Samenvatting anatomie en fysiologie k1

425 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - anatomie en fysiologie k1

  • 1 voet

  • De spieren in de voet worden gevormd door twee lagen. Welke twee?
    Dorsum pedis
    planta pedis

  • Voetrug(dorsum pedis)
    • Fascia dorsalis pedis
    • Extensor hallucus longus en brevis
    • Extensor digitorum longus en brevis
    • Peroneus tertius
    • 1e interosseus
    • Dorsale aponeurose
  •  Plantair
    4 verschillende lagen
    • Fascia plantaris → midden apneurosis plantaris
    ➔ Tuber calcanei
    ➔ Ligg. Plantaria MP
    ➔ Vezels naar huid → trekvast
    • Lig. Metatarsale transversus superficiale
    • Hielkussen
  • De extensoren hullucus en digitorum zijn onderdeel van de plantaire pedis
    Onjuist het is de dorsale pedis
  • 1e
    spierlaag • Abductor digiti minimi
    • Flexor digitorum brevis (= insertie flexor
    digitorum superficialis hand)
    • Abductor hallucis
    2e
    spierlaag • Quadratus plantae
    • Lumbricali
    • Flexor hallucis longus
    • Flexor digitorum longus
    • Tibialis posterior
    • Tibialis anterior
    3e
    spierlaag • Flexor hallucis brevis
    Sesambeentjes
    • Adductor hallucis
    • Flexor digiti minimi
    4e
    spierlaag(deze spierlaag houdt de tenen bij
    elkaar)
    • Interossei
    Plantare (3) (zorgt voor sluiten
    Dorsale (4) (zorgt voor spreiden) Gerangschikt rond 2e teen • Peroneus longus • Tibialis poterior • Sesambeentjes
  • De voetbogen bestaan uit drie steunpunten, welke?
    Calcaneus
    mt1
    mt5
  • Welke van de voetbogen is voor weke delen
    Laterale voetboog
  • Welke spieren zijn actief bij de ondersteuning van de bogen?
     • Tibialis anterior
    • Tibialis posterior
    • Fibularis longus
    • Flexor hallucis longus
  •  Bewegingsassen
    • Zijn verschillende tussen mensen, verschilt per voet en kan per leeftijd anders zijn.
    • Interindividuele (ook intra- ) variatie
    • Leeftijdsvariatie
    • Tijdens bewegingen → enige verplaatsing → momentane rotatieassen (→ verandering
    vrijheidsgraden)
    • Bewegingen zijn veelal gecombineerde bewegingen rondom de doverse assen
    • Bewegingen zijn veelal bewegingen in de gehele voet
    Bovenste spronggewricht: plantair/dorsaal flexie
    Onderste spronggewricht: pro-/supinatie
    Onderste spronggewricht: talus: geen musculaire verbindingen, longitudinale rotatie as
  • Wat is inversie
    Het naar binnen keren van de voetzool
  •  Gewrichten in de voet
    • Art. intertarsales:
    • Art. tarsometatarsales
    • Art. intermetatarsales
    • Art. metatarsophalangeae
    Gewricht van Chopart
    • Schuine as voor dorsaal- en plantair flexie middenvoet
    • Longitudinale rotatie as voor inversie en eversie middenvoet
    Gewricht van lisfranc
    • Geringe dorsaalflexie
    • Ca 15 graden plantairflexie
    • Grote samenhang met aangrenzende botten
    • Voornamelijke translatoire bewegingscomponent
    • 2e
    straal mest ‘opgesloten’ → relatieve stijfheid
  • Wat is de functie van de apopneurose?
    Schok absorpsie
    stijver maken van de voet bij hardlopen of klimmen
    spaansa windas mechanisme
  • Welke voet wortelbenen zitten in de mediale rij
    Talus
    naviculare cuneiforme
  • Welke vorm gewricht is het trochlea tali
    Zadel
  • Wat is de functie van het retinaculum
    Pesen vathouden op het bot
  • Welke spieren zitten in de mediale-plantaire peesschede van het onderbeen
    Flexor hallucis longus
    flexor digitorum longus
  • De extensor digitorum longus zit in de laterale peesschede
    Onjuist, hier zitten de fibularis peroneus longus en breves
  • Welke spieren zitten in het eerste compartiment (cruris ant) van het onderbeen
    Tibialis anterior
    extensor digitorum
    extensor hallucis
    fibularis peroneus tertius
  • Ook de arteria, vena tibialis anterior en de n fibularis behoren tot het eerste compartiment
    Juist

  • 2. Compartimentum cruris laterale
    M. fibularis (peroneus)  longus
    M. fibularis (peroneus)  brevis
    welke art/vena en nervus horen hier ook bij
    Fubilaris peroneus
    n. Fibularis peroneus superfiscalis

  • 3. Compartimentum cruris posterius
        pars profunda
    M. flexor digitorum longus
    M. tibialis posterior
    M. flexor hallucis longus

    Arteria en vena tibialis posterior
    Arteria en vena fibularis
    N. tibialis

  • 3. Compartimentum cruris posterius
        pars profunda
    M. flexor digitorum longus
    M. tibialis posterior
    M. flexor hallucis longus

    Arteria en vena tibialis posterior
    Arteria en vena fibularis
    N. tibialis
  • De flexor hallucis longus hoort tot de 2de spierlaag terwijl de flexor allucis brevis tot de 3de spierlaag behoort
    Juist
  • Welke spier loopt bobenlangs door het treklusje van de tenen
    Extensor digitorum longus
  • V saphena parva gaat langs de ventraal mediale malleolus
    Onjuist, dit is de dorsaal ventrale malleolus. De v saphena magne is vantraal

  • N. fibularis (peroneus)  communis 
    N. fibularis (peroneus)  profundus
    N. fibularis (peroneus)  superficialis
    N. tibilalis 
  • Sensibele gebieden 
  • De a tibialis anterior en n peroneus profundes liggen naast elkaar
    Juist
  • De 4de spierlaag van de voet (interossei) houden de tenen bij elkaar
    Juist
  • M
  • M
  • M
  • In het gewricht van lisfrank vind er naast gering dorsaalflexie ook 15C .... Plaats
    Plantairflexie
  • M
  • M

  • Arteriële bloedvoorziening
    • A. iliaca communis → voert bloed aan voor het bekken en been. Splits in:
    ➔ A. iliaca externa → gaat over in:
    ➢ A. femoralis → gaat over in:
    o A. poplitea → splits in:
    ❖ A. tibialis posterior → splits in:
    A. plantaris medialis
    A. plantaris lateralis
    ❖ A. tibialis anterior → gaat over in:
    A. dorsalis
    pedis
    ➔ A. iliaca interna
    • A. obturatorius
    A. Dorsalis pedis: kun je voelen tussen de
    metatarsalia.
    Veneuze afvoer
    • Diepe venen gepaard met arteriën been
  • M
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Question 1De functie van de m. extensor digitorum longus is onder andere: dorsaalflexie van de MP (metatarso-phalangeale)-gewrichten van de voet. AJuistBOnjuist
A juist
De a.subclavia gaat boven het sleutelbeen door en onder de 1e rib.
Onjuist
De bloedvoorziening in de schouder is op de volgende manier geregeld: vanuit aorta a.subclavia  a. axillaris  a. circumflexia
Juist
In het AC-gewricht vind bij het Lig. Conoideum in de verticale as een protractie en retractieplaats, en bij het Lig, Trapezoideum in de horizontale as (frontale vlak) een elevatie endepressie plaats
Juist
In het saggitale vlak vind abductie en adductie plaats.
Onjuist is frontaal
Bij het opvangen van krachten heb je bot nodig voor de drukkracht en ligamenten voor detrekkracht.
Juist
Positie van de caput humeri: caudaal , mediaal en dorsaal
Onjuist craniaal niet caudaak
Wat voor soort kraakbeen zit er in het labrum zodat de schouder op rek belast kan worden?a. Hyalien kraakbeenb. Vezelig kraakbeenc. Elastisch kraakbeen
B
De afvoerende vaten aan de ulnaire zijde worden de cevale vaten genoemd
Onjuist
De artieriele aanvoer van de onderarm verloopt als volgt: A.subclavia  A.axillaris A.brachialis  A. ulnaris  A. radialis
Juist