Samenvatting A. Minkenhof's Nederlandse strafvordering.

-
ISBN-10 9013062512 ISBN-13 9789013062519
1459 Flashcards en notities
30 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "A. Minkenhof's Nederlandse strafvordering.". De auteur(s) van het boek is/zijn A Minkenhof. Het ISBN van dit boek is 9789013062519 of 9013062512. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - A. Minkenhof's Nederlandse strafvordering.

  • 1 Inleiding

  • Wat is repressie?
    de bestraffing van daders
  • czvfbg
    gasdfg
  • rf qwer qwer qwer
    qwer
     qwer
    q w
    er 
    qwer
     q
  • rf qwer qwer qwer
    qwer
     qwer
    q w
    er 
    qwer
     qw
  • 1.1 Doel en aard van het strafprocesrecht

  • Doelen van het strafprocesrecht:

    - bescherming tegen ongerechtvaardigde, onnodige en te vergaande inbreuken

    - voorkomen dat de strafwet op de verkeerde personen wordt toegepast

    - ordelijke en efficiënte toepassing van de stafwet mogelijk te maken in alle gevallen waarin een starfbaar feit is begaan.

     

     

  • Detournement de pouvoir
    Bevoegdheden zijn gebonden aan het bereiken van een bepaald doet en aan de vervulling van wettelijk omschreven taken. Zij mogen niet zomaar worden aangewend, maar alleen tot dat doel en binnen het kader van die taken, anders is sprake van misbruik (det. de pouvoir).
  • wat is de functie van het materiële strafrecht ook alweer?

    het legitimeert de overheid om op overtreding van de regels, die het aanwijst, te reageren met het opleggen van een straf (of een naar effect daarmee te vergelijken, strafrechtelijke maatregel).

  • Belangrijkste doel strafprocesrecht?

    Bescherming van de burgers

  • Subsidiariteit?

    Wanneer minder ingrijpende middelen ter beschikking staan, gaan die voor.

  • wat wijst het formele strafrecht / strafprocesrecht aan?

    het geheel van regels dat aanwijst hoe de strafrechtelijke handhaving van de in het materiele strafrecht geformuleerde regels moet plaatsvinden.

  • Proportionaliteitsbeginsel?

    Dat een bevoegdheid niet zwaarder mag worden gehanteerd dan redelijkerwijs noodzakelijk is. Kortom: de inzet van de bevoegdheid en de zwaarte waarmee deze wordt toegepast, moet in een redelijke verhouding (in proportie) staan tot het te bereiken doel. De toepassing mag voor betrokkenen niet belastender zijn dan door het te beschermen belang wordt gerechtvaardigd.

  • wat is de verhouding tussen materieel strafrecht en formeel strafrecht?

    het materiele strafrecht wijst aan in welke gevallen mag worden gestraft terwijl het formele strafrecht bepaalt op welke wijze mag worden vastgesteld dat zulk een geval aanwezig is. 

  • Doel van het strafprocesrecht?

    1. Bescherming tegen ongerechtvaardigde, onnodige en te ver gaande inbreuken.

    2. Voorkomen dat de strafwet op de verkeerde personen wordt toegepast. Niemand mag worden gestraft zonder dat volgens in de wet neergelegde regels (=bewijsrecht) door een onafhaneklijke rechter is vastgesteld dat hij zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

    3. Een ordelijke en efficiente toepassing van de strafwet mogelijk te maken in alle gevallen waarin een strafbaar feit is begaan.

  • waar ligt het accent bij het materiele strafrecht c.q. het formele strafrecht?

    bij het materiele strafrecht ligt het accent op de handhaving van de regels en bij het formele strafrecht op de toepassing ervan. 

  • Essentie van het strafprocesrecht?
    Bescherming van de burger tegen de staatsmacht; het leidt onvermijdelijk tot beperking van die macht. De staat komt geen almacht toe, burgers kunnen ook rechten tegenover hem geldend maken. Dit verklaart de nauwe band tussen het strafprocesrecht en de grondrechten.
  • wat is het audi et alteram partem?

     

    het beginsel van hoor en wederhoor.

  • Detournement de pouvoir

    Bevoegdheden zijn gebonden aan het bereiken van een bepaald doet en aan de vervulling van wettelijk omschreven taken. Zij mogen niet zomaar worden aangewend, maar alleen tot dat doel en binnen het kader van die taken, anders is sprake van misbruik (det. de pouvoir).

  • Overheid beschikt al over strafvorderlijke bevoegdheden als zij alleen naar maar iets vermoedt dat strafbare feiten worden beraamd. Art. 126o,v,x,z Sv.

     

     

  • wat regelt het formele strafrecht nog meer?

    de opsporing van strafbare feiten en de tenuitvoerlegging van vonnissen.

  • Art 1 Sv?
    (Grond)rechten mogen alleen worden aangetast wanneer een wet in formele zin daar een uitdrukkelijke grondslag voor biedt, door de overheid er met zoveel woorden de bevoegdheid toe te verlenen.
  • noem de hoofdfunctie van het strafprocesrecht?

    de realisatie van het strafrecht.

  • noem twee nevenfuncties van het strafprocesrecht?

    het voorkomen van eigenrichting en de waarborgfunctie (het beschermd de burger tegen willekeurig optreden  van de overheid). 

  • waarop is het strafprocesrecht gericht?

    op het zoeken naar de waarheid (waarheidsvinding); de juiste man of vrouw moet worden bestraft. 

  • welke twee soorten regels bevat het strafprocesrecht?

    het eerste soort schept bevoegdheden voor de overheid en het andere soort schept rechtswaarborgen voor de burgers. 

  • wat zijn kapstokbepalingen?

    vage en ruim geformuleerde delictsomschrijvingen waaronder veel gedragingen zijn te kwalificeren. Bekend voorbeeld is artikel 5 WVW 1994.

  • wat was het belang van het muilkorf arrest?

    de APV was in strijd met hetgeen in artikel 1 Sv werd neergelegd: sv heeft alleen plaats op de wijze bij de wet voorzien (bij de wet is de wet in formele zin).

  • welke tendens gaat uit van de verdragen?

    een unificerende werking.

  • is regeling van onderwerpen van strafprocesrecht anders dan bij wet in formele zin mogelijk?

    JA: mits daarvoor in een wifz een grondslag is te vinden.

  • wat is het beginsel due process of law?

    dat er wordt gehandeld in overeenstemming met algemeen erkende beginselen van een behoorlijke procedure.

  • in welke twee onderdelen kan het strafproces worden onderverdeeld?

    in het voorbereidend onderzoek en het eindonderzoek.

  • in welke twee onderdelen kan het voorbereidend onderzoek nader worden onderverdeeld?

    in het opsporingsonderzoek en het GVO.

  • welke onderdelen omvat het eindonderzoek?

    het OTT, de beraadslaging naar aanleiding van de zitting, en de uitspraak in eerste aanleg. Ook de behandeling ter zitting nadat een rechtsmiddel werd ingesteld tot het eindonderzoek valt hieronder.

  • waarmee vangt het strafproces aan?

    met een opsporingsonderzoek.

  • tot wie behoort de taak van het opsporingsonderzoek  en wie is verantwoordelijk voor de opsporing?

    taak van de politie en verantwoordelijkheid van het OM.

  • wie heeft de leiding van het GVO?

    de RC 

  • waarmee neemt het rechtsgeding een aanvang?

     met de dagvaarding (een oproep om op een bepaalde plaats op een bepaald tijdstip te verschijnen.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

czvfbg
gasdfg
Welke vorm heeft het huidige strafprocesrecht?

Gematigd accusatoir

Detournement de pouvoir

Bevoegdheden zijn gebonden aan het bereiken van een bepaald doet en aan de vervulling van wettelijk omschreven taken. Zij mogen niet zomaar worden aangewend, maar alleen tot dat doel en binnen het kader van die taken, anders is sprake van misbruik (det. de pouvoir).

welke twee cassatiegronden kent u?

1) vormverzuim; 2) schending van het recht. 

 

waar vindt u de twee cassatiegronden?

in artikel 79 Wet RO. 

is sprongsgewijze cassatie in het strafprocesrecht mogelijk?

NEEN; zie artikel 78 lid 5 Wet RO, het is dus niet mogelijk om bijvoorbeeld het HB over te slaan en zich rechtstreeks tot de HR te wenden. 

wat kunt u zeggen over de eis van het cassatieschriftuur en de door 449 lid 1 Sv vereiste verklaring?

dat de cassatieschriftuur naast de vereiste verklaring dat beroep in cassatie wordt ingesteld komt. 

welk onderscheid dient u bij de cassatieberoepen goed in het oog te houden?

of het gaat om een cassatieberoep tegen een uitspraak of dat tegen een beschikking. 

waar in de wet is het cassatieberoep geregeld?

artikel 427 e.v. Sv. 

welke tweee aparte taken heeft de HR bij de beoordeling van handelswijze en product tijdens een cassatieberoep?

controle op juiste verloop en op de naleving van gedingen, de zorg voor de eenheid en de juiste uitleg van het recht. (vormcontrole en wetsinterpretatie).