Summary Recht in context een inleiding tot de rechtswetenschap

-
ISBN-10 9462903956 ISBN-13 9789462903951
246 Flashcards & Notes
0 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Recht in context een inleiding tot de rechtswetenschap
  • Hester Sanne Taekema Adriana Marina Pieternella Gaakeer Marcel Alexander Loth
  • 9789462903951 or 9462903956
  • 2017

Summary - Recht in context een inleiding tot de rechtswetenschap

  • 1.1 Literatuur

  • Het antwoord op de vraag  wat recht is, moet afgeleid worden uit de context van omstandigheden in concrete gevallen. Dit antwoord is vanuit perspectief van het contextualisme gegeven.
  • De uitleg van het begrip met behulp van het contextualisme gaat uit van twee dingen:
    1. Ten eerste moet er aandacht besteed worden aan de omstandigheden waaronder een bepaald juridisch leerstuk tot stand is gekomen.
    2. Ten tweede moet gekeken worden naar alle omstandigheden van het geval, wanneer men het recht vanuit een concrete casus wil afleiden.
  • Wat is de rechtswetenschap?
    De wetenschap die het recht als object van studie neemt.
  • De stelling van het contextualisme komt telkens terug in de rechtswetenschap, daar wordt enerzijds onder verstaan:
    1. Studie van het geldende recht
    2. Het geheel van de juridische casus
    3. De ordening van het recht volgens bepaalde methoden.
  • Wat zijn hulpwetenschappen?
    Onder de rechtswetenschap horen ook de bevindingen van andere wetenschappen, dit zijn de hulpwetenschappen.
  • Wat is multidisciplinariteit?
    Het gebruiken van resultaten van andere wetenschappen in en door het recht.
  • Wat is interdisciplinariteit?
    Interdisciplinariteit betekent dat er tussen verschillende wetenschappen fundamentele punten van overeenkomst zijn.
  • Recht moet niet als los systeem van regels bestudeert worden, maar er moet ook aandacht besteed worden aan de context.
  • Doel van het recht is om antwoord te geven op maatschappelijke problemen.
  • Arrest HBU-Saladin

    HR: heeft in deze casus geoordeeld dat de vraag of een beroep kan worden gedaan op een exoneratieclausule niet in zijn algemeenheid beantwoord kan worden, maar dat het afhankelijk is van tal van omstandigheden. 
    Dit arrest geeft blijk van een veranderende opvatting: anders dan vroeger verwijst de taal van het contract niet naar vaste betekenissen, maar moet de betekenis altijd in context van de omstandigheden van het geval afgeleid worden.
  • Haviltex
    HR: maakt korte metten met de heersende opvatting dat de woorden van een bepaling in een overeenkomst voldoende duidelijk is en geen ruimte laat voor aanvulling. Ook hier komt het erop neer dat er voortaan gekeken moet worden naar de context.
  • Casuïstische rechtsvinding is meer gericht op de billijkheid in het concrete geval en bij rechtsvinding aan de hand van 'hard and Fast rules' is er sprake van toepassing en ontwikkeling van meer algemene regels. Hierbij is de handhaving van de rechtseenheid en rechtszekerheid van belang. Beide rechtsvindingen worden verdedigd. De Amsterdamse school gaat uit van casuïstische rechtsvinding en de Leidse school wordt geplaatst bij de rechtsvinding aan de hand van 'hard en Fast rules'.
  • 20e eeuw verschuiving naar casuïstische rechtsvinding. In Duitsland wordt dit de verschuiving van Normgerechtigkeit naar Einzelfallgerechtigkeit genoemd. Hierbij moet worden opgemerkt dat de rechtsvinding aan de hand van 'hard and Fast rules' niet helemaal van de hand moet worden gedaan. Dit blijft altijd van belang voor de generaliseerbaarheid van het rechterlijk oordeel. Dit valt terug te zien in het arrest IZA/Vrerink. HR: heeft een billijkheidscorrectie voor verkeersdeelnemers in een nieuwe meer algemene regel gegoten.
  • Wat is het probleem bij casuïstische rechtsvinding?
    Rechtszekerheid en rechtseenheid kom in het geding.
  • De rechtseenheid kan onderscheid gemaakt worden tussen de eenheid van gronden waarop geoordeeld moet worden en de eenheid van resultaten. De eenheid van gronden zal altijd gegeneraliseerd moeten worden, omdat anders het recht vervalt in willekeur.
  • Gelijkheidsbeginsel
    Eist dat gelijke gevallen op een gelijke manier behandeld worden. Rechtsoordelen moet generaliseerbaar zijn, maar er moet geen sprake zijn van uniformiteit.
  • Casuïstische rechtsvinding is in principe niet in strijd met de rechtseenheid of rechtsgelijkheid. 
    Echter vormen zich bij de rechtszekerheid nog enkele problemen, aangezien de betekenis van regels in de context wordt bepaald.
  • Het kan goed mogelijk zijn dat de rechter zijn oordeel baseert op 'hard en Fast rules' en deze consequent toepast, totdat zich een uitzonderlijk geval voordoet waarin de omstandigheden leiden tot een beperking of tot een relativering van de regel. Dit verschijnsel wordt de open texturen van het recht genoemd.
  • De open texture van het recht is een gevolg van eigenschappen van de taal die in de wereld gebruikt wordt en van de onvoorspelbaarheid van onze sociale omgeving. De wetgever kan niet alle gevallen voorzien.
  • Op welke twee manieren moet het recht  in zijn context geplaatst worden voor het juridisch onderwijs
    1. De aanstaande jurist moet de vragen leren stellen die nieuwe inzichten in de stof geven en met de verkregen inzichten deze vragen vertalen in taal van het recht, om uiteindelijk een concrete beslissing te kunnen maken. 
    2. Het contextualisme zorgt ervoor dat juristen het recht moeten vergelijken met andere disciplines.
  • Het driehoeksmodel van het recht
    1. Het normatieve moment: de juridische dimensie. Dit is het positief recht, het geheel aan regels, beslissingen  en beginselen dat onder het recht wordt verstaan.
    2. Het ideële moment: de filosofische dimensie. Dit zijn de idealen, opvattingen en waarden die als leidraad en toetsmechanisme fungeren voor het positieve recht.
    3. Het actuele moment: de sociologische dimensie. Hieronder vallen de maatschappelijke gebruiken die tot het positieve recht hebben geleid en de maatschappelijke praktijken die daaruit voortvloeien.
  • Om 3 redenen zijn de definities van juridische begrippen problematisch:
    1. Juridische begrippen zijn vaak vage begrippen. Het kan dan zo zijn dat de betekenisinhoud onbepaald is (intentionele vaagheid) of dat de begripsomvang niet vastligt (extensionele vaagheid).
    2. Rechtsbegrippen zijn vaak afhankelijk van evaluatieve criteria waarover mensen van mening kunnen verschillen. Juridische begrippen worden om die reden ook wel essentially contested concepts genoemd, ofwel wezenlijk betwistbare begrippen.
    3. Juridische begrippen bevatten vaak een open texturen. Dit betekent dat de toepassing van het recht vaak afhankelijk is van niet voorzienbare omstandigheden van het geval. De consequentie van begrippen met een open texturen is dat hun betekenis evolueert.
  • Objectief recht -> de verzameling rechtsnormen en dit is daarmee nauw verwant aan het positieve recht.
  • Subjectieve rechten -> rechten die personen die door het objectieve recht erkend worden, ontlenen aan de regels van het objectieve recht.
    Voorbeeld: het recht om je mening te uiten, het recht op eigendom en het recht om niet mishandeld te worden.
  • Noem de 4 criteria voor de onderscheiding tussen privaatrecht en publiekrecht
    1. Aard van het te beschermen belang: betreft het een algemeen belang of betreft het een particulier belang.
    2. Aard van de betrokken partij: gaat het om een rechtsverhouding tussen burgers onderling of gaat het om een rechtsverhouding tussen de burger en de overheid.
    3. De middelen tot rechtshandhaving: kan er een strafvervolging worden ingezet of kan er schadevergoeding worden geëist.
    4. Het initiatief tot handhaving van het recht: neemt de burger zelf het initiatief of neemt bijv. Justitie het initiatief.
  • Formeel recht
    Het formele recht handelt over het procesrecht en heeft daarmee betrekking op de vorm waarop het recht wordt gehandhaafd.
  • Materieel recht
    Materieel recht heeft betrekking op inhoudelijke gedragsnormen.
  • Wet in formele zin
    Ziet op de wijze waarop een wet tot stand is gekomen; het gaat om een besluit van de regering en Staten-Generaal. (art. 81 GW).
  • Wet in materiële zin
    Een besluit die regels bevat die burgers kan binden.
  • Dwingend recht
    Dwingend recht wordt gevormd door regels waarvan men niet mag afwijken. De wetgever heeft dergelijke regels vervaardigd om daarmee bepaalde belangen of waarden te beschermen. Het publiekrecht bevat vrijwel uitsluitend dwingend recht.
  • Regelend of aanvullend recht
    Het privaatrecht bevat vrijwel uitsluitend regels van regelend/aanvullend recht. Dan gaat het om regels die men buiten toepassing kan laten door zelf een afwijkende regeling te treffen. Met deze aanvullende regels heeft de wetgever beoogd duidelijkheid te scheppen in situaties waarvan partijen de consequenties niet hadden voorzien. De wetgever vult dus aan wat partijen niet of onvolledig hebben geregeld. Een regel van regelend recht kan herkend worden aan de woorden: 'tenzij anders overeengekomen'. De bewoordingen van een wetsbepaling zijn echter niet altijd even duidelijk.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Recht in context een inleiding tot de rechtswetenschap
  • Sanne Taekema
  • 9789089748249 or 9089748245

Summary - Recht in context een inleiding tot de rechtswetenschap

  • 1 Contextualisme, rechtsbegrip en rechtsstaat

  • Wat is contextualisme ?

    De theorie hoe we naar het recht moeten kijken.

  • Positieve recht
    Het recht dat in een land op een bepaald moment geldt.
  • Casus
    Een oplossing van een concreet juridisch probleem.
  • 1.1 Wat is recht?

  • Wat is recht?

    Niet te beantwoorden. In strikte zin is de rechtswetenschap te beschouwen als de rechtsdogmatiek. In brede zin, zoals gehanteerd wordt in dit boek betekent het zowel de rechtsdogmatiek als de interdisciplinaire benadering van het recht. 

  • Rechtsdogmatiek

    - studie van het geldende recht

    - de casuïstiek; het geheel van juridische casus

    - de ordening van het recht door tekstanalytische methoden

  • In de rechtswetenschap wordt een onderscheid gemaakt tussen (1) rechtsdogmatiek en (2) multidisciplinaire of interdisciplinaire  benadering van het recht

  • 1.2 De taal van het recht

  • Het recht is een 'discursieve grootheid' ofwel het altijd voorlopige resultaat van een proces van meningsvorming en overtuiging. 

  • Het recht is een discursieve grootheid

    Het recht is altijd het voorlopige resultaat van een proces van meningsvorming en overtuiging

  • De taal van het recht moet argwanend worden beschouwd. Het bevat namelijk begrippen die wij menen te kennen uit ons dagelijks taalgebruik.
    In juridische zin kunnen die een andere betekenis hebben.
  • Geef de definitie van rechtspraak
    Een in woorden uitgedrukt oordeel over het recht.
  • In het geval dat iets niet past binnen de rechtstaal hebben wij te maken met iets wat niet gezegd kan worden en dus juridisch niet relevant is.
  • Wat is de functie van de taal van het recht?

    Deze taal brengt een bepaalde ordening in de wereld teweeg. De taal van het recht begrenst zo de werkelijkheid in het algemeen, en de samenleving meer in het bijzonder. Een belangrijk doel van die taal van het recht met zijn eigen logica en begripsvorming is immers om antwoord te geven op maatschappelijke problemen, is het reguleren en beheersen van de maatschappelijke werkelijkheid. Beheersbaarheid van conflictsituaties is een van de functies van het recht. Het strafrecht wordt bijvoorbeeld ook wel ultimum remedium genoemd. Uiterste redmiddel om eigenrichting tussen individuen in de samenleving te voorkomen.
  • Het recht wordt gebruikt als gemeenschappelijke taal om een conflict op te lossen en escalatie te voorkomen.
    Door een conflict te vertalen in juridische termen, worden oplossingen mogelijk.
  • Discursieve grootheid
    Recht is het voorlopige resultaat van een proces van meningsvorming en overtuiging.
  • Ultimum remedium
    Uiterste redmiddel om eigenrichting tussen individuen in de samenleving te voorkomen.
  • De juridische oplossing van een conflict geeft een functioneel herstel van menselijke betrekkingen; er wordt beslist wat de  verhouding tussen partijen of tussen overheid en burger zal zijn, maar zij geeft zelden een emotioneel herstel.
  • In de taal van het recht zit het probleem dat woorden nooit op voorhand duidelijk zijn en de context waarbinnen woorden worden geuit is van invloed op de betekenis. Het recht is dus een 'discursieve grootheid'.
  • 1.3 Betekenis en context: drie voorbeelden

  • Voorbeelden;

    -      HBU-Saladin, 'kleine lettertjes' van een beleggingsfonds

    -      Haviltex, bloemsnij-apparaat met ontbinden contract na 6 maanden

    -      Turkey op shirt ---> beledigend?

  • Wat verstaan we onder  casuïstische vorm van rechtvinding?

    Het is gebruikelijk om een bepaalde casus niet aan te duiden in de vorm van een algemene regel maar om die afhankelijk te maken van de omstandigheden van het geval.

  • Wat is rechtsvinding?
    In de rechtspraak heeft de rechter tot taak om de betekenis van het geldende recht vast te stellen in het licht van het geval waarover hij moet oordelen. De betekenis van een juridisch relevant begrip wordt soms bepaald door te kijken naar de omstandigheden van het geval. Als de rechter op die manier te werk gaat, spreken wij van casuïstische rechtsvinding.
  • Legaliteitsbeginsel en contextueel gegeven
    Betekent niet dat de wettelijke terminologie verwijst naar vaststaande betekenissen. Dat zou ook niet kunnen, omdat de betekenis van taal contextueel, dat wil zeggen in de concrete omstandigheden wordt bepaald. Dat is ook niet nodig omdat het legaliteitsbeginsel iets anders eist. Namelijk dat in de specifieke context de betekenis met voldoende helderheid en exactheid te bepalen valt, zodat de burger zijn gedrag daarop kan afstemmen.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.