Summary Psychologie

-
230 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Psychologie

  • 2 Biopsychologie

  • Wat zijn split-brain patiënten? 
    Personen waarbij de hersenhelften van elkaar zijn gescheiden. Dit komt vooral bij epilepsiepatienten voor. Bij hen is namelijk gebleken dat elektrische impulsen tussen de beide hersenhelften tot epileptische aanvallen kunnen leiden. 
  • Waar houdt de biopsychologie zich mee bezig?
    De biopsychologie houdt zich bezig met de studie naar de interactie tussen de biologie, het gedrag en de omgeving. 
  • Wat bestudeerd de neurowetenschap?
    Het zenuwstelsel
  • 2.1 Evolutie en natuurlijke selectie

  • Wat is nature?
    De biologische grondslag
  • Wat is nuture?
    De omgeving
  • Volgens Darwinisten passen organismen zich aan de …..  aan.
    Omgeving
  • Hoe wordt dit verschijnsel genoemd?
    Natuurlijke selectie
  • 2.2 Genen en erfelijkheid

  • De genetische opmaak van het individu dat wordt bepaald door erfelijke eigenschappen wordt ook wel het ……. genoemd.
    Genotype
  • De waarneembare fysieke kenmerken waartoe ook het gedrag behoort vormen het …
    Fenotype
  • De omgeving van het menselijk lichaam bestaat uit de opbouw van…
    Cellen
  • Cellen zijn elk opgebouwd uit …
    Chromosomen
  • Je hebt … paar chromosomen
    23
  • Je hebt …. Paar geslachtschromosomen
    2
  • De chromosomen bestaan uit ..
    dna
  • DNA bestaat uit…
    genen
  • De genen bevatten…
    Coderingen voor de erfelijke, lichamelijke en geestelijke eigenschappen
  • 2.3 Het neuron: bouwsteen van het zenuwstelsel.

  • Zenuwcellen zijn opgebouwd uit..
    neuronen
  • Een bundel neuronen wordt een .... genoemd
    zenuw
  • Noem de 3 functiegroepen van neuronen:
    -Motorische neuronen
    -Sensorische neuronen
    -inter neuronen
  • Wat doen motorische neuronen?
    Motorische neuronen geven informatie vanuit het centrale zenuwstelsel door aan de spieren en klieren. De neuronen worden ook wel efferente neuronen genoemd. Hierdoor kan iemand bijvoorbeeld een voorwerp in zijn hand pakken.
  • Wat zijn sensorische neuronen?
    Sensorische neuronen geven info door aan het centrale zenuwstelsel (tast, geluid, gevoel, smaak, evenwicht, zicht). Deze neuronen worden ook wel afferente neuronen genoemd.
  • Wat zijn interneuronen?
    Interneuronen geven informatie van het ene neuron door aan het andere en worden ook schakelcellen genoemd. Een neuron kan informatie overdragen via uitlopers van het cellichaam. 

  •  Een neuron kan informatie overdragen 
    via uitlopers van het cellichaam. De uitlopers van een neuron worden dendrieten genoemd. 
    Het cellichaam heet soma. Een soma bevat de celkern met de chromosomen. Tussen elke 
    zenuwcel bevindt zich een ruimte, de synaps, waarin chemische stoffen via membranen 
    kunnen worden overgedragen. De overdracht van chemische stoffen – de neurotransmitters
    – zorgt ervoor dat info tussen zenuwcellen wordt overgebracht. Voor deze overdracht is 
    energie nodig, een elektrische impuls. Het overbrengen van de impuls vanuit de soma naar 
    eindknopjes via een lange uitloper – de axon genoemd – vergt veel energie. Eindknopjes zijn 
    de verdikkingen aan het eind van een axon en deze verdikkingen bevatten de 
    neurotransmitters.

  • Ionen geven de energie die nodig is. Ionen bestaan uit elektrisch geladen 
    chemische stoffen die in rusttoestand negatief geladen zijn en na stimulatie tot actiepotentieel
    overgaan. Dat wil zeggen dat de ionen plotseling positief geladen worden door de stimulatie 
    en daardoor volgens het zogenoemde alles-of-nietsprincipe, zoals Zimbardo et al. (2009) het 
    aanduiden, de signalen volledig doorgeven of niet. Deze overdracht geschiedt binnen één 
    honderdste seconde. Als teveel neuronen gelijktijdig impulsen doorgeven kan dit leiden tot 
    een epileptisch insult. Niet alle neurotransmitters zullen echter worden doorgegeven aan 
    andere zenuwcellen, waardoor de hevigheid van de signalen niet altijd even groot is. De 
    membranen in de synaps nemen een groot deel van de neurotransmitters weer op. Daarnaast 
    zorgen gliacellen ervoor dat er een isolerende laag bestaat tussen de axonen.

  • De gliacellen geven de neuronen steun en stevigheid en bevatten een vettige myelineschede die de cel beschermt. De schede kan de geleiding van impulsen versoepelen. Als de schede is aangetast,
    zoals bij multiple sclerose het geval is, zullen de bewegingen minder soepel verlopen. Bovendien zullen niet alle neuronen gebruikmaken van de synaptische transmissie, maar maken ze enkel gebruik van elektrische verbindingen. Onderzoekers hebben ontdekt dat de neuronen die enkel gebruikmaken van elektrische verbindingen, in de hersenen gelegen zijn. Psychologen zijn geïnteresseerd in mogelijke beschadigende factoren van de myelineschede, specifieke neuronen én in de effecten van neurotransmitters. Zo kunnen bepaalde neurotransmitters psychische stoornissen beïnvloeden. Ook kunnen zogenoemde agonisten(nicotine bijvoorbeeld) neurotransmitters stimuleren of zelfs nabootsen, en kunnen zogenoemde antagonisten (alcohol of bijvoorbeeld slaapmiddelen) de werking van de neurotransmitters remmen. Voor een overzicht van de zeven belangrijkste neurotransmitters wordt verwezen naar Zimbardo et al. (2009) pagina 59. Opmerkelijk is het vermogen van het zenuwstelsel om zich aan veranderingen aan te passen (bijvoorbeeld na een verwonding of een bepaalde ervaring). Ook in deze plasticiteit zijn psychologen geïnteresseerd.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Persoonlijkheidskenmerken die zouden voorkomen bij uitzonderlijk creatieve mensen:
-De bereidheid om een probleem herstructureren
-De voorkeur voor complexiteit
-Onafhankelijkheid
-Een sterke belangstelling voor het probleem
-de behoefte aan stimulerende interactie en intelligentie

Een laag intelligentieniveau belemmerd de creativiteit.
Divergent denken
Het vermogen om diverse responsen voor een probleem te bedenken. Het divergent denken kan worden gestimuleerd met behulp van bijvoorbeeld 'brainstormen'
Creativiteit
Het mentale proces waardoor nieuwe reacties ontstaan die behulpzaam kunnen zijn bij het oplossen van een probleem. Het begrip genie wordt door hen omschreven als de persoon die zich door zijn creativiteit en inzicht onderscheid van anderen.
anchoring bias
ankerheuristiek, onjuiste heuristiek voortkomend uit schattingen op basis van info die niet in verband staat met het probleem.
Handsight bias
Twijfel over andermans beslissingen en de gedachte dat men dit zelf had voorzien
Reprsentativeness bias
Representativiteitsheuristiek, onjuiste heuristiek voortkomend uit het idee dat de situatie over alle kenmerken van een bepaalde categorie beschikt, etiketten
availability bias 
Onjuiste heuristiek voortkomend uit een beoordeling op grond van eigen ervaringen
Confirmation bias
aandacht voor bevestigde factoren en het negeren van tegenargumenten
Noem de meest voorkomende oorzaken op van een slecht oordeel:
-Confirmation bias
-Availability bias 
-Representative bias 
-handstight bias 
-anchoring bias
Noem drie heuristische technieken:
-terugwerken (terugredeneren)
-Het zoeken naar analogieën (herkennen van overeenkomsten tussen nieuwe problemen en oude problemen en toepassen van de eerder gebruikte oplossende strategie)
-Het verdelen van een groot probleem in kleine problemen.