Samenvatting anatomie splanchno deel 4

-
101 Flashcards en notities
4 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - anatomie splanchno deel 4

  • 1 anatomie splanchno deel 4

  • de luchtpijp
    trachea
  • bestaat uit opeenvolgende kraakbeenringen die met elkaar verbonden zijn door fibroelastisch weefsel
    tunica fibrocartilaginea
  • ringen van de tunica fibrocartilaginea
    trachearingen=kraakbeenringen
  • verbinden de kraakbeenringen
    ligamenta anularia=fibroelastisch weefsel
  • bestaat uit glad spierweefsel, verbindt de kraakbeenuiteinden met elkaar samen met bindweefsel
    M trachealis
  • verbindt het slijmvlies met de tunica fibrocartilaginea
    tunica submucosa
  • verbindt de tunica fibrocartilaginea met de omgevende structuren in de hals resp de borstholte
    tunica adventitia/ tunica serosa
  • kan goed gevoeld worden als een stevige, licht indrukbare en matig verplaatsbare buis. Ligt ventraal van de wervelkolom
    pars cervicalis=halsdeel
  • korter dan het halsdeel en reikt van de voorste borstingang tot boven de hartbasis, waar de luchtpijp splitst in een rechter en een linker hoofdbronchus
    pars thoracica=borstdeel
  • opsplitsing van de luchtpijp ter hoogte van de hartbasis
    bifurcatio tracheae=hoofdbronchus
  • scherpe mediane kam die uitpuilt in het einde van de trachea
    carnia tracheae
  • de long
    pulmo
  • gericht naar de borstingang. Vult de cupulae pleurae en vormt de afgeronde spitse top, waar de facies costalis en facies medialis afgerond in elkaar overlopen
    apex pulmonalis=longtop
  • gericht tegen het diaphragma, gevormd door de facies diaphragmatica (caudaal gelegen longoppervlak)
    basis pulmonalis=longbasis
  • stevig vergroeid met het longkapsel en veroorzaakt aldus het gladde oppervlak van de longen
    pleura pulmonalis
  • aanhechtingsplaats ter hoogte van de hartbasis waar de long vastgehecht is op het mediastinum
    radix/hilus pulmonalis=longwortel
  • verbindt de long met het postcardiale mediastinum vanaf de longwortel tot nabij het diafragma
    ligamentum pulmonale
  • gewelfd en ligt tegen de concave pleura costalis die de ribwand bekleedt
    facies costalis
  • is vlak en wordt ingedeeld in een facies vertebralis en een facies mediastinalis
    facies medialis
  • ligt tegen de wervellichamen en de M longus colli
    facies vertebralis
  • ligt tegen het mediastinum
    facies mediastinalis
  • is concaaf en ligt tegen het gewelfde diefragma dat bekleed is met pleura diaphragmatica
    facies diaphragmatica
  • de zeer stompe bovenrand van de long, waar de facies costalis en facies meialis vloeiend in elkaar overgaan
    margo dorsalis/margo obtusus
  • zeer scherp, relatief korte rand die de overgang vormt tussen de facies costalis en de facies medialis en is ter hoogte van het hart duidelijk uitgehold door een incisura cardiaca
    margo ventralis=margo acutus
  • uitholling in de margo ventralis ter hoogte van het hart
    incisura cardiaca
  • vormt de rand van de longbasis en bestaat dus uit de boord tussen de facies diaphragmatica enerzijds en de facies medialis en facies costalis anderzijds. Scherpe rand
    margo basalis/margo acutus
  • boord tussen de facies diaphragmatica en de facies costalis hij is bijzonder scherp
    recessus costodiaphragmaticus
  • insnijdingen in de longen, aangewend om de long in te delen in longkwabben. Het zijn diepe insnijdingen van de long, waarbij de begrenzende vlakken van de longlobben elkaar raken
    fissurae interlobares=insnijdingen
  • longkwabben rechterlong
    lobus cranialis
    lobus medius
    lobus caudalis
    lobus accessorius=steeds goed afgezonderd en vult de recessus mediastini
  • wordt gevuld door de lobus accessorius
    recessus mediastini
  • worden door een fissura interlobalis van elkaar gescheiden
    lobus cranialis, lobus caudalis=linkerlong
  • het geheel van vertakkende buizen die het transport van lucht naar en van de longalveolen moet mogelijk maken
    bronchaalboom
  • de linker en rechter hoofdbronchus ontstaan die onmiddellijk de longen binnendringen
    bifurcatie
  • splitst in de longwortel in secundaire bronchen
    bronchus principlalis=linker en rechter hoofdbronchus
  • afsplitsing van de hoofdbronchus (splitsing in de longwortel)
    bronchi lobares=secundaire bronchen
  • afsplitsing van de secundaire bronchen
    bronchi segmentales=segmenale bronchen
  • het urinaire stelsel
    organa urinaria
  • urineleiders
    ureters
  • urineblaas
    vesica urinaria
  • urinebuis
    urethra
  • de nier
    ren
  • zorgt voor een impressio renalis in de lobus caudatus van de lever
    extremitas cranialis=craniale nierpool
  • afgerond en ligt vrij
    extremitas caudalis=caudale nierpool
  • ligt retroperioneaal en raak aan de diafragmapijlers, zodat de nieren iets meebewegen met het ademhalingsritme
    facies dorsalis=bovenzijde
  • welft uit naar de buikholte toe en is bedek met peritoneum
    facies ventralis=onderzijde
  • mooi afgeronde rand van de nier
    margo lateralis
  • vertoont een indeuking
    margo medialis=mediale rand
  • indeuking in de mediale rand van de nier
    hilus renalis=indeuking
  • uitholling tot diep in de nier aan de hilus renalis. Hij bevat
    - nierbekken
    - arteria en vena renalis
    - lymfevaten en nierlymfeknopen
    - zenuwtakjes
    - vetweefsel
    sinus renalis
  • intrarenale verzamelruimte van de urine waar de ureter op aansluit
    pelvis renalis=nierbekken
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

afvoerbuisjes (10 a 20) die uit het rete testis vertrekken
ductuli efferentes testi=afvoerbuisjes
hierin ligt het rete testis
mediastinum testis
rechte buisjes vormen hier vebinding met elkaar
rete testis
de zaadbuisjes sluiten hierop aan
tubuli seminiferi recti=rechte buisjes
ligt in de lobuli
tubuli seminiferi contorti=zaadbuisjes
is geelbruin en zacht, ligt in de lobuli
testisparenchym
is niet uitrekbaar en plaatst het parenchym onder druk
tunica albuginea=dikke bindweefselkapsel
verbonden met de staart van de epididymis door de ductuli efferentes testis
extremitas caudata=staartpool
verbonden me de kop van de epididymis door de ductuli efferentes testis
extremitas capitata=koppool
tegenovergestelde boord van de margo epididymalis en heeft geen vergroeiingscontact met andere structuren
margo liber=vrije rand