Summary Wat iedereen van het Nederlands moet weten en waarom

-
ISBN-10 9035130839 ISBN-13 9789035130838
247 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Wat iedereen van het Nederlands moet weten en waarom". The author(s) of the book is/are Nicoline van der Sijs Jan Stroop Fred Weerman. The ISBN of the book is 9789035130838 or 9035130839. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Wat iedereen van het Nederlands moet weten en waarom

  • 1 Verschillende manieren van taalverwerving

  • Wat is het verschil tussen bewuste en onbewuste kennis van taal?
    Onbewuste kennis -> taalregels die iedereen kent, maar waarvan de meeste taalgebruikers niet beseffen dat ze die kennen (moedertaalsprekers)
    Bewuste kennis -> expliciete kennis van de regels van het Nederlands 
  • Lastig NL > hoe bepaal je de plaats van het werkwoord (persoonsvorm)?
    Daarvoor is het noodzakelijk om de persoonsvorm (vervoegde vorm van het werkwoord) en de onvervoegde vorm te onderscheiden. In een mededelende hoofdzin staat de persoonsvorm VOOR het lijdend voorwerp en de onvervoegde vorm ERNA. Ik LEES (= persoonsvorm) een boek. Ik ga (= persoonsvorm een boek LEZEN ( = onvervoegde vorm).
  • Wat gebeurt er als in het NL een ander zinsdeel dan het onderwerp aan het begin staat?
    Dan wisselen persoonsvorm en onderwerp van plaats: Een boek LEES IK en niet Een boek IK LEES. En in een NL (onderschikkende) bijzin staat de persoonsvorm op een andere plaats dan in een hoofdzin. Ik LEES EEN BOEK. Ik zeg dat ik EEN BOEK LEES.
  • Waarmee hebben kinderen die NL als tweede taal verwerven, wel moeite?
    Kennis van de twee woordgeslachten in het NL (de en het)
  • Wat is conclusie uit manier waarop 3 verschillende groepen taalverwervers 2 aspecten van het NL verwerven?
    Taalgebruik kinderen met NL als tweede taal lijkt op eentalige kinderen -> hoeveelheid fouten en SOORT fouten. De fouten van de kinderen vertonen systematiek, maar in fouten van volwassenen is systematiek minder evident.
  • Is er een kritische periode voor taalverwerving?
    Ja, en kinderen verwerven taal op een andere manier dan volwassenen.
  • Wat betekent thermometer voor het NL?
    Kinderen met NL als tweede taal zijn thermometer voor het NL die aangeeft hoe groot kans is kans dat bepaald taalverschijnsel in toekomst verdwijnt uit taal. Zij krijgen thuis minder taalaanbod dan eentalige NL kinderen. Dit geldt niet voor regels die sterk verankerd zijn in taalsysteem, maar voor regels die niet (meer) zo duidelijk zijn. Regels 'op de schopstoel' worden niet meer opgepikt.
  • Wat betekent 'geslacht is de blindedarm van het NL'?
    Kinderen die NL als tweede taal verwerven, leren zonder probleem de plaats van het werkwoord, maar regels waarin geslacht een rol speelt (zoals vervoeging van bijvoeglijke naamwoorden) pikken ze niet meer op.
  • 2 Wat is dat, ongrammaticaal?

  • Hoe kun je zeggen of een zin grammaticaal is of niet voordat je de regels van de grammatica kent?
    Oordelen over grammaticaliteit berusten op intuitie, taalgevoel. Mensen hebben onbewust weet van het systeem op basis waarvan ze hun zinnen bouwen en andermans zinnen begrijpen. Je weet niet wat je weet.
  • Waartussen moeten we onderscheid maken?
    Competence (taalvermogen, taalintuitie) en Performance (taalvermogen, verwerkingsstrategieen, geheugen, afleidbaarheid)
  • Wat wil de grammaticus?
    Performance-factoren bij het beoordelen van zinnen zoveel mogelijk uitschakelen
  • Hoe zijn storende factoren uit te filteren bij het nagaan of een zin grammaticaal is?
    Ze neutraliseren met goede instructies voor de beoordelaars (de 'informanten') De informant moet ook de betrokken taal beheersen als zijn moedertaal. In de praktijk is de taalkundige vaak zijn eigen informant (hij kent de voetangels en klemmen van de performance).
  • 2.2 Tornoremat connecticut!

  • Wat is nodig voor gefundeerde oordelen over wat grammaticaal is?
    goede beheersing van de taal, veel taalbeschouwelijkheid, voorstellingsvermogen en introspectie.
  • Wat is ongrammaticaliteit?
    'lexicale' fouten, verkeerd gebruik van voornaamwoorden (die, dat) 
  • 2.3 What's next? Kontak tussen de mensen

  • Wanneer sloeg de democratisering toe?
    Rond 1970. Vanaf die tijd kregen leraren en onderwijzers steeds minder zin om plat- of krompratende leerlingen te verbeteren
  • Wat stond in het rode boekje voor scholieren (1970)?
    Op school wordt de taal gemaakt tot een rijtje regels die niets te maken hebben met het kontakt tussen de mensen. De fase van 'het democratische ABN' trad in: Nederlands pik je vanzelf wel op. Grammatica, reflecteren over taal, komt nog maar sporadisch aan bod 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Van Ginneken: interdisciplinaire taalkunde
schreef in 1917 twee schoolboeken, waarin 'levende' taal centraal staat. Hij was betrokken bij de introductie van de structurele linguistiek, de meest dominante taaltheoretische stroming (1e helft 20e eeuw). Richtte zich op klankleer (fonologie).
Den Hertog: wetenschap in dienst van het onderwijs
heeft bijgedragen aan inzicht in structuur van NL zinnen.
Ten Kate: regels zonder uitzondering
bekend geworden door 'historisch-vergelijkende taalwetenschap'. 
Een vertaling is
het eindeloos zoeken naar het juiste woord, juiste manieren van zeggen, wendingen in contexten etc.

Vertalingen zijn volwaardige teksten die de NL lezer een zo getrouw mogelijk functioneel beeld geven van het origineel. Is dus meer een concrete eigentijdse uitvoering van een opera, dan een reproductie van een schilderij.
Wanneer is er pas NL taaltrots
als taal dreigt te verloederen (vervangen van NL door ENG als werktaal in onderwijs, spellingshervormingen)
Wat is de belangrijkste oorzaak van vernederlandsing van Fries?
In de periode dat het Fries door het kind als moedertaal geleerd wordt, het NL de dominante taal is of wordt. In de Fries-NL contactsituatie is de aanwezigheid van het NL (vanaf basisschool) zo overheersend, dat de verwerving van het Fries niet op een normale wijze kan worden afgemaakt.

Er ontstaat zo geen evenwichtige tweetaligheid, omdat NL taalkundig domineert.
Wat gebeurt er met het Fries door de invloed van het NL?
de Friese woordenschat, de uitspraak en het grammaticale systeem veranderen.
Waarom is het gebruik van Fries stabiel, ondanks concurrentie met NL?
- Sociale status (niet sociaal onderscheidend)
- Functie/gebruik (in domeinen gezin, familie, dorpsgemeenschap, werk)
- Waardering (Friezen zien Fries als een taal net als NL)
Wat is het provinciale taalbeleid in Friesland?
gelijkberechtiging van het Fries op gebied van onderwijs, officiele verkeer en rechtspraak. 
Friezen zijn
in de loop van de 20e eeuw tweetalig geworden. Het Fries en NL zijn elkaars concurrenten geworden.