Samenvatting Basisvaardigheden toegepaste statistiek HO

-
ISBN-10 9001761690 ISBN-13 9789001761691
113 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Basisvaardigheden toegepaste statistiek HO". De auteur(s) van het boek is/zijn Gert Jan Reus Hans van Buuren. Het ISBN van dit boek is 9789001761691 of 9001761690. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Basisvaardigheden toegepaste statistiek HO

  • 1 Inleiding statistiek

  • Wat betekent het woord data?

    Gegevens

  • De ruwe gegevens worden in een datamatrix weergegeven

  • Wat is een ander woord voor onderzoekseenheid?

    Obervatie-eenheid  of analye-eenheid

  • De onderzoekseenheid is datgene waarover je gegevens hebt verzameld.
    Dit kan een individu of een groep zijn.

     

  • Hoe noem je iets wat gemeten of geobserveerd wordt?

    De variabele

  • Wat is een 'score'?

    Een score is de waarde die de onderzoekseenheid op een variabele krijgt.
    (ook wel meetwaarde of waarnemingsuitkomst)

  • Wat staat er in de datamatrix op de horizontale rij en wat staat er in de verticale kolom?

    De onderzoekvsaardigheden staan in de horizontale rij. De variabelen staan in de verticale kolm

  • Statistiek is het verzamelen, ordenen, samenvatten en analyseren van data

  • Hoe wordt de gehele groep ook wel genoemd?

    Populatie

  • Wat is verklarende (inductieve) statistiek?

    Dit gebruik je om de steekproef te generaliseren naar de populatie

  • 1.2 Variabelen en meetniveaus 12

  • Voorbeelden van variabelen zijn:
    Geslacht, leeftijd, belangstelling (op schaal van 1 tot 5), buitentemperatuur.
    Dee variabelen hebben verschillende meetniveau's

  • Waarom is het belangrijk om het meetniveau te weten?

    Omdat het meetniveau bepaalt welke statische technieken je kunt toepassen

  • Wat is nominaal meetniveau?

    Nominaal meetniveau heeft categorieën die een naam krijgen.
    Bijvoorbeeld geslacht. Her is de categorie man of vrouw

  • Wat is ordinaal meetniveau

    Ordinaal meetniveau heeft categorieën die op grootte kunnen worden geordend.
    Bijvoorbeeld belangstelling. Hier is de categorie de schaal (1 tot 5)

     

  • Ordinaal meetniveau kan worden geordend op grootte. Dit betekent niet dat categorie 4, 2x zo groot is als categorie 2.
    Je kunt niet rekenen met ordinale gegevens

  • Hoe worden variabelen op nominaal en ordinaal niveau ook wel genoemd

    Kwalitatieve variabelen

  • Wat kan je met kwantitatieve variabelen?

    Rekenen

  • Welke twee meetniveau's heeft een kwantitatieve variabele?

    Intervalmeetniveau en Ratiomeetniveau

  • Bij een interval meetniveau zijn de afstanden tussen de opvolgende getallen even groot.
    Bijvoorbeeld temperatuur. het verschil tussen 1 en 2 graden is het zelfde als tussen 5 en 6 graden

  • Met een intervalmeetniveau kun je niet rekenen

  • Met ratiomeetniveau kun je wel rekenen. Ratiomeetniveau heeft een absoluut nul-punt.
    Bijvoorbeeld leeftijd. Je kunt niet jonger zijn dan 0. Iemand van 10 is 2x zo oud als iemand van 5

  • 1.3 Discrete en continue variabelen 14

  • De variabelen kunnen waarden aannemen. Er is verschil in het aantal mogelijke warden die de variabele kan aannemen

  • Hoe noem je een variabele die geen tussenliggende waarde kan aannemen?

    Discrete variabele
    Bijvoorbeeld: aantal inwoners

  • Hoe noem je een variabele die wel tussenliggende waarde kan aannemen?

    Continue variabele
    Bijvoorbeeld: Gewicht

  • Discrete en Continue variabelen zijn beide kwantitatief.
    Ze zijn gemeten op interval/rationiveau

  • Een discrete variabele kan bij onderzoek een continue resultaat geven. Bijvoorbeeld aantal kopjes koffie dat iemand gemiddeld op een dag drinkt. dit kan 3,5 kopjes zijn. Dan wordt 3,5 kopje afgerond naar 4 kopjes.
    Het corrigeren van deze uitkomst heet continuiteitscorrectie

  • Wanneer moet de continuiteitscorrectie toegepast worden?

    Bij een steekproef waarbij n<50.
    Bij n=> 200 is de continuiteitscorrectie verwaarloosbaar

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.