagvaarding wordt namens de eisende partij door een deurwaarder aan de wederpartij uitgebracht en is ook aan die wederpartij gericht. Het verzoekschrift wordt door de verzoeker ter griffie ingediend en is aan de rechter gediend.
    2. Dagvaardingsprocedure kent meer formaliteiten
    3. Het accent ligt bij de dagvaardingsprocedure iets meer op de schriftelijke i.p.v. de mondelinge vorm.
    4. De dagvaardingsprocedure is gefragmenteerder (worden meer processtukken gewisseld).
    5. De verzoekschriftprocedure verloopt in het algemeen sneller en is goedkoper.
    6. De dagvaardingsprocedure is met meer procedurele waarborgen omkleed (minder foute beslissingen).
  • Waaruit blijkt dat het burgerlijk procesrecht formeel recht is?
    Het betreft niet de inhoud van rechten en verplichtingen, maar vooral de vorm waarin men die rechten en verplichtingen kan verwezenlijken.

    De grens tussen burgerlijk recht en burgerlijk procesrecht valt echter niet geheel samen met die tussen materieel en formeel recht.
  • Wat is het verschil tussen de contentieuze jurisdictie en voluntaire jurisdictie?
    Contentieuze jurisdictie (ook wel eigenlijke jurisdictie): ziet op uitspraken in geschillen tussen partijen (vb: koopcontract, OD, nalatenschap etc.). Meestal op basis van dagvaardingsprocedures, maar ook wel op basis van verzoekschriftprocedures.

    Voluntaire jurisdictie (oneigenlijke of extrajudiciële jurisdictie): er is geen geschil. Vb: buiten enig geschil benoeming van een voogd door een rechter. Op basis van verzoekschriftprocedure.
  • Waaruit blijkt dat het burgerlijk procesrecht een zekere dwangmatigheid is?
    Het is dwangmatig is die zin dat de ene persoon de ander kan dwingen tot een procedure en tot het ten uitvoer (laten) leggen van een uitspraak in die procedure.

    Het is ook dwangmatig is die zin dat een rechtsgevolg soms in het geheel niet buiten de overheidsrechter om te realiseren is. In zoverre heeft de overheidsrechter dan een monopoliepositie.
  • Wat verstaat men onder het subjectieve recht?
    De materiële aanspraak van de schuldeiser. (Verkoper heeft aanspraak op de koopprijs van een product.)
  • Wat verstaat men onder het vorderingsrecht?
    Het recht om zo nodig in rechte aanspraak te maken op een subjectief recht. (Verkoper heeft het recht via een procedure ten overstaan van de rechter dat subjectieve recht te effectueren.)

    Ook wel actierecht en ius agendi genoemd.
  • Wat verstaat en onder de rechtsvordering?
    De processuele handeling zelf. (Als de verkoper de koper inderdaad dagvaardt voor de rechter spreekt men van het instellen van een rechtsvordering.)

    Ook wel actie en actio genoemd.
  • Welke twee civiele procedures kent Nederland?
    - Dagvaardingsprocedure
    - Verzoekschriftprocedure
  • Wat zijn de verschillen tussen deze twee procedures?
    - Ze verschillen qua rechtsgang: de dagvaarding wordt namens de eisende partij door een gerechtsdeurwaarder aan de wederpartij uitgebracht en is ook aan die wederpartij gericht. Het verzoekschrift wordt daarentegen door de verzoeker ter griffie ingediend en is aan de rechter gericht.

    - De dagvaardingsprocedure kent meer formaliteiten dan de verzoekschriftprocedure.

    - Het accent ligt bij de dagvaardingsprocedure, iets meer dan bij de verzoekschriftprocedure, op de schriftelijke in plaats van de mondelinge vorm.

    - De dagvaardingsprocedure is gefragmenteerder dan de verzoekschriftprocedure.
  • Noem van beide procedures een voordeel.
    - De verzoekschriftprocedure verloop sneller en is voor justitie en justitiabelen goedkoper.

    - De dagvaardingsprocedure is met meer procedurele waarborgen omkleed en zal dus minder foute beslissingen opleveren.
  • Wat verstaat men onder contentieuze jurisdictie?
    Uitspraken die zien op geschillen tussen partijen. Bijv: een onrechtmatige daad.
  • Wat verstaat men onder voluntaire jurisdictie?
    Uitspraken die strekken tot bepalingen van rechtsbetrekkingen die niet in geschil zijn. Bijv: benoeming van een voogd door de rechter.
  • Volgens welke procedure vinden contentieuze en voluntaire jurisdictie plaats?
    Voluntaire jurisdictie vindt plaats op basis van verzoekschriftprocedures.

    Contentieuze jurisdictie meestal op basis van dagvaardingsprocedures maar ook wel op basis van verzoekschriftprocedures. De laatste zijn in wezen gelijk aan te stellen rechtsvorderingen, ook al pleegt men deze toch nog verzoeken te noemen.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat dient er te gebeuren nadat het verzoekschrift is opgesteld?
De advocaat van de verzoeker ondertekent het en dient het in bij de griffie.
Mag de rechter een ontkenning passeren? Noem het juiste wetsartikel.
Wil een ontkenning in rechte effect sorteren in die zin dat de rechter haar serieus neemt, dan dient zij gemotiveerd te zijn: een ‘blote’(niet of onvoldoende gemotiveerde) ontkenning mag de rechter passeren art. 149.
Wat valt onder niet beslagrechtelijke executoriale maatregelen?
Als niet beslagrechtelijke executoriale maatregelen vallen tenslotte de indirecte executiemiddelen te noemen: lijfsdwang of gijzeling (art. 585-589) en de dwangsom (art. 611a-i).
De dwangsom vervult vooral een nuttige functie daar waar reële executie via het executoriaal beslag of een ander direct executiemiddel niet mogelijk is.
Wat behoort nog meer tot de reëele en directe executiemiddelen?
Ook de tenuitvoerlegging m.b.v. de ‘sterke arm’ (politieambtenaren of militairen) bijv. bij de ontruiming van een kraakpand vormt een reel en direct executiemiddel (art. 555-558 jis. 444 Rv).
Idem de executie tot afgifte van art. 491 Rv, een novum.
Andere executoriale maatregelen dan beslag zijn?
Tot de niet beslagrechtelijke, directe executiemiddelen behoort ook de tenuitvoerlegging op basis van een rechterlijke machtiging door de schuldeiser zelf.
Wie bijv. weigert een garage af te breken die voor een groot deel op grond van zijn buurman is gebouwd, dit in strijd met een rechterlijke veroordeling, dan kan de buurman aan de rechter vragen hem te machtigen, zelf op kosten van de veroordeelde die garage (af) te doen breken; vgl. voor deze reële executie art. 3:299 BW.
Wanneer mag de deurwaarder executoriaal beslag leggen?
Executoriaal beslag mag de gerechtsdeurwaarder niet leggen dan nadat hij de daartoe machtigende executoriale titel aan de veroordeelde heeft betekend: vgl. art. 430 lid 3 Rv.
Wat moet de schuldeiser doen als hij het beslagobject effectief wilt gaan gebruiken?
Wil de schuldeiser het beslagobject vervolgens effectief gebruiken, hetzij door zich erop te verhalen hetzij door afgifte te verkrijgen, dan zal de veroordelende uitspraak of een ander inmiddels verkregen executoriale titel eerst aan de schuldenaar betekend dienen te worden (art. 430 lid 3 Rv resp. art. 704 lid 1).
Met de verlofbeschikking van de voorzieningenrechter legt de schuldeiser vervolgens beslag, d.w.z. legt een gerechtsdeurwaarder in opdracht van de advocaat van de schuldeiser beslag (art. 702 Rv). Wat dient er vervolgens te gebeuren?
Binnen een door de voorzieningenrechter te bepalen termijn moet de schuldeiser daarna zijn hoofdvordering instellen (art. 700 lid 3 Rv). Wordt de hoofdvordering onherroepelijk afgewezen dan vervalt daarmede ook het beslag (art. 704 lid 2 Rv).
Andere conservatoire maatregelen dan beslag zijn:
Bijvoorbeeld de z.g. verzegeling van art. 658 e.v. Rv, nog daargelaten dat de wet slechts toepassing op het terrein van de nalatenschap en de gemeenschap mogelijk maakt. De boedelbeschrijving speelt een belangrijke rol in verband met de afwikkeling van nalatenschappen, zie art. 671 e.v. Rv.
Neemt de gerechtsdeurwaarder die conservatief of executoriaal beslag legt het goed ook echt onder zijn hoede?
De gerechtsdeurwaarder die conservatoir of executoriaal beslag legt, kan het beslagen goed niet onder zijn hoede nemen. Wil het goed aan de feitelijke macht van de schuldenaar onttrokken worden, dan zal naast het conservatoire executoriale beslag nog een extra conservatoire maatregel geïndiceerd kunnen zijn: aanstelling van een gerechtelijke bewaarder. Die gerechtelijke bewaring is geregeld in art. 853-861, 445-446, 492 lid 3, 506 en 709 Rv.