Summary Reader Wetenschapsfilosofie deel I

-
ISBN-13 9781292011234
121 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Reader Wetenschapsfilosofie deel I". The author(s) of the book is/are Ben Wempe. The ISBN of the book is 9781292011234. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Reader Wetenschapsfilosofie deel I

  • 1.1 Introduction to the Philosophy of the Management Sciences

  • Wat is de hoofdvraag bij wetenschapsfilosofie?
    Waarom is wetenschappelijke kennis  betrouwbaarder dan alledaagse kennis (zoals bv.: wat de beste pizzatent is).
  • Hoe gaan we de hoofdvraag beantwoorden?
    Door de verschillen tussen wetenschappelijk en alledaagse kennis nader toe te lichten.
  • 1.1.1 5 karaktereigenschappen van wetenschappelijke kennis

  • Wat zijn de 5 karaktereigenschappen van wetenschappelijke kennis?
    1. Generaliseerbaarheid
    2. Verifieerbaarheid 
    3. Objectiviteit
    4. Valide onderzoeksmethoden
    5. Parsimony

    In de volgende flashcards zullen deze karaktereigenschappen respectievelijk uitgewerkt worden.
  • Generaliseerbaarheid: wat is het doel van wetenschap?
    Wetenschap wil fenomenen begrijpen en uitleggen, waarbij gekeken wordt naar principes, patronen en wetten.
  • Controllability: wat houdt dit karaktereigenschap in?
    Onderzoek moet transparant en herhaalbaar zijn. In de natuurwetenschappen: experimenten moeten herhaalbaar zijn (ook door collega wetenschappers).
  • Objectivity: waar moet wetenschappelijk onderzoek naar streven?
    Scientific research should strive for independence. Such independence of external pressure and influence is an important condition for the objectivity and, thereby, trustworthiness of the results.
  • Valid research methods: wat houdt dit karaktereigenschap in?
    Only a justification (=verantwoording) which refers to methods of research which are accepted as valid among the scholars within a particular discipline can count as sufficient.
    (Every method such as surveys, field research, interviews e.a. Has its advantages and disadvantages. Scholars, therefore, usually use more than one research method.)
  • Parsimony: welke twee zaken zijn samengevat in dit begrip?
    Parsimony stand for the idea that scientific research aims at clear and simple models of explanation.
  • Parsimony: wat zegt dit begrip?
    The simplest explanation that explains the greatest number of observations is preferred to more complex explanations.
  • 1.1.2 Theoretical concepts

  • Noem paar voorbeelden van theoretische concepten.
    Organisatie, company, management, markt, gains or losses etc.
  • Wat is het fundamentele punt bij theoretical concepts?
    That there is no way of studying any entity or phenomenon whatsoever without a thorough (=grondige) discussion of the concepts with which we describe and grasp (=grijpen) that entity or phenomenon.
  • 1.1.3 Two persistent misunderstandings

  • Wat zijn de 2 hardnekkige misverstanden?
    1. Dat empirische observaties op zichzelf staand al tellen als wetenschap, zonder dat in een conceptueel raamwerk geplaatst wordt.
    2. Dat wetenschap altijd puur descriptief/beschrijvend moet zijn.
  • Waarom is het een misverstand dat empirische observaties zonder conceptueel raamwerk ook wetenschap kunnen zijn?
    Empirie is heel gebrekkig.
  • Waarom is het een misverstand dat wetenschap puur descriptief moet zijn?
    Wetenschap is over hoe dingen zijn, niet over hoe iets zou moeten zijn.
  • Vanaf hier (blz. 9) wordt het zo ongeveer onbegrijpelijk
  • In the short term, distortion of competition may work to the advantage of one company, but in the long term all will lose, because certain unfair practices undermine the basic structure of the free market system. According to this argument, the value of fair play is not a function of the normative preferences or personal opinions of people, but is implicit in the market as a social institution. Fair play is an inherent condition for a well-functioning market. The importance of fair play does not depend on what from people's subjective point of view counts as important or valuable.
  • Wat is het verschil tussen een wetenschappelijk en een publiek/politiek debat?
    Een wetenschappelijk debat is veel meer gestructureerd&gereguleerd
    In wetenschap zijn er strikte normen over wat goede redenen zijn en het redenatieproces moet volledig transparant&reproduceerbaar zijn, om zodoende mogelijk fouten te onthullen.
  • The management sciences aim at offering well-founded answers to questions about what are the best strategies to deal with certain problems or what are the most effective forms of steering complex managerial processes. Scientists want to know the truth, both in a factual sense and in a normative sense.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.