Summary Prota - vermogensrechtelijke leerstukken aan de hand van Romeinsrechtelijke teksten

-
ISBN-10 9076892253 ISBN-13 9789076892252
587 Flashcards & Notes
21 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Prota - vermogensrechtelijke leerstukken aan de hand van Romeinsrechtelijke teksten". The author(s) of the book is/are J H A Lokin. The ISBN of the book is 9789076892252 or 9076892253. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Prota - vermogensrechtelijke leerstukken aan de hand van Romeinsrechtelijke teksten

  • 1 uitwendige geschiedenis

  • Auspicium: Vogelschouw
    Comitia: Volksvergadering
    Consul: consul
    Edictum: Edict; wet van consul
    Fasces; Roedenbundel
    Imperium: Absolute macht
    Intercessio; tussenkomst
    lex, leges: wet van volksvergadering
    lictor: dinaar v.d. magistraat
    pater familias: familievader
    Pomerium; oude stadsgrens v. rome
    res publica: republiek, staat
    rex: koning
    Senatusconsulta: senaatsbesluiten
    senes: ouden
  • 1.1 Imperium en lex

  • 1 april 753 v.Chr. Stichting Rome door romulus en remus.
    Vraag wie van beiden er koning, rex, zou worden; imperium; absolute macht over de stedelingen. Romulus wint door remus te doden. Macht van het imperium werd ontleend aan toestemming van de goden.
  • auspicium
    vogelschouw
  • Koning had macht om  wetten edict uit te vaardigen
    comitia: volksvergadering voorgezeten door de met imperium bekleedde rex. een daar genomen besluit had ook wetskracht; lex.
    Les (wetten door volksvergadering) heeft voorrang op Edict (van de koning/consul)
  • comitia
    volksvergadering
  • uit alle pater familias; uit de honderd oudste werd de senaat samengesteld. besluiten van de senaat hadden geen wetskracht maar gelden als advies: senatusconsulta
  • consul
    consul
  • Einde aan koningstijd (7 koningen gedurende 250 jaar) door verdrijving (door Brutus) van de laatste koning Tarquinius Superbus in 509 v.Chr.
    Brutus werd samen met Publius Valerius de eerste Consul. -> begin res publica: geen levenslange imperium meer, maar jaarlijks aan twee consuls, gekozen door de volksvergadering.
    Beide consuls hadden het volle imperium (ondeelbaarheid).
    Intercessio: tussenbeide komen: besluit van de ene consul kon door de andere ongedaan worden gemaakt.
  • edictum, edicta
    edict, edicten
  • wet door volksvertegenwoordiging
    Lex (heeft voorrang!)
  • fasces
    roedenbundel
  • Wet door imperium-houder (rex of consul)
    Edict
  • imperium
    absolute macht
  • intercessio
    tussenkomst
  • lex, leges
    wet, wetten
  • lictor
    dienaar van de magsitraat
  • pater familias
    familievader
  • patres
    vaderen
  • pomerium
    oude stadsgrens van Rome
  • res publica
    republiek, staat
  • rex
    koning
  • senatusconsulta
    senaatsbesluiten
  • senes
    ouderen
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Waar kan je een absoluut of relatief recht aan herkennen?
Of een recht absoluut dan wel relatief is, hangt af van de wijze van zijn ontstaan. 
Absoluut recht -> notariële akte die in de openbare registers wordt ingeschreven.
Waar ligt het onderscheid tussen absolute en relatieve rechten?
Een absoluut recht onderscheidt zich van een relatief recht, niet doordat met het kan handhaven tegen de opvolgers onder algemene titel (heel vermogen: erfgenaam) maar dat men het kan handhaven tegen opvolger onder bijzondere titel (koop).
Wat is het verschil tussen opvolging onder algemene titel en opvolging onder bijzondere titel?
Opvolging onder algemene titel: de overgang van een heel vermogen, dus van een geheel van rechten en plichten, zoals dat bijvoorbeeld bij erfopvolging plaatsheeft. Eén van de kenmerken is dat samen met de baten ook de schulden overgaan op de opvolger.
Opvolging onder bijzondere titel: de overgang van één recht uit dat vermogen. (voorbeeld: overdracht van eigendomsrecht)
Wat zijn relatieve/betrekkelijke/persoonlijke rechten?
Rechten die slechts in te roepen zijn tegen de partij met wie men heeft gehandeld en niet tegen een derde. (voorbeeld: vorderingsrecht uit een geldleningsovereenkomst)
Wat zijn absolute/volstrekte rechten?
Rechten die men niet slechts tegen de partij met wie men heeft gehandeld, maar ook tegen derden kan inroepen en handhaven. (voorbeeld: recht van erfdienstbaarheid)
Hoe verliep het proces van wettelijke actie naar formulaproces?
De wettelijke acties waren onder de bevolking niet populair en deze werden begin van onze jaartelling vervangen door het formulaproces. Twee wetten met drie voorwaarden waar een proces aan moest voldoen. 
- partijen moesten Romeins burger zijn
Hoe zag een personele executie er in de Romeinse tijd uit?
Executie was gericht op een persoon en niet op diens vermogen. Met een executoriale titel kon een schuldeiser doormiddel van handoplegging (als teken van macht zijn hand op de schuldenaar leggen) de schuldenaar tot zijn slaaf maken. Hij werd dan van rechtssubject een rechtsobject en was juridisch gezien geen persoon meer.
Wat gebeurde er in de wettelijke actie (per legis actionem)?
Het proces werd opgedeeld in twee fasen:
1. In iure: ten overstaan van een overheismagistraat (praetor)
2. In iudicio: ten overstaan van de rechter. Dit was een gewone Romeins burger: index privatus. 

Wanneer de rechter de eiser gelijk gaf moest er opnieuw een wettelijke actie worden opgestart om het vonnis ten uitvoer te kunnen leggen. Executie was gericht tegen de persoon, niet tegen het vermogen.
Wat waren de drie vormen van proces?
1. Het stelsel der wettelijke acties: werd gebruikt toen het rijk nog een boerenstaat was.
2. Het omslagstelsel: toen het Romeinse rijk was uitgegroeid naar een wereldrijk.
3. De buitengewone rechtsgang: ten tijde van de volstrekte alleenheerschappij.
Welke soorten tenuitvoerlegging waren er?
Het Romeinse recht kende slechts 1 executoriale titel: het veroordelende vonnis. Er werd altijd veroordeeld tot het betalen van een geldsom. Parate executie moet onderscheiden worden van eigenrichting. Dit kwam voor als bestolene zijn gestolen zaak zelf onder de dief terugneemt.