Summary Thema 1 H4 Balanced scorecard

-
219 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Thema 1 H4 Balanced scorecard

  • 1 Balanced Score Card

  • Wat is de Balanced Score Card (hierna te noemen BSC)?
    De BSC is een managementsysteem dat een overzicht geeft van de prestaties van een onderneming.
  • De BSC heeft een kerngedachte, die kerngedachte gaat over het operationaliseren van bepaalde bedrijfspunten. Wat zijn deze bedrijfspunten?
    De missie en strategie van de onderneming.
  • De kerngedachte van de balanced scorecard is het operationaliseren van de missie en strategie van de onderneming in concrete, meetbare indicatoren. 
  • Traditioneel werd er vooral vanuit een financiële invalshoek naar prestaties van een onderneming gekeken. Kaplan en Norton realiseerden dat dit niet meer voldoende was. 
  • In de BSC onderkennen zij behalve de financiële invalshoek nog drie andere invalshoeken, dit zijn:
    De klant, de interne organisatie en het leer- en groeivermogen.
  • Wie winst wil maken moet tevreden klanten hebben, wie tevreden klanten wil hebben moet zijn interne processen goed op orde hebben.
  • 1.1 Historie

  • In 1991 onderzochten Kaplan en Norton 12 bedrijven die alleen maar financiële maatstaven gebruikten bij het meten van hun prestaties. De deelnemende bedrijven vonden dat deze eenzijdige invalshoek hen hinderde bij het creëren van economische toegevoegde waarde.
  • Het onderzoek leidde tot de conclusie dat een meetsysteem vier perspectieven moet integreren:
    - Het financiële perspectief;
    - Het perspectief van de klant;
    - Het perspectief van interne bedrijfsprocessen;
    - Het perspectief van innovatie en lerend vermogen.
  • Wat is belangrijk, waarvoor moet er gezorgd worden bij de BSC?
    Dat de ontwikkelde scorecard in balans is. 
  • De scorecard moet een balans geven tussen:
    • Financiële en niet-financiële indicatoren;
    • Lange- en kortetermijndoelstellingen;
    • Het interne en externe perspectief;
    • Makkelijk te kwantificeren indicatoren en meer kwalitatieve prestatiemaatstaven.
  • Men wilde meer van de scorecard, zo ging men het gebruiken voor het communiceren over nieuwe strategieën, het genereren van groei en het leveren van producten en diensten met toegevoegde waarde voor de klant. 
  • 1.2 Beschrijving van het instrument

  • Met de BSC kun je prestaties van een organisatie meten. De verkregen gegevens dienen als uitgangspunt voor het aansturen van de organisatie.
  • De visie en strategie van het (top)management worden vertaald in prestatie-indicatoren en vastgelegd in een managementoverzicht: de BSC.
  • Is de BSC een top-downmethodiek of een bottom-upmethodiek?
    Top-down want de verantwoordelijkheid en het initiatief liggen bij het topmanagement.
  • Het zoekproces bij de BSC is ingeperkt tot vier perspectieven: de klant, de financiën, het leer- en groeiperspectief en de interne organisatie.
  • Binnen elk van de vier gebieden worden de volgende zaken onderscheiden:
    • Doelstellingen: Wat wil de organisatie op de lange termijn bereiken
    • Prestatie-indicatoren: Welke zaken meten om doelen te bereiken
    • Prestatienormen: Welke scores/cijfermatige norm wil de organisatie behalen op de prestatie-indicatoren?
    • Initiatieven: Welke verbeteringen gaan er gebeuren om deze cijfermatige norm te bereiken?
  • Bij veel organisaties staat de klant centraal, het management moet dus constant op de hoogte zijn van de klanttevredenheid. Hiervoor dienen indicatoren te worden ontwikkeld die hierop van invloed zijn. 
  • Het klantperspectief valt uiteen in vier belangrijke categorieën. Welke zijn dit?
    • Doorlooptijden
    • Kwaliteit
    • Serviceverlening
    • Prijs.
  • Op welke kritieke aandachtsgebieden moet het management zijn aandacht richten om te zorgen voor voor ultieme klanttevredenheid.
  • Binnen het interne proces van waardecreatie onderscheiden we drie kernprocessen:
    • Productinnovatie
    • Werkprocessen/primaire proces
    • Verkoopproces.
  • Het is belangrijk om meetpunten te ontwikkelen voor de interne processen die de grootste impact hebben op de klanttevredenheid. Aspecten die je kunt meten zijn:
    • De doorlooptijd
    • De kwaliteit
    • De productiviteit.
  • Het is van belang dat de overall doelen vertaald moeten worden naar afdelingen en medewerkers. Op deze manier zijn de doelen helder en zullen die bijdragen aan het realiseren van de missie.
  • Bij het ontwikkelen van een BSC moet binnen het leer- en groeiperspectief met drie categorieën rekening worden gehouden:
    1. Capaciteiten van de werknemers.
    2. Capaciteiten van de informatiesystemen.
    3. Motivatie en empowerment.
  • Vergroting van het lerend vermogen is noodzakelijk om de langetermijndoelstellingen voor financiële groei te realiseren. 
  • 1. Capaciteiten van de werknemers.
    De capaciteiten van werknemers moeten zodanig worden afgestemd op het realiseren van de organisatiedoelstellingen, dat hun vaardigheden en creatieve vermogens optimaal benut worden. Over het algemeen zijn er drie kernindicatoren waarmee gedrag en de prestaties van werknemers gemeten kunnen worden:
    • Tevredenheid van de werknemers.
    • Betrokkenheid.
    • Productiviteit van de werknemers. 
  • 2. Capaciteiten van de informatiesystemen.
    Betrokkenheid, motivatie en goede capaciteiten van werknemers zijn van cruciaal belang maar dit alleen is niet genoeg. Men moet de beschikking hebben over systemen met voldoende grote informatieverwerkende capaciteit.
  • 3. Motivatie en empowerment. 
    Deze categorie indicatoren richt zich op het klimaat van de organisatie ten aanzien van motivatie en initiatief. BSC geeft drie manieren waarop het lerend vermogen kan worden gemeten:
    • Productvernieuwing.
    • Voortdurende verbetering.
    • Intellectuele activa.
  • Alles moet verband houden met de financiële maatstaven. De financiële doelstellingen fungeren namelijk als focus voor de indicatoren die vanuit de andere perspectieven zijn ontwikkeld. 
  • Door middel van financiële prestatie-indicatoren kan de organisatie zien of de implementatie en operationalisatie ervan bijdraagt aan een positief resultaat.
  • Wat is vaak het probleem bij organisaties die haast alleen sturen op de financiële maatstaven?
    Financiële cijfers leggen te veel de nadruk op het verleden ipv de toekomst.
  • Hoe kan nou inzicht worden verkregen in een organisatie als alleen maar wordt gekeken naar iedere invalshoek afzonderlijk? Het gaat er toch om tegelijkertijd te kijken naar de vier invalshoeken en de relaties tussen deze helder te krijgen. Dat klopt ook want de belangrijkste kracht van de BSC is de oorzaak- en gevolgrelaties in een organisatie simpel en overzichtelijk weer te geven. 
  • De BSC gaat uit van verbanden tussen de vier perspectieven met daarin het uitgangspunt dat doelstellingen van boven (financieel perspectief) naar beneden (leer- en groeiperspectief) worden gesteld, maar andersom worden gerealiseerd.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Je kunt risico's rangschikken en de grootte ervan in schatten door gebruik te maken van?
Kans- en gevolgklassen
De combinatie van strategieën heet?
Equilibrium
Bij de kwantitatieve methode bespreken we twee mogelijkheden welke mogelijkheden zijn dit?
Kwantitatief in risicobedragen en kwantitatief met risicofactoren.
Onafhankelijke gemeenschappen  zijn de laatste jaren flink toegenomen en bedrijven kunnen daarop rekenen. Waar zorgen die onafhankelijke gemeenschappen van deskundigen voor?
Ze zorgen voor creatieve oplossingen.
Wat doe je als je slimste medewerkers bij elkaar komen om problemen op te lossen en nieuwe ideeën aan het bedenken zijn?
Het beste is om ze met rust te laten, toch?
Wat is een voorbeeld van een niet willekeurige variatie?
Als er bijvoorbeeld defecte producten geproduceerd worden als resultaat van systematische problemen zoals onnauwkeurige temperatuur metingen.
Wat is een voorbeeld van een toevallige variatie?
Bijvoorbeeld als fluctuaties in temperatuur een chemisch proces verstoren, waardoor er defecte producten ontstaan.
Er zijn drie technieken voor het identificeren en analyseren van kwaliteitsproblemen. Welke drie technieken zijn dit?
Control charts
Pareto diagram
Cause-and-effect diagrams
Is de BSC een top-downmethodiek of een bottom-upmethodiek?
Top-down want de verantwoordelijkheid en het initiatief liggen bij het topmanagement.
Wat is conformance quality?
Conformance quality verwijst naar de prestatie van een product of dienst relatief naar haar design en product specificaties.