Summary Principes van bedrijfseconomie

-
ISBN-10 9043024384 ISBN-13 9789043024389
396 Flashcards & Notes
12 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Principes van bedrijfseconomie". The author(s) of the book is/are Clarence van der Putte, Fred Rienstra. The ISBN of the book is 9789043024389 or 9043024384. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Principes van bedrijfseconomie

  • 1.1 definite en oorsprong economie

  • Beschrijf wat de definitie van economie is?

    Economie is een sociale wetenschap en heeft als onderwerp het menselijk streven naar maximale welvaart die verworven wordt met behulp van schaarse middelen.

  • In de economie gaat het om de verdeling van schaarse goederen en diensten, en dan vooral om de wetmatigheden die een rol spelen bij die verdeling. Een ander woord voor economie is staathuiskunde.
  • Centraal geleide of planeconomie ; alleen de staat kan goederen en diensten aanbieden waardoor er geen marktmechanisme is.
    vrijemarkteconomie kapitalisme; private ondernemingen bepalen ket mechanisme van vraag en aanbod.
    gemengde economie elementen van het kapitalisme en het socialisme worden samengevoegd, maar de wetten van de vrije markt overheersen.

    • Adam smith (1723-1790) de aard en oorzaak van de welvaart.
    • John Law(1705) systeem van vraag en aanbod op markt.
    • John maynard Keynes (1883-1946) pleitte voor een actieve rol van de overheid bij het reguleren van nationale en internationale economie.
    • Milton Friedman (1912-2006) die veel nadruk legt op de rol van geld in de economie en op hoe overheden omgaan met het maken van geld en rentebeleid.
  • Tot welk type wetenschap behoort economie?

    Sociale wetenschap
  • Welke drie verschillende economische organisatievormen komen voor?

    Planeconomie, kapitalisme en gemengde economie
  • 1.2 Definitie en oorsprong economie

  • Economie is een sociale wetenschap
  • Wat zijn de 3 organisatievormen van economie?
    Centraal geleide / Plan economie;
    Vrijemarkteconomie of kapitalisme;
    Gemengde economie
  • De deelterreinen van economie zijn: Algemene economie en bedrijfseconomie.
  • 1.3 bedrijfseconomie

  • Wat wordt jaarlijks opgemaakt uit de financiële administratie van een bedrijf?

    De jaarrekening van een bedrijf.
  • Waarin ligt de relatie tussen bedrijfseconomie en de omgeving?

    De geldstromen van bedrijven met leveranciers, afnemers en vermogensverschaffers.
  • In de bedrijfseconomische benadering van de onderneming staan twee onderwerpen centraal. Vertel welke twee dat zijn en beschrijf ze kort.

    • De interne bedrijfshuishouding of administratie legt alle afspreken en verplichtingen vast die er zijn om het bedrijf lopend te houden.
    • de relaties van het bedrijf met zijn omgeving komt naar voren in de geldstromen tussen bedrijven onderling. Die stromen worden aan de ene kant bepaald door inkoop en verkoop; ofwel de inkomende stroom van diensten en goederen en de uitgaande stroom van diensten en goederen. Onderlingen relaties vertalen zich dan in transacties en de financiële afhandeling daarvan die financiële instellingen zoals banken.
  • Een groenteboer koopt groenten in (inkomende goederen) om zijn winkel te kunnen verkopen aan klanten (uitgaande goederen). Deze klanten betalen geld voor de groente en dat geld stort de groenteboer op de bank. Mocht de groenteboer weer een nieuwe voorraad willen kopen dan kan hij betalen met het geld wat hij op de bank heeft gestort. Hoe noemt men dit en licht dit nader toe.

    Dit noemt met kasstroombeheer.

    Kasstroombeheer zoals aangegeven wordt bij de grote bedrijven uitgevoerd door de treasury-afdeling. Het proces van kasstroombeheer is bekend onder de Engelse naam: cash management.

  • Beschrijf bedrijfsproces financieren (corporate finance). En waar bestaat dit ui?

    Het bedrijf heeft aan de andere kant ook behoefte aan middelen/geld om het bedrijfsproces te financieren, de corporate finance. Dit is het terrein van vermogensmarkt.

    Deze bestaat uit:

    · De geldmarkt (korter dan twee jaar)

    · Kapitaalmarkt (langer dan twee jaar)

  • Deze financieringsbehoefte ontstaan doorgaans bij het opstarten van een bedrijf, als er bedrijfsmiddelen of bijv. Nieuwe machines moeten worden aangeschaft.

    Het bedrijf kan dit op verschillende manieren invullen bijv. Door aandelen of obligaties uit te geven of door geld bij of bij een ander bedrijf te lenen.

  • Waarvoor wordt management control voor ingezet?

    Om de interne bedrijfshouding en de relatie met de omgeving te kunnen besturen of beheersen is het begrip management control ingevoerd. Management control is het beïnvloeden van ondernemers om de strategie van de onderneming uit te voeren. Het gaat daarbij om interen en externe factoren. Externe (buiten het bedrijf) worden de kansen en bedreigingen vastgesteld en intern worden er sterke ze zwakke punten bepaald. Door hierop in te spelen met management control kunnen kansen worden benut en bedreigingen omzeild.

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

een ligiduitetisketgetal is de debt ratioja of nee?
nee
De toetreding tot een markt kan vrij zijn of beperkt worden door marktbarrières. Voorbeelden van zulke barrières zijn patentbelemmeringen, vestigingseisen of juridische barrières. Als gevolg van deze factoren bestaat er een groot aantal marktvormen, welke zijn deze en licht ze toe. Maakt daarbij de tabel waar de verschillende marktvormen worden aangegeven.

· volledige mededinging (veel aanbieders die een homogeen product op de markt brengen bijv. suikerbieten, meel en graan maar ook de markt van dollars)

· monopolistische concurrentie (veel aanbieders die producten voorbrengen met geringe onderlinge verschillen. Bijv. monopolistische marktvorm kleding- en meubelmarkt.

Bijv. Heterogene producten bijv. Naamsbekendheid.)

· homogeen oligopolie (aantal aanbieders erg klein en kunnen ze rekening houden met elkaars activiteiten. Homogene producten kan gedacht worden aan vrijgeven van energie markt en rail bouw of computerchips waarop een aantal kleine bedrijfjes hetzelfde product bieden.)

· heterogeen oligopolie ( aantal aanbieders erg klein en kunnen ze rekening houden met elkaars activiteiten. Bij heterogene producten kan men denken aan automarkt en consumentenelektronica.)

Er zijn weinig aanbieders van technische toch wel verschillend producten, omdat de investering bij deze marktvorm zo hoog zijn.

· monopolie. (Een aanbieder van ene product. Bijv. de NS bied zowel homogene product aan (vervoer) als heterogene product (eerste klas en tweedeklas, en uiteraard bestemming.) Dit is natuurlijk bijzaak in vergelijking met het hoofdproduct, waardoor men ook wel zegt dat er bij monopolie slechts sprake is van homogene producten.

Bereken aan de hand van de activiteitskengetallen de RTV van het dupont-schema.

7x1,75=12,25
Bruto/totale vermogen= RTV

•Berekenen drie activiteitskengetallen uit de balans en de exploitatierekening.
Omloopsnelheid TV = omzet / (gemiddeld) TV
= €500.000 / €285.000 = 1,75
Brutowinstmarge = bedrijfsresultaat / omzet x 100%
= €35.000 / €500.000 * 100% = 7%
Omzetsnelheid voorraad
= inkoopwaarde omzet / (gemiddelde) voorraad
= €200.000 / €60.000 = 3,33
Opgave 5. Activiteitskengetallen‘De Slaap’ is leverancier van kussens en dekbedden. Balans en resultatenrekening van het bedrijf over afgelopen jaar zijn hierna weergegeven:De balansposten komen overeen met hun gemiddelden over het hele jaar. De winst ontstond geleidelijk over het boekjaar.Gevraagd:a.De brutowinstmarge over het afgelopen boekjaar.b.De omzetsnelheid van de voorraden over het afgelopen jaar.c.De gemiddelde opslagduur van de voorraden in maanden.Let op: uitkomsten afronden op 1 decimaal nauwkeurig.

a. bedrijfsresulaat/omzetx100%
296.000/188.0000x100=15,7%

b. kostprijs omzet/gemiddelde voorraad
372.000/113.2000= 3,0 %

c. maanden per jaar/omzetsnelheid
12/3,043=3,9 maanden

Opgave 4. KengetallenDe btw wordt buiten beschouwing gelaten.Verdere gegevens over 2010:Omzet                        € 2.500.000Inkoopwaarde        € 1.800.000______________________Brutomarge             € 700.000Kosten                      € 599.800_____________________Bedrijfsresultaat     € 100.200Rentekosten             € 36.390_____________________Resultaat € 63.810Gevraagd:a.De debt ratio per 31-12-2010.b.De current ratio per 31-12-2010.c.Het netto werkkapitaal per 31-12-2010.d.De rentabiliteit van het gemiddeld totaal vermogen.e.De rentabiliteit van het gemiddeld eigen vermogen voor belasting.f.De rentabiliteit van het gemiddeld vreemd vermogen.g.De omloopsnelheid van het gemiddeld totaal vermogen.h.De brutowinstmarge.Let op: kengetallen afronden op 1 decimaal nauwkeurig.

a. DR = 553/790x100= 70%

b. CR

Voorraden         80          Credit   60

deb                   40           RC        53

liq. middelen       5 +

125                      113

c. NWK

voorraden     80

deb               40

liq. middelen   5 +

125 VA

Credit           60

RC                 53 +

113 KW

125.000-113.000 = 12.000 debt ratio

d. 100.200/ 835.000 X 100 = 12% RTV

e. 63810/228500x100=27,9% REV

f. 36.390/606.500x100=6% RVV

g. omloopsnelheid TV 25.00000/835.000=3,0

h. Brutowinstmarge

25.00000/100200x100=4,0%

De balans van reisbureau de ‘De Wind’ ziet er op 31 december als volgt uit: Bovendien beschikt deze onderneming nog over de volgende gegevens over 2010: Bedrijfsresultaat: € 104.000 Rentekosten: € 24.000 Resultaat: € 80.000 Wat is de rentabiliteit van het eigen vermogen?

20%

De balans ziet er als volgt uit: Hoe groot is de debt ratio in deze balans?

0,56

Van onderneming ‘De makkelijke Slof’, een groothandelaar in schoeisel, ziet de balans per 24 december van dit jaar er als volgt uit. Welke handeling kan ‘De makkelijke Slof’ nog verrichten om zowel de current ratio als de quick ratio vóór 31 december te verbeteren?

een enkele van de bovenstaande handelingen stelt ‘De makkelijke Slof’ daartoe in staat.

Een balans ziet er als volgt uit: Hoe groot is de current ratio in deze balans?

1,73