Summary Zes psychologische stromingen en één cliënt : theorie en toepassing voor de praktijk van SPH en MWD

-
ISBN-10 9024416981 ISBN-13 9789024416981
373 Flashcards & Notes
22 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Zes psychologische stromingen en één cliënt : theorie en toepassing voor de praktijk van SPH en MWD
  • Alie Weerman
  • 9789024416981 or 9024416981
  • 1e dr.

Summary - Zes psychologische stromingen en één cliënt : theorie en toepassing voor de praktijk van SPH en MWD

  • 1 Verschillende visies op dezelfde problematiek

  • MacLean, 1958:
    Reptielenbrein; stereotype, compulsief en geritualiseerd gedrag, territorialiteit en dominantie; stilstaan, wachten, vechten of vluchten.
    Zoogdierenbrein;
    Neocortex; mensenbrein. Hogere cognitieve functies, morele regels.

  • Indeling psychologie; van Duijker
    1. Indeling naar specialisaties; klinische psychologie&arbeids- en organisatiepsychologie
    2. Indeling naar interne systematiek; functieleer, persoonlijkheidsleer, ontwikkelingsleer
    3. indeling naar theoretische scholen/stromingen; binnen de psychologie noemt men een school een groep theoretici wier benadering gestructureerd is rond een bepaald gezinspunt. Uitgaande hiervan probeert men zoveel mogelijk te verklaren. Je kunt scholen begrijpen met ‘tactiek’ in de spor
    twereld. Eén onderwerp kun je vanuit verschillende stromingen bekijken (J. Rigter). 

  • Technische mogelijkheid tot waarnemen
    - Waarnemen is een actief proces; zintuigelijke stimuli+ervaringen, ideeën, motivatie
    - Registeren versus waarnemen stimuli (oog, registreren), filter, verwerken (ervaring, x, emotie)
    - drogwaarneming- tandpasta > jus d’orange= waarneming uit ervaring
    - sensorische deprivatie- zelf prikkels aanmaken wanneer je die niet krijgt, dingen zien die er niet zijn
  • - illusie
    - contrast- dingen lijken verschillend (lijnen), maar zijn hetzelfde.
    - adaptatie- iets voor de 2e keer meemaken, maakt je minder gevoelig, arm breken=evenveel pijn, ervaart het als minder.
    - waarnemingsconstanties- je neemt niet alles waar, alleen grote, opvallende dingen (switch van groene naar zwarte jas en (bijna) niemand merkt het.
    Betekenis geven
    - Wat is werkelijkheid?
    - Wat is waarheid?
    - Hoe werken onze hersenen?
  • Implicaties voor hulpverlening
    blz. Taart van Lambert
    Welke factoren bepalen de uitkomst van psychotherapie?
    Placebo-effect (15%); werkt alleen psychisch (alcohol vrij bier, toch dronken)
    Veranderingen buiten de therapie om (40%); bijv. relatie= minder criminaliteit
    Relatie met en bekwaamheid van therapeut (30%);
    Therapietechniek (15%)
  • 3 Psychodynamische benaderingen

  • Evolutietheorie
    - Overerving (Kinderen lijken op ouders)
    - Variatie (Ziet daar wel verschillen in)
    - Pressie (hoge druk) 
  • Eros versus Thanatos
    Tanatos: Doodsdrift (aggressiedrift)
    Eros: Seksuele drift (levensdrift)

  • Driftmodel: onbewuste mentale processen
    Driften zijn belangrijk, zij drijven ons, dit gebeurt onbewust
  • ID
    De aangeboren driften= Id
    Id versus omgeving = conflict
    Klein gedeelte id gaat zich rationeel gedragen (even wachten), eerste instantie onbewust, later bewust.

  • EGO
    Het EGO ontstaat vanuit het id en maakt rationaliteit. EGO moet dominant worden, het regelt het id. Het EGO ontstaat na ongeveer 1 jaar, daarvoor ben je een pakketje driften.

  • Superego heeft te maken met ideaal ik, normen en waarden komen erbij.
    ID versus superego; EGO bemiddelt

  • Superego is het geweten en komt tot stand door het oedipuscomplex
  • Fasen (blz. 75)
    - Fallische fase; geobsedeerd door eigen geslachtsorganen; jongens vaker eerder dan meisjes
    - Latentiefase; rustfase
    - Fixatie; blijven hangen op bepaald niveau, vastzitten
    - Regressie; Terugvallen in een vorige fase (bijv. van Latentiefase naar anale fase)

  • Verdedigingsmechanismen
    - Afweermechanisme: Zodra zaken bewust worden, worden ze te pijnlijk/te emotioneel
    - Reactieformatie- tegenovergestelde uiten
    - Isolatie- ‘onafgemaakte verdringing’
    - Intellectualisering- met moeilijke taal gevoelens overdekken; heel droog over bepaalde zaken vertellen, prietpraatje eromheen
    - Projectie- eigen gevoel projecteren op iemand anders
    - Splitsing- Alles of niets; Nuance gaat weg.
    - Rationalisatie- Pseudoargument gebruiken als verantwoording; Heb gestolen, winkel goede omzet dus dat ene pakje maakt ook niet uit.

    - Verplaatsing- voorbeeld Ted Bundy (seriemoordenaar, 30 vrouwen vermoord (wat bewezen is, misschien wel meer dan 100) die allemaal op zijn ex-vriendin leken); gevoelens/ervaringen opkroppen, komt later weer terug. Politieman verplaatste bepaalde gevoelens die hij thuis niet kwijt kan naar werksituaties.
    - Sublimatie- Op een volwassen manier je behoeften kanaliseren; brandweerman, interesse voor vuur.


  • 4 cognitief gedragstherapeutische benaderingen

  • Token Economy
    - Token- affiche, muntje, punten
    - T.E. Systeem om tokens te sparen na goed gedrag (welke later ingeruild kunnen worden tegen Beloning)
    T.E. Oorspronkelijk gericht tegen ‘hospitalisatie’

  • Token Economy

    - Gewenst en ongewenst gedrag precies omschreven.
    - Cliënt onafhankelijk van ‘mening’ hulpverlener.
    - Beloning is voor iedere cliënt hetzelfde.
    - Grip op de omgeving
    - Korte termijn doelen (lust) omzetten in lange termijn (ratio)

  • Token Economy
    Uit verscheidene internationale studies blijkt dit systeem zeer effectief te zijn!
    Middelengebruik nam af
    Sociale vaardigheden namen toe 

  • Uitgangspunten behaviorisme
    - houdt zich bezig met leerprocessen
    wat maakt dat we willen leren

  • Behavioristen richten zich op
    - waarneembaar gedrag
    - aangeleerd gedrag
    - evolutionair gezien bestaat er geen wezenlijk verschil tussen gedrag van mens en dier
    - gedrag moet je kunnen onderzoeken in een laboratorium
    - Geboren als Tabula Rasa (ongeschreven lei)


  • Pavlov; Klassiek conditioneren (leren)
    - OCS; Ongeconditioneerde Stimuli
    - OCR; Ongeconditioneerd Reflex

  • Generalisatie
    - Aangeleerde reactie op bepaalde stimulus breidt zich uit naar verwante stimuli

  • Discriminatie/Differentiatie
    - Aangeleerde reactie specialiseert zich op meer specifieke stimuli of binnen blootstelling binnen bepaalde context.

  • Contiguïteit
    - Aangrenzend, de twee stimuli moeten tegelijkertijd of vlak na elkaar plaats vinden

  • Contingentie
    - Logische samenhang tussen twee stimuli; het heeft met elkaar te maken, verband.

  • Operant Conditioneren
    - Edward Thorndike; De wet van effect;
    - Burrhus Skinner; Operant conditioneren

    - Om de 30 sec. komt er iets lekkers uit
    - Je zou nu verwachten dat een rat zou leren af te wachten
    - Nee, rat blijft werken aan volgende beloning
    - Blijkbaar versterk je een gewoonte het beste door maar af en toe een beloning te geven
    - Intermitterende bekrachtiging; het gewenste gedrag wordt niet altijd beloond. 


  • Functie-analyse
    Kijk altijd naar de functie van het gedrag!

  • Operant conditioneren + Klassiek conditioneren
    - Tweefactorentheorie
    - Gedrag ontstaat door K.C.
    - Wordt in stand gehouden door O.C.

  • Positieve beloning; geld, cadeautje etc.
    Positieve straf; Tik/klap als je iets fout doet
    Negatieve straf; Iets positiefs in het verschiet, wegnemen bij slecht gedrag
    Negatieve beloning; Als je nu bekent, stop ik met je pijnigen

  • Welke consequenties kun je voeren als hulpverlener?
    - Negeren (extinctie > uitdoven); Wordt toegepast als je gedrag wil afleren.

  • Exposure;
    Confrontatie. Typisch principe uit de gedragstherapie. Een cliënt verwacht een negatieve consequentie als bij een bepaald gedrag vertoont. Bijv. tramfobie.

  • In vivo; live; echt; niet gesimuleerd.
    In vitro; simulatie; eerst tentoonstellen
    Cue-exposure; langzaam bepaalde onderdelen laten zien
    Systematische desensitisatie; ongevoelig maken; stapsgewijs confrontatie aangaan
    Flooding; gelijk volledige confrontatie

  • Model-leren
    Sociaal-leren theorie; leren door imitatie
    Hulpverlener moet altijd voorbeeld geven
    SOVA-Training
    Albert Bandura

  • De uitgangspunten cognitieve psychologie
    - WO ll
    - Informatieverwerking
    - Behaviorisme geeft geen antwoord (Behaviorisme: Je bent afhankelijk van externe factoren)
    - Mens is een actief en creatief wezen
    - Cognities begrijpen= hoe gedrag tot stand komt
    - Mensen wezenlijk anders dan dieren: taal
    - Informatieverwerking van de mens staat centraal

  • Uitgangspunten Cognitiefgedragsmatige benadering
    - Focus op het inzicht tussen denken, doen, voelen.
    S(timuli)> O(black box =gedachten, gevoelens, motivatie, emotie, ervaring, kennis etc.) > R(espons)> C(Consequentie) 

  • O(h), er is meer…de ‘5’ G’s
    S- gebeurtenis
    O- gedachten, gevoelens, motivatie, emotie, ervaring, kennis etc.
    R- gedrag
    C- gevolg 

  • Attributietheorie
    - Stimulus > Toeschrijven van een Gebeurtenis aan een bepaalde oorzaak: attributie
    - Attribueren adhv drie dimensies:
    - Stabiel versus instabiel
    - Intern versus extern
    - Globaal versus specifiek
    - Fundamentele attributiefout; als de een iets doet duik je er gelijk op. Wanneer een ander iets doet vind je het wel oké. 

  • Circle of Influence
    Locus of Control:
    - Not in control
    - Influence
    - Control
    Bij depressief persoon; eerst zorgen dat het verantwoordelijkheidsgevoel naar binnen wordt gehaald. Je bent hier nu gekomen, dus je kan er nu ook wat aan gaan doen.

  • De theorie van RET
    Rationeel-Emotieve Therapie van Albert Ellis. Opsporen van irrationele gedachten
    - A; Activating event  Objectieve aanleiding
    - B; Belief system                 Interpretatie
    - C; (emotional and behavioral) Consequences
    - Beck’s Cognitive Theorie (of Depression)
    - Cognitief schema
    - Automatische gedachte afspiegeling discfunctionele schema
    - Assumpties
    Despressie: gedachten: verlies en hopeloosheid
    - Schema’s: eigen waardeloosheid

  • Over RET (Maar ook CGT algemeen)
    Cognities staan centraal
    Probleemgedrag is het uitganspunt
    Kortdurend
    Gestructureerd en doelgericht
    Actiegericht- veel experimentjes
    Samenwerking- open zijn,
    Wetenschappelijk karakter
    Educatief-

  • Gedrag kan bij lichamelijke gevoelens en bij het gevolg zitten, maar hoort vooral bij het gevolg.

  • Therapeutische gedeelte
    D Disputing Irritational Beliefs -  Betwisten
    E New Effect (new rational beliefs) - Formuleren van functionele gedachten
    Goal setting - nieuw gedrag

  • Therapeutische technieken
    1. Bijhouden van een Dagboek
    2. Bewijsmateriaal verzamelen voor/tegen gedachten
    3. Feiten verzamelen
    4. Kansberekening
    5. Taartdiagram
    6. Kosten-Baten analyse
    7. Rollenspel (rolomkering)
    8. Rechtbankmethode
    9. Neerwaartse pijltechniek
    0. Gedragsexperiment
    1. Imaginatie
  • Beck- Informatieverwerking
    - Depressieve cliënten hebben nare herinneringen
    - Interpreteren nieuwe stimuli vanuit deze nare herinneringen
    - Ze selecteren nieuwe akelige informatie
    - Ze interpreteren objectieve informatie negatiever
    Angstige cliënten ‘zien’ een onheil-voorspellende toekomst
    -Ze interpreteren stimuli vanuit  gevarenmodus

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Zes psychologische stromingen en één cliënt : theorie en toepassing voor de praktijk van SPH en MWD
  • Alie Weerman
  • or
  • 2013

Summary - Zes psychologische stromingen en één cliënt : theorie en toepassing voor de praktijk van SPH en MWD

  • 1 verschillende visies op dezelfde problematiek

  • experientiele en cliëntgerichte benadering gaat uit van?

    Waar voel je je goed bij

  • Wat zijn methodieken?
    Op de praktijk gerichte uitwerkingen.
  • uit hoeveel procent is tijdens een onderzoek gebleken dat het succes van therapeutische aspecten voortkomt met name de relatie met de therapeut
    30%
  • Noem de percentages van de 'taart van Lambert'. Factoren buiten de therapie om, Algemene therapiefactoren, Placebo-effecten en Technieken.
    40, 30, 15, 15
  • noem therapieen die voor de behandeling van depressies mogelijk zijn
    psychodynamische, clientgerichte, cognitief-gedragstherapeutische, systeemtheoretische, lichaamsgerichte en oplossingsgerichte therapieen
  • wat betekent de biologische benadering
    hier wordt gezocht naar de rol die biologische processen hebben op de psychische klachten, en tevens andersom, de rol die psychische klachten hebben op de biologische processen
  • 3 Psychodynamische benaderingen

  • waar staat de afkorting PDB voor?
    psychodynamische benadering
  • Waar richt de psychodynamische benadering zich op?
    Problemen uit de vroege kindertijd.
  • wat is de theorie van Freud
    hij toonde aan dat bepaalde lichamelijke klachten een psychische oorzaak kunnen hebben. door hypnose en de techniek van vrije associatie probeerde hij gedrag te verklaren vanuit onbewuste gevoelens en gedachten. 
  • Waar gaat het zelfpsychologisch model van uit?
    Dat iemand een tekort aan bevredigingen heeft vanuit zijn of haar jeugd.
  • Wat is het Es, Ego en superego?
    Het es zijn de driften, ego is de mediator, superego het geweten

  • waar richt de psychodynamische benadering zich op?
    problemen uit de vroege kindertijd
  • wat betekent es
    het es omvat onze driften, en is gericht op behoeft bevrediging, niet alleen in seksuele zin maar alle levensdriften.
  • Wat houdt emotionele objectconstantie in bij het objectrelatiemodel?

    Het bewust worden van meerdere gevoelens in een mens.
  • Noem 6 afweermechanismen
    Verdringing - wegstoppen
    Isolering - afsplitsen maar kan optreden bij ouder herrinering
    Projectie -eigen angst op andere projecteren
    Rationalisatie - goedpraten van je gedrag
    sublimatie - positief omzetten wat sociaal aanvaardbaar is
    verplaatsing - afreageren op een ander persoon
  • wat is overdracht?
    het herhalen van vroegere gedragspatronen en problemen, bij personen die daar niks mee te maken hebben.
  • wat betekent superego
    dit is het geheel aan normen en waarden van waaruit mensen zichzelf sturen. dit superego stuurt vanuit een ideaalbeeld (ik). meestal wordt dit gevormd door ouders, aangevuld met eigen wensen over hoe men zou willen zijn. de eisen die het superego aan mensen stelt zijn vaak niet haalbaar en zorgen voor interne spanningen.wanneer het superego het ego gaat overheersen ontstaan neurosen en fobieen.
  • In welk model van de psychodynamische benadering vind separatie-individuatie plaats?
    Het objectrelatiemodel.
  • Wat is isolering?
    Het afsplitsen van gevoelens maar kan weer optreden bij een oude herinnering

  • wat is affectreguleren/mentaliseren?
    beangstigende en onbekende gevoelens toelaten, ze benoemen, begrijpen en hanteren.
  • es, ego, superego voltrekt zich volgens Freud in 5 fasen....
    orale fase (babytijd), Anale fase (peutertijd), Fallische fase (kleutertijd), latente fase (basisschoolleeftijd), Genitale fase ( pubertijd)
  • Welke vier modellen zijn er in de Psychodynamische benadering?
    Het driftmodel, objectrelatiemodel, zelfpsychologisch model en interactioneel model.
  • Wat is rationalisatie?
    Goedpraten van je gedrag
  • wat is een conversiestoornis?
    lichamelijke klachten, waarbij mensen zich onbewust blokkeren
  • wat zijn voorbeelden van kanttekeningen bij het ego
    ego gaat verloren bij dementie, ego zwak bij b.v kinderen met ADHD.
  • Wat is het doel van de Psychodynamische benadering?

    Het onbewuste bewust maken en hanteerbaar.

  • Wat is sublimatie ?
    Je gedrag positief omzetten naar iets wat sociaal aanvaardbaar is
  • wat is het uitgangspunt van het driftmodel?
    verdrongen problemen uit de kindertijd zijn terug te voeren op seksuele en agressieve driften.
  • wie vind het mensbeeld zeer pessimistisch en het agressiefste wezen op aarde
    Freud
  • Wat zijn de drie kanten in een mens bij deze therapie?
    Id, ego en superego.
  • Bij psychoanalyse is er een afstand tussen de therapeut en client

  • wat is het uitgangspunt van het objectrelatie model?
    de eerste relaties in de kindertijd bepalen hoe je later in het leven staat
  • wat onderzocht Anna Freud
    het mechanismen van afweer die optreden wanneer er geen goede balans is ontwikkeld tussen es, ego en superego
  • Uit de psychodynamische benadering komt de .....   vandaan.
    Psychoanalyse
  • Wat zijn de 5 G's?
    Gebeurtenis. gedachten, gevoel, gedrag en gevolg

  • wat is het uitgangspunt van het zelfpsychologisch model?
    aandacht gaat uit naar tekorten, die zorgen voor een een zwakke identiteit en een zwak zelfgevoel.
  • noem de afweermechanismen
    reactieformatie- ongewenste informatie of ervaringen worden omgekeerd geintrepreteerd als prettige informatie ( omgekeerde wat jezelf wilt). Isolering- ontoelaatbare of beangstigende ervaring worden niet toegelaten ( treed vaak op bij traumatische gebeurtenissen), verdringing-beangstigende ervaringen of gedachten worden onderdrukt onbewust blijven ze wel invloed uitoefenen ( nachtmerries), intellectualisering- veel complexe woorden omschrijven van ongewenste ervaringen en gevoelens blijft dit op afstand, projectie- onacceptabele gevoelens van jezelf worden op een ander overgeplaatst, sublimatie - energie van ongewenste driften omzetten in positieve actie, verplaatsing- emoties onaantastbare persoon afgereageerd, splitsing- goede of slechte gevoelens over persoon of situatie niet tegelijk bestaan ( helemaal goed of slecht), rationalisatie- slecht gedrag dat goed gepraat wordt( pedofielen of roken)
  • wat is het uitgangspunt van het interactioneel model?
    legt de nadruk op problematische conflicten tussen mensen
  • waar wordt vooral aandacht aan besteed in het object-relatie model
    op de manier waarop in de vroege kindertijd een beeld wordt gevormd van belangrijke anderen.
  • wat is een seksuele drift?
    een levensdrift gericht op genieten, behoeftebevrediging (niet alleen seksueel gedrag)
  • het benadrukken van een eigen ik ervaring of de psychologische geboorte van een kind na ongeveer 36 maanden, wanneer het beseft een zelfstandig persoon te zijn wordt benadrukt door (accepteren dat belangrijkste verzorgingsfiguur regelmatig niet aanwezig is maar wel weer terugkomt. leren omgaan met frustraties en scheidingsangst)
    mahler en klein
  • wat is het oedipuscomplex?
    kind wil trouwen met vader of moeder
  • frustratie hoeven niet worden voorkomen door een perfecte moeder, maar door een good enough mother zorgt voor een algemeen veilige situatie waarin deze angstgevoelens een plaats kunnen krijgen worden benadrukt door 
    Winnicott
  • wat is een transitional object?
    een (overgangs) object dat wordt gebruikt om angsten en frustraties bij een kind in te dammen
  • welke mening hebben kohut en stern
    vroege kindertijd een sterk zelf wordt gevormd door een goede spiegelende relatie van de primaire verzorgers. ( voldoende oog voor behoeften en angsten, realistisch spiegelen zodat een realistisch zelfbeeld ontstaat)
  • wat is emotionele objectconstantie?
    leren om dingen niet zwart wit te zien.
  •  overdracht en tegenoverdracht
    overdracht - het beleven van gevoelens bij iemand die horen bij een ander, meestal bij iemand uit het verleden. je draagt gevoelens en gedrag die gericht zijn op een ander persoon over op een ander persoon, voorbeeld: student woedend reageert als een docent hem wijst op een klein foutje in een toets, waarschijnlijk onbewust denken aan een afwijzing van vroeger, gevoel van tekort schieten, gevoel van verlating, deze reactie is niet op zijn plaats een oud innerlijk werkmodel wordt geactiveerd. Tegenoverdracht ( hulpverlener) voorbeeld: de hulpverlener handelt onjuist op grond van eigen problematiek. ( de Wolf)
  • wat is een narcistische persoonlijkheidstoornis?
    dan heb je continu waardering nodig om je goed te voelen. vaak heb je dan vroeger te weinig bevestiging gehad.
  • welke eigen accenten heeft Carl Gustav Jung in de theorie van Freud  omschreven
    collectief onderbewustzijn, dit houdt in zijn visie in dat mensen een onbewust idee hebben van bepaalde archetypen, zoals moeder, dood en kracht. de archetypen zorgen voor het ontstaan van zogenaamde schaduwpersoonlijkheden, die in ieder mens zouden bestaan. schaduwpersoonlijkheden zal steeds meer op de voorgrond treden en aandacht vragen op middelbare leeftijd, zal aandacht vragen voor enige tegenstrijdige persoonskenmerken die in het onbewuste bleven
  • Erik Erikson voegde nog 3 fasen toe aan de vijf van Freud welke
    jong volwassen, volwassenheid en ouderdom
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Hoe is de levenscyclus van een gezin 
Volgens de structurele benadering gaat een gezin door de volgende fase. 

1. kinderloze fase
2. uitbreidingsfase
3. stabilisatiefase; waarin kinderen opgroeien
4. fase van volwassen worden
5. lege nestfase; alle kinderen uit huis
6. een partner overlijdt
Wat gebeurd er als een kind wordt geparentificeerd? Uit welke benadering komt deze theorie? 
Uit de structurele benadering, als een kind wordt geparentificeerd dan gaat het een coalitie aan met een van de ouders tegen de andere ouder. Daardoor krijgt het kind een ouderrol. 
De structurele benadering van Minuchin onderscheidt twee 
ziekmakende gezinsstructuren

Kluwen gezinsstructuur: iedereen zit te dicht op elkaar en bemoeit zich te veel met elkaar. 

Los zand-gezinnen: er zijn vage grenzen en met is te weinig met elkaar betrokken
Hoe benaderd de communicatietheoretische benadering een systeem? 
Deze benadering gaat ervan uit dat communicatie het systeem beinvloed. 
In de communicatietheoretische benadering wordt er gesproken over inhouds- en betrekkingsniveau van de communicatie. Wat wordt hiermee bedoeld? 
Dat een boodschap zoals; is er nog pils in huis 2 verschillende betekenissen heeft. 

Inhoudsniveau: is er nog pils? informationele vraag
Betrekkingsniveau: breng me pils
Welke benadering zegt dat het onmogelijk is om niet te communiceren. Wat wordt hiermee bedoeld. 
Communicatietheoretische benadering stelt dat het onmogelijk is om niet te communiceren, want als je niks zegt verstuur je ook communicatie
Hoe zag de communicatietheoretische benadering de communicatie tussen een kind en moeder als gevolg van schizofrenie bij het kind? leg uit hoe dit werkt 
De moeder had "onmogelijke communicatie" met het kind. double bind communicatie. Doordat de moeder tegenstrijdige boodschappen stuurt naar het kind, zoals verstrakken als het kind je knuffelt en dan zeggen als het kind weggaat "hou je niet meer van me?" 

Daardoor geef je 2 verschillende boodschappen af
Wat bedoeld men met het begrip: equifinaliteit?
Met equifinaliteit bedoeld men dat er vele manieren zijn om een finaliteit (einde) te bereiken. 

In een gezin zijn zoveel verschillende invloeden dat je nooit de eindstand kunt voorspellen
Wat wordt er bedoeld als er wordt gezegd dat er in een systeem altijd wordt gezocht naar homeostase, leg uit. geef een voorbeeld
Binnen een systeem wordt altijd onbewust gestreefd naar een homeostase. 

bijv: stel er wordt een baby geboren binnen een gezin. Dan gebeuren er allemaal nieuwe dingen in een gezin. Iedereen moet zich aanpassen.
Wat bedoeld men met circulaire causaliteit. geef een voorbeeld
Dat is een begrip binnen de systeemleer die stelt dat alles effect heeft op elkaar. Causaliteit: oorzaak, circulair: voortdurend. 

Henk is boos op piet omdat hij afstandelijk doet. Piet doet afstandelijk omdat henk booskijkt. Vicieuze cirkel