Summary opvoeden enzo

-
285 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "opvoeden enzo". The author(s) of the book is/are johan van dollen. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - opvoeden enzo

  • 1 opvoedondersteuning

  • Enkele uitspraken wat betreft opvoeding zijn? (4)
    1. Kinderen zijn te brutaal en te ongehoorzaam
    2. Ouders kunnen nauwelijks hun kinderen opvoeden
    3. Er moet strenger opgevoed worden
    4. Ouders en opvoeders schieten te kort in hun taak
  • Het beeld van een zorgelijk jeugd met onzekere falende opvoeders is een paradox.. waarom?
    Epidemiologische cijfers halen dit beeld volledig onderuit door onderzoek dat onafhankelijk van zorgggebruik, kijkt naar het opvoeden en opgroeien in algemeen zin en naar het voorkomen van problemen daarbij.
  • Welke opvoedingstechniek/stijl gebruiken Nederlandse ouders voornamelijk?
    Autoritatieve, dat wil zeggen dat er vooral gebruikgemaakt wordt van uitleg en inductieve disciplineringstechnieken (wijzen op eerdere afspraken of gevolgen van bepaald gedrag) en minder straf, negeren en machtsuitoefening, terwijl er wel grenzen gesteld worden.
  • Een type verklaring van deze paradox heeft te maken met de wijze waarop in de huidige samenleving opvoedproblemen en opgroei problemen gedefinieerd worden, en kan gezien worden als een specifieke reactie op deze problemen die daaruit volgt. Deze verklaring heeft 3 dimensies.. welke?
    1. Jeugdtolerantieniveau: de samenleving kan nog maar weinig hebben van zijn jeugd (hangjongeren gezien als erg gevaarlijk/overlast).
    2. Psychopathologisering: het op een specifieke orthopedagogische wijze interpreteren van opvoedingsopgaven. Zowel (de kans op) problemen van kinderen als (de kans op) problemen van ouders worden dus vaak en snel gepyschopathologiseerd of, zo men wil, georthopedagogiseerd. Dit heeft geleid tot een enorme vlucht van gespecialiseerde zorg, maar ook van preventieve programma's voor opvoed en opgroei problemen.
    3. Criminalisering: regelovertredend gedrag kinderen wordt eerder en vaker gedefinieerd als crimineel gedrag en het wordt ook als zodanig behandeld.
  • Wat is opvoedondersteuning?
    Voorlichting , advies en hulp aan ouders en opvoeders bij opvoedingsvragen en - problemen ter voorkoming van problemen in de opvoeding en of ontwikkeling van kinderen, of om deze problemen op te lossen en ter versterking van de draagkracht en competenties van ouders en opvoeders.
  • Functies opvoedondersteuning (6)
    1. Informatie en voorlichting over de ontwikkeling en opvoeding van kinderen 
    2. Pedagogische advisering en licht pedagogische hulp
    3. Signalering van opvoedproblemen, vroegtijdige onderkenning en verwijzing
    4. Praktische en instrumentele steun van ouders bij de opvoeding
    5. Versterken van het sociale netwerk van kinderen en ouders
    6. Bevorderen van een stimulerende pedagogische en fysieke omgeving
  • top 6 meest voorkomende problemen
    - van opgroeien tussen 2 culturen tot radicalisering
    - van goed meekomen in het onderwijs naar onderwijsachterstand en schooluitval
    - van pedagogische tik tot kindermishandeling
    - van opvoedingonzekerheid tot ondertoezichtstelling
    - van enkelvoudig opvoedingsproblemen tot multiprobleem gezinssituatie
    - van media als ontspanning en educatief middel tot probleemgedrag uitlokkend en interactie verstorend.
  • Dewey, Vygotsky en Arendt hebben al drie een bepaalde visie op kind en omgeving. Benoem deze drie visies:
    1. Dewey: transactie, interactie,impulsen. Hij zegt dat het kind impulsen nodig heeft van bv. zijn ouders. Het kind ontwikkeld zich in interactie met de omgeving.
    2. Vygotsky: de zone van huidige en naaste ontwikkeling. Hij zegt dat het kind heel veel al weet (huidige ontwikkeling) en dat de omgeving, ouders en docenten hierop moeten inspelen (naaste ontwikkeling). Omgeving moet wel wat toevoegen maar wel aangepast op wat kind al weet.
    3. Arendt: het private, sociale en politieke domein. Zij zegt dat het kind zich in deze 3 domeinen ontwikkeld. Private= thuis, ouders moeten kind beschermen voor de wereld en wereld beschermen voor het kind. Sociale= bv. sport Politiek= waar je vrij bent, je mening kunt uiten. (school staat tussen private en sociale, het is een verlengstuk van het gezin).
  • Pedagogisch wijkklimaat (de Wit)? 3 Basisbehoeftes van kinderen?
    De wijze waarop de intentie van de volwassenen om gunstige voorwaarden te scheppen voor de ontwikkeling van kinderen, gestalte krijgt in de omgang tussen volwassenen en kinderen en de inrichting van de omgeving waarin ze verkeren.
    1. Behoefte aan relatie, 2. Competentie, 3 Autonomie
  • Risicogroepen (2)
    - Ouders met niet westerse achtergrond
    - Overige risicogroepen: ouders met een lage sociaal economische status (SES), alleenstaande ouders en ouders van kinderen met lichamelijke en verstandelijke beperkingen
  • Knelpunten in de algemene opvoedondersteuning (3)
    - Het aanbod is onvoldoende bekend
    - Ouders blijken vooral behoefte te hebben aan steun en informatie dichtbij huis (school, vrienden)
    - Er is behoefte aan laagdrempelige hulp
  • Knelpunten opvoedingsondersteuning aan ouders met etnische achtergrond (4)
    - Taalproblemen
    - Vertrouwen
    - Onbekendheid
    - Eenzijdig bereik
  • Ouders met een lage SES met opvoedvragen maken relatief weinig gebruik van opvoedsondersteuning. Hoe te bereiken? (3)
    1. Samenwerking met de doelgroep zelf is belangrijk
    2. Rekening houden met de leefwijze en de wensen
    3. Laagdrempeligheid, variatie en communicatiemiddelen
  • Wet publieke gezondheid (Wpg)
    De activiteiten van de jeugdgezondheidzorg zijn vastgelegd in de Wpg en het bijbehorende besluit jeugdgezondheidszorg. De kerntaken zijn opgenomen in het ' Basistakenpakket jeugdgezondheidzorg 0-19 jr'. De JGZ beschermt, bevordert en bewaakt de lichamelijke, geestelijk, verstandelijke en sociale ontwikkeling van alle kinderen tot 19 jaar.
  • Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
    Gemeenten zijn door de Wmo verantwoordelijk voor maatschappelijke ondersteuning (voor activiteiten die het mensen mogelijk maken om mee te doen in de samenleving; met een beperking!) Prestatieveld: Preventie ondersteunings jeugd, bij jeugdigen bij wie sprake is van een verhoogd risico op ontwikkelingsachterstand of uitval zoals schooluitval of criminaliteit.
  • Wet op de jeugdzorg (2 doelen & 5 beleidsdoelstellingen)
    2 Doelen: 1. Betere zorg voor jeugdigen en hun ouders 2. Het versterken van hun positie.
    5 beleidsdoelstellingen:
    1. De vraag van de client staat centraal
    2. Recht op jeugdzorg
    3. Een centrale, herkenbare toegang tot jeugdzorg
    4. Integratie van AMK, de voogdbij en de jeugdreclassering in het BJ
    5. Introductie van gezinscoaching
    De wet regelt dat BJ een indicatie afgeeft voor jeugdzorg
  • Wet Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (Wet BIG)
    Deze wet bevat regels voor zorgverlening door professionals in de gezondheidszorg
  • Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)
    Deze wet geeft regels voor een zorgvuldige omgang met persoonsgegevens
  • Wet op de geenskundige behandelingsovereenkomst (WGBO)
    Deze wet regelt de relatie tussen patient en hulpverlener
  • Kwaliteitswet zorginstellingen
    Deze wet stelt globale eisen aan de zorg in plaats van vele gedetailleerde normen. De eigen verantwoordelijkheid van de zorginstelling voor kwalitatief goede zorg is het uitgangspunt.
  • Wet Passend Onderwijs
    Deze wet is gericht op vernieuwing van de speciale leerlingenzorg in het primair en voortgezet onderwijs
  • Basismodel van de rol van de JGZ in het CJG
    de inzet van de JGZ moet gecombineerd zijn met de lokale activiteiten gericht op opvoed en opgroeisteun en er moet een schakel zijn met de Bureaus Jeugdzorg en de leerlingenzorg in het onderwijs. 
  • De doelen van het CJG zijn (3)
    - Bevorderen van de algemene gezondheid, een optimale opvoeding en een brede ontwikkeling van alle jeugdigen
    - Voorkomen van problemen bij gezondheid, ontwikkeling, opgroeien en opvoeden
    - Vroegtijdig inzetten of mobiliseren van effectieve steun of hulp bij (beginnende) problemen die een belemmerende of negatieve invloed (kunnen) hebben.
  • Veiligheidshuis
    in een Veiligheidshuis werken organisaties samen, die zich bezighouden met opsporing, vervolging, berechting en hulpverlening. Ze werken samen aan aanpak van criminaliteit om jeugdigen die van het rechte pad afdwalen tot de orde te roepen. Veiligheidshuizen zijn een middel tegen criminaliteit, overlast en huiselijk geweld
  • Verwijsindex
    De verwijsindex risicojongeren (VIR) is een digitaal systeem dat risicosignalen van hulpverleners over jongeren bij elkaar brengt. Door de meldingen in de verwijsindex weten hulpverleners sneller of een kind ook bekend is bij een collega, zodat zij kunnen overleggen over de beste aanpak.
  • Nota gezinsbeleid
    In deze nota staat dat het kabinet Nederland gezinsvriendelijk wil maken. Aandachtspunten voor het gezinsbeleid zijn de gevolgen van scheiding, de relatief hoge leeftijd waarop moeders hun eerste kind krijgen, opvoeding als maatschappelijk thema, de combinatie van gezin en werk, en de gevolgen van sociale uitsluiting en armoede voor kinderen.
  • Transitie van de jeugdzorg
    Voornemen transitie van de jeugdzorg naar het gemeentelijk domein
  • Doelen van transitie en transformatie (5)
    - meer preventie en eerdere ondersteuning
    - meer uitgaan van de eigen kracht van jeugdigen en hun ouders
    - minder snel problemen medicaliseren
    - betere samenwerking rond gezinnen en integrale hulp op maat
    - gemeenten krijgen de regierol
  • Basismodel CJG (a,b,c,d)
    A. Basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg (functies)
    B. Wmo- functies: op preventie gerichte ondersteuning van jeugdigen en ouders rond opgroeien en opvoeden (5 functies)
    C. Schakel met Bureau Jeugdzorg
    D. Schakel met Zorg- en Adviesteams (ZAT), multidisciplinaire teams waarin professionals uit speciaal onderwijs samenwerken met partijen buiten het onderwijs
  • De Wmo kent aan gemeente de opdracht toe 5 functies van opvoed en opgroei ondersteuning te behartigen:
    1. Informatie en voorlichting
    2. Signalering
    3. Toeleiding
    4. Lichte pedagogische hulp
    5. Coordinatie van zorg
  • Er zijn 4 stappen om het pakket opvoedingsondersteuning zo samen te stellen dat het past bij de lokale visie, en aansluit bij de huidige gemeentelijke aanbod en bij de gesignaleerde problematiek en de behoefte van de ouders:
    1. Een visie op opvoedinsondersteuning opstellen
    2. Aanbodinventarisatie
    3. Vraaganalyse
    4. Het aanbod opvoedingsondersteuning bepalen
  • De public health en de risicogerichte benadering
    - De publict health of op de gehele populatie gerichte preventiebenadering, het preventieve aanbod voor alle ouders staat voorop
    - De risicogerichte benadering met de nadruk op de ondersteuning van ouders en jeugdige met (een verhoogde kans op het ontstaan van) problemen, gemeenten willen vooral gezinnen met problemen bereiken.
  • Drietrapsmodel van Kooijman & Prinsen
    Stap 1: universele vroegsignalering van mogelijke risicofactoren
    Stap 2: selectieve onderkenning psychosociale en pedagogische problemen
    Stap 3: Geindiceerde psychosociale en pedagogische problemen
  • Instrumenten voor de universele screening van opvoedingsproblemen (2)
    - SPARK.Vroegsignalering van manifeste (onmiddelijk herkenbare) problemen in psychosociale ontwikkeling en in de opvoeding bij jonge kinderen.
    - DMO. Vroegsignalering van problemen in psychosociale ontwikkeling en opvoeding bij jonge kinderen.
  • Instrumenten voor  selectieve signalering opvoedingsproblemen (2)
    - NOSIK. Korte vragenlijst waarmee algemene ouderlijke stress gemeten kan worden.
    - CARE- NL. Schat het risico op kindermishandeling in.
  • Instrumenten voor universele screening van psychosociale problemen (2)
    - SDG. Screent psychosociale problematiek en vaardigheden.
    - KIPPI. Screent psychosociale problematiek bij jonge kinderen en psychologische en pedagogische problemen bij ouders.
  • Instrument voor selectieve signalering psychosociale problemen:
    - ASO. Geeft inzicht in de mate waarin een kind geneigd is tot opstandigheid.
  • Instrument voor universele screening psychomotorische ontwikkeling:
    - VWO. Vroegtijdig opsporen van ontwikkelingsstoornissen
  • Instrument voor selectieve screening taalontwikkeling
    - VTO. Brengt taal ontwikkelings problemen bij peuters maanden in beeld
  • Bewezen effectieve buitenlandse interventies (2)
    1. Sure Start (Samen Starten). Extra ondersteuning voor alle gezinnen die het consultatiebureau bezoeken. Richt zich voornamelijk op preventie van psychosociale problemen in gezinnen met jonge kinderen. Met het programma wordt een systematische signalering van zorgwekkende opvoedinssituaties mogelijk gemaakt en worden de eigen vaardigheden en sterke kanten van ouders benut om eventuele problemen met betrekking to de opvoeding op te lossen.
    2. Home Start. Dit is een programma waarbij getrainde vrijwilligers ondersteuning en praktische hulp aanbieden aan ouders met tenminste 1 kind van 6 jaar of jonger. De gezinnen geven zelf aan op welke gebieden zij steun wensen. 
  • Doel en uitgangspunten (4) Home Start
    Doel: voorkomen dat alledaagse problemen uitgroeien tot ernstige en langdurige problemen, het zelfvertrouwen van ouders te vergroten, sociale relaties van ouders te versterken en gezinnen aan te moedigen om efficient gebruik te maken van beschikbare diensten, voorzieningen en regelingen.
    Uitgangspunten:
    - Vraaggerichte werkwijze, ouders geven zelf aan waarbij zij hulp willen
    - Empowerment en de-problematiseren
    - Tijd en aandacht besteden aan de ouder, het gezin en de kinderen
    - Gelijkwaardigheid en vertrouwen
  • Interventies bij gezinsbegeleiding (4)
    - Directieve thuisbehandeling
    - Deltamethode (gezinsvoogd)
    - Wijkgerichte intensieve gezinsbegeleiding
    - Triple P (niveau 4 & 5)
  • effectief programma.. (9)
    - is veel omvattend
    - gebruikt verschillende lesmethodes
    - is gebaseerd op een duidelijke theorie
    - heeft voldoende dosering
    - verschaft mogelijkheden voor positieve relaties
    - wordt op het juiste moment aangeboden
    - is relevant mbt de sociale culturele achtergrond van de doelgroep
    - bevat een evaluatie van de uitkomsten
    - maakt gebruik van goed getrainde medewerkers
  • Drie belangrijke pijlers bij het CJG
    - Informatie en advies voor allerlei opvoed en opgroei vragen
    - Jeugdgezondheidszorg (JGZ)
    - Gezinsbegeleiding (wonen en werk, onderwijs, opvang en vrije tijd, opvoeden en samenleven, en gezondheid)
  • Wat doet het JGZ o.a. ? (5)
    - preventief gezondheidsonderzoek
    - adviseren van onderwijs bij zorgen over kinderen
    - geven van voorlichting aan ouders, opvang, scholen, leerlingen
    - op verzoek van ouders of school onderzoek doen
    - verzuimbegeleiding
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Instelling: permanente gezinsvervanging (doel & doelstellingen 3)
Doel: eenieder optimale ontplooiingskansen te bieden.
doelstellingen van een instelling
- het bieden van een overzichtelijke en veilige omgeving
- behandeling
- begeleiding en stimulering van het maatschappelijk functioneren 
Opvang en vakantie
SOVA voor ouders met kinderen die lijden aan autisme of ADHD.
Logeeropvang
voor beperkten kinderen en volwassenen zodat de familie een paar dagen kan rusten. Bij het wachten op een nieuwe woonvoorziening kan het logeeradres ook dienen als tijdelijke opvang.
Fokuswoning
een aangepaste huurwoning voor mensen met LB die zelfstandig willen leven. In deze woningen zijn diverse aanpassingen aangebracht voor de individuele bewoner. Centrale hulppost zit erbij zodat er op afroep 24 uur assistentie mogelijk bij de algemene dagelijks verrichtingen.
Begeleide kamerbewoning (BKB)
voor jongeren die niet geheel zelfstandig kunnen wonen, of problemen thuis hebben. Dit zijn gewone woningen er is een mentor die op verzoek langskomt en hulp biedt (via MEE).
Woonprojecten
uit eigen initiatieven gestart mede mogelijk door het persoonsgebonden budget. gezamenlijk huis gekocht 8/10 kinderen samenwerking met MEE: integratie!
Woonvoorziening
biedt een woon en leefsituatie voor 18 plus verstandelijk beperkten. Redelijke zelfstandigheid en overdag andere bezigheden (bv. sociale arbeidsvoorziening).
observatiecentrum
verblijf 3 tot 7 maanden. onderzoek diagnose advies behandeling doorverwijzing; multidisciplinair team.
Vrije Tijd en Vorming (VTV)
Gezinsondersteuning georganiseerd door MEE afdelingen  (uitstapjes, muziek, dans en weekenden)
Arbeid: Wet wajong
vanaf 1 januari 2010 is de voormalige wet arbeidsongeschikheidsvoorziening jonggehandicapten aangepast en omgezet in de wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten. Accent op de mogelijkheden van beperkten en hen daarbij ondersteunen (werken of leren).