Summary Sociale psychologie

-
ISBN-10 9001700845 ISBN-13 9789001700843
824 Flashcards & Notes
114 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Sociale psychologie
  • Roos Vonk ( )
  • 9789001700843 or 9001700845
  • 2e dr.

Summary - Sociale psychologie

  • 1 Sociale psychologie (Roos Vonk) 17

  • wat is sociale invloed ?
    invloed die mensen op elkaar uitoefenen
  • Wat gebeurt er met Jerry?
    Hij wordt zo beinvloed door zijn vrienden dat hij het pak aanneemt
  • Hindsight bias:
    Als je eenmaal iets weet dan lijkt het alsof je het altijd al wist
    Hindsight = inzicht achteraf
    Bias = vertekening
  • Waar gaat sociale psychologie over? Noem een aantal voordbeelden.
    over het sociale gedrag in het dagelijkse leven.

    - onderzoek naar beleving van emoties en het onderdrukken ervan.
    - de manier waarop mensen over zichzelf denken
    - agressie
    - problemen in intieme relaties
    - prestaties van mensen in groepen
    - hoe je het beste 2 groepen kan samenvoegen zonder dat er ruzie van komt
    - hoe nemen mensen beslissingen
    - de invloed van overredende boodschappen
    - beïnvloeding 
  • Selffulfilling prophecy
    = zichzelf bevestigende voorspelling
    Een voorspelling die zichzelf waar maakt.
    Als iemand jou niet aardig lijkt, beinvloedt dit hoe je je naar die persoon toe gedraagt. Dit beinvloedt weer hoe die persoon zich naar jou toe gedraagt; onaardig
  • noem 5 voorbeelden van onderzoeksresultaten op diverse terreinen uit de sociale psychologie.
    1. Romantisch attractie. Tegenpolen trekken elkaar aan dit geldt alleen voor het kenmerk van de sekse. voor het overige vallen mensen eerder op iemand die op hen lijkt (extraversie, opleiding achtergrond, aantrekkelijkheid) 

    2. de eerste indruk:
    selffulfilling prophecy. (eerste indruk kan zichzelf bevestigen)
    als je iemand niet vertrouwd zal je hem anders behandelen en
    als je iemand intelligent inschat zal je eerder moeilijke kwesties met hem bespreken. 

    - fysieke aantrekkelijkheid (zijn vlotter en gemakkelijker in de omgang)
        Kan een effect zijn van selffulfilling prophecy

    3. Brainstromen. in een groep brainstormen komt men minder snel tot nieuwe ideeën. 

    4. Slijmen.
    verkopers strelen je ego om een apparaat te verkopen. je doet extra aardig tegen een studie genoot omdat haar aantekeningen wilt lenen enz. 

    5. Hard-to-get. Jezelf niet op een presenteerblaadje aanbieden. het tegenovergestelde van slijmen; je doet minder aardig dan je zou willen zou een goede strategie zijn om een man aan de haak te slaan. In werkelijkheid is het tegenoverstelde effectiever.
  • Bijstander- effect
    Hoe meer omstanders er zijn, hoe kleiner de kans is op hulp
  • Noem typisch sociaal psychologische aspecten.
    1. de kracht van de situatie

    2. interpretatie en waarneming van de situatie

    3. onderschatten kracht van de situatie.
  • Diffusion of responsibility
    De verantwoordelijkheid is verspreidt over meerdere mensen, waardoor het onduidelijk is wie er verantwoordelijk is. (iemand anders zal wel wat doen)
  • Een typisch sociaal psychologisch aspect is "de kracht van de situatie" Noem hiervan 2 voorbeelden.
    1. omstanderseffect (ook wel bystanderseffect) Een oorzaak is diffusion of responsibility.

    2. gehoorzaamheid. Hoever is men bereid te gaan bij het gehoorzamen aan een autoriteit? 
  • Wishfull thinking;
    Je denkt dat iets zo is, omdat je dat hoop/wilt. Je zult info positief beoordelen wanneer dit strookt met wat je wilt.
  • Een typisch sociaal psychologisch aspect is "interpretatie en waarneming van de situatie" noem 4 voorbeelden.
    1. sociale cognitie. er is een discrepantie tussen de werkelijkheid zoals deze 'echt'is en zoals deze word waargenomen. vader en zoon overlijden bij een ongeluk. in het ziekenhuis zegt de chirurg "maar dat is mijn zoon!" De chirurg is de moeder.Bij het lezen van het verhaal gaan we er vanuit dat de chirurg een man is. 

    2. cognitieve efficiëntie. Het selectief toevoegen, weglaten of veranderen van bepaalde informatie. je hebt een beeld van de euromunten maar weet ze niet tot in detail te beschrijven je weet dat de de ene munt groter is dan de andere.

    3. wishfull thinking (motivationele vertekeningen) 
    je denkt dat iets zo is om dat je dat hoopt/wenst.
    Het is prettiger te geloven dat iemand die jou overlaadt met complimenten het ook echt meent. 

    4.de sociale constructie van de werkelijkheid.
    mensen vormen de werkelijkheid waarin ze leven. zo beïnvloeden ze het gedrag van anderen en van henzelf.
    bijv. je hebt rijexamen, je denkt niet dat je het zal halen,  je bent zenuwachtig, je gaat onzeker rijden, je haalt het niet. (selffulfilling prophecy) of
    je veronderstelt dat iemand aardig is, je doet aardig tegen die persoon, hij doet aardig terug. 
  • Fundamentele attributiefout
    De neiging om de invloed van de situatie op het gedrag van mensen te onderschatten
  • Een typisch sociaal psychologisch aspect is "onderschatten van de kracht van de  situatie" noem 4 voorbeelden.
    1. fundamentele attributiefout.
    Diffusion of responsibillity kan een gevolg zijn. 

    2. cognitieve dissonantie.
    Ik ben tegen verhoging van collegegeld, ik schrijf 'geheel uit vrije wil 'een betoog voor verhoging van collegegeld.
    Dit kan door induced compilance tot stand komen= aanzetten tot meegaandheid) 

    3. zelfrechtvaardiging en zelfbedrog. 

    4. zelfveroorzaakte invloed. door egocentrische vertekening (het eigen aandeel in iets overschatten) en door de fundamentele attributiefout (het onderschatten van de situatie
  • Induced compliance
    De proefpersoon heeft volledige keuzevrijheid, maar toch wordt door de onderzoeker aangezet tot een bepaalde actie/keuze in de vorm van een verzoek. Mensen in deze situaties hebben nauwelijks in de gaten dat hun gedrag door de situatie wordt gevormd. 
  • antwoorden van mensen op wetenschappelijke vragen zijn niet altijd betrouwbaar. Hoe is te achterhalen hoe het echt zit?
    via empirisch onderzoek. Ideeën worden getoetst aan de werkelijkheid. 

    Een degelijk empirisch onderzoek is Experimentele existentiele psychologie.
  • Cognitieve dissonantie
    Je ervaart een tegenstelling (dissonantie) tussen 2 gedachten (cognitie). Dit zorgt voor spanningen en een onprettig gevoel. Om dit vervelende gevoel tegen te gaan ga je op jezelf inpraten. Op die manier kun je het voor jezelf rechtvaardigen.
  • Egocentrische vertekening
    Mensen zijn in veel gevallen geneigd hun eigen invloed te overschatten in de gang van zaken, doordat zij teveel redeneren vanuit een egocentrisch perspectief.
  • Spotlighteffect
    Mensen hebben het idee dat zijn in de spotlight staan en dat iedereen hen de hele tijd ziet, terwijl dat helemaal niet zo is.
  • test
    test
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • sociale psychologie
  • Roos vonk
  • or
  • 3rd

Summary - sociale psychologie

  • 2 Het Zelf

  • Zelfbewustzijn wil zeggen...
    dat je voor je zelf kennis kunt vergaren en verbanden kunt leggen
  • De kennis die je over jezelf hebt noemen we....
    Zelfkennis
  • Zelfwaardering wil zeggen dat...
    je op een bepaalde manier naar jezelf kijkt, dit kan op positief of negatief
  • Je kunt het bewustzijn van iemand testen aan de hand van een...
    Vlekkentest.

    dit gebeurt aan de hand van een spiegel met een vlek, iemand die zelfzelf herkent probeert de vlek te verwijderen om zichzelf te kunnen  zijn heeft een vorm van een bewustzijn
  • Wat is het ought self?
    je eigen gedrag bekijken en willen dat het op een bepaalde manier anders moet zijn
  • Wat is het ideal self?
    Wat je uiteindelijk graag wilt zijn
  • Wat is het publiek zelfbewustzijn?
    mensen hebben de neiging om naar zichzelf te kijken in een publieke omgeving, bv. een zwembad
  • Wat is het prive zelfbewustzijn?
    het tegenovergestelde van publiek bewustzijn.

    je kijkt niet naar  de omgeving, maar naar je innerlijke zelf.
  • Het publiek zelfbewustzijn helpt mee aan een aantal stoornissen in de maatschappij zoals bv alcoholisme.

    Alcohol zorgt ervoor dat je zelfbeeld daalt,  wat als prettig ervaren kan wordt als je zelfbeeld normaal niet goed is.

    Binge Eating is een stoornis die ervoor zorgt dat je hele erge vreetbuien krijgt. dit wordt als een manier  om van je bewustzijn af te komen.

      Depressie komt ook voort uit een verstoord zelfbeeld, piekeren gaat voor af aan een depressie
  • Wat is zelfreflectie?
    een gezondere manier van piekeren. Bij reflectie ben je vaak rustiger en je kijkt op een beschouwende manier.
  • Wat is Mindfulness?
    een soort meditatie waarbij je je gedachten observeert zoals ze zijn
  • Wat is Introspectie?
    op sommige momenten bij jezelf naar binnen kijken om wat op te lossen
  • Wat is het adaptief  onbewuste?
    Het onbewuste is iets wat constant bezig is.  dit zie je aan de gewoonten die mensen hebben
  • Wat is zelfperceptietheorie?
    aam de hand van je omgeving conclusies trekken over jezelf
  • Wat is een zelf-schema?
    over jezelf een gedatailleerd schema maken waarin allerlei eigenschappen van jezelf worden vermeld met concrete voorbeelden
  • Wat is een zelf-concept?
    een compleet beeld aan de hand van het zelf-schema
  • Wat is zelf-complexiteit?
    iemand die veel ingewikkelde zelf-schema's heeft
  • Wat is de self-esteem schaal?
    een schaal die een indicatie kan geven aan de hand van vragen en cijfers over je zelfwaardering
  • Wat is expliciete-zelfwaardering?
    dat je bewust nadenkt over jezelf.

    tegenovergestelde van implictiete-  zelfwaardering
  • Wat is Impliciete-zelfwaardering?
    alles wat je onbewust over jezelf denkt.
  • Wat is een stabiliteit van zelfwaardering?
    iemand die bewust positief over zichzelf denkt, ervaart hierbij ook minder vaak fluctuaties over zijn zelfbeeld
  • Wat is het contingente ?
    iemand die zijn zelfwaardering haalt uit dingen als uiterlijk of populariteit
  • mensen kunnen hun zelfbeeld koppelen aan:

    - populariteit en sociale goedkeuring (zelfwaardering): trouwen of bepaalde relaties
    - succesvol zijn(zelfwaardering): moeten presteren op het werk of school
    - innerlijke waarden(zelfwaardering) regels die je voor je zelf stelt
    - uiterlijke (zelfwaardering): fysieke presentatie
  • Noem de 4 verschillende motieven.
    1. zelfverheffingsmotief
    2. consistentiemotief
    3. accuraatheidsmotief
    4. zelfverbeteringmotief
  • wat is projectie?
    dat je innerlijke staat projecteert naar de buitenwereld
  • wat is egocentrische projectie?
    dat wanneer je een plaatje wilt beschrijven je onbewust je eigen gevoel of motivatie erop projecteert
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 3:

  • Sociale Psychologie
  • Roos Vonk
  • or
  • 3rd

Summary - Sociale Psychologie

  • 1 sociale psychologie

  • Samenvatting Hoofdstuk 1
    In de sociale psychologie wordt bestudeerd hoe de gedachten, gevoelens en gedragingen van mensen worden beïnvloed door de werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen. Aangezien mensen de hele dag door worden beïnvloed door anderen, gaat de sociale psychologie over allerlei alledaagse en maatschappelijke verschijnselen. Sociaal psychologen hanteren daarbij een bepaalde optiek. Het accent ligt op de vraag hoe mensen reageren op de situatie waarin zij zich bevinden, en hoe ze die situatie interpreteren en waarnemen. Mensen blijken sterk te worden beïnvloed door de omgeving. Dit blijkt uit verschijnselen als het omstanders-effect, gehoorzaamheid aan autoriteiten en 'induced compliance'. Vaak zijn de reacties opde omgeving geheel automatisch en onbewust, zoals de neiging om lichamelijke en mentale reacties te koppelen (embodiment) of om gedrag en gevoelens van andere mensen over te nemen, hetgeen typerend is voor de mens als groepsdier. Mensen hebben een hardnekkige neiging om de inlvoed van de situatie op hun eigen gedrag, en dat van anderen, te onderschatten.Dit soort tekortkomingen in het zelfinzicht van mensen maakt dat systemisch, empirisch onderzoek nodig is om meer te weten te komen over hoe het nu echt zit. Sociaal psychologen maken daarbij vooral gebruik van experimenten, op basis waarvan  ze causale uitspraken kunnen doen
  • 1.1.2 Definitie Sociale Psychologie

  • Wat is de definitie van Sociale Psychologie
    Sociale Psychologie is de wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten, gevoelens en gedragingen van mensen worden beïnvloed door de werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen (Allport, 1985)
  • Wanneer beïnvloeden mensen elkaar?
    De invloed die mensen op elkaar hebben is overal, de hele dag door.
  • Wat is een belangrijk uitgangspunt in de sociale psychologie als het gaat om werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen?
    Mensen worden niet zozeer beïnvloed door wat anderen feitelijk vinden, maar door wat ze denken dat anderen vinden, dat wil zeggen, door hun eigen interpretaties van het gedrag van anderen.
  • Wanneer zijn gedachten, gevoelens en gedragingen van belang voor sociaal psychologen?
    Gevallen waarin het denken, voelen en doen van mensen bewust dan wel automatisch of onbewust is, zijn voor sociaal psychologen van belang.
  • Hypersocialiteit (Dunbar & Schultz 2007)
    De mensen vormen, samen met enkele extreem sociale insectensoorten (zoals mieren), van alle dieren de meest complexe sociaal netwerken.
  • Wanneer ontstaan onze meest intense emoties? (Jaremka e.a. 2011)
    Onze meest intense emoties, zowel positief als negatief, ontstaan in relatie met anderen.
  • 1.1.3 Kuddedieren

  • Need to Belong (Baumeister & Leary, 1995)
    De behoefte van mensen om bij een groep te blijven, zich aan te passen aan elkaar en het belangrijk vinden om erbij te horen en een goed groepslid te zijn
  • Social Tuning
    Het onbewust op elkaar afstemmen van gedrag, geachten en gevoelens. Zo nemen mensen elkaars stemming over als ze bij elkaar zijn.
  • Kameleon Effect
    Het overnemen van elkaars bewegingen en mimiek. Mensen hebben de neiging  automatisch hun sociale omgeving te imiteren.
    Meer concreet: We zijn geneigd om onbewust na te doen wat we anderen zien doen.
  • Wanneer is het Kameleon Effect sterker?
    Dit effect is sterker als mensen elkaar graag mogen en als ze bij dezelfde groep horen.
  • Wat zijn Spiegelneuronen?
    Dat zijn hersencellen die de activiteiten en ervaringen van anderen weerspiegelen in het eigen breid.
  • Wat is de functie van Empathie?
    De spiegel voor de emoties van anderen schept een heel directe band tussen mensen en helpt om het gedrag van de ander razendsnel intuïtief te begrijpen.
  • 1.1.4 Alledaagse verschijnselen

  • Hindsight Bias
    Een sociaal-psychologisch verschijnsel, als je eenmaal iets weet, lijkt het alsof je het altijd al wist. Het 'Ik-heb-het-altijd-al-geweten'-effect
  • Self-fulfilling prophecy
    Een voorspelling die zichzelf werkelijkheid maakt
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 4:

  • Sociale psychologie
  • Roosje Vonk
  • 9789001780005 or 9001780008
  • 2004

Summary - Sociale psychologie

  • 1 Sociale psychologie

  • Wat wordt bedoeld met de hindsight bias?
    Het "ik heb het altijd al geweten effect". Dus als je eenmaal iets weet, lijkt het of je het altijd al geweten hebt. 
  • Wat is een self-fullfilling prophecy?
    Deze "zichzelf bevestigende voorspelling"ontstaat doordat je onbedoeld bevestiging zoekt voor je eerste indruk. Je gaat er dus naar handelen.
  • Trekken tegenpolen elkaar echt aan?
    In tegenstelling van wat vaak beweerd wordt trekken juist mensen met gelijke trekken en eigenschappen elkaar aan hebben zij langduriger relaties dan tegenpolen.
  • Wat zijn de voordelen van fysieke aantrekkelijkheid?
    mensen met een fysieke aantrekkelijkheid hebben vaak betere sociale vaardigheden. Die kan een effect zijn van Self-fullfilling prophecy, men verwacht van mooie mensen vaak ook dat ze aardiger zijn. Zij worden van jongs af aan dan ook positiever bejegend dan minder aantrekkelijke mensen. Hierdoor groeit hun zelfvertrouwen en  het biedt ook meer gelegenheid tot sociale contacten en het oefenen van de bijbehorende vaardigheden.
  • Waarom is brainstormen niet altijd de oplossing voor het vinden van een oplossing?
    Omdat gebleken is dat in een groep mensen vaak minder goed hun best doen dan als je ieder apart tot een oplossing laat komen.  Er zijn verschillende sociale factoren die het uiten van een eigen idee kunnen verstoren. Denk aan angst voor evaluatie, verliezen van motivatie en interferentie.
  • Wat is het bystander effect?
    Hoe meer omstanders, hoe minder kans op hulp. Dit komt omdat in een groep mensen zich minder snel persoonlijk verantwoordelijk voelen om hulp te bieden. "Iemand anders zal zo wel wat doen". 
  • Diffusion of Responsibility
    Het idee van "iemand anders zal dat wel doen", dus verantwoordelijkheid wordt verspreid over anderen maakt dat het onduidelijk is wie er verantwoordelijk is.
  • Wat is het verschil tussen gehoorzaamheid en conformisme?
    In beide gevallen doet men wat geboden of verboden wordt echter bij gehoorzaamheid is er sprake van een machtsverschil, bij conformisme hoeft dit niet zo te zijn. 
  • Milgram's experiment:
    Alle proefpersonen gingen tot 300 volt
    22,5 % weigerde daarna
    12,5 wachtte nog iets langer om vervolgens toch te weigeren.
    65% ging gewoon door tot de gevaarlijke 400 volt!

    Echter alle deelnemers vonden het een vreselijke ervaring.
    De factoren die van invloed hierop waren zijn:

    - zelfverzekerdheid van de onderzoeker (hij zal het wel weten)
    - autoriteit (het dragen van een witte jas)
    - nabijheid van het slachtoffer of van de autoriteit
  • voet in de deur effect:
    Eerst een klein verzoek doen waarvan je zeker weet dat het ingewilligd wordt om vervolgens met het echte grote verzoek te komen. (Het blijkt dat als mensen al eerder ergens mee ingestemd hebben, ook al is het iets kleins, zij de volgende keer eerder toestemmen bij een verzoek).
  • Welke 3 soorten onderzoek zijn er?
    Correlationeel onderzoek, Experimenteel onderzoek en quasi-experimenteel onderzoek.

    Correlationeel, zoekt het verband tussen 2 of meer variabelen die allen worden gemeten. De oorzaak is dan niet duidelijk. Om tot een duidelijke oorzaak, causale verklaring te komen is experimenteel onderzoek nodig.Daarin worden de onafhankelijke variabelen gemanipuleerd en kan worden vastgesteld wat hun effecten zijn op de afhankelijke variabelen. Bij quasi-experimenteel onderzoek zijn de onafhankelijke variabelen niet echt  onafhankelijk, maar worden zij gemeten ipv gemanipuleerd.
  • Wat zijn intuitieven theoriën?
    Dat zijn sociaal-psychologische theorieen die het resultaat zijn van niet wetenschappelijk onderzoek, je hebt ze met de paplepel ingegegoten gekregen. (via ouders, school en eigen observaties)
  • Deze intuitieve kennis is te verdelen in 2 vormen? Welke?
    Expliciete kennis en Impliciete kennis.  Expliciete kennis is de kennis die je onder woorden kan brengen, je weet dat het op vrijdag leuker in de stad is als op maandag. Je weet dat je niet alleen talent nodig hebt voor een sport om tot een topprestatie te komen. Je weet dat wat in de roddelbladen staat niet perse waar is.

    Impliciete kennis, is onbewuste kennis, je bent je niet bewust van het feit dat je die kennis toepast. Bv. (associaties)  je ruikt een geur en er komt een jeugdherinnering boven, je ziet iemand en je voelt je daar toe aangetrokken maar kan niet onder woorden brengen waarom.
  • Wat is covariantie?
    Letterlijk: het al dan niet samengaan ( of een samenhang) van 2 gebeurtenissen. Deze kennis wordt opgedaan door eigen observatie. Eigenlijk intuitieve wetenschap. (niet altijd objectief en betrouwbaar)

    Voorbeeld: Jan geeft geen aandacht aan de vrouwen die om hem heen hangen op een feestje. Karin ziet dat en besluit om die reden geen contact met Jan op te nemen. Na een week belt Jan haar op en Karin komt tot de conclusie dat "hard to get" bij mannen meer effect heeft dan "aanbieden op een presenteerblaadje".
  • Wat is een empirisch wetenschap?
    Dat wil zeggen dat theorieën worden getoetst aan feiten in de werkelijkheid.
    Kennis wordt vergaard door een systematische verzameling van gegevens.
  • Wat is een lekentheorie?
    De opvatting van de mens hoe de wereld in elkaar zit.
  • Wat is reactance theorie en wanneer treedt dit op?
    Volgens Brehm hebben mensen behoefte aan keuzevrijheid. Als zij dit niet ervaren roept dit verzet op in een poging dit gevoel weer te herstellen.
    Een optie die niet tot mogelijkheden behoort wordt opeens veel aantrekkelijker, mensen willen (onbewust) een keuzeoptie hebben, ook al is die optie iets waar ze in feite geen belangstelling voor hebben, als het gevoel van keuze er maar is. 

    Het kan ontstaan als:

    - als een product in de winkel op is
    - als je onder druk gezet wordt een bepaalde baan te kiezen
    - als je geen partner kan vinden
  • Wat zijn constructen?
    Een wetenschappelijke theorie opgebouwd uit abstracte begrippen, deze begrippen worden constructen genoemd. Hiermee wordt geprobeerd de niet-meetbare en de  direct niet-zichtbare bouwstenen van een psychologisch systeem te vatten. 

    Een voorbeeld hiervan is de reactance theorie, mensen zijn zich hier vaak niet van bewust maar deze is af te leiden uit gegevens die wel waarneembaar zijn bv het gedrag van de persoon.
  • Wat zijn causale relaties?
    Dit is de "oorzaak-gevolg" relatie tussen constructen.

    Een theorie bestaat uit constructen die onderling verbonden zijn door causale relaties. Dit impliceert dan ook dat een verandering in het ene construct een verandering in een ander tot gevolg heeft.

    Voorbeeld, beperk iemands keuzevrijheid en er komt verzet.
  • Wat wil generaliseerbaarheid van een theorie zeggen?
    Dat wil zeggen dat een theorie breed toepasbaar is  in meerdere concrete situaties. Deze theorie is "spaarzaam", en kan met zo min mogelijk constructen zo veel mogelijk gedrag in zo veel mogelijke situaties verklaren.

    Deze brede toepasbaarheid wil overigens niet zeggen dat een theorie op alle situaties van toepassing is.
  • Waarom moet een theorie falsificeerbaar zijn en wat wil dat zeggen?
    Falsificeerbaar wil zeggen dat een theorie te ontkrachten is want als een theorie niet te ontkrachten is, is hij niet toetsbaar aan de werkelijkheid. En dat druist in tegen het empirische karakter van de wetenschap. Uit een theorie moeten uitspraken over de werkelijkheid kunnen worden afgeleid. als dit niet waar is moet de theorie worden bijgeschaafd. 

    Als de stelling echter overeind blijft is het geen theorie maar een uitgangspunt, dit noemt men axioma.

    Denk aan Freud, dat vrouwen penisnijd zouden hebben.
  • Beschrijf de empirische cyclus
    Uit een theorie moeten toetsbare hypotheses worden afgeleid, deze moeten vervolgens worden getoetst aan de werkelijkheid door empirisch onderzoek. De resultaten van dit onderzoek hebben weer implicaties/gevolgen voor de theorie.

    theorie ----  hypothese ---- empirische toets ---- theorie
  • Wat zijn variabelen?
    "Kenmerken die variëren". 
    Bv. schoenmaat, gewicht, lengte, leeftijd, sekse maar ook intelligentie of de hoeveelheid biertjes die iemand op een avond drinkt.
  • Operationaliseren van variabelen
    Het vertalen van algemene begrippen naar een specifieke situatie. Zodat ze onderzoekbaar worden. B.v. hard to get gedrag van Karin vs de interesse van mannen. Die interesse is op verschillende manieren te meten, o.a. oogpupilreflex van de mannen, door het simpelweg aan mannen te vragen, door te kijken hoe lang het duurt eer een man actie onderneemt of dat hij dat uberhaupt doet. Dus zo'n variabele is op meerdere manieren operationaliseerbaar te maken.
  • Spurieuze correlatie
    Bij een verband tussen 2 variabelen, a en b, weten we niet wat de oorzaak is van wat. a kan b veroorzaken, b kan a veroorzaken  maar het zou ook kunnen zijn dat een derde variabele c, beide veroorzaakt.
  • Goed voorbeeld van spurieuze correlatie
    Op basis van gegevens  is het volgende bekend: hoe meer brandweerlieden hoe groter de schade, de correlatie is positief. Toch is het niet zo dat de brandweerlieden de schade hebben veroorzaakt, er is dus duidelijk een derde variabele in het spel: de omvang van de brand. De positieve correlatie tussen A, de schade en B het aantal brandweermannen wordt een spurieuze correlatie genoemd. Want deze correlatie is uitsluitend een gevolg van de samenhang met C, de omvang van de brand!
  • Causale uitspraak
    Uitspraak over oorzaak en gevolg
  • Wat is het belang van causale uitspraken?
    - Om gedrag te kunnen verklaren en begrijpen
    - Om gedrag te kunnen voorspellen en beheersen
  • Wat is het verschil tussen een onafhankelijke en een afhankelijke variabele?
    De onafhankelijke variabele is de oorzaak variabele, de afhankelijk is de gevolg variabele. (Het gevolg is altijd afhankelijk van oorzaak).
  • Nulhypothese 
    Een niet bevestigde hypothese wordt in de statistiek een nulhypothese genoemd.
  • Manipuleren van een variabele wil zeggen dat de onderzoeker opzettelijk de onafhankelijke variabele variëert. Daarna wordt door middel van bijvoorbeeld een vragenlijst gemeten of de afhankelijke variabele daardoor is beïnvloedt.
  • Wat is het kameleoneffect?
    Dit houdt in dat mensen hun sociale omgeving willen imiteren. We zijn onbewust geneigd om na te doen wat anderen doen.
  • Een onderzoek moet valide zijn wat houdt dit in?
    Dit wil zeggen dat de resultaten van een onderzoek echt betekenen wat we denken dat ze betekenen, dus werkelijk bestaande relaties weerspiegelen. Hierdoor zijn de resultaten ook weer terug te koppelen naar de theorie.
  • Wat zijn de aspecten van validiteit?
    Constructvaliditeit
    Interne validiteit
    Externe validitiet
  • Wat is constructvaliditeit?
    Dat de in het onderzoek gebruikte manipulaties en metingen en goede weergave zijn van het construct dat zij vertegenwoordigen, en ook daadwerkelijk betrekking hebben op het geen  je probeert te meten of te manipuleren. 

    Voorbeeld, daadwerkelijk het zelfde drankje bestellen in de kroeg als je door imitatie iemand wilt versieren in de kroeg.
  • Interne validiteit?
    Wil zeggen dat alternatieve verklaringen zoveel mogelijk uitgesloten worden.
    De onderzoeksopzet is zodanig  dat de verkregen resultaten niet op allerlei andere manieren te verklaren zijn.
  • Externe validiteit?
    Dat wil zeggen dat de resultaten generaliseerbaar zijn, naar andere personen en situaties.
  • Waardoor komt constructvaliditeit in gevaar?
    Sociale wenselijkheid,  experimenter demand of screw the experimenter effect., en het gebrek aan inzicht in onze eigen drijfveren en gedrag.
  • Hoe kunnen we sociale wenselijkheid corrigeren?
    Door het afnemen van een speciale test, de sociale wenselijkheidsschalen. Als mensen die maken, is te te zien hoe vaak zij sociaal wenselijk antwoorden en dit afwijkingspercentage kan je dan ook terug laten komen in de resultaten van de daadwerkelijke vragenlijst.
  • Wat is het Hawthorne- effect?
    Is een specifieke vorm van reactiviteit op een onderzoek.  Enkel en alleen het feit dat ze onderwerp van onderzoek waren maakte dat ze meer gingen produceren, er was niets aan hun werksituatie veranderd.
  • Reactiviteit?
    Een meting is reactief als hij iets verandert aan wat er gemeten wordt. 
    Voorbeelden zijn experimenter demand of screw the experimenter demand, maar ook iets simpels als een kleine verandering in temperatuur als je een thermometer in een vloeistof steekt.
  • Zelfrapportages hebben nadelen, welke zijn dit en hoe kan je ze ontwijken?
    Sociale wenselijkheid, Gebrek aan inzicht in eigen gedrag en denken en reactiviteit. Dit is te voorkomen door of verborgen metingen, (observatie) of door impliciete metingen, men weet dan wel dat er iets gemeten wordt maar niet wat.
  • Wat is priming? 
    Met priming worden kennis en associaties in het geheugen van iemand geactiveerd. Door deze activering wordt het concept toegankelijk voor het bewustzijn. Bijvoorbeeld door mensen het woord eb-vloed te laten onthouden (in het engels is vloed tide) en dan later naar een wasmiddelmerk te vragen. Veel mensen zeiden toen Tide, een bekend Amerikaans merk, maar ze wisten niet waarom juist dat merk.

    Of zoals de vader van Jantje heeft 3 zonen, kwik, kwek en... (jantje maar bij het horen van kwik, kwek denk je automatisch kwak) . Of ork, ork, ork, soep eet je met een....
  • Wat is subliminale priming?
    Hiebij wordt een stimulus zo kort aangeboden dat hij alleen onbewust waargenomen wordt, dit gebeurd vanaf 15 milliseconden).

    Het voordeel hiervan is dat de onderzoeker zeker weet dat de effecten volledig buiten het bewustzijn van de deelnemer optreden.

    Denk aan deelnemers die allemaal negatieve woorden via de computer kregen voorgeschoteld en daarna een indruk moesten geven over een man die Donald heette.  De mensen met de negatieve woorden ook een veel negatievere indruk over Donald hadden. Zo is ook uit Nederlands onderzoek gebleken dat als men subliminaal een foto van een lachend gezicht aanbiedt de daarop volgende stimulus veel positiever wordt ontvangen.
  • Welke 3 aspecten van onderzoek wil men kunnen generaliseren?
    De deelnemers
    De stimulusomgeving
    De meetinstrumenten
  • Wat is de universele theorie?
    Een theorie, een wetmatigheid, betreffende sociaal gedrag van mensen die in alle tijden, in alle landen en culturen geldt.
  • Wat is deceptie en hoe is dit in experimenteel onderzoek aanvaardbaar te  maken?
    Deceptie wil zeggen misleiding, bij experiment wil men graag een stukje sociale werkelijkheid nabootsen, als je de deelnemers van te voren op de hoogte zou stellen van wat er daadwerkelijk gemeten wordt of wie er nu wel of niet in het complot zit zou dit de uitslag kunnen vertekenen.

    De onderzoeker moet zich natuurlijk wel afvragen of manipulatie ook mogelijk is zonder deceptie, en meot de mogelijke schade aan het welzijn van zijn deelnemer afwegen tegen het belang van het onderzoek. Een deelnemer dient na afloop zo snel mogelijk volledig geïnformeerd worden. Dit heet debriefing. Mocht de deelnemer dan bezwaar hebben tegen verkregen gegevens dan kan de onderzoeker het gebruik hiervan ontzegt worden.
  • Welke 3 hoofdvormen van zelfbewustzijn zijn er?
    Subjectief, objectief en extensief bewustzijn
  • Wat is subjectief bewustzijn?
    Dat is een rudimentair, niet talig bewustzijn. Het komt voor bij alle levende organisme. Het is nauw verbonden met de waarneming van het eigen lichaam, het wordt gebruikt voor ruimtelijke orientatie en coördinatie van motoriek.Het vermogen tot subjectief bewustzijn is altijd aanwezig.

    Een voorbeeld is bijvoorbeeld als iemand in je persoonlijke ruimte komt, dat je dan intuitief afstand neemt van de persoon die te dicht bij staat. Maar ook het inschatten van je plek in een drukke winkelstraat, staan in een volle lift, of een overvolle trein dit wordt als onprettig ervaren. 

    Ook is het subjectief bewustzijn verantwoordelijk voor het kameleoneffect.

    Nadeel van subjectief bewustzijn:  Egocentrisme, impulsiviteit.
  • Objectief bewustzijn?
    Het vermogen jezelf herkennen als een zelfstandig object. Dit wordt zo genoemd omdat deze vorm van bewustzijn gebaseerd is op het vermogen om op een objectiverende, afstandelijke manier naar jezelf te kijken. Alsof je vanuit een 3e persoon naar jezelf kijkt.

    Objectief bewustzijn wordt vaak verhoogd als je in de spiegel kijkt of als je een geluidsopname van je eigen stem hoort.

    Objectief bewustzijn is bij jonge kinderen en sommige dieren vast te stellen door een vlekkentest. (kinderen vanaf 9 maanden, primaten en dolfijnen herkende de vlek op de spiegel en probeerde het te verwijderen.)

    Objectief bewustzijn wordt gebruikt om gedrag af te stemmen op abstracte normen en waarden.

    Een verhoogd objectief zelfbewustzijn maakt dat mensen meer hun best doen te handelen naar hun eigen normen en waarden. (Studenten die voor een spiegel hun tentamen maken kijken minder af, of zullen minder snel discrimineren enz. enze.)

    Nadeel van objectief zelfbewustzijn: leidt af bij taken die je normaal gesproken automatisch afhandelt, dit verklaart waarom mensen minder goed presteren als ze onder druk gezet worden.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 5:

  • Sociale psychologie
  • R Vonk
  • 9789001803186 or 9001803180

Summary - Sociale psychologie

  • 1 sociale psychologie

  • sociale psychologie 
    de wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten, gevoelens en gedragingen van mensen worden beinvloed door de werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen 
  • Sociale psychologie bestaat uit vier onderdelen
    Wetenschappelijke studie
    Gedachten, gevoelens en gedragingen
    Invloed
    Werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen
  • Wat is de definitie van sociale psychologie?
    Dat is de wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten, gevoelens en gedragingen van mensen worden beïnvloed door de werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen.
  • Sociale psychologie is de wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten, gevoelens en gedragingen van mensen worden beïnvloed door de werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen.

    Sociaal psychologen maken gebruik van vaak zeer geavanceerde onderzoeksmethoden om het denken, doen en voelen van mensen te doorgronden.

    Sociaal psychologen zijn niet geïnteresseerd in het uiterlijk zichtbare gedrag maar ook in de onzichtbare processen die zich 'tussen de oren' van mensen afspelen.
  • Need to belong
    Mensen willen bewust/onbewust er graag bij horen en dit heeft invloed op het gedrag
  • Wat wordt verstaan onder hypersocialiteit?
    Ons denken, doen en voelen wordt sterk beinvloed door onze anderen.
  • Wat is sociale psychologie?
    De wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten,gevoelens en gedragingen van mensen worden beïnvloed door de werkelijke of voorgestelde aanwezigheid van andere mensen.
  • hindsight bias 
    achteraf denken dat je iets had voorzien. 'ik heb het altijd al geweten'effect 
  • Wat houdt hindsight bias in?
    Het is een sociaal psychologisch verschijnsel: als je eenmaal iets weet, lijkt het vaak alsof je het altijd al wist. Hindsight = inzicht achteraf. Bias = vertekening.
  • Social tuning
    Stemming overnemen van de ander

    Mensen stemmen hun gedrag en hun zelfbeeld af op de verwachting van anderen 
  • Wat wordt verstaan onder 'need to belong'?
    We vinden het belangrijk erbij te horen, een groepslid te zijn.
  • Wat bepaalt gedrag?
    De omgeving, Nature- Nurture, Ik ben nu eenmaal zo
  • tegenpolen 
    'Tegenpolen trekken elkaar aan". Dit blijkt niet het geval te zijn. Mensen die op elkaar lijken trekken elkaar aan en zijn tevredener in relaties en blijven langer bij elkaar dan tegenpolen 
  • Kracht van de situatie
    Een van de belangrijkste veronderstellingen binnen de sociale psychologie is dat mensen sterk worden beïnvloed door hun sociale omgeving en dus door de situatie waarin ze zich bevinden.
  • Kameleon Effect 
    Het overnemen van elkaars bewegingen en mimiek
  • Wat is social tuning?
    Het onbewust op elkaar afstemmen van gedrag, gedachten en gevoelens.
  • Intentionele gevolgstrekkingen
    Bewust en doelgericht eigenschappen afleiden uit het gedrag. Bv: sollicitatiegesprek.
  • selffulfilling prophecy 
    zichzelf bevestigende voorspelling. Doordat je iemand op een bepaalde manier behandeld beinvloed je zijn gedrag. 
  • Waarom werkt brainstormen niet?
    Mensen doen soms minder hun best in groepen dan wanneer ze ergens in hun eentje voor verantwoordelijk zijn. Ook kan het luisteren naar de ideeën van anderen de eigen gedachtegang en het uiten daarvan verstoren.
  • Spiegelneuronen
    Zorgt ervoor dat we datgene wat we zien automatisch nadoen. 
  • Wat wordt verstaan onder het kameleon effect?
    Het overnemen van elkaars bewegingen en mimiek. Het kameleon effect wordt sterker als mensen elkaar graag mogen.
  • Correspondente gevolgstrekkingen
    Een eigenschap met een duidelijke één op één relatie met waargenomen gedrag. Blozen- verlegen  Voordringen-asociaal
  • fysiek aantrekkelijk 
    fysiek aantrekkelijke mensen hebben over het algemeen betere sociale vaardigheden. Dit kan een effect zijn van selffulfilling prophecy. 
  • Wat houdt het by-stander effect in?
    Hoe meer omstanders, des te kleiner de kans op hulp. Mensen voelen zich minder verantwoordelijk als er zich meerdere mensen in de buurt bevinden om hulp te bieden. Men wacht op elkaar tot iemand iets gaat doen (diffusion of responsibility).
  • Hindsight bias
    Wanneer je iets nieuws te weten komt, kun je het gevoel krijgen dat je dacht dat je het antwoord al wist. 
  • Wat zijn spiegelneuronen? 
    Hersencellen die de activiteiten, ervaringen maar ook emoties van anderen weerspiegelen in je brein. Het versterkt de groepsband en bevordert de samenwerking. 
  • `Fundamentele attributiefout

    De neiging om het gedrag van een persoon te veel te vertalen naar persoonlijkheidseigenschappen, en te weinig rekening houden met situationele invloeden.
  • brainstormen 
    in teams bij elkaar zitten om samen tot nieuwe ideeën te komen blijkt niet te werken. factoren die aan dit verschil bijdragen zijn: mensen doen in groepen soms minder goed hun best dan wanneer ze in hun eentje ergens verantwoordelijk voor zijn. een andere factor: het luisteren naar de ideeën van anderen de eigen gedachtegang en het uiten daarvan kan verstoren 
  • Wat betekent diffusion of responsibility
    De verantwoordelijkheid lijkt verspreid over meerdere mensen (diffuus), waardoor het onduidelijk is wie verantwoordelijk is. 
  • Self fulfilling prophecy 
    Iets wordt onbewust beinvloed naar jouw verwachting. 
    Een voorspelling die zichzelf werkelijkheid maakt
  • Kan sociale imitatie soortoverschrijdend zijn? 
    Ja; zie je bijvoorbeeld een paard hard rennen dan kan het zijn dat je zelf ook sneller gaat lopen. 
  • cognitieve dissonantie
    iets doen wat lijnrecht tegenover je eigen normen en waarden staat.
  • slijmen 
    als een persoon extreem aardige en positieve dingen tegen je zegt, geeft dat een goed gevoel, en dat goede gevoel heeft invloed: je gaat de persoon extra aardig vinden en daardoor zal hij meer van je gedaan krijgen. 
  • Wat wilde Milgram met zijn onderzoek onderzoeken?
    De vraag van Milgram was tot hoe ver mensen door zouden gaan met het geven van schokken.

    De centrale vraag van Milgram was ook hoe ver mensen bereid zijn te gehoorzamen aan autoriteit, zelfs als dit betekent dat andere mensen letsel wordt aangedaan.
  • Self defeating prophecy 
    Hierbij komt de voorspelling die men maakt juist niet uit. 
    De situatie verandert doordat men haar op een bepaalde manier interpreteert en zich daarnaar gedraagt. Iemand denkt bijvoorbeeld dat hij bij een sollicitatiegesprek weinig kans maakt. Daardoor slooft hij zich niet uit, maar zit er ontspannen en rustig bij. Door dit gedrag maakt hij een goede indruk en hij wordt, tot zijn verbazing, aangenomen.
  • Wat is 'hindsight bias'? 
    Hindsight bias is het idee dat als je eenmaal iets weet het vaak lijkt alsof je het altijd al wist (inzicht achteraf en vertekening). 
  • egocentrische vertekening
    Mensen die hun eigen invloed overschatten.
  • Kracht van de situatie: Sociaal psychologen leggen het accent op de externe, situationele invloeden op het gedrag van mensen 
  • Mensen reageren niet op de objectieve kenmerken van de situatie, maar hun eigen interpretaties daarvan. 
  • Het omstander-effect / bijstander-effect
    Hoe meer omstanders, des te kleiner kans op hulp. Wanneer er anderen in de buurt zijn, voelen mensen zich niet persoonlijk verantwoordelijk. 
  • Geef een voorbeeld van self-fulfilling prophecy mbt een eerste indruk.
    Als je iemand niet vertrouwt zul je hem anders behandelen dan wanneer je direct een goed gevoel bij een persoon hebt. Doordat je iemand anders behandelt beinvloed je zijn gedrag. Zo kan een eerste indruk zichzelf gaan bevestigen. 
  • Bystander effect 
    De kans op interventie in een situatie neemt af naarmate de groep groter is. Bijvoorbeeld als je een auto met pech passeert en doorrijdt omdat je er vanuit gaat dat er natuurlijk al hulp onderweg is. 
  • Wat betekent sociale cognitie?
    Voor sociaal psychologen is het van groot belang om te weten hoe mensen hun sociale omgeving waarnemen en interpreteren. Dit deelgebied van de sociale psychologie wordt sociale cognitie genoemd. 
  • Motivationele vertekening / wishfull thinking. 
    Je denkt dat iets zo is, omdat je het hoopt/wenst, en omdat het strookt met je motieven en belangen. 
    Mensen zien vaak wat ze verwachten te zien, wat ze willen zien. 
  • Wat wordt verstaan onder het omstander (bystander) effect en daarbij 'diffusion of responsibility'?
    Hoe meer omstanders hoe kleiner de kans op hulp. Als er anderen in de buurt zijn voelt men zich niet persoonlijk verantwoordelijk om te helpen. Iedereen denkt; iemand anders zal het wel doen. 
  • diffusion of responsibility
    Er vanuit gaan dat een ander wel iets zal doen, zodat hij/zij niet betrokken hoeft te raken. 
  • Mensen maken niet alleen toevoegingen bij de dingen die we waarnemen, we filteren ook dingen weg of veranderen dingen.
  • Expliciet geheugen 
    Bewust; kennis waarvan we weten dat we die hebben. 
  • Wanneer gehoorzamen mensen een autoriteit? 
    Mensen gehoorzamen als ze zich kunnen identificeren met de autoriteit en zijn doelen. 
  • gehoorzaamheid 
    gewilligheid om te doen wat bevolen worden en na te laten wat verboden wordt. Bij gehoorzaamheid is er sprake van een machtsverschil tussen twee individuen of groepen. Bij conformisme hoeft dit niet het geval te zijn. 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.