Summary Verzorgingssociologie : voor de gezondheidszorg en hulpverlening

-
ISBN-10 9062831931 ISBN-13 9789062831937
234 Flashcards & Notes
8 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Verzorgingssociologie : voor de gezondheidszorg en hulpverlening". The author(s) of the book is/are Willem Visser. The ISBN of the book is 9789062831937 or 9062831931. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Verzorgingssociologie : voor de gezondheidszorg en hulpverlening

  • 1 Het structureel functionalisme De systeembenadering

  • Wat is sociologie?
    De wetenschap van sociale processen 
  • 1.1 Uit wat bestaat het voortbestaan van de samenleving?
    Mensen hechten in hun leven veel waarde aan zekerheid en veiligheid. In deze denkwijze (structureel functionalisme) staat het voortbestaan van de samenleving, het leven van gezinnen , individuen, groepen en instellingen en het bredere geheel steeds op het spel.
  • Wat is interdepedentie?
    - Mensen zijn fundamenteel van elkaar afhankelijk 
    * mensen beïnvloeden elkaar dwingend
    * machtsverhoudingen kunnen asymmetrisch zijn

  • Wat is het rode draad bij de benadering van structureel functionalisme?

    Rode draad bij deze benadering zijn de maatschappelijke verschillen tussen mensen en de sociale ongelijkheid. De nadruk ligt op het bijeen houden van de samenleving en het oplossen van problemen.
  • Waaruit bestaat verzorgingssociologie?
    ! Helft van je leven ben je hulpbehoevend
    - niemand kan voor zichzelf zorgen
    - mensen kunnen, is zorgen dat anderen voor hen zorgen
    - meestal op wederkerige basis (tegen prestatie)

    * de kracht van de zwakken is hun hindermacht
  • 1.2 Structuren de maatschappij als machine

    Hoeveel verschillende onderdelen of (deel) structuren kent de maatschappij?

    -Economische structuur (bedrijven, organisaties, instellingen)
    - Het politieke bestel; politieke partijen, gemeenten, provincies, ministeries
    - Gezondheidszorg; instellingen, ziekenhuizen, huisartsen
    - Sociale systeem; verzekeringen, uitkeringen, dienst- hulpverlening
    - Onderwijssysteem
    - Instellingen op het gebied van cultuur, sport, recreatie, massamedia
    - Leef en woongemeenschappen van individuen, gezinnen,

       verenigingsleven en buurtgemeenschappen

  • Hoe is de verzorgingsstaat ontstaan?
    Door het uitvouwen van interdepedentieketens zijn verzorgingsarrangementen ontstaan -> verzorgingsstaat
  • Noem de 2 hoofdstromingen waarmee maatschappelijke problemen aangepakt kunnen worden

    1. Een traditioneel ingestelde stroming legt de nadruk op handhaving van debestaande orde, sociale controle en op naleving van ingeburgerde normen en waarden. Al dan niet met negatieve sancties, onderdrukking en repressies
    2. De progressieve stroming (vernieuwende stroming) wijst op het belang van socialisatie, onderwijs en overreding in het zoeken van nieuw evenwicht bij moderne ontwikkelingen, conflicten of maatschappelijke belangentegenstellingen. Zij zien meer heil in het geven van bijvoorbeeld voorlichting.

  • Wat is een voordeel van de verzorgingsstaat?
    Het biedt een oplossing voor de problemen van het samenleven
  • 1.2.2. Functies en disfuncties

    Benoem de 2 betekenissen van het begrip functies

    1. Functie kan als positie worden gezien, het ambt dat iemand bekleed om

        bepaalde activiteiten te verrichten binnen het geheel.
    2. De functie kan als bijdrage van elk onderdeel van het geheel gezien

        worden. Bepaald kan worden welke functie een onderdeel heeft binnen

        het geheel.

  • Omschrijf de functie van sociologie:
    1. Helpt de sociale werkelijkheid te duiden
    2. Problemen in hun sociale context te zien
    3. Biedt een wetenschappelijke fundering
  • Wat is kenmerkend voor het structureel functionalisme?

    Vaak geredeneerd wordt vanuit het geheel naar de onderdelen toe. Het geheel is meer dan de som der delen.
  • Wat maakt sociologie een "wetenschap"?
    - sociologie is een vorm van betweterij (goudsblom)
    - sociologen bestuderen de problemen van het samenleven
    - sociologie als een "empirische" wetenschap
  • Waarop legt het structureel functionalisme de nadruk op ?

    Op allerlei vormen van disfunctioneren en afwijkend gedrag omdat deze uiteindelijk het hele systeem kunnen ontregelen.
  • Wat is wetenschap?
    - systeem van kennis
    - kennis over bepaalde aspecten van de werkelijkheid
    - kennis als abstractie van de werkelijkheid
    - deze kennis is superieur aan die van leken
  • 1.3. De systeembenadering

    De samenleving zijn op zich zelf sturende systemen. Welke 4 functies moeten ze waarmaken om voort te bestaan?

    1. Aanpassen aan de omgeving
    2. Doelrealisering
    3. Sociale integratie
    4. Waardebinding en cultuuroverdracht

  • Wat verstaan we onder de sociale werkelijkheid?
    - sociaal in brede zin
    - maatschappij staat niet tegenover individu
    - relatieve autonome processen (Elias)
  • Geef een beschrijving van aanpassing aan het systeem

    Maatschappijen moeten zich aanpassen aan de eisen van een voordurend veranderende natuurlijke en sociale omgeving. Dit vindt voornamelijk via het economisch subsysteem plaats, denk aan de internationale positie van Nederland wat betreft het bedrijfsleven in vergelijking tot de rest van de landen.
  • Wat zijnde 6 sociale bestaansvoorwaarden?
    1. Alle mensen hebben dagelijks voedsel nodig
    2. Ze hebben beschutting nodig
    3. Ze behoeven bescherming tegen rovers en roofdieren
    4. Ze hebben affectie van anderen nodig
    5. Ze kunnen niet zonder de kennis over de wereld om hen heen
    6. Ze moeten zich kunnen beheersen : ze kunnen niet zonder sturing 
  • Geef een beschrijving van Doelrealisering

    systemen zullen zichzelf doelen moeten stellen. Dit vind plaats via de politieke subsystemen, zij hebben de macht om anderen ertoe te laten bewegen en tot actie te laten komen.

  • Wat zijn de 5 bestaansvoorwaarden voor samenlevingen?
    1. Productie en distributie (arbeidsdeling)
    2. Reproductie (socialisatie & cultuuroverdracht)
    3. Externe beveiliging (soevereiniteit)
    4. Interne beveiliging (recht & orde)
    5. Solidariteit (wij-gevoel)
  • Geef een beschrijving van Sociale integratie

    Systemen moeten hun interne samenhang veilig kunnen stellen. Hiervoor is het sociale subsysteem, het geheel van instanties die tot taak hebben de onderlinge solidariteit in stand te houden, conflicten te vermijden. Zij gebruiken invloed, het middel om mensen ergens toe te bewegen, te motiveren. 
  • Wat is een samenleving?
    Een samenstel van mensen in afhankelijkheidspatronen
  • Geef een beschrijving van Waardebinding en cultuuroverdracht
    De motivatie en (geloofs) overtuiging moet er zijn om het op te nemen voor het geheel en deze in stand te houden. Het gezin, onderwijs en media zijn met hun socialiserende patronen en cultuuroverdracht belangrijk hierin.

     
  • Wat zijn de 2 soorten verwachtingen volgens Thomas theorema?
    1. Zelfbevestigende (faalangst)
    2. Zelfweerleggende (overmoedig)
  • 1.3.1. De dynamiek van systemen

    Beschrijf in het kort de beweging van de maatschappij

    De maatschappij is constant in beweging, ook de onderdelen (subsystemen) ervan.  Ze bewegen naast elkaar, beïnvloeden elkaar, maken wel of geen plaats voor elkaar. Soms lijdt dit tot afsplitsing in het geheel en dit kan spanningen opleveren.  

     
  • Waarom was armenzorg collectief goed?
    1. Voor de veiligheid
    2. Aanhouden van arbeidsreservoir
    3. Verzekeren van evt. eigen tegenspoed
  • Waarop legt de systeemtheorie sterk de nadruk op?
    Op interne verhoudingen tussen verschillende deelsystemen en met name op hun onderlinge grenzen.
  • Noem 2 belangrijke ontwikkelingen van steden:
    - agrarische revolutie -> sedentarisatie
    - Industriële revolutie -> bevolkingsgroei
  • Verhouding tussen centrum en periferie

    Wat is een belangrijk aspect binnen grotere gehelen?

    is de verhouding tussen het machtscentrum van het grote geheel en de periferie, de onderdelen. Als de onderdelen door het centrum onderdrukt worden kunnen er afscheidingsbewegingen ontstaan en er streven is naar eigen autonomie. Het is zoeken naar de juiste toon en een goede balans.
    Daarnaast is de onderlinge geldstroom belangrijk. Het balanceren in het geven en nemen is erg belangrijk in een maatschappij (of geheel.)

  • Wat was het gevolg van urbanisatie?
    Er ontstond stedelijke problematiek (overlast van paupers)

    Urbanisatie= migratie naar de stad
  • Grenzen

    Waarvoor zijn grenzen nodig?

    Grenzen zijn nodig in alle systemen, zowel geografische gebieden als landsgrenzen, provincies, dorpen. Ook kunnen landen gedeeltes overdragen en samen een groter geheel vormen zoals de EU of de VS.
    Ook door de individualisering is het belangrijk duidelijke grenzen te stellen aan wat wel en niet mag. Soms kent een individu zijn of haar plaats in de samenleving niet meer, weet niet meer waar hij recht op heeft en wat van hem verwacht wordt. 
     
  • Waardoor kwam er overheidsbemoeienis?
    Door de externe effecten van armoede, onwetendheid en ziekte
  • Systeembenadering en gezinnen

    Waarom worden gezinnen ook als systeem gezien? 

     Gezinnen worden ook als systeem gezien, ook zij moeten de vier functies waarmaken om te blijven bestaan. Omgevingsfactoren als: inkomen, onderwijs, gezondheidszorg etc.
    Doelen van het gezin zijn bv: Kinderen groot brengen, carrière maken, ideale woonsituatie creëren.
    Sociale integratie: Als het gezin financiële problemen heeft, werkloosheid, veiligheid bieden etc.
    Waardebinding: Waarden en normen die het gezin heeft, richting geven aan eigen leven
  • Waarvoor diende de medische politie?
    - voor toezicht op de openbare hygiëne
    - stelde stadsbestuur in staat het gedrag van burgers te beheersen
  • Grenzen binnen het gezin

    Welke 2 extreme grenzen zijn er te zien binnen het gezinsysteem?

    1. De gezinskluwen : Te vage grenzen voor kinderen, het gezin creëert een eigen microkosmos. Communicatie en zorg naar elkaar neemt toe. De verhoogde saamhorigheid neemt toe, maar daardoor neemt de geringe autonomie van de afzonderlijke gezinsleden af. Onderlinge afstand verminderd, grenzen vervagen. Een gezinskluwen reageert op iedere afwijking van het ‘normale’ te snel en te hevig.
    2. Het los-zand- gezin: Functioneren erg autonoom , gebrek aan saamhorigheid, juist erg zelfstandig apart van elkaar. 
     
  • Noem belangrijke problemen door de jaren heen:
    1500: landloperij en paupers -> armenzorg door priesters
    1850: de sociale kwestie -> sociale wetgeving
    1950: sociale ongelijkheid -> uitbouw VZS
  • Standaardisering

    wat is standaardisering?

     Standaardisering is het uitsplitsen van werkprocessen in vaste kleinere werkeenheden, deelprocessen en deelverrichtingen om het werk beheersbaar te maken en uiteindelijk meer winst te maken. (denk aan naald gieten, afsnijden, punten)
  • Waarom ontstonden er collectieve arrangementen?
    Als remedie tegen externe effecten (eigenbelang)
  • Het marktproces en de arbeidsmarkt

    Wat is differentiatieproces?

    differentiatieproces= een nieuwe schakel in het proces (nieuwe diensten/ producten die af te nemen zijn) ontstaat doordat mensen/ bedrijven winst willen maken. Ze zullen moeten voldoen aan de behoeftes van de afnemer.  
  • Waarom ontstond institutionalisering?
    Als oplossing voor het dilemma van collectieve actie gingen we van verzorgingsarrangementen naar verzorgingsinstituties
  • Waar leidt differentiering tot?

     Differentiëring leidt tot specialisering en professionalisering door ontwikkeling van nieuwe producten of diensten. Ook ontstaan er nieuwe beroepen. Bedrijven zullen mensen moeten aantrekken doormiddel van goede arbeidsvoorwaarden om hiermee de aantrekkingskracht te verhogen. Anderzijds leidt differentiering tot vereenvoudiging en standaardisering van werk of statusverlaging van banen.
    Het onderwijs zal zich moeten aanpassen aan de eisen en behoeften van de arbeidsmarkt.
  • Noem de 3 dimensies van de collectivisering van verzorgingsarrangementen:
    1. Schaal:dorpse armenzorg -> nationale verzorgingsstaten
    2. Collectief karakter: vanuit individuele gebruikers tot formele regelingen
    3. Verstatelijking: vanuit particulier initiatief tot bureaucratisch apparaat
  • Maatschappelijke gevolgen van differentiëringsproces

    wat is het differentiëringsproces?

    Hetdifferentiëringsproces is de kern van het moderniseringsproces en maakt van het maatschappelijk systeem een steeds complexer geheel. Beroepen ontstaan en verdwijnen, raken steeds meer geautomatiseerd,  dit kan ervoor zorgen dat individuen zich een radartje of onderdeeltje van de grote machine voelen.

  • Wat is een verzorgingsstaat? (Thoenes 1962)
    - systeem van overheidsingrijpen
    - handhaving van productiesystemen kapitalistisch
    - democratisch 
  • Anomie (normloosheid)

    Wat gebeurt er met de industriële ontwikkeling als proces van differentiatie?

     De industriële ontwikkeling als proces van differentiatie dringt steeds dieper door op de alledaagse facetten van mensen. Ieder krijgt een eigen rol toebedeeld (standaardisering) en is tegelijkertijd afhankelijk van anderen.
    De economische crisis en een te grote nadruk op winstfactor (automatisering) kan leiden tot anomische arbeidsdeling (Anomie: in moderne maatschappijen gelden de traditionele normen niet meer, maar er zijn nog geen nieuw normen ontwikkeld waar mensen zich aan vast kunnen houden)
    De verdeling van de beschikbare arbeid wordt als onrechtvaardig gezien en leiden tot onrust in de samenleving.
    Ook in tijden van welvaart wanneer er hoge lonen worden toegeëigend is een bedreiging voor een harmonieuze samenleving. Zo ontstaat de tweedeling tussen arm en rijk.
    Sommige zien een omslag van het Rijnlandse/ poldermodel (waarin mensen redelijk met elkaar zijn en tot overeenstemming kunnen komen, humane onderhandelingen tussen werknemers en werkgevers) naar het Angelsaksische model (die staat voor het streven naar eigen belang, hebzucht en onbegrensd egoïsme) 

  • Noem de 4 functies van een verzorgingsstaat:
    1. Verzekeren
    2. Verzorgen
    3. Verheffen
    4. Verbinden
  • Van  een gesegmenteerde naar en functionele samenleving

    Wie is de grondleggen van structureel functionalisme?

     

    Emile Durkheim (grondlegger structureel functionalisme) belicht de ontwikkeling naar een steeds gedifferentieerde samenleving in de verschuiving van gesegmenteerde naar functionele samenlevingen.



  • Noem een aantal problemen door de jaren heen in de VZS:
    Jaren 50: armoede -> opbouw welvaart
    Jaren 60:sociale ongelijkheid -> verdeling welvaart
    Jaren 70: paternalisme -> democratisering
    Jaren 80: oplopende kosten -> liberalisering/vermaking
    Jaren 90: calculerende burger -> eigen verantwoordelijkheid
    Jaren ''00: sociale desintegratie -> sociale cohesie & veiligheid
  • De gesegmenteerde samenleving

    Waaruit bestaat de maatschappij

     De gesegmenteerde samenleving
    De maatschappij bestaat uit segmenten, ieder lid van de samenleving hoort tot een van deze segmenten en krijgt daar een plaats of positie aangereikt. Er is sprake van mechanische solidariteit: iedereen kent zijn plaats en wordt op zijn plaats gehouden. Mensen worden ingedeeld in klasse en geloofsrichting er zijn verschillen in macht, rijkdom en aanzien. Daarmee zijn uitbuiting en onderdrukking kenmerken van dit type samenleving. Voorbeeld is de zuilensamenleving.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

6. De autonomen?

Relativeren of verwerpen arbeid en consumptie in hoge mate. Zij leven meestal van een uitkering en slagen erin hun behoeften af te stemmen op de beperkte middelen waarover zij beschikken. Ze solliciteren niet of nauwelijks, maar hebben hun eigen (legale) bezigheden zoals verenigingswerk, een studie of hobby's. Er is geen sprake van misbruik of oneigenlijk gebruik van de sociale zekerheid.

 

5. De calculerende ?
Zijn op korte termijn niet op zoek naar werk en maken geen gebruik van formele kanalen en middelen. Zij maken misbruik of oneigenlijk gebruik van de sociale zekerheid om extra inkomsten te verwerven.
4. De ondernemenden?
blijven vasthouden aan de doelen van arbeid en een hoger consumptieniveau, maar proberen dit langs informele en illegale wegen te realiseren. zij hebben een instrumentele kijk op arbeid: (informele) arbeid dient vooral om een hoger inkomensniveau te bereiken.
3. De retraitisten?
De rtraitisten streven niet meer naar arbeid en een hoger consumptieniveau en zien voor zichzelf geen enkel perspectief op betaald werk. Zij hebben zich teruggetrokken van de arbeidsmarkt en berusten in deze situatie.
De ritualisten?
De ritualisten hebben de hoop op betaalde arbeid en een hoger consumptieniveau opgegeven, maar houden wel vast aan de waarden en attitudes ten aanzien van arbeid en socile zekerheid. Ondanks het feit dat ze niet meer verwachten een baar te krijgen, blijven ze de gangbare middelen aanwenden om werk te zoeken.
Er zijn 6 typen werklozen volgens Engbersen. Welke zijn dat?
1. De conformisten blijven de doelen van arbeid en een hoger consumptieniveau nastreven met behulp van de gangbare middelen (solliciteren, scholing, enz.); zij onderschrijven de gevestigde waarden enattitudes ten aanzien van arbeid en sociale zekerheid.
Wat voor mensen zijn de ritualisten en innovatieven?

Deze twee vormen twee middencategorieen. De ritualisten volgen de regels van de samenleving, maar hecht in feite geen belang aan het centrale doel.

Bij de innovatieven is het andersom ze volgen geen regel van de samenleving, maar hecht in feit belang aan het centrale doel.

Wat voor mensen zijn de rebellen?

Ze onderscheiden zich doordat zij de bestaande doelen en middelen niet alleen afwijzen, maar tevens willen vervangen door nieuwe.

Vb. het gaat om mensen die zich tegen 'de consumpietmaatschappij' keren en zich richten op vormen van participatie die zijn belangrijker vinden dan betaalde arbeid.

Wat voor mensen zijn retaitisten?
Retraitisten staan enerzijds zowel het doel als de middelen afwijzen.
Wat voor mensen zijn conformisten?  
Conformesten zijn mensen die het centrale culturele doel, zoals het verrichten van betaald werk, onderschrijven en die  zich van de gangbare middelen ( actief zoekgedrag) bedienen om aan dit doel te voldoen.