Summary Verkoop in de drogisterij

-
197 Flashcards & Notes
0 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Verkoop in de drogisterij

  • 1 Basiskennis en communicatie

  • Wanneer valt een artikel onder de geneesmiddelenwet?
    Wanneer een Warenwetartikel wordt aangeprezen met een medische claim (ziekte of aandoening), wordt dit artikel door deze aanprijzing een geneesmiddel en moet het ook geregistreerd worden als een geneesmiddel. 

    Bijv: drop verkopen tegen keelpijn --> geneesmiddelenwet
  • Welke 4 typen geneesmiddelen worden verkocht?
    • UR = uitsluitend op recept 
    • UA = uitsluitend apotheek 
    • UAD = uitsluitend apotheek en drogist (verkocht bij etos)
    • AV = algemene verkoop (verkocht bij etos)
  • Wat wordt aangegeven bij de algemene kenmerken in de bijsluiter?
    • kwantitatieve samenstelling
    • kwalitatieve samenstelling
    • vorm/inhoud (tablet/zalf etc)
    • tot welke groep geneesmiddelen
    • wie verantwoordelijk voor handel
    • RVG/RVH nummer
  • Wat wordt bij de indicatie/toepassingen van het geneesmiddel aangegeven in de bijsluiter?
    Onder de indicaties wordt aangegeven waarvoor het geneesmiddel is bedoeld, dat wil zeggen in welke gevallen en bij welke aandoeningen het kan worden toegepast. 
    Een indicatie voor een pijnstiller is bijvoorbeeld hoofdpijn of menstruatiepijn. 
    Een indicatie voor een kalmerend middel is bijvoorbeeld nervositeit of stress. 
  • Wat wordt aangegeven bij contra-indicaties in de bijsluiter?
    Hier wordt aandacht besteed aan de gevallen waarin het geneesmiddel niet moet worden gebruikt. 
    We noemen die gevallen ook wel contra-indicaties. 
    Pijnstillers bevatten bijvoorbeeld bestanddelen waar men overgevoelig voor kan zijn. Een contra-indicatie voor pijnstillers is dan overgevoeligheid. 
  • De dosis geeft aan hoeveel iemand per keer of per tijdvak mag innemen. Dit wordt meestal aangeduid in milliliters of milligrammen of in eenheden van de toedieningsvorm (bijvoorbeeld een hele of een halve tablet).
    De maximale dosis geeft aan hoeveel iemand per keer of per tijdvak (meestal een dag of een etmaal) hoogstens mag innemen.
    Het aantal keren dat een middel per dag (of per week) wordt gebruikt noemen we ook wel toedienings-frequentie.
    De tijd tussen twee innamen van een geneesmiddel noemen we toedieningsinterval.
  • Welke toedieningsvormen zijn er? (11)
    1. tabletten
    2. bruistabletten
    3. poeders
    4. granules
    5. dragees
    6. capsules
    7. druppels
    8. dranken
    9. tincturen
    10. suspensie
    11. zetpillen
    12. zalven
    13. cremes
  • Wat zijn granules?
    Veel geneesmiddelen laten zich niet direct vanuit een poedervorm samenpersen. 
    In dergelijke gevallen maakt men van het poeder eerst een fijne korrel, het zogeheten granulaat. 
    Granules zijn fijne korrels. 
  • Wat zijn dragees?
    Dit zijn tabletten met een aantal, meestal gekleurde, suikerlagen. 
    Door deze deklagen zijn de werkzame stoffen min of meer beschermd tegen lucht en vocht. 
    Het grote voordeel van dragees is dat er, door de zoete smaak van de suikerlagen, ook minder goed smakende stoffen eenvoudig mee kunnen worden ingenomen. 
  • Wat zijn capsules?
    Capsules zijn omhulsels die de werkzame stof omgeven met een gelatinelaagje. 
    Dit laagje lost in het maagsap op. 
    De omhulsels zijn gevuld met het geneesmiddel in poedervorm (harde capsules) of met vloeistof, meestal een olieachtige substantie (zachte capsules). 
    Er zijn ook capsules die in kokend water moeten worden gedaan, waardoor de werkzame stof vrijkomt en ingeademd kan worden (bijvoorbeeld inhalatiecapsules bij verkoudheid). 
  • Bij welke vorm geneesmiddelen gebruik je ook wel een nebulisator?
    Druppels
  • Wat zijn tincturen?
    Dit zijn alcoholische, vloeibare aftreksels van plantaardige geneesmiddelen
  • Wat is het verschil tussen zalf en creme?
    Zalven bevatten nauwelijks water, vaak wel wat stoffen in poedervorm. 
    Cremes zijn vaak water-in-olie emulsies
  • Geef drie risicogevallen.
    • Een klant met een peuter aan de hand vraagt om Paracetamol. 
      In dit geval dien je te weten voor wie het product bedoeld is. 
    • Een klant vraagt om een ongebruikelijk grote hoeveelheid van een bepaald geneesmiddel. 
    • Een klant vraagt om verschillende middelen die, door dezelfde persoon gebruikt, elkaar kunnen beïnvloeden. 
      Een zogenoemde duo-aankoop.
  • Ouderen vormen een risicogroop bij verkoop geneesmiddelen, net als zwangere vrouwen. Pubers niet. 

    Klachten kunnen behandeld worden bij PCO.
  • Wat betekent RVG?
    register verpakte geneesmiddelen
  • 2 Anatomie en fysiologie

  • Uit welke drie delen bestaat het skelet?
    • De schedel 
    • Het skelet van de romp 
    • De ledematen en gordels. 
  • Het skelet van de romp:
    Deze bestaat uit de wervelkolom, 12 paar ribben en het borstbeen.
    De wervelkolom is opgebouwd uit 34 aparte stukjes been. Dit zijn de wervels.
    Die wervels zijn niet allemaal even groot. De wervels onder aan de wervelkolom zijn groter dan de nekwervels. Dat is eigenlijk ook wel logisch, omdat de onderste wervels veel meer gewicht moeten dragen dan de bovenste.
    De ribben, het borstbeen en twaalf wervels van de wervelkolom (de borstwervels) vormen samen de borstkas. De borstkas is zeer belangrijk; deze beschermt de longen en het hart.
  • De armen zitten vast aan het skelet van de romp door de schoudergordel, de benen door de bekkengordel. De schoudergordel bestaat uit 2 sleutelbeenderen en 2 schouderbladen. 

    De arm zit alleen vast aan het sleutelbeen, het schouderblad ligt los op de achterkant van de borstkas. De bekkengordel bestaat uit twee heupbeenderen. Deze zijn aan de voorkant met elkaar vergroeid. Aan de achterkant zitten ze vast aan een aantal wervels van de wervelkolom (het heiligbeen). Het bekken is een soort beschermende schaal waarin de darmen en andere organen liggen. De armen en benen zijn ongeveer hetzelfde qua opbouw. De benen zijn echter veel steviger dan de armen. Zij moeten namelijk het gewicht van het hele lichaam dragen. 
  • Wat doet het skelet nu precies? 
    In de eerste plaats geeft het stevigheid aan het lichaam. 
    Ook beschermt het de organen en stelt het de spieren in staat het lichaam te laten bewegen.

  • Ons lichaam bestaat voor 42% uit spieren. 
    Elke spier bestaat uit langgerekte spiervezels. In één spier zitten duizenden spiervezels. 
    Aan het uiteinde van de spier komen alle spiervezels samen en vormen de pees. 
    Door middel van de pees zit de spier vast aan de botten van het skelet.
  • De dunne darm is ongeveer 6 meter lang en ligt gekronkeld in de buik. 
    Het eerste stuk van de dunne darm heet de twaalfvingerige darm. In de twaalfvingerige darm worden stoffen aan het voedsel toegevoegd waardoor het verder verteerd wordt. 
    Een orgaan dat uitkomt op de twaalfvingerige darm is de lever. 


    Darmvlokken Binnenin de dunne darm zitten kleine uitstulpingen. Deze zijn ongeveer 1mm groot en noem je darmvlokken. Kliertjes in de dunne darm scheiden darmsap af waardoor belangrijke onderdelen uit ons voedsel (zoals koolhydraten en eiwitten) worden verteerd. In de darmvlokken zitten hele kleine bloedvaatjes, de zogenaamde haarvaatjes. Die haarvaatjes nemen de verteerde koolhydraten en eiwitten op. Na enkele uren is alles wat verteerbaar is opgenomen. 
  • Geef drie functies van de lever.
    • De lever produceert gal, dat ervoor zorgt dat vetten worden afgebroken. 
    • Ook kan de lever de werking van schadelijke stoffen afzwakken of uitschakelen. We noemen dit 'ontgiften'. 
    • Bovendien zorgt de lever er ook nog voor dat ons lichaam een constante temperatuur heeft. 
  • De dikke darm is ongeveer 1 meter lang. In de dikke darm wordt geen voedsel meer verteerd. 
    De dikke darm zorgt ervoor dat water uit de overgebleven voedselresten wordt gehaald en dat dit water wordt afgegeven aan het bloed. Wat daarna aan voedselresten overblijft, is veel dikker en vaster. De ingedikte brij gaat verder naar de endeldarm. 


    Het einde 
    In de endeldarm worden alle voedselresten verzameld. 
    Aan het uiteinde worden ze tegengehouden door een spier, de anus. 
    Via de anus verlaten ze tenslotte als uitwerpselen (faeces) het lichaam. 
  • Het menselijk lichaam bestaat uit:
    • eiwit (12 %)
    • water (65 %)
    • zouten (4 %)
    • koolhydraten( 4 %)
    • vet (12 %)

    eiwit, water en zouten zijn bouwstoffen
  • Een mens heeft ongeveer 5 liter bloed in het lichaam. Dit bloed stroomt door de bloedvaten.
    Het hart is de pomp die ervoor zorgt dat het bloed door de bloedvaten blijft stromen. 
    Het stromen van het bloed noemen we de bloedsomloop. In ongeveer 1 minuut is het bloed door het hele lichaam gestroomd. 
  • Welke drie soorten bloevaten zijn er?
    • Slagaders: vanuit het hart stroomt het bloed in de slagaders. 
    • Haarvaten: de slagaders vertakken zich tot zeer fijne haarvaten. Deze zitten overal in het lichaam. Via de haarvaten komt het bloed dus op de verschillende plaatsen in het lichaam. 
    • Aders: de haarvaten komen weer samen in aders. 
      Via de aders stroomt het bloed terug naar het hart. 
  • Geef de drie soorten bloedcellen.
    • Rode bloedcellen 
      Rode bloedcellen zorgen voor het vervoer van zuurstof.


      Witte bloedcellen
      Witte bloedcellen zorgen voor het 'opeten' van ziektekiemen. Het zijn de "soldaatjes" van ons bloed. 


      Bloedplaatjes 
      De bloedplaatjes zorgen ervoor dat het bloed kan stollen. Je kunt dat zien als zich een korst vormt bij een wondje. 
  • Het strottenhoofd heeft een belangrijke taak bij het praten (de spraak). 
    In het strottenhoofd zitten namelijk de stembanden. 
    Via het strottenhoofd komt de zuurstof in de luchtpijp terecht. 
  • Wat zijn functies van de huid?
    • Bescherming bieden tegen invloeden van buitenaf 
    • Kunnen voelen (het kunnen waarnemen van warmte, kou, pijn enzovoort) 
    • Regelen van de temperatuur 
    • Opname van stoffen 
    • Uitscheiden van afvalstoffen 
    • Opslaan van reservevoedsel (in de vorm van vet) 
    • Aanmaken van vitamine D (onder invloed van zonlicht).
  • Oog: 
    De buitenste laag is de harde oogrok. 
    Deze zorgt voor stevigheid. 
    Het oogwit is het deel van de harde oogrok dat je van buitenaf kunt zien. 
    Aan de voorkant van het oog is de harde oogrok doorzichtig en heet hoornvlies
  • Oog:
    De middelste laag is het vaatvlies. 
    Het pigment in het vaatvlies bepaalt welke kleur de iris heeft. 
    Midden in de iris is een opening, de pupil. 
    De pupil kan groter of kleiner worden, afhankelijk van de hoeveelheid licht die op het oog valt. 
    Hoe meer licht, hoe kleiner de pupil. 
  • Oog:
    De binnenste laag is het netvlies. 
    Via de pupil en de lens die achter de pupil zit, komen lichtstralen op het netvlies. 
    In het netvlies liggen de zintuigcellen die zorgen voor het versturen van boodschappen naar de hersenen. 
    In de hersenen worden de boodschappen vertaald in beelden. We noemen dit 'zien'. 
  • Uit welke drie delen bestaat het oor?
    Het uitwendige oor, het middenoor en het binnenoor. 
  • Het uitwendige oor is het deel van het oor dat van buitenaf zichtbaar is. 
    Het bestaat uit de oorschelp en de uitwendige gehoorgang. 
    Aan het eind van de uitwendige gehoorgang ligt het trommelvlies. 
  • Achter het trommelvlies begint het middenoor. 
    In de holte van het middenoor, de trommelholte, liggen drie kleine beentjes: hamer, aambeeld en stijgbeugel. 
    Deze beentjes sturen het geluid door middel van trillingen door naar het binnenoor. 
    Vanuit de onderkant van de trommelholte loopt een buisje naar de keelholte. Dit is de buis van Eustachius. 
    Dit buisje zorgt ervoor dat er niet teveel druk op het oor komt te staan. 
  • Achter het trommelvlies begint het middenoor. 
    In de holte van het middenoor, de trommelholte, liggen drie kleine beentjes: hamer, aambeeld en stijgbeugel. 
    Deze beentjes sturen het geluid door middel van trillingen door naar het binnenoor. 
    Vanuit de onderkant van de trommelholte loopt een buisje naar de keelholte. Dit is de buis van Eustachius. 
    Dit buisje zorgt ervoor dat er niet teveel druk op het oor komt te staan. 
  • Het binnenoor is het deel van het oor dat diep in de schedel ligt. 
    In het binnenoor ligt onder andere het slakkenhuis. In het slakkenhuis liggen gehoorszintuigcellen. 
    Via zenuwen die rondom het slakkenhuis liggen, worden de geluidstrillingen die het oor binnenkomen doorgestuurd naar de hersenen. 
    In de hersenen worden de trillingen vertaald in geluid. We noemen dit 'horen'. 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wanneer kunnen supplementen het beste worden ingenomen? 
Het beste bij de maaltijd(en). 
De in vet oplosbare vitamines worden beter opgenomen in combinatie met de (warme) maaltijd, omdat die meestal al een hoeveelheid vet bevat. Ook vitamine C kan dan worden ingenomen, omdat het de opname van IJzer uit de maaltijd verbetert. 
Voor het B-complex maakt het tijdstip niet uit. 

Supplementen met mineralen kunnen ook het beste tijdens de maaltijd worden ingenomen. Aan de ene kant komen er in de maaltijd stoffen voor die de opname kunnen verminderen, aan de andere kant zorgt de maaltijd ervoor dat de mineralen langer in het maag-darmkanaal blijven, waardoor de opname juist weer beter wordt. 

Supplementen met alleen Calcium kunnen beter vlak voor het slapengaan worden ingenomen, omdat ze de nachtelijke botontkalking kunnen tegengaan. Bovendien zou extra Calcium tijdens de maaltijd de opname van ijzer kunnen verstoren.
Waarop moet worden gelet bij het kiezen van een multivitamine-/ mineralensupplement? 
  • Het product 12 van de 13 vitamines bevat; alleen vitamine K is niet nodig, omdat het lichaam daar zelf voor zorgt. 
  • De hoeveelheid van elke vitamine, met uitzondering van vitamine A en D, in de dagelijkse dosis niet meer dan één tot vijf maal de ADH bedraagt. 
  • De hoeveelheid mineralen en sporenelementen als dagelijkse dosis niet meer dan één maal de ADH is. 
  • Er niet meer dan 1200 mcg (650 voor kinderen tot 1 jaar) vitamine A in zit. 
  • Er geen stoffen in zitten die niet essentieel zijn. 
  • De uiterste gebruiksdatum niet is verstreken.
Wat is beter als aanvulling op de voeding: een multivitamine of een supplement waar maar één of enkele vitamines in zitten?
Het komt bijna nooit voor dat iemand van één vitamine te weinig binnenkrijgt. 
Mensen die geen vlees eten kunnen een tekort aan vitamine B12 en aan de andere B-vitamines krijgen. 
Als iemand weinig melk en melkproducten gebruikt, kan een tekort aan Riboflavine (vitamine B2) en Calcium ontstaan. 
Weinig groente eten kan een tekort aan vitamine C en Bèta-caroteen geven, maar ook een tekort aan Foliumzuur en de overige B-vitamines. 
Het is dus moeilijk om in dit soort gevallen een supplement te kiezen met maar één vitamine. Voor de zekerheid is een multivitamine dan beter.
Zijn supplementen met natuurlijke vitamines beter dan die met kunstmatige vitamines?
Nee. 

Kunstmatig samengestelde of synthetische vitamines hebben dezelfde opbouw als vitamines die van nature in het voedsel voorkomen. 
Voor het lichaam maakt het niet uit hoe ze zijn gemaakt. Het lichaam neemt synthetische vitamines uit tabletten wel makkelijker op. 
In voedingsmiddelen zijn de vitamines namelijk vaak gebonden en moeten dus tijdens de spijsvertering eerst worden vrijgemaakt. 
Dit lukt niet altijd helemaal, waardoor een deel van de natuurlijke vitamines ongebruikt het lichaam via de ontlasting weer verlaat.
Welk vitamineadvies is er voor sporters?
Deze risicogroep heeft door hun lichamelijke inspanningen die ze leveren, een verhoogde behoefte aan vitamines en mineralen. 
Dit kan worden opgevangen door gevarieerde voeding. 
Voor mensen die regelmatig aan 'zware' sporten (wielrennen en hardlopen) doen, kunnen extra anti-oxidantvitamines nuttig zijn als bescherming tegen spierschade.
Welk vitaminenadvies is er voor rokers?
Rokers hebben een hogere behoefte aan vitamine C omdat het roken zorgt voor een verhoogde hoeveelheid vrije radicalen. 
Om een normaal vitaminegehalte in het lichaam te bereiken moeten zware rokers (minstens 20 sigaretten per dag) 40% meer vitamine C innemen. 
Ook aan de overige vitamines en mineralen hebben rokers vaak een gebrek.
Wat is het advies wat betreft vitamine K bij baby's ?
  • Pasgeborenen hebben in de eerste levensweken nauwelijks vitamine K van zichzelf. 
    Daarom krijgen alle baby's kort na de geboorte via de mond 1 mg vitamine K toegediend. 
  • Baby's met borstvoeding krijgen vanaf de tweede week tot en met de derde maand een supplement met vitamine K. 
  • Baby's met zuigelingenvoeding hebben geen extra vitamine K nodig, omdat die al aan de zuigelingenvoeding is toegevoegd.
Wat is het advies aan zwangere vrouwen wat betreft vitamine A?
Gebruik leverproducten limiteren tot 15-20 g per dag. 
Als al leverproducten worden gebruikt: geen vitamine A supplementen. 
Als niet: dan juist goede aanvulling in multivitamine.
Wat is het advies aan vrouwen die zwanger willen worden/zijn wat betreft foliumzuur?
Liefst vanaf 4 weken voor in verwachting raken foliumzuur slikken en ook 8 weken daarna. Dosering: 0.4/0.5 mg. ook in supplement vorm voor gehele zwangerschap.
Voor wie wordt standaard 20 mcg vitamine D geadviseerd?
Vrouwen boven de 50 en mannen boven de 70 die ook een donkere huidskleur hebben, of die ook weinig buitenkomen.