Summary Nu Zorg; Persoonlijke Zorg

-
256 Flashcards & Notes
11 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Nu Zorg; Persoonlijke Zorg". The author(s) of the book is/are Addie Roetman. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Nu Zorg; Persoonlijke Zorg

  • 12 Het Lichaam

  •  Wat is anatomie
    de leer vd bouw van het lichaam. uit welke onderdelen bestaat t lichaam. Welke lichaamsfuncties zijn er; fysiologie.
  • waaruit bestaat een cel
    is omgeven door een celwand en bevat celvloeistof of cytoplasma. In t cytoplasma bevinden zich organellen en de kern vd cel. Celkern regelt voorziening v energie/nieuwe eiwitten en hormonen mk/afvalstoffen verwerken/celdeling
  • wat zijn de functies vd celwand

    - ervoor zorgen ongewenste stoffen de cel niet in kunnen

    - ervoor zorgen dat t eigen afweersysteem  de cel niet aanvalt

  • waar bestaat de celkern uit
    bevinden zich chromosomen. alle menselijke cellen bevatten 23 paar chromosomen. Hier zitten onze erfelijke eigenschappen. Bestaan uit lange DNA draden. DNA bevat erfelijke eigenschap, stukje dna heet gen. Op 1 chromosoom bevinden zich duizenden genen.
  • wat is celdeling
    cellen delen zich tbv de groei en om verloren cellen te vervangen. Tijdens celdeling zijn chromosomen kwetsbaar. Sommige celsoorten delen zich vaak, andere na de geboorte niet meer
  • Wat is belangrijk bij bloedtransfusie
    met de eiwitten op de rode bloedcellen bepaal je welke bloedgroep iemand heeft. Als iemand een bloedtransfusie krijgt met bloed van een niet passende bloedgroep treedt een transfusiereactie op,
  • welke 5 weefsels ( groep cellen met dezelfde bouw en functies ) zijn

    -dekweefsel of epitheel ( bekleedt de binnen en buitenkant v organen en t vormt klieren )

    - steunweefsel ( zorgt voor stevigheid ) weinig cellen maar ertussen stoffen voor stevigheid.  zoals bind weefsel botweefsel en kraakbeenweefsel.

    - spierweefsel ( verzorgt bewegingen vt lichaam. drie soorten spierweefsels , dwarsgestreepte spierweefsel en is vermoeibaar/ gladde spierweefsel en in de inwendige organen en zijn onvermoeibaar/ hartspierweefsel en dit is dwarsgestreept en onwillekeurig en alleen in t hart en onvermoeibaar

    -zenuwweefsel ( voor geleiding v prikkels. Zenuwweefsel bestaat uit zenuwcellen, bevindt zich in hersenen, ruggenmerg en zenuwknopen

    -transportweefsel ( dit is t bloed die transporteert stoffen door t hele lichaam en zorgt voor de afweer tegen allerlei schadelijke stoffen die ons lichaam binnendringen )

  • wat zijn orgaan stelsels
    opgebouwd uit verschillende organen die samen een bepaalde functie hebben in t lichaam. Sommige werken autonoom ( vegetatief, werken van zelf ook wanneer iemand in coma is. ) Dit zijn t circulatie stelsel/ ademhalingsstelsel, spijsverteringsstelsel en t uitscheidingsstelsel. Om alles goed op elkaar af te stemmen gaat via het zenuwstelsel en het hormoonstelsel.
  • Waaruit bestaat t circulatie stelsel?
    Het hart, bloedvaten, bloed, lymfebanen en lymfeklieren. Het gaat om t transport, hart is de pomp, bloedvaten zijn de transportwegen en het bloed is t vervoersmiddel. Het lymfestelsel zorgt mede voor de afweerfunctie.
  • Wat doet t hart

    centrale pomp vd kleine en grote bloedsomloop. Het houdt de bloedstroom op gang en is opgebouwd uit 4 delen: 2 boezems en 2 kamers. Tussen de kamers en boezems bevinden zich hartkleppen, ook wel de AV kleppen. Deze zorgen ervoor dat t bloed alleen vanuit de boezems naar de kamers stroomt en niet andersom..

    Het hartzakje beschermt het hart tijdens het kloppen tegen t schuren langs het ernaast gelegen longweefsel. De hartspier wordt van bloed voorzien door de kransslagaderen, zijn de eerste aftakkingen vd aorta. Wanneer de kransslagader verstopt raakt spreek je van een hartinfarct

  • Wat is t verschil tussen grote en kleine bloesdomloop

    Hart is de centrale pomp tussen de grote en kleine bloedsomloop.

    De grote bloedsomloop of grote circulatie voorziet alle lichaamscellen v voeding en zuurstof en begint in de linkerhartkamer naar de rechterboezem, en vanuit hier nr de rechterhartkamer.

    De kleine bloedsomloop zorgt voor zuurstof in t bloed wordt opgenomen en koolzuur uit het bloed wordt verwijderd.. Begint de kleine circulatie in de rechterhartkamer. uiteindelijk wordt t zuurstofrijke bloed opnieuw de grote bloedsomloop in gepompt.

     

    Het hart klopt normaliter 70 slagen per minuut. Dit verloopt via de sinusknoop.

  • Wat kunnen we zeggen over de bloedvaten

    3 soorten bloedvaten: - slagaders/ aders/ haarvaatjes.

    een slagader of arterie is een bloedvat dat bloed van t hart afvoert.

    Een ader of vene is een bloedvat dat bloed naar t hart toevoert. Wanneer druk in aders oplopen gaan ze lubberen en krijg je spataderen.

    Een haarvat of capillair is t kleinste bloedvaatje  waar stoffen worden uitgewisseld tussen het bloed en de weefsels. Haarvaten voeren afvalstoffen af.

     

    Het bloed vervoert allerlei stoffen zoals  eiwitten/ mineralen/ afvalstoffen/ giftige stoffen/hormonen/ voedings en energie stoffen.

  • Wat kunnen we leren van bloed

    Mens bestaat uit 55% vocht en verder uit bloedplasma en bloedcellen. We hebben ong 5 tot 6 liter bloed in ons.

    Bloed bestaat uit bloedvloeistof ( bloedplasma ) en bloedcellen.

    Bloedplasma , als je onstolbaar gemaakt bloed laat staan dan vormt zich boven een laag vloeistof, het plasma en daaronder een laag bloedcellen.

    Bloedserum , als je bloed laat stollen dan vormt zich een stolsel en een vloeistof. De vloeistof heet serum.

     

     

  • Wat doen bloedcellen en bloedplaatjes

     De meeste bloedcellen ( ery 's )  zijn rood en zij vervoeren zuurstof. Zij bevatten rode bloedkleurstof ook wel hemoglobine genaamd. Om dit aan te mk is ijzer nodig. Een tekort hieraan heet bloedarmoede.

    Eiwitten op de ery's, bloedgroep A.  Heeft hij bloedgroep B dan bevat de ery's het B eiwit. Heeft hij allebei danheeft hij bloedgroep AB. Geen van beide heeft hij bloedgroep O.  Iemand met bloedgroep A heeft antistoffen B.

     

    Witte bloedcellen of leukocyten zijn nodig voor de afweer dus ons lichaam beschermen tegen indringers.

    Je hebt 2 groepen

    - granulocyten komen het meest voor en wanneer deze een vreemde stof tegenkomt dan eet hij deze op. Ze eten bacterien .

    - lymfocyten doden ook vreemde stoffen maar door er antistoffen tegen te maken. Zij zorgen voor immuniteit.

     

    Bloedplaatjes dienen voor de bloedstolling en voorkomen dat er beschadiging vn bloedvat te veel bloed verloren gaat., zijn eigenlijk kleine brokjes vn grote cel uit t beenmerg. Ze bevatten een stollingseiwit.

  • Wat doet t spijsverteringsstelsel

    Wordt t voedsel dat we eten omgezet in voor t lichaam bruikbare stoffen. Het stelsel bestaat uit mond/ keelholte/ slokdarm/ de maag/ de darmen/ de lever/ de alvleesklier.

     

     Het eten gaat via de mond, nr de maag  en In de dunne darm wordt t eten verteerd, ( voedingsstoffen afbreken zoals koolhydraten/vetten en eiwitten ) alles wat overblijft via de dikke darm naar t rectum vervoerd en als feces uitgescheiden..

     Het doel vt stelsel is dat t eten binnen 24 uur verteerd is. dit kan alleen door dat t lichaam enzymen gebruikt.. Enzym is  een stof die ene bepaalde chemische reactie versnelt. Voor iedere chemisch reactie  maakt t lichaam een apart enzym.

  • Waaruit bestaat t maag darm wand

     De wand vt darmstelsel v slokdarm tot anus is als volgt opgebouwd.

    - de binnenbekleding bestaat uit slijmvlies

    - net onder het slijmvlies liggen bloedvaatjes, lymfevaatjes en zenuwen

    - de buitenwand bestaat uit een dubbele spierlaag, namelijk een kringspier en een lengtespier.

     

    De dubbele spierlaag stuwt de voedelbrij in de darmen vooruit; dit heet peristaltiek.

  • Wat is de rol vd maag

    Is een tijdelijke reservoir vd maaltijd die we net hebben gegeten. In de maag komt er maagsap bij; sterk zuur. Doodt veel micro organismen die meekomen met ons voedsel en bewerkt de eiwitten zodat deze gemakkelijker afgebroken kunnen worden.

    Uitgang vd maag heet maagportierspier/ pylorus.. Steeds een hapje naar de twaalfvingerige darm. 

  • Wat doen de darmen?

    Na de maag komt de dunne darm., bestaat uit 12vingerige darm/ nuchtere darm en de kronkeldarm.

    De 12 vingerige darm of duodenum  ligt achter het buikvlies en heeft een U-vorm waarin de kop vd alvleesklier precies past.  Hier monden de galbuis en de alvleesklierbuis .. Gal is nodig om vet te emulgeren; vet te verdelen in kleine bolletjes.

     

    Nuchtere darm ligt gekronkeld in de buikholte en gaat over in de kronkeldarm.

     

    Kronkeldarm of ileum belangrijkst. hier wordt t voedsel verteerd en worden verteerde stoffen via de darmwand   in t bloed opgenomen. In de dunne darm worden ook darmsappen aan de voedselbrij toegevoegd, heel waterig.

     

    Dikke darm stuwt t onverteerde voedsel voort , is veel darmflora. Ook nuttige stoffen zoals vit K. Laatste stukje dikke darm is t rectum of endeldarm. Hier wordt ontlasting in opgeslagen. De endeldarm eindigt met de anus/ de darmopening.

  • Wat doet de lever
    Lever ontvangt alle verteerde voedingsstoffen via de poortader en verwerkt deze stoffen. Alle enkelvoudige suikers worden omgezet in glucose .  Lever maakt ook cholesterol., nodig om versch hormonen te mk en nieuwe celwanden op te bouwen. lever werkt ook ontgiftend.
  • Wat doet de alvleesklier
    Andere naam is pancreas . Maakt de meeste spijsverteringsenzymen. Maakt ook hormonen. de hormonen zijn de insuline en glucagon.
  • Wat doet t ademhalingsstelsel

    hierdoor nemen we zuurstof uit de lucht op in t bloed en ademen we koolzuur uit bloed uit. Dit heet gaswisseling.

    het bestaat uit neus/ keelholte/ strottenhoofd/ luchtwegen/ longen en longvliezen.

    In de keelholte lopen zowel de ademhalingsweg als de voedselweg.  

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

waaruit bestaat bloed?
rode bloedcellen
witte bloedcellen
bloedplaatjes
benoem de soorten weefsels
dekweefsel of epitheel-> bekleden de binnen en buitenkant van organen en het vormt klieren

steunweefsel-> zorgt voor stevigheid met weinige cellen

spierweefsel-> verzorgt de bewegingen van het lichaam

zenuwweefsel-> zorgt voor geleiding van prikkels

transportweefsel-> bloed
wat zijn weefsels?
een groep cellen met dezelfde bouw en functie
welke celsoorten worden niet meer gedeeld na de geboorte?
zenuwcellen
hartspiercellen
welke celsoorten delen zich vaak?
kliercellen
huidcellen
slijmvliescellen van de darmen
trilhaarepitheelcellen van de luchtwegen
wat houdt celdeling in?
dat een cel zich deelt in twee nieuwe identieke cellen
hoe heet een stukje van DNA?
een gen. op een chromosoom bevinden zich duizenden genen
hoeveel chromosonen bevatten de cellen
23 paar
waar staat DNA voor?
Desoxyribo Nucleine Acide
wat doet een celwand?
zorgt ervoor dat de inhoud van de cel er niet uit vloeit of dat er geen ongewenste stoffen de cel in kunnen