Summary Op niveau

-
ISBN-10 9006104329 ISBN-13 9789006104325
666 Flashcards & Notes
104 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Op niveau". The author(s) of the book is/are Ruud Kraaijeveld. The ISBN of the book is 9789006104325 or 9006104329. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Op niveau

  • 1 blok 1

  • welke 2 ww zijn er als je het voltooide tijd hebt?

    hebben en zijn 

  • Wat is fictie?

    Fictie is een verzonnen verhaal

  • Uit welke twee delen bestaat gramatica?

    1. zinsontleding 2. woordsoortbenoeming.

  • aspect
    kant van een zaak
  • vzv begint altijd met een voorzetsel

  • Is fictie echt gebeurd?

    Nee het is verzonnen

  • functioneel
    doelmatig, praktisch.
  • Geef voorbeelden van fictie?

    • leesboek
    • strip
    • film
    • gtst
  • decoratief
    versierend, sfeervol.
  • Wat is de bedoeling van de maker bij fictie?

    • vermaak
    • plezier
    • ontroeren
    • aan het denken zetten
  • ideaal
    iets hoogs waar je naar streeft en dat je graag zal bereiken.
  • Kenmerk van fictie?

    • Verzonnen verhaal waarbij je in de huid of het hoofd van een persoon kruipt
    • je komt te weten wat een persoon denkt of voelt

     

  • profielkeuze
    (het) kiezen van een van de vier vaste vakkenpakketten
  • Wat is non-fictie?

    • Een tekst over de werkelijkheid:
    • Over echte mensen
    • over echte gebeurtenissen
  • martelgang
     lang en moeizaam proces vol zwellingen en problemen.
  • Noem voorbeeld van non-fictie?

    • krantenbericht
    • stuedieboek
    • journaal
    • documentaire
    • discussieprogramma
  • therapeuten
    iemand die een bepaalde geneesmethode toepast.
  • Wat is de doelstelling van non-fictie?

    • informatie geven
    • iets leren
    • een mening geven over iets uit de werkelijkheid
  • efficiente
    doeltreffend
  • Bijzondere kenmerken van non-fictie?

    • je komt meer te weten over het onderwerp of het thema van de tekst
  • corruptie
    omkoopbaarheid
  • Hoe kun je het verschil weten tussen fictie of non-fictie?

    Door de vraag te stellen 'is dit een verzonnen verhaal of gaat het hier om de werkelijkheid

  • gereserveerde
    terughoudend
  • Zinnen zijn opgebouwd uit?

    zinsdelen

  • fosfaten
    bepaalde scheikundige (chemische) verbindingen
  • Elk zinsdeel bestaat uit?

    Een woord of groepje woorden

  • lucratierve
    winstgevend
  • Wat is zinsontleding?

    Het ontleden van zinnen

  • socialiseren
    zich aanpassen aan de opvattingen van de maatschappij.
  • Wat is woordsoortbenoeming?

    Het benoemen van woordsoorten

  • karakter
    eigen aard (dat wat een school is)
  • Wat zijn werkwoorden?

    Werkwoorden maken duidelijk wat er gebeurt of wordt gedaan

  • ter discussie stellen
    bespreken van een onderwerp waarvoor nog niet beslist is, van gedachten wisselen .
  • Thamara leest een boek.  leest = werkwoord

  • nevenactiviteiten
    minder belangrijk werk dat je ernaast doet
  • Werkwoorden komen voor in:

    • persoonsvorm
    • infinitief 
    • voltooid deelwoord
  • charmeren
    bekoren, voor zich innemen.
  • Wat is de persoonsvorm?

    Een werkwoord die verandert als je de zin in een andere tijd zet

  • componeren
    muziek maken
  • De passagier geeft de conducteur het vervoerbewijs.

     

    Persoonsvorm is geeft

     

    Werkwoord kun je veranderen door tijd te veranderen

     

    De passagier gad de conducteur het vervoerbewijs

  • perforeren
    doorboren
  • Hoe kun je de persoonsvorm in een zin vinden?

    Door de tijd te veranderen

  • registreren
    opnemen, vastleggen
  • Als er een infinitief in de zin voorkomt, is er een andere werkwoord persoonsvorm.

     

    Bijvoorbeeld

    De passagier zal de conducteur het vervoerbewijs geven.

     

    Zal  = persoonsvorm     Geven is infinitief

     

     

  • respecteren
    eerbied en waardering hebben
  • Wat is de infinitief?

    Heel werkwoord

  • transplanteren
    overplanten
  • Het voltooid deelwoord (vdw)is de werkwoordsvorm die staat bij een persoonsvorm van de werkwoorden:

    • hebben 
    • worden
    • zijn
  • verbaliseren
    een bon geven
  • Maak op dracht 8 uit het boek

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

wanneer gebruik je géén klemtoonteken?
als een woord niet verkeerd gelezen kan worden.
wanneer gebruik je een klemtoonteken?
als je op een woord de nadruk wilt leggen
wanneer schrijf je driedelige samenstellingen aan elkaar?
als ze zijn opgebouwd uit: een bijvoeglijk naamwoord of telwoord en twee zelfstandige naamwoorden.
wanneer is een woord een driedelige samenstelling?
als het word uit drie delen bestaat zoals hogedrukgebied
wat moet je doen als je twijfelt over de spelling van een werkwoord?
vervang het werkwoord door een waarbij je het wel in de vervoeging kan horen.
wanneer gebruik je de gebiedende wijs?
als je een bevel of een aansporing geeft.
wat houdt een stelling-argumentenstructuur in?
de schrijver geeft een stelling of een standpunt in de inleiding en geeft argumenten in het middenstuk.
wat houdt een verschijnsel-besprekingsstructuur in?
de inleiding geeft een verschijnsel en het middenstuk belicht het van verschillende kanten.
wat houdt een verschijnsel-verklaringsstructuur in?
de inleiding noemt een verschijnsel en het middenstuk geeft er een verklaring voor.
wat houdt een probleem-oplossingsstructuur in?
de inleiding noemt een probleem en het middenstuk noemt mogelijke oplossingen.