Summary Wegwijs in de belastingheffing van ondernemingen

-
ISBN-10 901239113X ISBN-13 9789012391139
793 Flashcards & Notes
15 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Wegwijs in de belastingheffing van ondernemingen". The author(s) of the book is/are Sdu Uitgevers. The ISBN of the book is 9789012391139 or 901239113X. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Wegwijs in de belastingheffing van ondernemingen

  • 1 Wegwijs in de belastingheffing van ondernemingen

  • Aan een bron van inkomen worden 3 eisen gesteld:
    - deelname aan het maatschappelijk verkeer
    - beogen van geldelijk voordeel
    - in redelijkheid kunnen verwachten van geldelijk voordeel
  • 1.3 Inkomstenbelastingheffing

  • In beginsel zijn alle inwoners van Nederland betrokken in de inkomstenbelastingheffing.
  • De wet zal het volgende moeten regelen voor het heffen van belasting:
    - van wie er wordt geheven (belastingsubject)
    - waarover wordt geheven (belastingobject)
    - hoeveel wordt geheven (belastingtarief)
    - hoe en wanneer wordt geheven (invordering)
  • Met name de eerste twee aspecten zijn van belang, omdat hiervoor medewerking van de belastingplichtige vereist is.
    Het uitrekenen van de belasting op basis van het tarief kan dan eenvoudig worden berekend. De belastingdienst kan vervolgens heffen en innen.
  • Duidelijk kenbaar moet zijn:
    - wie de belastingplichtige is
    - waarover kan worden geheven
  • 1.3.1 Woonplaats

  • art. 2.1 Wet IB 2001 geeft al onduidelijkheid, zo staat het begrip "wonen" niet verder gedefinieerd, dit wordt dan vervolgens weer verder gedefinieerd in artikel 4 AWR.
    De Belastingdienst moet het initiatief nemen voor het uitreiken van een aangiftebiljet indien men vermoedt dat men belastingplichtig is. De belastingplichtige heeft de verplichting om binnen 6 maanden een aangiftebiljet bij de inspecteur aan te vragen indien deze niet is uitgereikt.
    In de praktijk gunt de Belastingdienst de belastingplichtige het voordeel van de twijfel door hier geen beroep op te doen, tenzij redelijkerwijs kan worden aangenomen dat belasting verschuldigd is na verrekening van voorheffingen.
  • Aan IB zijn onderworpen, natuurlijke personen die in NL wonen (binnenlands belastingplichtigen) en personen die niet in NL wonen, maar wel NL inkomen genieten (buitenlands belastingplichtigen)
  • Bij het bepalen van de woonplaats van buitenlandse werknemers is de woonplaats van het gezin/ familie beslissend.
  • De Belastingdienst moet het initiatief nemen voor het uitreiken van een aangiftebiljet indien men vermoedt dat men belastingplichtig is. De belastingplichtige heeft de verplichting om binnen 6 maanden een aangiftebiljet bij de inspecteur aan te vragen indien deze niet is uitgereikt.
    In de praktijk gunt de Belastingdienst de belastingplichtige het voordeel van de twijfel door hier geen beroep op te doen, tenzij redelijkerwijs kan worden aangenomen dat belasting verschuldigd is na verrekening van voorheffingen.
  • 1.3.2 Belastbaar inkomen

  • Het begrip belastbaar inkomen is het resultaat van theoretische en pragmatische beschouwingen en benaderingen.
    Er is sprake van een draagkrachtbelasting, dit wordt geassocieerd met een heffing over de in een jaar verkregen vermogenstoeneming, kort aangeduid als vermogensvergelijkingstheorie. In de praktijk is de vermogensvergelijkingstheorie moeilijk als basis te gebruiken, doordat er oneffenheden zich voordoen zoals erfenissen en schenkingen. Daarnaast zou iedereen dan moeten boekhouden om precies bij te houden wat de consumptie is, dit is niet haalbaar.
    Daarom is in Nederland gekozen voor een vermogensrendementsbelasting i.p.v. de vermogenswinstbelasting.
  • 1.3.2.1 Bron van inkomen

  • Het begrip "bron van inkomsten" wordt eveneens niet in een wet beschreven.
    Er worden 3 eisen gesteld aan een bron:
    - deelname aan het maatschappelijke verkeer
    - het beogen van een geldelijk voordeel
    - het in redelijkheid kunnen verwachten van een geldelijk voordeel
  • Deelname aan het maatschappelijke verkeer:
    Sluit dingen in privéhuishoudens en in vriendenkringen uit.
  • Het beogen van een geldelijk voordeel:
    Dit sluit hobby's (die voornamelijk geld kosten) uit.
  • 1.3.3 Opbouw belastbaar inkomen Wet IB 2001

  • De Wet IB 2011 is opgebouwd volgens een analytisch stelsel, waarbij niet elke euro evenveel meetelt als onder de Wet IB 1964. Er is sprake van verschillen boxen, waartussen geen onderlinge verliesverrekening kan plaatsvinden.
  • Box 1:
    Inkomen uit werk en woning
  • Box 1:
    Inkomen uit werk en woning 
    ·Loon
    ·winst
    ·Resultaat uit overige werkzaamheden: neveninkomsten
    ·Periodieke uitkeringen (vb alimentatie)
    ·Eigen woningforfait – hypotheekrente
    ·Negatieve persoonsgebonden aftrekposten (ontvangen ziektekosten van verzekeraar; ontvangsten)
    ·Verliesverrekening (-3, + 9)
  • Box 2:
    Inkomen uit aanmerkelijk belang
    Vast tarief van 25%
  • Box 2:
    Inkomen uit aanmerkelijk belang
    Vast tarief van 25%

    ·Aanmerkelijk belang > 5%
    ·Belast is:
    • Dividend
    • Vervreemdingsresultaat (vb verkoopwinsten)
    • Af: aftrekbare kosten (vb rente, kosten adviseur)
  • Box 3:
    Inkomen uit sparen en beleggen:
    Vast tarief van 30% over forfaitair tarief van 4% rendement over het vermogen (=1,2% effectief)
  • Box 3:
    Inkomen uit sparen en beleggen:
    Vast tarief van 30% over forfaitair tarief van 4% rendement over het vermogen (=1,2% effectief)

    Privebezit <5% aandelen, 2e huis, bankrekeningen
  • De persoonsgebonden aftrek kan wel tussen de verschillende boxen zweven.
    De persoonsgebonden aftrek omvat:
    Uitgaven voor onderhoudsverplichtingen
    Verliezen op beleggingen in durfkapitaal
    Uitgaven voor levensonderhoud van kinderen
    Specifieke zorgkosten
    Weekenduitgaven voor gehandicapte kinderen
    Scholingsuitgaven
    Uitgaven voor monumentenpanden
    Aftrekbare giften
  • De persoonsgebonden aftrek kan wel tussen de verschillende boxen zweven.
    De persoonsgebonden aftrek omvat:
    • Uitgaven voor onderhoudsverplichtingen
    • Verliezen op beleggingen in durfkapitaal
    • Uitgaven voor levensonderhoud van kinderen
    • Specifieke zorgkosten
    • Weekenduitgaven voor gehandicapte kinderen
    • Scholingsuitgaven
    • Uitgaven voor monumentenpanden
    • Aftrekbare giften
  • Het belastbaar inkomen uit wonen en werk bestaat uit:
    - winst uit onderneming
    - loon
    - resultaat uit overige werkzaamheden
    - periodieke uitkeringen en verstrekkingen
    - inkomsten uit eigen woning
    - negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen
    - negatieve persoonsgebonden aftrekken

    verminderd met:
    - de aftrek wegens geen of een geringe eigenwoningschuld
    - uitgaven voor inkomensvoorzieningen
    - persoonsgebonden aftrek
    - te verrekenen verliezen uit werk en woning
  • Het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang bestaat uit:
    - Inkomen uit aanmerkelijk belang (reguliere aandelen en vervreemdingsvoordelen verminderd met de persoonsgebonden aftrek)

    Verminderd met:
    - Te verrekenen verliezen uit aanmerkelijk belang
  • Het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen bestaat uit:
    - voordeel uit sparen en beleggen

    Verminderd met:
    - Persoonsgebonden aftrek
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.