Samenvatting Bouw en werking van het menselijk lichaam en basis ziektekunde

-
1823 Flashcards en notities
57 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Bouw en werking van het menselijk lichaam en basis ziektekunde

  • 2 Cellen, Weefsels, organen, orgaanstelsels, algemene oriëntatie

  • Waarom is de weefselcirculatie van belang voor het functioneren van de cel ?
    Een cel kan alleen goed stoffen opnemen en kwijtraken  wanneer de omgeving steeds wordt ververst
  • 2.2.1 Enkele basisgegevens over de cel

  • Wat is de intercellulaire ruimte?
    d.i. de tussencelruimte, hierin bevindt zich vloeibaar tussencelvocht en vaak ook vaste tussencelstof (zoals collageenvezels en kalkzouten in botweefsel)
  • Hoe wordt de stofwisseling in het lichaam genoemd?
    Stofwisseling of metabolisme (uit het Grieks: μεταβολισμός "metabolismos" = verandering of omzetting) is het geheel van biochemische processen die plaatsvinden in cellen en organismen. Enzymen spelen bij de omzettingen een centrale rol. Er wordt gewoonlijk onderscheid gemaakt tussen de opbouw van stoffen met gebruik van energie (anabolisme) en de afbraak van complexere stoffen waarbij energie weer vrijkomt (katabolisme).
  • 2.2.2 Basisbehoeften van een cel

  • Wat zijn de 2 basis stofwisselingsprocessen?
    Er is een bouwstofwisseling en energiestofwisseling
  • Wat zijn de benodigde stoffen?
    energiestoffen, H20 (water), Bouwstoffen en O2 (zuurstof) in het kort EHBO
  • Beschrijf de bsw en esw ?
    Bsw neemt bouwstoffen, water (H), zuurstof (O) op en geeft lichaamsweefsel, koolzuur  en afvalstoffen af.
    esw neemt energiestoffen en zuurstof op en geeft energie, koolzuur, afvalstoffen en water af.
  • Beschrijf de bouwstofwisseling en energiestofwisseling.
    De bsw vindt plaats ten bate van opbouw, groei en celvermeerdering.
    De esw is essentieel voor de uitvoering van allerhande celactiviteiten,zoals voortbeweging en actief transport van stoffen
  • Noem de basisstoffen die een cel nodig heeft om de basis stofwisselingsprocessen uit te kunnen voeren.
    E energiestoffen - suikers en vetten
    H h20 - water
    B bouwstoffen - aminozuren, vetten, vitamines
    O O2 - zuurstof
  • Wat zijn de afvalproducten van bsw en esw?
    Koolzuurgas (koolstofdioxide/CO2) en overtollige warmte, en andere afvalstoffen.
  • Hoe ziet de bsw eruit?
    bouwstoffen +H2O+O2 ... lichaamsweefsel + CO2 + afvalstoffen
  • Hoe ziet esw eruit?
    Energiestoffen + O2  .... energie + CO2 + afvalstoffen  + H2O
  • wat is een enzym?
    Een enzym ( Oudgrieks: ἐν en in, ζύμη zúme gist ) is een eiwit, dat als katalysator fungeert bij een bepaalde chemische reactie in of buiten een cel. Het enzym maakt de reactie mogelijk of versnelt de reactie, zonder daarbij zelf te worden verbruikt of van samenstelling te veranderen.
  • Noem 3 of meer eigenschappen van een enzym
    - Eiwitachtige stof
    - Versnellen een proces
    - Worden gebruikt maar niet verbruikt
    - Substraat specifiek (door het uiterlijk)
    - Ze zijn temperatuur en zuurgraad gevoelig
  • Noem 3 of meer voorbeelden van een enzym
    Het omzetten van melk in kaas.
    • Het omzetten van druivensap in wijn.
    • Het laten rijzen van brood door middel van bakpoeder.
    • Het omzetten van zetmeel houdende producten naar suikers, voor de productie van ethanol.
    • Enzymen in wasmiddelen voor de voor afbraak van eiwitten, vezels en vetten.
    • De inzet van enzymen die vetzuren meer verzadigd maken.
    • De inzet van enzymen die vetzuren meer onverzadigd maken.
  • 2.2.3 Orgaanstelsels in relatie tot de cel

  • benoem de 10 orgaanstelsels.
    csauhbzzhav
    1. Circulatiestelsel,
    2. spijverteringsstelsel
    3. ademhalingsstelsel,
    4. urinewegstelsel,
    5. huid
    6. bewegingsapparaat,
    7. zintuigen,
    8. zenuwstelsel
    9. hormoonstelsel,
    10. afweerstelsel,
    11. voortplanting stelsel
  • Noem de 11 orgaanstelsels.
    Circulatiestelsel - bloed en lymfe
    Spijsverteringsstelsel  - lever (opname EHBO)
    Ademhalingsstelsel 
    Urinewegstelsel
    Huid
    Houdings- en bewegingsapparaat
    Zintuigen
    Zenuwstelsel
    Hormoonstelsel
    Afweerstelsel
    Voortplantingsstelsel
  • Beschrijf circulatiestelsel.
    - aanvoer van zuurstof en voedingsstoffen vanuit de opnameorganen naar de cellen
    - afvoer van afvalstoffen en koolzuur vanuit cellen naar de uitscheidingsorganen
  • Circulatiestelsel?
    Aanvoer van zuurstof, voedingsstoffen vanuit opnameorganen naar de cellen.
    Afvoer van afvalstoffen en koolzuur vanuit de cellen naar de uitscheidingsorganen.
  • Beschrijf spijsverteringsstelsel
    - opname van voedingsstoffen in het bloed
    - uitscheiding via de gal
  • Spijsverteringsstelsel?
    Opname van voedingsstoffen in het bloed (EHB).
    uitscheiding afvalstoffen via de gal ( uiteindelijk via ontlasting)
  • Beschrijf  Ademhalingsstelsel
    - opname van zuurstof in het bloed
    - uitscheiding van koolzuur
  • Ademhalingsstelsel?
    Opname zuurstof in het bloed.
    uitscheiding koolzuur uit het bloed.
  • Beschrijf urinewegstelsel
    - stabiel houden van de samenstelling en druk van lichaamsvloeistoffen door uitscheiding van overtollig water en diverse daarin opgeloste stoffen
  • Urinewegstelsel?
    Stabiel houden van lichaamsvloeistoffen ( samenstelling en druk) door 
    uitscheiding van overtollig water en diverse daarin opgeloste stoffen.
  • Beschrijf functie van huid
    -bescherming van de cellen, weefsels en organen,
    -temperatuurregulatie
    - zorg voor verschillende vormen van contact met de buitenwereld
  • Huid?
    Bescherming van de cellen, weefsels en organen
    temperatuurregulatie
    contact met de buitenwereld
  • Beschrijf houdings -en bewegingsappraat
    zorg voor zowel
    -stevigheid,
    -beweeglijkheid als
    - expressie
    d.m.v. een samenwerkend verband van botten, kraakbeen, gewrichten, pezen banden en spieren
  • Houdings- en bewegingsapparaat?
    Stevigheid (bescherming kwetsbare organen)
    beweeglijkheid en expressie dmv een samenwerkend verband van 
    botten, kraakbeen, gewrichten, pezen, banden en spieren
  • Beschrijf functie van zintuigen
    continue aanvoer van informatie over de stand van zaken van binnen en buiten het lichaam
  • Zintuigen?
    Continue info over stand van zaken binnen en buiten het lichaam
  • Beschrijf functie van zenuwstelsel
    - snelle en nauwkeurige aanvoer van zintuiginformatie naar het centraal zenuwstelsel,
    - verwerking van deze informatie en
    - omvorming ervan  tot een passende reactie
  • Zenuwstelsel?
    Aanvoer zintuiginformatie naar centraal zenuwstelsel
    Verwerking  van deze info en
    Omvormen tot een passende reactie
  • Beschrijf functie van hormoonstelsel
    - afgifte aan het bloed van tientallen verschillende boodschapperstoffen om het functioneren van bepaalde weefsels traag en enigszins grof bij te sturen
  • Hormoonstelsel?
    Afgifte aan het bloed van verschillende boodschapperstoffen om het functioneren van bepaalde weefsels ( traag en enigszins grof ) bij te sturen.
  • Beschrijf functie van afweerstelsel
    - bescherming van  het lichaam tegen mogelijke ziekteverwekkers
  • Afweerstelsel?
    Bescherming tegen ziekteverwekkers
  • Beschrijf functie van voortplantingsstelsel
    het voortbestaan van onze soort mogelijk maken voorbij de individuele dood en het mogelijk maken van seksuele intimiteit
  • Voortplantingsstelsel?
    Voortbestaan van onze soort
    seksuele intimiteit
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Vraag 23  15-13Benoem de route, die een uitgediepte eicel volgt van aanmaakplaats tot baarmoeder
Vanaf de vruchtbare leeftijd leeftijd laat het vrouwelijk voortplantingsstelsel met regelmaat een klein aantal van de honderduizenden gereedliggende eicellen rijpen in de eierstokken. 
Onder invloed van bepaalde hypofysehormonen fsh en lh en vrouwelijke geslachtshormonen oestrogeen en progesteron wordt slechts een zon'n eitje helemaal uitgerijpt in een blaasje of follikel en na de eisprong opgevangen in de nabijgelegen eileider. Daarin vindt dan een eventuele bevruchting plaats. 
Mocht dit het geval zijn dan wordt het bevruchte eitje in een aantal dagen tijd naar de baarmoeder getransporteerd om zich daar te kunnen nestelen in voldoende uitgerijpt en doorbloed baarmoeder=slijmvlies. 
Vind er gen bevruchting plaats dan wordt het eitje in de wand van de eileider door afweercellen gefagocyteerd en afgebroken
Vraag 44 14-15wat worden we nog meer in de huid gewaar behalve prikkeling van buitenaf?
Naast de gewone zintuig functies herbergt onze huid ook nog de functie van het gewaarworden van emoties tintelingen van genot bv zijn een lichamelijke uiting van een geestelijk fenomeen.  Bij intense observatie v.d eigen huid blijken continue in elk huidgebied allerlei sensaties voelbaar te zijn, die kunnen variëren van zeer fijne vibratie tot intense pijn
Vraag 42  14-14 Beschrijf kort de rol, die de kleine hersenen hebben bij het bewaren van evenwicht en het uitvoeren van bewegingen
De zintuigsignalen worden niet alleen doorgegeven aan het bewust zijn in de grote hersenen, maar ook in de kleine hersenen, hoe meer verschillende informatie deze krijgen aangeboden, over de huidige stand van zaken, hoe beter hun automatische correctie plaats kan vinden maar door foutieve informatie, kunnen ze in de war raken dit kan bv gebeuren wanneer je uren lang hebt gevaren op een schommelende boot de zintuigen en de kleine hersenen hebben zich aangepast aan het schommelen v d  boot en geven eenmaal op het vasteland nog een tijdlang dezelfde signalen af, met als gevolg dat je terwijl je niet meer deint toch nog het gevoel hebt, dat je dat doet en daardoor sneller je balans verliest ook kan een eenzijdige ontsteking van het binnenoor het vestibulair apparaat aan die zijde stimuleren, waardoor je vanuit de beide binnenoren tegengestelde informatie krijgt, wat het gevoel van draaiduizeligheid geeft. Omdat je kleine hersenen foutief worden geïnformeerd val je om zodra je probeert op te staan
Vraag 41,  14-14Wat versta je onder proprioceptie?Waar bevinden de bijbehorende zintuigjes zich?
Proprioceptie positiezintuigen in spieren, pezen, gewrichtskapsels en banden geven informatie over de huidige stand van zaken.
Deze minuscule zintuigorgaantjes werken hoofdzakelijk door het opmerken van rek spieren, pezen of gewrichtskapsel. Werkt je proprioceptie niet of heel matig, dan zul je vrijwel meteen de neiging krijgen om te vallen zodra je je ogen sluit...
Evenwicht orgaantjes, werk je proprioceptie niet of heel matig dan zul je vrijwel meteen de neiging krijgen om te vallen zodra je je ogen sluit.
Vraag 40 14-14Voor welke soorten informatie zorgt het vestibulaire apparaat?
Positie bepaling, door zintuigen in het binnenoor heet evenwicht zintuig, vestibulaire apparaat geeft via verschillende soorten zintuigen signalen af over gevoel van versnelling vertraging, beweging en draaiing van het hoofd, deze zintuigen staan via het benige en vliezige labyrint in rechtstreekse verbinding met het eigenlijke gehoororgaan in het binnenoor
Vraag 39 14-14Welke orgaanstelsels zijn van belang voor het handhaven van evenwicht en beweging?
Orgaan stelsel
De kleine hersehen
Bewegingsapparaat
Zenuw zintuigen
Vraag 38 14-13Via welke zenuw worden de geluidssignalen uit het binnenoor richting hersenenen vervoerd?-Wat voor zintuigsignalen vervoert deze zenuw nog meer?
Elk stukje van het orgaan van Corti heeft zijn eigen zenuwvezels De zenuwvezels verlaten het binnenoor samen met de gewichtorgaan, samen wordt een zenuwbundel. Dit wordt de 8st hersenzenuw genoemd en gaat via de tussenhersenen naar de akoestische hersenschors van de grote hersenenen, die de talloze gelijktijdig aangeboden zenuw impulsen elke fractie van een seconde weer weet samenvoegen tot en daar vormt het een geluidsbeeld
Vraag 37 14-13Welke tonen toonhoogten hoor je in welk deel van het slakkenhuis?
Elke geluidsfrequentie heeft zijn eigen zintuigelijke plekje in het slakkenhuis.

De laagste tonen hoor je in de kern van het slakkenhuis

De hoogste tonen in het opstijgende kanaaltje van het slakkenhuis
Vraag 42 14-14Beschrijf kort de rol die de kleine hersenen hebben bij het bewaren van evenwicht en het uitvoeren van bewegingen
De zintuigsignalen worden niet alleen doorgegeven aan het bewust zijn in de grote hersensen, maar ook in de kleine hersenen. Hoe meer verschillende informatie deze krijgen aangeboden, over de huidige stand van zaken, hoe beter hun automatische correctie plaats kan vinden , maar door foutieve informatie, kunnen ze in de war raken dit kan bv gebeuren wanneer je uren lang hebt gevaren op een schommelende boot. De zintuigen en de kleine hersenen hebben zich aangepast aan het schommelen v.d boot en geven eenmaal op het vasteland nog een tijdlang dezelfde signalen af, met als gevolg dat je terwijl, je niet meer deint toch nog het gevoel hebt dat je dat doet en daardoor sneller je balans verliest . Ook kan een eenzijdige ontsteking van het binnenoor het vestibulair apparaat aan die zijde stimuleren, waardoor je vanuit de beide binnenoren tegengestelde informatie krijgt, wat het gevoel van draaiduizeligheid geeft. Omdat je kleine hersenen foutief worden geïnformeerd val je om zodra je probeert op te staan
Vraag 36. 14-13In welk deel van het slakkenhuis zit het eigenlijke gehoororgaan met de gehoorzintuigcellen?
Tussen  opstijgend en dalend kanaaltje in ligt nog een derde kanaaltje. Dit is alleen door een zeer dun vlies v.d beide andere kanaaltjes gescheiden. In dit middelste kanaaltje bevinden zich over de volle lengte v.d windingen van het slakkenhuis die heet gehoorzintuigcellen. Deze hebben haarvormige uitslulpinkjes clivia die bedekt zijn door een soort dekplaat samen vormen ze over de volle lengte van het slakkenhuis het eigenlijk gehoororgaan orgaan van Corti wordt genoemd