Summary The Student's Guide to Cognitive Neuroscience

-
ISBN-10 1848722729 ISBN-13 9781848722729
1139 Flashcards & Notes
16 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • The Student's Guide to Cognitive Neuroscience
  • Jamie Ward
  • 9781848722729 or 1848722729
  • 2014

Summary - The Student's Guide to Cognitive Neuroscience

  • 1 Kennisclips OU

  • Wat is het zenuwstelsel?
    Het geheel aan zenuwen in ons lijf. Zenuwen worden ook wel neuronen genoemd.

    Het zenuwstelsel kan worden onderverdeeld in Centraal en Perifeer zenuwstelsel.
  • Waaruit bestaat het centraal zenuwstelsel?
    • Hersenen
      • Grote hersenen
      • Kleine hersenen
    • Ruggemerg
  • Wat zijn de hersenen?
    Een fysiek orgaan dat ons mentaal en fysieke leven mogelijk maakt.
  • Waaruit bestaat het Perifeer Zenuwstelsel?
    • Somatisch zenuwstelsel
      • Controleert de interacties van het lichaam met de buitenwereld
        • activatie skeletspieren
        • kan door bewuste activatie

    • Autonoom zenuwstelsel
      • Controleert het inwendige lichaam, zonder bewuste acties. De organen, klieren etc.
  • Hoe is het autonoom zenuwstelsel onder te verdelen?
    • Parasympathisch zenuwstelsel
      • in rust komen van het lichaam
    • Sympathisch zenuwstelsel
      • activatie van het lichaam
  • Grove anatomie van de hersenen: hoe kun je de hersenen onderverdelen?
    • Grote hersenen
    • Kleine hersenen (cerebellum)
    • Hersenstam
  • Wat doet de hersenstam?
    De hersenstam heeft een aantal elementaire functies:
    • controleren hartslag
    • de ademhaling
    • slaap/waken 
  • Wat zijn de hersenvliezen en welke typen zijn er?
    De hersenvliezen zijn de vliezen tussen brein en schedel.

    Drie typen:
    • Dura Mater (direct achter de schedel)
    • Arachnoid (middelste hersenvlies)
    • Pia Mater (voor de hersenen)
  • Wat is de sulcus?
    Een groef in de hersenen

    het meervoud van sulcus is: sulci.
  • Wat is de fissuur?
    De fissuur is een bijzondere groef in de hersenen, namelijk die tussen de twee hersenhelften.
  • Wat is de gyrus?
    Een gyrus is een hersenwinding (de bobbel in de hersenstructuur)

    Het meervoud van gyrus is: gyri
  • Wat is de Corpus Collosum?
    De hersenbalk.

    Verbindt de rechter hersenhelft met de linkerhelft. De hersenbalk maakt de communicatie tussen beide helften mogelijk door zenuwcellen.
  • Hoe kun je de hersenkwabben onderverdelen?
    1. Frontaalkwab  - Voorkant - voorhoofdskwab
    2. Pariëtaalkwab - Bovenop - wandbeenkwab
    3. Temporaalkwab - Zijkant - slaapkwab
    4. Occipitaalkwab - Achterhoofdskwab - achterhoofdskwab
  • Wat doet de frontaalkwab?
    De frontaalkwab zorgt voor beweging, maar ook voor planning en somatosensorische verwerking.
  • Wat doet de pariëtaalkwab?
    In de pariëtaalkwab vindt integratie van zintuiglijke prikkels plaats.
    • wat we zien, horen en voelen wordt geïntegreerd.  
  • Wat doet de temporaalkwab?
    In de temporaalkwab bevinden zich verschillende functies, zoals het geheugen en de verwerking van auditieve informatie.
  • Wat doet de occipitaalkwab?
    In de achterhoofdskwab wordt visuele informatie verwerkt.
  • Wat doet de prefrontale cortex?
    De prefrontale cortex stelt de mens in staat om goede overwegingen te maken, beslissingen te nemen en zaken op een goede manier te plannen. 

    De prefrontale cortex kent een late rijping in onze ontwikkeling. Dit verklaart waarom adolescenten lastig keuzes kunnen maken of lastig kunnen plannen. 

    De prefrontale cortex is evolutionair gezien vrij nieuw: mensen hebben dit deel veel meer ontwikkeld dan andere dieren.
  • Wat is de thalamus?
    De thalamus zit in de rechter -en linker hersenhelft. Het kan worden gezien als rangeerstation in de prikkelverwerking.
  • Wat is de Basale Ganglia?
    De Basale Ganglia zit in het midden van je brein en is verantwoordelijk voor bewegingen en het initiëren daarvan.
  • Wat doet het limbisch systeem?
    Het limbisch systeem is verantwoordelijk voor de verwerking van emoties en het opslaan van herinneringen.
  • Wat doet de hippocampus?
    De hippocampus is belangrijk voor de verwerking van het geheugen.
  • Wat doet de amygdala?
    De amygdala is cruciaal voor de verwerking van emoties. De amygdala zit dichtbij het gebied van het geheugen.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • The student's guide to cognitive neuroscience
  • Jamie Ward
  • 9781841695358 or 1841695351
  • Reprinted.

Summary - The student's guide to cognitive neuroscience

  • 1.1.1 Philosophical approaches to mind and brain

  • Wat houdt the mind-body problem in?
    Hoe kan een fysieke substantie gevoelens, gedachten en emoties teweegbrengen?
  • Wat houdt dualisme in en wie is de bedenker van deze theorie?
    René Decartes geloofde dat de mind niet-fysiek was en onsterfelijk en het lichaam fysiek en sterfelijk. Hij suggereerde dat ze interacteren via de hypofyse. Stimulatie in de gevoelsorganen zou vibraties veroorzaken in het lichaam/brein die opgepikt zouder worden in de hypofyse en dit kan een niet-fysieke vorm van bewustzijn creeeren.
  • Wat was de theorie van Spinoza over mind en brein? Hoe noem je deze theorie?
    Spinoza (1632-1677) zei dat mind en brein twee verschillende niveaus waren van uitleg voor hetzelfde ding, niet twee verschillende dingen. Deze theorie noem je dual-aspect theorie en het blijft populair bij sommige huidige onderzoekers in het veld.
  • Wat wordt er met het reductionisme bedoeld? Wat is hierbij de conclusie?
    Er wordt gesteld dat ookal cognitieve, mind-based concept tegenwoordig nuttig zijn voor wetenschappelijke exploratie, ze zullen uiteindelijk vervangen worden door puur biologische constructies. Zo kunnen emoties, herinneringen en aandacht later dus vertaald worden naar patronen van neuronale firings, neurotransmitter-release).
    Conclusie: psychologie zal uiteindelijk gereduceerd worden tot biologie naarmate we steeds meer leren over de hersenen
  • 1.1.2 Scientific approaches to mind and brain

  • Wat kon Aristoteles vertellen over het brein?
    De lichaam/brein ratio was in de  meer intellectuele soorten het grootst. Maar hij claimde wel dat cognitie een product was van het hart en niet van het brein. Hij geloofde dat het brein optrad als een koelingssysteem: hoe hoger het intellect, des te groter het koelingssysteem dat benodigd is.
  • Wat dachten Galen, Vesalius in het Romeinse tijdperk over de locatie van de mentale ervaringen?
    Dat deze zich afspeelden in de ventrikels, er was niet veel aandacht voor de cortex
  • Wat houdt de phrenology van Gall en Spurzheim (1776-1832) in? Waarom was deze theorie zo belangrijk?
    Er is sprake van 2 hoofdaannames:
    • Verschillende regio's van het brein zorgen voor verschillende functies en zijn geassocieerd met verschillende gedragingen
    • De grootte van deze regio's produceert verstoringen van de schedel en correleert met individuele verschillen in cognitie en persoonlijkheid
    --> Eerste notie van functionele specialisatie binnen het brein.
  • Wat valt er te zeggen over Broca en Wernicke?
    Als er een laesie is in het Broca-gebied, dat is in de buurt van het auditieve centrum--> spraakprobleem. Wernicke laesie--> probleem met het begrijpen van taal.
  • Hoe kan cognitieve neuropsychologie beschreven worden?
    De benadering van patienten gebruiken met verkregen hersenschade om theorieen van normale cognitie te informeren.
  • Waar liggen de moderne funderingen van cognitieve psychologie?
    In de computer metafoor van het brein en de informatieverwerkings aanpak. Broadbent (1958) zei dat veel van cognitie bestaat van een volgorde van verwerkingsstadia (boxdiagrammen). De implicatie hierbij was dat men het cognitieve systeem kon snappen op dezelfde manier als  de serie stappen die worden uitgevoerd door een computerprogramma en zonder referentie naar het brein.
  • Veel cognitieve modellen bevatten een element van interactie en parallel processing. Wat is interactivity?
    Waar verwijst parallel processing naar?
    Interactivity verwijst naar het feit dat fases in processen niet geheel gescheiden zijn en dat latere stadia kunnen beginnen voordat eerdere stadia compleet zijn. Bovendien zouden latere stadie de uitkomst van de eerdere beinvloeden (top-down-processing).
    Parallel processing verwijst naar het fiet dat veel verschillende soorten informatie tegelijkertijd geproduceerd kunnen worden.
  • 1.1.3 The birth of cognitive neuroscience

  • Wat is het grote onderscheid tussen recording methods en stimulation methods in cognitieve neurowetenschap?
    Elektrische stimulatie van het brein wordt tegenwoordig amper uitgevoerd. Dit gaat nu middels magnetische en niet electrische velden en wordt transcaraniale magnetische stimulatie genoemd (TMS) deze wordt meer toegepast over de schedel dan het brein. Daarnaast heb je electrophysiological methods (EEG/ERP en single-cellrecordings) en magnethophysiological methods (MEG) deze nemen de elektrische/magnetische eigenschappen van neuronen zelf op.
    Verder heb je functionele imaging methods (PET en fMRI) welke physiologische veranderingn opnemen die geassicieerd zijn met bloedvoorziening naar het brein welke langzamer over tijd veranders--> haemodynamische methodes.
  • In welke dimensies kunnen de methodes binnen de cognitieve neurowetenschap geplaatst worden?
    • De temporale resolutie: De nauwkeurigheid met welke iemand kan meten wanneer een gebeurtenis optreedt. De effecten van hersenschade zijn permanent en dus heeft dit geen temporale resolutie as such. Methoden als EEG, MEG, TMS en single-cell recording hebben ms resolutie. PET en fMRI hebben temporale resoluties van minuten en seconden die de langzame haemodynamische respeons reflectern.
    • De spatiale resolutie: Verwijst naar de nauwkeurigheid met welke men kan meten waar een event optreedt. Laesie en functional imaging methoden hebben vergelijkbare resolutie op het mm niveau, single-cell recordings hebben daarintegen spatiale resolutie op het niveau van het neuron.
    • De invasiviteit van een methode verwijst naar of de uitrusting intern of extern gelocaliseerd is. PET is invasief omdat het een injectie nodig heeft van een radioactieve isotoop. Single-cell recordings worden uitgevoerd op het brein zelf en dat normaal alleen in niet-menselijke dieren.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 3:

  • The Student's Guide to Cognitive Neuroscience
  • Jamie Ward
  • 9781317586012 or 1317586018
  • 2015

Summary - The Student's Guide to Cognitive Neuroscience

  • 1.1 Cognitieve neurowetenschap in historisch perspectief

  • Wat is cognitie?
    Hogere mentale processen zoals: denken, aanschouwen, inbeelden, praten, handelen en plannen.
  • Wat is cognitieve neuropsychologie?
    Het is een samenhang tussen cognitieve wetenschap en cognitieve psychologie
  • Wat is het mind-body problem?
    Hoe fysieke gebeurtenissen onze gedachtes en gevoelens kunnen oproepen.
  • Wat wordt bedoeld met mind-brain problem?
    De brain is het belangrijkste onderdeel van cognitie. De mind en de brain zijn twee gescheiden stations. Hierbij de link naar het dualisme.
  • Wat houdt de theorie van het dualisme (Descartes) in?
    De geest is onsterfelijk, het lichaam niet. Deze twee zijn verbonden met de pineal gland.
  • Wat beschrijft de dual-aspect theorie?
    De mind en het brain zijn precies hetzelfde ding: Spinoza.
  • Reductionisme is een alternatieve manier voor het mind-body probleem. Wat beschrijft het?
    Nu (1995) worden emoties/gevoelens gemeten. Uiteindelijk meten we neurotransmitters en biologische processen.
  • Wat was de theorie van Aristotle betreft de grootte van de hersenen?
    Hij dacht dat het verstand uit het hart kwam en dat het brein was om het hart af te koelen. Hoe groter het hoofd hoe slimmer, want er moest meer worden afgekoeld.
  • De theorie van phrenology legt twee begrippen uit, welke?
    Dat ieder deel van de brein een eigen functie heeft. Dat de schedel vervormingen heeft door de groei van hersendelen (zoals een taalknobbel)
  • De functional specialization stamt af van phrenology. Wat beweert eerstgenoemde?
    Dat ieder deel van de hersenen een eigen functie heeft.
  • Wat verklaart de functional specialization theorie niet?
    Empirisme: je leert door ervaringen.
  • Hoe werd de functional specialization gesteund?
    Door Broca en Wernicke.
  • Wat is de cognitieve neuropsychologie?
    Je neemt mensen met hersenschade om zo theorieen uit te testen.
  • Leg uit wat er wordt bedoeld met information processing als we kijken naar de cognitie van de mens.
    Mensen leren net als een computer. Je hebt allerlei soorten geheugen: kort-lang-werk.

    Interactivity houdt in dat je stadia hebt met specifiek gedrag/gedachtes (discontinu). Latere stadia kunnen vroegere stadia beinvloeden (top down)

    Parallel processing is meerdere prikkels tegelijk verwerken.
  • Wat is het neurale netwerk?
    Het is een model van cognitie. Nodes krijgen een prikkel en laten daar een reactie op zien. Hoe groter de reactie hoe beter de node verbonden is. Wellicht is deze theorie wat overtrokken.
  • Wat heeft ervoor gezorgd dat de cognitieve neurowetenschap een groei heeft gemaakt?
    Door de cognitieve psychologen in 1980. Experimentele modellen hielpen de beeldende technologie van het brein.
  • Wat zijn de methoden van de cognitieve neurowetenschap?
    Temporale resolutie: accuraat meten wanneer een gebeurtenis optreedt (hersenscan)
    Ruimtelijke resolutie: accuraat meten waar iets optreedt

    Invasiveness is een methode die refereert of het 'equipment' zich intern of extern afspeelt.
  • Vervangt cognitieve neurowetenschap de cognitieve psychologie?
    Nee, het informeert alleen.
  • Fodor had de theorie van modularity. Wat houdt deze theorie in?
    Er zijn twee soorten cognitieve processen:
    Domein specifiek- dit is binnen een kader (kleuren bijv)
    Centrale systemen - dit is onafhankelijk van elkaar.

    Door domein specifiek te werken, werk je sneller en efficienter. 
    Het empirisme had hiertegen kritiek: deze cognitieve systemen kunnen niet aangeboren zijn.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.