Samenvatting biologie voor jou

-
ISBN-13 9789402064933
107 Flashcards en notities
3 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "biologie voor jou". De auteur(s) van het boek is/zijn Judith. Het ISBN van dit boek is 9789402064933. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - biologie voor jou

  • 1 par 1

  • Mitochondriën
    Celorganel dat glucose afbreekt.
  • Stofwisseling
    Het omzetten van stoffen in andere stoffen.
  • Glucose
    Stof die veel energie bevat, met behulp van deze energie worden allerlei andere stoffen gemaakt.
  • 1.1 par 2

  • Verbranding
    De afbraak van glucose in cellen.
  • Brandstof
    Stof die verbrandt, die je nodig hebt voor verbranding.
  • 1.1.1 par 3 en 4

  • Middenrif
    Een stevig, gespierd vlies dat de romp verdeelt in de borstholte en de buikholte.
  • Longblaasjes
    Deel van de longen aan het uiteinde van de luchtpijptakjes.
  • Strotklepje
    Klepje dat de luchtpijp afsluit als je voedsel inslikt.
  • Neusslijmvlies
    Slijmvlies in de neus dat uit slijmproducerende cellen bestaat.
  • Longhaarvaten
    Een netwerk van kleine bloedvaatjes rondom de longblaasjes.
  • Bronchiën
    Deel van het ademhalingsstelsel waarin de luchtpijp zich vertakt.
  • Luchtpijp
    Een holle buis die aansluit op de onderkant van het strottenhoofd.
  • Huig
    Klepje dat de neusholte afsluit als je voedsel inslikt.
  • Trilharen
    Organellen die slijm van de neus naar de keelholte verplaatsen.
  • Buikademhaling
    Ademhaling waarbij het middenrif en de buikwand bewegen.
  • Borstademhaling
    Ademhaling waarbij de ribben en het borstbeen bewegen.
  • Ademhalingsspieren
    De spieren die nodig zijn om adem te halen.
  • Gaswisseling
    De opname en afgifte van zuurstof en koolstofdioxide via de longblaasjes.
  • 3.1 Bloed

  • Hoe veel liter bloed heeft een volwassen mens?
    5 tot 6 liter
  • Wat is de functie van bloed
    De functie van bloed is vervoer van alles wat nodig is om het lichaam te laten functioneren, zoals voedsel, zuurstof en warmte. Koolstofdioxide en andere afvalstoffen worden door het bloed afgevoerd
  • Waar bestaat bloed uit?
    55% uit vloeistof bloedplasma, voor de rest 45% bestaat uit rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes
  • Welke kleur heeft bloedplasma meestal?
    Meestal een gelige kleur
  • Waar bestaat bloedplasma uit?
    7% uit eiwitten (plasma eiwitten) 91% uit water, de rest van het bloedplasma bestaat uit stoffen die in het water zijn opgelost, onder andere mineralen (zouten)
  • Wat is een van de plasma-eiwitten?
    Fibrinogeen. Vervult een functie bij de bloedstolling.
  • Wat doet bloedplasma?
    Bloedplasma vervoert vele stoffen. Waaronder voedingsstoffen, afvalstoffen (zoals koolstofdioxide) en (een beetje) zuurstof.
  • Wat is de beschrijving van rode bloedcellen?
    Rode bloedcellen hebben de vorm van ronde schijfjes. In het midden zijn de iets dunner dan aan de rand. Ze hebben ook geen celkern. In een kubieke mm ( 1mm3 = 0,001 mL) er zitten ongeveer vijf miljoen rode bloedcellen.
  • Wat is de werking van een rode bloedcel?
    Rode bloedcel vervoert vooral zuurstof. Ze bevatten het eiwit hemoglobine dat een rode kleur heeft. Hemoglobine kan zuurstof vast houden en ook weer loslaten. In de longen nemen de rode bloedcellen zuurstof p[, in andere organen nemen ze zuurstof af.
  • Beschrijving witte bloedcellen.
    Witte bloedcellen hebben wel een celkern. De cellen hebben geen vaste vorm, Daardoor kunnen ze door kleine openingen in de wand van de kleinste bloedvaten heen. In een kubieke mm bloed zitten ongeveer zevenduizend witte bloedcellen.
  • Functie van de witte bloedcel.
    Witte bloedcellen kunnen ziekteverwekkers, zoals bacteriën en virussen, onschadelijk maken. Een type witte bloedcel doet dat door ziekteverwekkers op te nemen en kapot te maken. Hierbij gaat de witte bloedcel meestal zelf ook dood.
  • Beschrijving bloedplaatjes
    Bloedplaatjes zijn geen cellen. Maar delen van uiteengevallen cellen. Ze hebben geen celkern. In een kubieke mm zitten ongeveer driehonderdduizend bloedplaatjes.
  • Waar zijn bloedplaatjes voor nodig?
    Ze zijn nodig voor de bloedstolling. Ze bevatten stoffen die ervoor zorgen dat het bloed stolt als het buiten de bloedvaten komt.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Hoe gaat de werking met urine?
 Via de urineleiders wordt de urine afgevoerd naar de urineblaas. In de urineblaas wordt urine tijdelijk opgeslagen, zodat je niet voortdurend hoeft te plassen. Van tijd tot tijd wordt de urine uit de urineblaas afgevoerd via de urinebuis.
Wat word er in de nierbekkens verzameld?
Urine
Wat doen nierschors en niermerg?
Nierschors en niermerg verwijderen niet alleen afvalstoffen uit het bloed, maar ook overtollig water, overtollige zouten en allerlei schadelijke stoffen. De verwijderde stoffen samen heten urine.
Waar bestaat een nier uit?
Een nier bestaat uit nierschors, niermerg en nierbekken.
Wat doen de nieraders?
Door de nieraders stroomt het gezuiverde bloed weg uit de nieren.
Wat doen de nierslagaders?
Door de nierslagaders stroomt zuurstofrijk bloed naar de nieren. Dit bloed bevat afvalstoffen van veel organen.
Waar liggen de nieren?
De nieren liggen in de buikholte links en rechts van de wervelkolom, vlak onder het middenrif.
Wat is de werking van het hart in 3 stappen?
1 - De hartslag begint met het samentrekken van de boezems, die kort daarvoor zijn volgestroomd met bloed. Beide boezems trekken tegelijk samen. Het bloed stroomt hierdoor de kamers in. De kamers zijn ontspannen.
2 - Als de kamers zijn volgestroomd met bloed, trekken ze samen. De hartkleppen slaan dicht en verhinderen dat het bloed terugstroomt in de boezems. De druk in de kamers stijgt. Als de druk in de kamers hoger is geworden dan de druk in de aorta en in de longslagader, worden de halvemaanvormige kleppen opengeduwd. Het bloed wordt tegelijkertijd in de aorta en in de longslagader gepompt. Tijdens het samentrekken van de kamers zijn de boezems ontspannen.
3 - Hierna vindt de hartpauze plaats. Zowel boezems als kamers zijn dan ontspannen. Het bloed stroomt uit de holle aders en de longaders in de boezems en gedeeltelijk al in de kamers. De halvemaanvormige kleppen zijn gesloten. Daardoor kan het bloed uit de longslagader en de aorta niet terugstromen naar de kamers. Hierna volgt weer fase 1.
Halvemaanvormige kleppen werking.
Aan het begin van de longslagader en de aorta bevinden zich de halvemaanvormige kleppen. Deze verhinderen dat het bloed terugstroomt in de kamers. Als de halvemaanvormige kleppen open zijn, kan het bloed van de rechterkamer in de longslagader stromen en van de linkerkamer in de aorta. Als de halvemaanvormige kleppen gesloten zijn, kan het bloed niet terugstromen van de longslagader naar de rechterkamer en niet van de aorta naar de linkerkamer).
Wat is de functie van de hartkleppen.
Hartkleppen zorgen er voor dat een boezem en een kamer gescheiden van elkaar zijn. Deze voorkomen dat het bloed terugstroomt van de kamers naar de boezems.