Summary SW2

-
232 Flashcards & Notes
0 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "SW2". The author(s) of the book is/are . This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - SW2

  • 1.1 Sociologie

  • In de wekelijkse discussiegroep gaat het gesprek over emancipatie "steeds meer vrouwen verkrijgen een hogere opleiding en dat zien we terug bij dokters in ziekenhuisen en rechters in de rechtbank" zegt een van aanwezigen

    Wat voor soort groepering zijn 'dokters' in het genoemde voorbeeld? kies uit de volgende mogelijkheden: groep, togetherness, sociale categorie of collectiviteit.

    Motiveer je antwoord
    Sociale categorie, geen interactie geen waardenontwikkeling /doelgroep
  • Jan is 15 jaar. Hij is nogal verlegen en sluit zich niet zo gemakkelijk aan bij andere jongeren. Hij vindt het wel eens moeilijk om alles in zijn eentje te moeten beslissen wat hij wil gaan doen. Hij blijft daarom meestal gewoon thuis. Hij zegt soms eenzaam te zijn. Ouders daarentegen zeggen dat het een echte eenling is die zich individueel goed kan reden. Zij maken zich niet zo ongerust. De jeugzorgwerker zegt tegen de ouders dat het juist op deze leeftijd van grote betekenis is dat hij een vriendenkring krijgt.

    1Bespreek 4 betekenissen van het lid van een groep zijn die de jeugzorgwerker kan vertellen aan de ouders om duidelijk te maken waarom het belangrijk is voor jan om bij een groep te behoren

    2Leg uit welke betekenis voor jan het belangrijkst zou kunnen zijn
    1 Groepen bieden informatie, steun, hulp, geborgenheid, identiteit en een referentiekader
    2 Een gemotiveerde keuze uit bovenstaande 5 betekenissen onderbouwen: ---identiteit: zonder spiegeling aan een groep niet kunnen kiezen voor identiteitsontwikkeling
    -de groep kan geborgenheid bieden
    -Referentiekader:kan ook steun bieden voor allerlei daagse vraagstukken
  • Internetgothics dragen met name veel zwart (vandaar gothics) Dit wordt echter ook gedaan met witte letters of tekens. Deze zijn onder andere Arabische geschriften. "90" ravesymbolen en internetsymbolen (vandaar internet). Ook omgekeerde kruizen, wicca sterren en disney zijn erg in trek, evenals een zwarte pet of muts, gouden sieraden en donkere makeup

    1 Is in bovenstaande casus sprake van een sub- of een contra cultuur? beargumenteer  

    2 Welke vorm(en) van cultuuroverdracht herken je in deze casus? leg beknopt uit wat je bedoelt
    1 Sub cultuur, wijkt in grote delen niet af van dominante cultuur

    2 Acculturatie= cultuur overdracht op individuen die reeds in een andere (sub) cultuur gevormd zijn. Hier dus het overnemen van overnemen van de goth stijl, de Arabische tekens, de kledingstijl, rave symbolen, sieraden
  • 1.2 Pedagogiek

  • Ieder kind wordt als onbeschreven blad geboren, leg in tien regels uit wat dit betekent
    Tabula rasa

    Men gaat steeds meer van uit dat het kind niet alleen van de moeder leert (aangeleerd) gedrag, maar dat gedrag ook aangeboren is, het kind wordt met zijn eigen persoonlijkheid en eigenschappen geboren. Het jonge kind wordt in sociaal opzicht en obeschreven blad genoemd, maar psychologisch gezien wordt het met zijn eigen persoonlijkheid geboren. In eerste instantie is het kind volledig afhankelijk van de ouder, die hem aanleert wat er van hem verwacht wordt en hoe hij in bepaalde situaties dient te gedragen. Nurture (aangeleerd) en nature (aangeboren). Bij nurture en nature gaat men ervanuit dat gedrag niet alleen aangeleerd is maar ook aangeboren
  • Deze vraag gaat over de systeemtheorie, eerst een korte casus daarna volgt de vraag

    Trees vertelt dat de relatie met haar man Karel, na een stormachtig begin, sterk bekoeld is. Haar man blijft dagen weg en als hij terug is wil hij nooit vertellen waar hij is geweest. "ik heb er wel met mijn gedachten over." zegt zij, maar ik durf er zelf niets van te zeggen "met mijn zoon Peter (8 jaar) bespreek ik vaak het gedrag van mij  man waarbij ik waarschuw dat hij niet moet worden zoals zijn vader. verder vertelt trees dat zij haar man alleen durft  te spreken als haar zoon aanwezig is. Peter neemt het bij deze conflicten altijd op voor zijn moeder. Als de moeder na deze conflicten overstuur is, is peter extra lief voor haar. Moeder vertelt vol trots hoe blij zij is met de aandacht die peter haar geeft.

    Welke begrip uit de systeemtheorie staat centraal in bovenstaande casus
    In de casus is er sprake van coalitie vorming waarbij moeder Trees een pact vormt met zoon Peter tegen haar man Karel. Hierdoor voelt moeder zich machtiger en durft haar man alleen aan te spreken in bijzijn van Karel. Zij durft haar man niet te vragen waar hij is geweest als Karel er niet bij is.
  • Er zijn, volgens Rogers drie voorwaarden nodig om zelfontplooing mogelijk te maken.

    Zijn er in bovenstaande casus voldoende voorwaarden aanwezig voor peter om te komen tot zelfontplooing? gebruik in je antwoord drie begrippen uit de theorie van Rogers
    1. Onvoorwaardelijke acceptatie of positieve waardering
    2. Openheid (echtheid)
    3. Empathie (zie voor uitleg blz 191 inleiding in pedagogiek

    De voornoemde voorwaarden hangen nauw samen met elkaar en komen gelijktijdig voor. Door deze situatie zijn er onvoldoende om te komen tot zelfontplooiing.

    Hoewel de moeder Peter hem het gevoel geeft dat hij haar helpt met de huwelijksproblemen zal Peter zich door deze problemen niet veilig voelen in het gezin. in de casus komt onvoldoende naar voren of Peter liefde, geborgenheid en genegenheid ervaart in de opvoeding. IN deze situatie is het niet mogelijk gevoel van eigen waarde te ontwikkelen en als autonoom persoon te werken aan zijn eigen ontwikkeling. Hij wordt alleen maar onzeker door.
    Er is weinig openheid in het gein en er is geen gelegenheid om eerlijk te zijn. Peter wordt min of meer gedwongen om de kant van zijn moeder te kiezen. Moeder is weinig empathisch naar de ontwikkeling van de achtjarige Peter die niet geconfronteerd dient te worden met de huwelijksproblemen van zijn ouders. De ouders kunnen zich niet inleven in de eigenheid van hem. (zie pag. 190 boek)
  • 1.3 Methodisch werken

  • De casus:

    Peter is 8 jaar, hij zit op de basisschool. Het is opgevallen dat Peter na school altijd direct naar huis gaat en eigenlijk nooit op straat speelt, of met vriendjes mee naar huis gaat ook neemt hij eigenlijk nooit kinderen mee naar huis. Op school is hij wat angstig en erg op zichzelf, hij weet zich niet zo goed te gedragen met anderen kinderen en hij wordt ook gepest. Met de juf heeft hij wel goed contact de juf heeft een keer geprobeerd Peter op een clubje te krijgen, maar peter durfde uiteindelijk toch niet.  

    Met zijn moeder trees heeft peter een hechte band. Als sociaal werker zie je daar ook nadelen aan. Een kind zou toch ook met leeftijdgenootjes op moeten trekken. Moeder heeft bij een gesprek op school verteld dat het huwelijk niet zo goed is, en dat peter wel altijd haar kant kiest. Ze verteld dat wel contact hij wel contact heeft met haar eigen familie en dat ze Peter ook wel eens op bezoek gaat bij haar twee zussen. Die ook jonge kinderen hebben.  Met de familie van haar man, Peters vader heeft ze geen contact. Vader gaat daar altijd alleen naar toe maar dat gebeurt heel weinig.

    Moeder werkt onder schooltijd als gezinshulp. Ze werkt drie maal per week als huishoudelijke hulp bij oudere hulpbehoevende mensen. Ze zorgt er voor dat ze altijd op terug is als de school uitgaat.

    Vader is weinig thuis, Hij is een tijdje werkloos geweest, maar heeft nu weer tijdelijk werk bij een woningbouwvereniging. Moeder denkt dat hij een relatie met iemand anders heeft en zoekt warmte die ze niet meer bij haar man vind nu bij haar kind.   

    Vragen:
    1De  school maakt zich zorgen over het geïsoleerde bestaan van peter, en heeft peter aangemeld bij ht Centrum voor Jeugd en Gezin. Jij moet als sociaal werker met aan de slag. Je gaat dat doen op basis van de methodische cyclus. Benoem elke fase van de cyclus en geef kort aan wat je met/voor peter en zijn moeder zou doen in elke fase 

    3 Witte vlekken: in de casus staan niet alle gegevens die belangrijk kunnen zijn, er zijn zgn. witte vlekken. Over welke onderwerpen heb jij informatie nodig om een volledig beeld te krijgen zodat je alle stappen van de methodische cyclus kan ontwerpen (noem er vier
    1A. gegevens verzamelen, zoals schoolresultaten, thuissituatie, familiebetrekkingen. (beginfase, analysefase, probleemstelling/voorbereiding of fases van wijk)

    B doelen stellen: met moeder bekijken of ze zorgen van de school deelt en hoe aan het probleem gewerkt zou kunnen worden wat het doel zou moeten zijn (bv Peter zou wel een clubje willen maar durft dit niet goed: hoe zou hij daarbij geholpen kunnen worden moeder moet nog oog krijgen voor de belangen van haar kind, zodat hij echt kind kan zijn en weerbaarder wordt, etc. (doelstelling, ontwerpfase)

    C: plan maken: afspreken wat moeder zelf gaat ondernemen en wat jij als swer gaat ondernemen (plan van aanpak/ontwerpfase

    D uitvoering: moeder en swer voeren de afspraken uit en hebben geregeld contact over de voortgang

    E Evaluatie: samen met moeder en Peter kijken wat er bereikt is en hoe hij verder kan
  • De casus:

    Peter is 8 jaar, hij zit op de basisschool. Het is opgevallen dat Peter na school altijd direct naar huis gaat en eigenlijk nooit op straat speelt, of met vriendjes mee naar huis gaat ook neemt hij eigenlijk nooit kinderen mee naar huis. Op school is hij wat angstig en erg op zichzelf, hij weet zich niet zo goed te gedragen met anderen kinderen en hij wordt ook gepest. Met de juf heeft hij wel goed contact de juf heeft een keer geprobeerd Peter op een clubje te krijgen, maar peter durfde uiteindelijk toch niet.  

    Met zijn moeder trees heeft peter een hechte band. Als sociaal werker zie je daar ook nadelen aan. Een kind zou toch ook met leeftijdgenootjes op moeten trekken. Moeder heeft bij een gesprek op school verteld dat het huwelijk niet zo goed is, en dat peter wel altijd haar kant kiest. Ze verteld dat wel contact hij wel contact heeft met haar eigen familie en dat ze Peter ook wel eens op bezoek gaat bij haar twee zussen. Die ook jonge kinderen hebben.  Met de familie van haar man, Peters vader heeft ze geen contact. Vader gaat daar altijd alleen naar toe maar dat gebeurt heel weinig.

    Moeder werkt onder schooltijd als gezinshulp. Ze werkt drie maal per week als huishoudelijke hulp bij oudere hulpbehoevende mensen. Ze zorgt er voor dat ze altijd op terug is als de school uitgaat. 

    Vader is weinig thuis, Hij is een tijdje werkloos geweest, maar heeft nu weer tijdelijk werk bij een woningbouwvereniging. Moeder denkt dat hij een relatie met iemand anders heeft en zoekt warmte die ze niet meer bij haar man vind nu bij haar kind.   


    2 Geef uit de casus een voorbeeld van micro, meso, macroniveau (twee voorbeelden per)
    2 Micro: peter en zijn moeder (client/clientsystemen) 
    Meso: School, werk, moeder 
    Macro: Pesten is een maatschappelijk probleem, politiek houdt zich daarmee bezig, werkeloosheid vader.
  • De casus:

    Peter is 8 jaar, hij zit op de basisschool. Het is opgevallen dat Peter na school altijd direct naar huis gaat en eigenlijk nooit op straat speelt, of met vriendjes mee naar huis gaat ook neemt hij eigenlijk nooit kinderen mee naar huis. Op school is hij wat angstig en erg op zichzelf, hij weet zich niet zo goed te gedragen met anderen kinderen en hij wordt ook gepest. Met de juf heeft hij wel goed contact de juf heeft een keer geprobeerd Peter op een clubje te krijgen, maar peter durfde uiteindelijk toch niet.  

    Met zijn moeder trees heeft peter een hechte band. Als sociaal werker zie je daar ook nadelen aan. Een kind zou toch ook met leeftijdgenootjes op moeten trekken. Moeder heeft bij een gesprek op school verteld dat het huwelijk niet zo goed is, en dat peter wel altijd haar kant kiest. Ze verteld dat wel contact hij wel contact heeft met haar eigen familie en dat ze Peter ook wel eens op bezoek gaat bij haar twee zussen. Die ook jonge kinderen hebben.  Met de familie van haar man, Peters vader heeft ze geen contact. Vader gaat daar altijd alleen naar toe maar dat gebeurt heel weinig.

    Moeder werkt onder schooltijd als gezinshulp. Ze werkt drie maal per week als huishoudelijke hulp bij oudere hulpbehoevende mensen. Ze zorgt er voor dat ze altijd op terug is als de school uitgaat. 

    Vader is weinig thuis, Hij is een tijdje werkloos geweest, maar heeft nu weer tijdelijk werk bij een woningbouwvereniging. Moeder denkt dat hij een relatie met iemand anders heeft en zoekt warmte die ze niet meer bij haar man vind nu bij haar kind.   

    Vragen:

    3 Witte vlekken: in de casus staan niet alle gegevens die belangrijk kunnen zijn, er zijn zgn. witte vlekken. Over welke onderwerpen heb jij informatie nodig om een volledig beeld te krijgen zodat je alle stappen van de methodische cyclus kan ontwerpen (noem er vier
    -.Schoolprestaties Peter
    -Relatie vader peter
    -Mogelijkheden van school om buiten schooltijd dingen te doen/clubs in de buurt e.d.
    -Hoe vaak heeft peter contact met neefjes /nichtjes
    -Wat doet school aan het pestgedrag
    -Relatie tussen de ouders
    - wat wil men er mee
  • Wat is je hypothese
    ik veronderstel dat het gaat om een sociaal geïsoleerd kind dat in de opvoeding tekort komt omdat zijn moeder onvoldoende zicht heeft op de belangen van haar kind, waarbij zij zelf ook in een lastige situatie verkeerd met een slecht huwelijk.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Overdraagzaamheid
Gedaante van etnocentrisme: als je groep een andere groep niet kan verdragen
Interne cohesie
Mensen zetten zich vaak af tegen het andere volk, ze willen in hun groep de in-group eenheid hebben.
Functie van netwerk
-Steun
-Geborgenheid
-Informatie
-Sociale identiteit
-Referentiekader
kern-Randleden
Mensen/leden die zich meer bewuster zijn van e waarden en normen en deze naleven van een groep
Merton heeft vier groepen onderscheiden:
-Groepen
-Collectiviteit
-Sociale categorie
-Togetherness
Sociale identiteit
Mensen voelen zich deel van bepaalde groeperingen
Sociaal kapitaal
Alle contacten die je hebt om je doel te bereiken
Netwerk analyse
Feitelijke contacten tussen mensen vastgelegd
Secundaire groepen
Groepen binnen grotere organisaties
Primaire groepen
Kenmerkt door grote intimiteit tussen de leden, primaire groepen zijn ook relatief klein. Bv het gezin of speelgroepen