Summary Taalonderwijs ontwerpen : taaldidactiek voor het basisonderwijs

-
ISBN-10 9001765467 ISBN-13 9789001765460
406 Flashcards & Notes
18 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Taalonderwijs ontwerpen : taaldidactiek voor het basisonderwijs". The author(s) of the book is/are Henk Huizenga, Rolf Robbe. The ISBN of the book is 9789001765460 or 9001765467. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Taalonderwijs ontwerpen : taaldidactiek voor het basisonderwijs

  • 1 Taalonderwijs geven 17

  • waar bestond de bemanning uit

    uit zwervers en gevangenen

  • 1.1 De inhoud van het taalonderwijs 20

  • Wat zijn de taaldomeinen?
    1. aanvankelijk lezen
    2. technisch lezen
    3. begrijpend lezen
    4. belevend lezen
    5. spelling
    6. stellen
    7. spreken en luisteren
    8. taalbeschouwing
    9. woordenschat
  • Wat houd aanvankelijk lezen in?
    Kinderen leren bij aanvankelijk lezen de beginselen van leren lezen. ze leren welke letters er zijn en moeten in staat zijn eenvoudige woorden hardop te lezen. eerste helft groep 3.
  • Wat houd technisch lezen in?

    Vaardigheid van het decoderen van teksten vergroten.

    • vlot voorlezen tekst
    • vlot herkennen van lettergroepen
    • niet betekenis
  • Wat houd begrijpend lezen in?
    de lezer moet betekenis toekennen aan de tekst.
  • Wat is studerend lezen?
    hierbij ligt de nadruk op het vastleggen en presenteren van de informatie uit een tekst.
  • wat is het doel van belevend lezen?
    het doel is dat kinderen leren zich in te leven in een personage en te laten genieten van het lezen van een verhaal.
  • Wat is spelling?

    Hoe moet je een woord schrijven. aan de hand van spellingscategorieën strategieën aanleren.
  • Wat is stellen?
    Het schrijven van teksten
  • Wat houd het domein spreken en luisteren precies in?
    Het leren omgaan met bepaalde mondelinge taalvormen, discussie of spreekbeurt. Hoe kan ik iets spannend voorlezen.
  • Wat houd het domein taalbeschouwing precies in?
    Kinderen leren reflecteren op de taalvorm. De traditionele grammatica. Zinnen ontleden e.d.
  • Wat houdt het laatste domein woordenschat in?
    Het aanleren van betekenissen van woorden, bepaalde uitdrukkingen en gezegden.
  • 1.2 Visies op taalonderwijs 25

  • Wat is de holistische benadering?
    Deze benadering ziet stellen en lezen als een totaal activiteit, waarbij de boodschap van de schrijver centraal staat. Dus het schrijven van een tekst. Hierbij maken kinderen gebruik van de vaardigheden die ze al beheersen. Men gaat ervanuit dat de leerlingen spontaan de vaardigheden ontwikkelen.
  • Wat is de Atomistische benadering?
    Deze benadering splitst lezen en stellen op in allerlei deelvaardigheden. Daarmee hoopt men de vaardigheden van lezen en stellen te verbeteren.
  • Noem de 2 verschillende vormen van instructie:
    1. productgerichte instructie: Het correct uitvoeren van een opdracht staat centraal.
    2. Procesgerichte instructie: Je gaat in op de manier waarop problemen kunnen worden opgelost.
  • Je hebt 2 verschillende vormen van oefensituaties noem beide en leg uit wat ze betekenen.
    1. Geïsoleerde oefensituatie: Activiteiten die gericht zijn op het vergroten van de taalvaardigheid.
    2. Functionele oefensituatie: Taal wordt als communicatiemiddel gebruikt. uitleggen hoe ze tot het oplossen van een bepaalde som zijn gekomen.
  • Hoe ziet de cyclus van geïsoleerd taalonderwijs naar geïntegreerd taalonderwijs eruit?

    Bestaat uit de volgende opbouw:

    1. Systematisch inoefenen van afzonderlijke vaardigheden: elke les 1 vaardigheid centraal stellen, en deze geïsoleerd oefenen tot een minimum niveau.
    2. Functionele toepassing: de geleerde vaardigheden toepassen tijdens thematische activiteiten.
    3. Reflectie op toegepaste vaardigheden: Bepalen met de leerlingen of de toegepaste vaardigheden voldoende worden beheerst. Zo niet begint de cyclus opnieuw. Ook kunnen er nieuwe vaardigheden hebben aangedaan tijdens het functionele toepassen, dan spreek je van een natuurlijke aanleiding op deze vaardigheid.
  • Wat is traditioneel taalonderwijs?

    Taalonderwijs dat:

    • de domeinen gesplitst aanbied
    • veel aandacht besteed aan deelvaardigheden
    • grotendeels werkt met geïsoleerde oefensituaties
    • en veel schriftelijke verwerkingsvormen hanteert
  • Hoe noem je een taalmethode die de lesstof heeft opgesplitst in verschillende domeinen?
    Een synthetische methode
  • Wat zijn de voor en nadelen van een synthetische methode?

    Voordelen:

    • Je kan de lesstof zorgvuldig opbouwen van makkelijk naar moeilijk.
    • je weet als docent precies wat de leerlingen al hebben gehad.

    Nadelen:

    • de leerstof is erg versnipperd
    • de lesstof speelt niet in op de belevingswereld van de leerlingen waardoor je als leerkracht zelf functionele situaties moet bedenken.
  • Wat is thematisch taal onderwijs? En wat is typerend aan deze manier van taalonderwijs?

    Uitgaan van bepaalde onderwerpen en daar verschillende taalactiviteiten aan koppelen, en proberen de om de verschillende taalvaardigheden wat meer op elkaar af te stemmen.

    Kenmerkend:

    • de domeinen zijn geïntegreerd
    • geen aandacht voor deelvaardigheden
    • er wordt gewerkt met functionele taalactiviteiten
    • gebruik makend van verschillende werkvormen
    • kinderen zijn zelf verantwoordelijk voor de uitwerking van een thema


  • Wat zijn nadelen van thematisch onderwijs?
    1. leren kinderen de taalvaardigheden wel goed genoeg
    2. je doet heel sterk een beroep op het vermogen van kinderen
    3. het is niet voor alle taalvaardigheden geschikt (grammatica)
    4. veel energie steken in de lessen als docent
    5. moeilijk een goed beeld te krijgen van wat de leerlingen beheersen
  • Thematisch onderwijs is niet goed te combineren met methodes. Omdat je hiermee de inbreng die de leerlingen normaal bij thematisch onderwijs hebben niet kunt realiseren.
  • Wat zijn de 3 centrale uitgangspunten van interactief taalonderwijs?
    1. Sociaal leren
    2. betekenisvol leren
    3. strategisch leren
  • Wat betekend het uitgangspunt Sociaal leren? En wat is de rol van de leerkracht?
    leren door samen te werken. Het ontwikkelen van taal door interactie met anderen. De rol van de leerkracht is coach en begeleider, je zorgt ervoor dat de samenwerking tussen de leerlingen goed verloopt.
  • Wat betekend het uitgangspunt betekenisvol leren? En wat i de rol van jou als docent?
    Is te realiseren door kinderen in situaties te brengen waarin ze taal op een natuurlijke manier gebruiken. (functionele situaties). De docent heeft de rol om de betekenisvolle situaties te creëren.
  • Wat betekend het uitgangspunt strategisch leren? En wat is hierbij de rol van de leerkracht?
    Leerlingen denken na over de aanpak van een bepaalde leertaak. Jij als docent controleert of de kinderen de juiste strategie toepassen bij de vaardigheid.
  • Wat is de basisstructuur van de taalronde?

    Voorbereiding: Onderwerp kiezen

    1. Maken van een kring
    2. introduceren van het onderwerp
    3. vertelronde
    4. lijstjes tekenen of schrijven
    5. tweetal gesprekken over 1 punt op het lijstje
    6. tekst schrijven
    7. voorlezen

    vervolg

  • Wat is de taalronde?
    een veelgebruikte werkvorm binnen taalvorming, hierbij zitten de leerkrachten en de leerlingen in een kring en komen de taaldomeinen aan bod.
  • Wat zijn de voordelen van de taalronde?
    1. kinderen komen spontaan tot het schrijven van een tekst
    2. ze hoeven niet na te denken over de inhoud van het gesprek
    3. spontaan schrijven wordt gevolgd door reflectie op de tekst
    4. kinderen zijn op verschillende manieren bezig met functionele taalactiviteiten.
  • Wat zijn nadelen van de taalronde?
    1. er is weinig aandacht voor strategisch leren
    2. er is geen procesmatige instructie
    3. de nadruk licht op het schrijven van de tekst
  • Wat is het verschil tussen interactief taalonderwijs en thematisch taalonderwijs?

    Bij thematisch taal onderwijs staat het thema centraal en daarbij worden functionele opdrachten bedacht.


    Bij interactief taalonderwijs kan los van thema's worden gegeven. Het gaat hierbij meer om het aanbieden van functionele activiteiten en bepaalde instructie (procesmatig)


    Ze kunnen wel goed worden gecombineerd

  • Er zijn 8 vlakken waar kinderen intelligent op kunnen zijn welke zijn dit?
    1. verbaal-linguïstisch (woordknap)
    2. logisch- mathematisch ( rekenknap)
    3. visueel-ruimtelijk ( beeldknap)
    4. muzikaal-ritmisch (muziekknap)
    5. lichamelijk- kinesthetisch (beweegknap)
    6. Naturalistisch (natuurknap)
    7. Interpersoonlijk (mensenknap)
    8. intrapersoonlijk (zelfknap)
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat houdt kwalitatieve analyse in?
Tijdens de beoordeling kijken naar het leerproces, waar ging het fout? Hoe kan de lln zich verbeteren?
Wat houdt kwantitatieve analyse in?
Tijdens de beoordeling alleen letten op het aantal goede antwoorden.
Welke 6 evaluatievormen zijn er?
1. Cijfers geven (cijfer van 1 t/m 10)
2. Beoordelingsschalen (1 2 3 4 omcirkelen)
3. Schrijftips (feedback opschrijven)
4. Werkbespreking (dmv een gesprek achterhalen hoe een kind te werk is gegaan)
5. Beoordeling door kinderen
6. Schrijfdossier (portfolio)
Lees bron 6.10 op blz 339 (taalow ontwerpen)
.
Lees bron 6.8 op blz 335 (taalow ontwerpen)
.
Welke 5 fasen kent een les waarin je hardop denkt?
1. Het oriënteren op de taak
2. Het hardop denken door de leerkracht
3. Bespreken van het resultaat
4. Het herschrijven van de tekst
5. Toepassen in een schrijfopdracht
Welke 4 fasen kent een les waarin je een voorbeeld geeft?
1. Lezen van de voorbeeldtekst
2. Bespreken van de tekstkenmerken
3. Formuleren van eisen voor te produceren tekst
4. Toepassen in een opdracht
Welke 4 instructiemethoden zijn er voor het schrijfonderwijs?
1. Het gebruiken van voorbeelden
2. Gerichte aanwijzingen
3. Hardop denken
4. Het gebruik van stappenplannen
Wat houdt het vijffasenmodel voor schrijfonderwijs in?
1. Orientatie op de inhoud
2. Formuleren van de schrijfopdracht
3. Schrijven en hulp geven tijdens het schrijven
4. Bespreken en herschrijven van teksten
5. Verzorgen en publiceren van teksten
Bekijk tabel 5.11 op blz 293-294 van je boek (taalow ontwerpen)
.