Summary orthomoleculaire voeding

-
603 Flashcards & Notes
27 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "orthomoleculaire voeding". The author(s) of the book is/are civas. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - orthomoleculaire voeding

  • 1.1 Orthomoleculaire voeding van theorie tot dagelijkse praktijk

  • Interferon is?

     

    Interfon is het sterkst werkzame lichaamseigen wapen tegen virussen.

  • Is een lichaamseigen bescherming die het lichaam niet beschadigt.

  • 1. Waar streeft de orthomoleculaire voedingsleer naar?

    b. Naar het voorzien van alle lichaamscellen van de benodigde voedingsstoffen in optimale hoeveelheden.

  • 2. Welk gevoel veroorzaakt het nuttigen van geraffineerde suiker en meelproduchten?

    c. Een onbehaagelijk en onrustig gevoel.

  • 3. Waarop leggen bevolkingsgroepen die nog geen last hebben van westerse ziekten de nadruk in hun voeding?

    b. Op weinig eiwitten en veel groenten.

  • 4. De levensverwachting is momenteel veel hoger dan vroeger. Ondanks de hoge leeftijd die veel mensen bereiken, is ouderdom niet de belangrijkste oorzaak van overlijden. Waaraan overlijdt men dan tegenwoordig wel?

    d. Aan een gebrek aan vitamine, mineralen en fytonutriënten

  • 5 Bij welke PH waarde is er sprake van verzuring?

    a. PH waarde 1-7.

  • 6. Wat ontstaat door oxidatie in ons lichaam?

    a.Vrije radicalen (dit zijn instabiele moleculen die de cellen en weefselstructuren beschadigen)

  • 7.  Welke stoffen vallen onder Antioxidanten?

    d. Vitamine, mineralen en Fytonutriënten

  • 8. Wat is het gevolg van verzuring van het lichaam?

    a. Dan ontstaan ontstekingen.

  • 9. Welk van de onderstaande macronutriënten zorgen voor de meeste verzuring van het lichaam?

    d. De zwavelhoudende eiwitten.

  • 10.  Waaruit bestaat het meest ideale voedingspatroon om de zuur-basebalans in het lichaam te ondersteunen

    a. 20% uit verzurende verzurende voeding en 80% uit alkaliserende voeding

  • 11. Welke voeding zorgt voor het remmen van onstekingen?

    c. De omega-3 vetzuren en de meeste fytonutriënten.

  • 12. Welke stof of stoffen is/zijn het belangrijkst voor de opbouw van het darmslijmvlies?

    D. Mineraal zink en omega 3 vetzuren, Vezels en het aminozuur Glutamine.

  • 13. Wat houdt een lekken darm, leaky gut of  permeabele darm in?

    b. Een verstoorde opname en verstoord transport van voedingsstoffen door een slechte conditie van het darmslijmvlies.

  • 14. Wat zijn de oorzaken van een Leaky gut?

    c. Ijskoude dranken, dysbiose in de darmen en chronische stress.

  • 15. Welke stelling komt overeen met het orthomoleculaire protocol?

    c. De voeding bestaat voor 30% eiwitten, 40% koolhydraten en 30% vetten

  • LES 2 1. Waar komt in het lichaam slijmvlies voor?

    In de mond, maag en darmen

  • 2. Waar komt het amylase vrij?

    C. In de Mond en dunne darm.

  • 3. Waar dient het Enzyme Amylase voor.

    B. Voor de vertering van Koolhydraten

  • 4.  Wat zorgt ervoor dat de spijsvertering in gang gezet wordt en de eetlust wordt geremd?

    C. Hormonen

  • 5. Welk Hormoon speelt een rol in de aanmaak van maagzuur?

    Gastrine.

  • 6. De intrinsieke factor als onderdeel van het maagsap zorgt voor de opname van een vitamine in het laatste deel van de dunne darm. Welke vitamane is dat?

    Vit B 12

  • 7. Wat is de taak van de vezels die in de dikke darm terechtkomen?

    A. Ze zijn de voedingsbodem voor de goede bacteriën.

  • 8. Zodra de pathogene bacteriën de overhand krijgen boven de goede darmbacteriën, spreken we van een dysbiose in de darm. Wat gebeurt er bij een dysbiose in de darmen?

    c.  Er onstaan rotting- en gistingsprocessen

  • 9. Wat verstaan we onder proteasen?

    a. Dat zijn enzymen die eiwitten afbreken tot aminozuren.

  • 10. Wat werkt de productie en werking van enzymen tegen?

    C. Een tekort aan vitaminen, mineralen en eiwitten.

  • 11. Welke Macronutriënt is de bouwstof van enzymen?

    a.  Eiwitten.

  • 12. Waarbij spelen de spijsverteringsenzymen een belangrijke rol?

    b. Het remmen van onstekingen.

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Door samenstellingen van 2 van deze enkelvoudige suikers ontstaan de volgende 3 disachariden;
  1. Sacharose = sucrose = witte suiker
  2. maltose
  3. lactose = melksuiker
Deze zijn op hun beurt weer opgebouwd uit de volgende atomen;
  • C - koolstof
  • H - waterstof
  • O - zuurstof
De koolhydraten uit de voeding zijn onder te verdelen in 3 bouwstenen, deze heten de monosachariden of enkelvoudige suikers. Hoe heten deze?
  1. Glucose
  2. fructose
  3. galactose
Wat zijn de functies van koolhydraten?
  1. Leveren van energie
  2. zijn voedingsbodem voor de darmflora
Wat zijn de niet essentiële aminozuren?
  • Alanine
  • Arginine (semi-essentieel)
  • Asparagine
  • Asparaginezuur
  • Gutamine
  • Glutaminezuur
  • Glycine
  • Histidine (semi-essentieel)
  • Proline
  • Serine
  • Tyrosine (essentieel voor kinderen)
Wat zijn de essentiële aminozuren?
1) Lysine, betrokken bij concentratievermogen, de opname van calcium, de groei van botweefsel, de opbouw van collageen en ondersteuning van het afweersysteem, zeker bij gevoeligheid voor virale infecties zoals een koortslip (2) is het van belang om ruim voldoende lysine in je voeding te hebben (en de hoeveelheid arginine (zie hieronder bij niet-essentieel) bij deze gevoeligheid niet te overdrijven)  Bovendien is arginine (net als glutamine en leucine) erg belangrijk om de weerstand tegen virussen juist te verhogen.(2a)
Bronnen:  vis, vlees, ei, zuivel als kwark, ricotta,yoghurt, avocado, noten & zaden (maar let op; noten bevatten over de hele linie meer arginine dan lysine; vooral hazelnoten, walnoten, sesmazaad/Tahin, pinda's, pompoenpitten en macadamia) peulvruchten, schaal- en schelpdieren, biergist, bonen, tarwekiemen, peulvruchten, taugé. 
2) Tryptofaan, betrokken bij weerstand, stressbeheersing, goede slaap, pijn, obstipatie en depressie.
Bronnen : ei, bananen, melk, rijst, kwark, vlees, haver, noten, linzen, zaden, peulvruchten.
3) Leucine, betrokken bij groei/herstel spierweefsel, wond- en botgenezing, suikerstofwisseling.
Bronnen : ei, rogge, limabonen, amandelen, cashewnoten, zuivel, rijst, kikkererwten, rundvlees, kip, vis, schaal- en schelpdieren, volle tarwe, amandelen, cashewnoten, linzen, bonen.
4) Valine, groei en reparatie van spierweefsel, werking van het zenuwstelsel, verslavingen en bij mensen met een constant hongergevoel.
Bronnen : ei, bruine rijst, kwark, vlees, limabonen, paddenstoelen, amandelen, cashewnoten, pinda’s, sesamzaad, linzen, champignons, sojabonen.
5) Isoleucine, betrokken bij opbouw en groei van spierweefsel en de energie productie op cel-niveau.
Bronnen : ei, vlees, zuivel, schaal- en schelpdieren, bonen, rogge, amandelen, cashewnoten, kikkererwten, zonnebloempitten.
6) Methionine, betrokken bij gezondheid van huid/haar/nagels, tegengaan van vetophopingen in het lichaam, de leverontgfiting, histamineafbraak en als antioxidant.
Bronnen:ei, vlees, sardines, eieren, haver, taugé, kiemen, noten, avocado, zaden, zuivelproducten, vis, schaal- en schelpdieren, tarwekiemen, havervlokken, noten, sesamzaad, linzen, sojabonen, avocado.
7) Threonine, betrokken bij de hersenstofwisseling, spijsvertering en aanmaak collageen en tandglazuur.
Bronnen: ei, vis, vlees, amandelen, pinda’s, bonen, zuivelproducten, vlees, vis, schaal- en schelpdieren, tarwekiemen, havervlokken, noten, peulvruchten.
8) Fenylalanine, zeker belangrijk voor mensen met veel stress/pijn/depressies en overgewicht.
Bronnen: zuivelproducten, vlees, gevogelte, vis, schaal- en schelpdieren, tarwekiemen, havervlokken, noten, linzen, sojabonen.
9) Histidine, zeker bij kinderen die snel groeien of mensen met veel angsten.
Bronnen: wit van ei, vlees, gevogelte, tarwekiemen, pinda’s, sesamzaad.
Welk product bevat alle aminozuren die het lichaam nodig heeft?
Een ei. De biologische waarde van een ei is dan ook bijna 100%
Wat zijn essentiële aminozuren?
Deze kan het lichaam niet zelf aanmaken en moet via de voeding komen.
Wat zijn aminozuren?
Een organische verbinding, het zijn de bouwstenen van peptiden (kleineketenaminozuur) en proteïnen (eiwitten).
De proteïnen in ons voedsel zijn lichaamsvreemd, het lichaam breekt ze af tot aminozuren en bouwt ze weer op tot lichaamseigen eiwitten.
Alle eiwitten uit onze voeding zijn opgebouwd uit 24 verschillende aminozuren die allemaal een eigen specifieke taak hebben. De onderlinge rangschikking en de hoeveelheid van de verschillende aminozuren bepalen de eigenschappen van het eiwit.
Amandelmelk;
  1. Lijkt qua samenstelling niet op moedermelk
  2. is zwaar bewerkt
  3. vol fytinezuur dat de opname van belangrijke mineralen remt