Summary SIR Verslagen

-
337 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - SIR Verslagen

  • 1 Introductie en Supply Chain Integratie

  • Single Stage inventory system
    Er is sprake van EEN product en EEN locatie
  • Wat zijn de doelen van een supply chain?
    - Kosten optimalisatie (het zo laag mogelijk houden van de kosten)
    - Service level optimalisatie (het voldoen aan alle vraag)
  • Order lead time
    De tijd die er zit tussen het plaatsen en het ontvangen van een order
  • Order moment
    Het moment dat je een order plaatst
  • Order frequency
    Hoe vaak je een order plaatst
  • Inventory
    Voorraad
  • Stock Level
    De hoogte van je voorraad
  • Holding costs
    De kosten van je voorraad
  • Safety stock
    Hoeveel extra voorraad je houdt zodat je ook aan een grotere vraag van je klanten kan voldoen
  • Service level
    De mate van service die je aan je klanten wil bedienen
  • Als we kijken naar de definitie van supply chain, welke 6 dingen spelen dan een rol?
    1. Het is een netwerk
    2. Informatie moet overgedragen worden
    3. Coördinatie is essentieel
    4. Conflicterende doelen moeten worden vermeden
    5. Kosten en service moeten gebalanceerd worden
    6. Lange termijn relaties moeten opgezet worden.
  • Waaruit bestaat een netwerk?
    - Supplier: levert materiaal
    - Producent: maakt het product
    - Distributeur: distributeert product
    - Retailer: verkoopt product
  • Wat is de taak van het management in een netwerk?
    Plannen, berekenen en controle houden
  • Development chain
    Dit is de set van activiteiten en processen die geassocieerd worden met de introductie van een nieuw product. Dit gaat over de fase waarin een product ontwikkeld wordt en waar de benodigde materialen vandaan gehaald worden.
  • Waarom moet er informatie overgedragen worden?
    De gevraagde hoeveelheden zijn dan minder omdat iedereen van elkaar weet hoeveel diegene precies nodig heeft. De kosten zijn dan lager omdat er minder voorraad kosten zijn. Het kan ook zijn dat producten bederven of dat je ze niet meer kunt gebruiken
  • Bullwhip effect
    Elk onderdeel in de supply chain bestelt weer meer omdat ze safety stock willen hebben. Dit ontstaat wanneer er geen informatieoverdracht is.
  • Lean manufacturing
    Zo min mogelijk op voorraad hebben en zo snel mogelijk leveren.
  • Wat is een risico van uitbesteding?
    Je hebt geen garantie dat zij dezelfde kwaliteit leveren als jij en wanneer processen naar een ander land verplaatst worden kunnen de afstand en de culturele verschillen risico's met zich mee brengen.
  • Wat is coördinatie?
    Dit is niet alleen het delen van informatie, maar ook integratie. Oftewel, je moet samenwerken met de bedrijven in jouw supply chain.
  • Global optimization
    Samenwerken
  • Local optimization
    Een individu kijkt alleen naar de eigen kosten en opbrengsten
  • Welk van de bovenstaande strategieën is de beste?
    Global optimization want door samenwerken kan het beste uit de supply chain gehaald worden, dit is voor iedereen voordelig.
  • Waarom moet je kosten en diensten balanceren?
    Een bedrijf wil aan de ene kant lage kosten, maar aan de andere kant ook aan de vraag kunnen voldoen, oftwel hoge service bieden. Maar een hoge service betekent ook vaak hoge kosten.
  • Hoe kan je kosten en diensten balanceren?
    Het is belangrijk om prioriteiten te stellen in je KPI (Key Performance Indicators).
  • Wanneer is SCM succesvol?
    Wanneer er sprake is van efficiënte integratie van leveranciers, producenten, groothandelaren en retailers, waarbij een goede logistiek ook van belang is.
  • Welke vier strategieën zijn van belang bij SCM?
    - Push
    - Pull
    - Push-Pull
    - E-Businesses
  • Push strategie
    Bij een Push strategie wordt er geproduceerd op basis van een lange termijn vraag voorspelling en je 'duwt' jouw producten richting de klanten op basis van de voorspelling die je hebt gedaan.
  • Wat zijn consequenties van een push strategie?
    De fabrikant kijkt alleen naar de retailer en de vraag die hij van deze retailer krijgt. De lead time zal langer worden en niet flexibel.. Consequenties zijn dat je dus niet goed kan reageren op veranderingen en er een voorraad optreed waar je niets aan hebt. Je producten kunnen namelijk bederven of minder waard worden
  • Welke vragen kan je stellen bij een push strategie?
    - Hoeveel moet ik bestellen?
    - Hoeveel capaciteit heb ik nodig?
    - Moet ik me instellen op de hoogste vraag ondanks dat ik dan voorraad over heb?
    - Moet ik me instellen op de gemiddelde vraag ook al kan ik dan tekorten hebben waardoor klanten kunnen weglopen?
    - Zal ik extra productie instellen ook al brengt dat veel kosten met zich mee?
  • Pull strategie
    Bij een pull strategie komt het productieproces pas werkelijk op gang wanneer er daadwerkelijk besteld wordt door de klant. De productie is demand driven en er is geen sprake van forecasting.
  • Wat is erg belangrijk bij de pull strategie?
    Informatieoverdracht, omdat leveranciers zo goed kunnen anticiperen en reageren op de veranderende vraag. De retailer gaat dan periodiek bestellen maar geeft informatie over de vraag dagelijks of wekelijks door waardoor de manufacturer zijn productieniveaus hierop kan aanpassen.
  • Wanneer is een pull strategie niet handig?
    - Wanneer de productie lead times heel lang zijn
    - Wanneer vraag onzekerheid erg laag is
    - Wanner het heel veel kosten scheelt om in grote batches te bestellen omdat er dan schaalvoordelen behaald kunnen worden.

    Oftewel, een pull strategie is niet handig wanneer een push strategie juist praktisch is.
  • Push-pull systeem
    In dit systeem is het begin van de supply chain bepaald door een push manier en het laatste gedeelte van de supply chain op een pull manier wordt georganiseerd. Bij de push strategie is er dus sprake van weinig variatie en op het moment dat je je product gaat differentiëren, begin je ook met starten van een pull-strategie, waar meer variatie in aanwezig is.
  • In de overgang tussen de push en pull strategie bevindt zich altijd een buffervoorraad.
  • Een groot verschil is dat bij het push gedeelte sprake is van lage onzekerheid maar dat er bij het pull gedeelte juist hoge onzekerheid is.
  • POS systeem
    Een POS (Point Of Sale) systeem maat het mogelijk dat dat over wanneer en wat er gekocht wordt, in elk systeem in het hele bedrijf wordt doorgegeven.
  • E-business
    Dit is een collectie van bedrijfsmodellen en processie die gemotiveerd zijn door internet technologie en die focussen op de verbetering van het bedrijfsresultaat
  • E-commerce
    Dit is iets anders dan e-business, e-commerce gaat over de elektronische transactie van producten.
  • Brick-and-Mortar bedrijven
    Dit zijn bedrijven waar er sprake is van fysieke winkels, al gaan zij ook steeds meer webwinkels toevoegen.
  • Click-and-Mortar bedrijven
    Dit zijn bedrijven waarbij de webwinkel juist centraal staat.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Distributor Integration (DI)
Bij Distributor Integration is het belangrijk dat de distributeurs partners van elkaar worden in de supply chain. Distributeurs hebben een hoop informatie over de wensen en eisen van de klanten. Wanneer een fabrikant deze gedeelde informatie kan gebruiken, kan dit bijzonder succesvol worden. Ook is het zo dat distributeurs vaan afhankelijk zijn van de fabrikanten om de benodigde onderdelen en expertise te bemachtigen.
Bij DI is het zo dat onderdelen gedeeld worden door een netwerk van distributuers. Ook kan er voor bepaalde gespecialiseerde diensten doorverwezen worden naar de geschikte distributeur. Het resultaat hiervan is dat er een soort van risk-pooling plaats vindt.
Wat zijn de vereisten voor een effectief RSP?
1. Er is een informatie uitwisselingssysteem nodig tussen de supplier en de retailer
2. Er is veel commitment van het top management nodig van beide bedrijven aangezien er een hoop uit handen wordt gegeven, zeker door de retailer.
3. Ten slotte is er ook veel onderling vertrouwen nodig.
Vendor Managed Inventory
Dit principe gaat een stapje verder dan continuous replenishment. Dit is de meest vergaande vorm van het overdragen van het voorraadsysteem. Bij dit systeem is het belangrijk dat de supplier zelf de correcte voorraadlevels bijhoudt en de geschikte bevoorradingsmethode bepaalt. De supplier bepaalt dus zelf wanneer en hoeveel er wordt geleverd aan de inkoper.
Continuous Replenishment
Hierbij is het belangrijk dat de supplier niet alleen de POS data analyseert, maar dat deze op basis van de data ook de bevoorrading voor de retailer regelt. Deze voorraden worden met vooraf bepaalde intervallen naar de retailer gebracht om de voorraad op een bepaald punt te houden. Men spreekt dus af wanneer bestellingen worden geplaatst.
Quick Response Strategy
Suppliers ontvangen alleen data omtrent de point of sale van de retailer. De suppliëren kunnen met deze informatie bepalen wat voor een productei er nodig is aangezien de supplier weet wat de verkopen en de voorraden van de retailer zijn. Het is hierbij nog steeds zo dat de retailer zelf de bestellingen plaatst bij de supplier, maar de supplier zal een veel betere forecast kunnen maken van de vraag en daardoor kortere lead times kunnen realiseren.
Welke drie subcategorieën vallen binnen RSP?
- Quick Response Strategy
- Continuous Replenishment
- Vendor Managed Inventory
Retailer-supplier partnerships (RSP)
Er is sprake van een coöperatieve relatie tussen de supplier en de retailer. Zij gebruiken elkaars kennis en dele dus informatie om zo goed mogelijk in te kunnen schatten wat bijvoorbeeld de vraag wordt naar een bepaald product. Hierdoor ontstaan er minder fluctuaties in de keten en wordt het bullwhip effect gereduceerd. De suppliers weten immers meer over de benodigde lead time en de productie capaciteit, terwijl retailers juist veel meer kennis hebben op het gebied  van de vraag naar bepaalde producten. Door dit te combineren kan er veel accurater geleverd worden door de supplier omdat deze al voor de bestelling van de retailer weet wat deze nodig gaat hebben.
Nadelen 3PL
- Het bedrijf verliest een deel van de controle over de te outsourcen activiteiten.
- De outbound logistics (logistiek uitgevoerd door de derde partij) interacteren met de klant en dit kan voor problemen zorgen
Third Party Logistics (3PL)
De focus ligt op de invloed van de leveranciers en derde partijen die zich bezig houden met materials management en logistiek functions van het bedrijf. Hiervoor zijn lange termijn commitments nodig van beide soorten bedrijven. Hierdoor kan het bedrijf zich toeleggen op zijn core strengths, terwijl derde partijen voor de logistiek zorgen (en daar goed in zijn). Verder leidt 3PL tot verbeterde technologische flexibiliteit en verbeterde flexibiliteit op het gebied van resources en service, doordat de leverancier zelf bijv de raw materials voor de productie verzorgt, waardoor er geen tekorten zijn.
Welke drie typen van strategic alliances zijn er?
1. Third Party Logistics (3PL)
2. Retailer-Supplier Partnerships (RSP)
3. Distributor Integration (DI)