Summary Vastgoedeconomie Tekstboek

ISBN-10 9082983842 ISBN-13 9789082983845
283 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Vastgoedeconomie Tekstboek". The author(s) of the book is/are . The ISBN of the book is 9789082983845 or 9082983842. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Vastgoedeconomie Tekstboek

  • 1 Inleidende begrippen in de economie

  • De algemene economie probeert met behulp van modellen en theorieën de economische verschijnselen te verklaren. Voor organisaties die te maken hebben met onroerend goed is de economie van groot belang. Als een zelfstandig ondernemer een makerlaarskantoor start, krijgt hij te maken met bedrijfseconomische beslissingen: hoe zet je zo efficient mogelijk materiaal en personeel in zodat hij een maximaal mogelijk rendement behaalt? In wat voor markt opereert hij?

    Op landelijk niveau hebben bijvoorbeeld projectontwikkelaars en makelaars te maken met zaken als politieke beslissingen en internationale renteontwikkelingen, dit laatste in verband met hypotheken.

    Inkomensontwikkeling en groei van de productie binnen de Nederlandse economie zijn voorbeelden die belangrijk zijn voor te nemen investeringsbeslissingen in onroerend goed.
  • 1.1 Het begrip economie

  • Hoe worden gezinnen in de economie ook wel genoemd?
    Consumentenhuishoudingen
  • Wat betekend het begrip economie?
    Huishoudkunde
  • Hoe worden bedrijven in de economie ook wel genoemd en wat is de doelstelling van bedrijven?
    Bedrijfshuishoudingen en maximale winst tegen minimale kosten
  • Hoe noem je het maken van keuzes uit diverse alternatieven die beperkt beschikbaar zijn?
    Maximale behoeftebevrediging
  • Met de beschikbare middelen combinaties maken maken die maximaal nut opleveren ofwel het streven naar zo veel mogelijk behoeften bevredigen wordt ook wel genoemd?
    Nutsmaximalisatie
  • Hoe noemen we de spanning tussen de behoeften enerzijds en de beschikbare middelen anderzijds? Bijvoorbeeld: Een makelaarsbedrijf kan kiezen tussen een extra filiaal op een Vinex-locatie of uitbreiding van het dienstenaanbod met hypotheekverstrekking. Er is slechts budget voor een van beide opties om de behoefte aan meer winst te bevredigen.
    Schaarste
  • Een consument kan voor zijn vakantiegeld een nieuwe fiets kopen of er een reis maken. Een bedrijf kan kiezen voor meer personeel of juist meer automatisering om zo efficient mogelijk te produceren. Hoe noem je dit verschijnsel?
    Alternatief aanwendbare middelen
  • 1.2 Welvaart, welzijn, welstand

  • In Nederland kunnen we de meeste behoeften (voedsel, onderdak, transport en recreatie) redelijk tot goed bevredigen. Hoe noem je de mate waarin de spanning tussen behoeften en beperkte middelen is opgeheven?
    Welvaart
  • Deze middelen zijn kosteloos en onbeperkt beschikbaar zoals, zuurstof in de lucht, natuur, zout water uit de zee maar ook persoonlijk geluksgevoel zoals verliefd zijn. Hoe noemen we de mate van bevrediging van behoeften die niet afhankelijk zijn van schaars beschikbare middelen?
    Welzijn
  • Hoe noemen we persoonlijke voorspoed in de zin van gezond en bemiddeld zijn?
    Welstand
  • 1.3 Behoeften

  • Van welk begrip is dit de definitie: het menselijk verlangen waaraan voldaan wordt door de beschikking over schaarse goederen en diensten?
    Behoefte
  • Een eenmaal vervulde behoefte leidt vanzelf tot het ontstaan van meer behoeften. Wat is de enige rem van de behoeftebevrediging van de mens?
    Het beschikbare inkomen
  • In welke categorie valt de behoefte aan elementaire goederen, zoals voedsel, onderdak en veiligheid?
    Primaire behoeften
  • Hoe noemen we behoeften die niet noodzakelijk zijn zoals reizen en luxegoederen?
    Secundaire behoeften
  • Waar zijn tastbare goederen zoals voedsel, auto's en stoelen een voorbeeld van?
    Stoffelijke behoeften
  • Hoe noem je de behoeften aan immateriële goederen, zoals dienstverlening?
    Onstoffelijke goederen
  • In welke behoeften voorzien commerciële bedrijven de mens? Aan deze behoeften kan de mens zichzelf voorzien.
    Individuele behoeften
  • Wat zijn behoeften waar iedereen behoeften aan heeft maar deze niet individueel kan vervullen? Zoals veiligheid, rechtspraak, wegen en onderwijs.
    Collectieve behoeften
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is het verschil tussen welvaart, welzijn en welstand?
Welvaart= de mate waarin de spanning tussen behoeften en beperkte middelen is opgeheven
welzijn= mate van bevrediging van behoeften die niet afhankelijk zijn van schaars beschikbare middelen
welstand= persoonlijk voorspoed in gezondheid en bemiddeld zijn.
Wat houd schaarste in?
De spanning tussen de behoeften en de beschikbare middelen. Er moeten keuzes gemaakt worden.
Wat houd nutsmaximalisatie in?
Met beschikbare middelen combinaties maken om zodoende het maximale nut opgeleverd te krijgen
Hoe komt het dat de onroerendgoedmarkt schommelingen vertoond? Wat zijn de 3 economische oorzaken?
1. Economische conjunctuurgolven
2. Langere voorbereidingstijd en uitvoeringsduur van bouwprojecten
3. Rentestand
In de ideale marktsituatie komt er op basis van een gelijke vraag en aanbod een prijs tot stand waarmee beide partijen wel een transactie tot stand willen brengen. Dit noem je de?
Evenwichtsprijs
De extra variabele kosten bij 1 extra eenheid in de productie
Marginale kosten
De variabele kosten kunnen zich op 3 manier ontwikkelen bij het toenemen van de productie.
1. Proportioneel variabele kosten
2. Progressief variabele kosten
3. Degressief variabele kosten
Kosten die afhankelijk zijn van de productieomvang. Bijvoorbeeld: kosten van grondstoffen en lonen van het productiepersoneel.
Variabele kosten
Kosten die onafhankelijk van de productieomvang in een onderneming worden gemaakt. Bijvoorbeeld: huur- en hypotheeklasten van het bedrijfspand.
Constante kosten
De mate waarin de productiecapaciteit ook werkelijk wordt gerealiseerd drukken we uit in %
Bezettingsgraad