Samenvatting Capita strafrecht

-
ISBN-10 9069167883 ISBN-13 9789069167886
169 Flashcards en notities
12 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Capita strafrecht". De auteur(s) van het boek is/zijn P A M Mevis. Het ISBN van dit boek is 9789069167886 of 9069167883. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Capita strafrecht

  • 1.1 Normen, rechtsregels en hun verband

  • Wat is een sociale norm?

    Een regel omtrent gedrag. Drukt uit hoe iets 'hoort' en zou moeten. 

  • Het strafrecht bestaat bij de gratie van het feit dat mensen zich niet conform de afgesproken norm gedragen. 

  • Het strafrechtelijke rechtssysteem bestaat uit alle rechtsregels betreffende het materiële en formele strafrecht. 

  • Tot het strafrechtelijke rechtssysteem behoren ook regels die de organisatie van het apparaat betreffen. Dit soort regels bestaan niet uit gedragsnormen waaraan burgers bij hun onderling gedrag in de maatschappij geacht worden zich te houden. Dit worden de regels van organisatorisch recht genoemd. 

  • Niet elke norm is een rechtsnorm. Denk aan per ongeluk tegen iemand aanrijden met een winkelwagentje. Excuus is op zijn plaats, maar wanneer dit uitblijft is het gedrag niet onmiddellijk strafbaar. 

  • Er zijn twee wijzen waarop sociale normen de status van een rechtsnorm kunnen verwerven. 

     1. Erkenning doordat het recht de norm opschrijft: bijvoorbeeld "Een ieder wordt geacht voldoende zorg voor het milieu in acht te nemen" en "Bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden". (Niet kenmerkend voor strafrecht)

    2. Erkenning doordat het recht aan gedrag in strijd met de norm consequenties verbindt. Het gaat erom dat in het recht gereged is welke reactie - positief of negatief - het recht verbindt aan gedrag in overeenstemming met, of juist in afwijking van de norm.  (Kenmerkend voor strafrecht)

     Zowel positieve als negatieve reacties op gedrag kunnen wel en niet in de wet geregeld zijn. Strafrecht gaat om negatieve in de wet geregelde reacties waarmee wordt gereageerd op normschendend gedrag. 

    Positief: schouderklopje vs. koninklijke onderscheiding

    Negatief: Met de nek aangekeken worden vs. ontslag op staande voet</p

  • Wat is de kern van het strafrecht? 

    De kern is niet het benoemen of expliciet vastleggen en formuleren van een norm omtrent gedrag van burgers, maar (louter) het regelen van de strafrechtelijke reactie op gedrag dat een overschrijding van de norm vormt. Daarmee wordt weliswaar de norm in rechte erkend (wordt een rechtsnorm), maar dat is niet de eerste functie van de regels van het strafrecht. Die eerste functie is het aanwijzen op welk gedrag in strijd met de norm dan een reactie volgt en welke die reactie (straf) dan is. 

  • 1.2 Wat is het typische aan de strafrechtelijke reactie?

  • Het strafrecht gaat uitdrukkelijk om leedtoevoeging. Straf als opzettelijke negatieve reactie, als beoogde leedtoevoeging, louter omdat misdaan is. 

  • 1.3 Straffen gebeurt met het oog op handhaving van de norm

  • Het strafrecht is in de eerste plaats een handhavingsrecht. Leedtoevoeging moet normconform gedrag afdwingen. 

  • 1.4 Zowel materieel strafrecht als formeel strafrecht is handhavingsrecht, gericht op het afdwingen van normconform gedrag

  • Het materiële strafrecht draagt aan het normhandhavend karakter bij door vast te leggen welk gedrag strafbaar is en wat de sanctie kan zijn als dat gedrag toch wordt begaan. 

    Het formele strafrecht zorgt voor de operationalisering van het materiële strafrecht. Omdat wij allen weten dat de overheid van dit alles daadwerkelijk gebruik maakt, gaat ook van dit stukje strafrechtelijk handhavingsrecht de dreiging uit om normen tegen de overschrijding waarvan het strafrecht straft bedreigt, niet te overtreden. 

  • 1.5 Vergelijking met het civielrechtelijk rechtssysteem en het bestuursrechtelijk rechtssysteem

  • In vergelijking met het strafrecht is zowel het civiele recht als het bestuursrecht veel minder (louter) handhavingsrecht. Het is allemaal normstellend recht (denk aan milieurecht, huurrecht): het recht drukt uit welke normen er gelden. En dat is precies wat het strafrecht niet doet; dat handhaaft alleen normen door het aanwijzen van gedrag in strijd met de norm. 

    Toch bergen zowel civiel recht als het bestuursrecht ook aspecten van handhaving van recht in zich. De verschillen in handhaving schuilen vooral in het doel van dat systeem van rechtshandhaving. De civiele rechtshandhaving van iemand die een klap verkoopt en de dokterskosten van het slachtoffer moet vergoeden heeft als doel het slachtoffer aan een schadevergoeding te helpen, niet om de dader te treffen. Het gaat er alleen maar om dat het niet billijk is het slachtoffer met de schade te laten zitten. 

    Voor zover het bestuursrecht rechtshandhavend kan zijn, kan de burgemeester bijvoorbeeld groepen voetbalsupporters oppakken en verplaatsen. Doel is niet bestraffen van supporters, maar om aan de overlast een einde te maken. 

  • Wat is een bestuurlijke boete en waarom bestaat deze?

    Wanneer een niet-rechterlijk bestuursorgaan de boete oplegt. Op deze manier wordt een grote hoeveelheid minder ernstige strafbare feiten efficiënt afgedaan. 

    Toch hebben we bij een bestuurlijke boete ook in de kern met strafrecht te maken. De 'beboete burger' heeft de mogelijkheid om die bestraffing aan de rechter voor te leggen om te zien of dat wel allemaal terecht is. 

  • 1.7 Strafrechtstheorieën

  • Waar gaan strafrechtstheorieën over?

    Strafrechtstheorieën beantwoorden de vraag wat straf en bestraffing rechtvaardigt. 

  • Vergeldingstheorie: wordt gerechtvaardigd door het gepleegde onrecht. De betreffende burger heeft zich kennelijk de vrijheid gepermitteerd af te wijken van de maatschappelijke norm dat wij ons allen aan de wet houden. De burgers die dat laatste wel hebben gedaan, hebben daarom aanspraak op berechting van degene die de wet heeft overtreden. De verdiende straf moet dan ook worden opgelegd: er moet vergolden worden. Tegelijkertijd mag er niet meer vergolden worden dan waartoe grond bestaat. Een veroordeelde die zijn straf heeft uitgezeten mag daarna niet meer op nadelige wijze met zijn delict worden geconfronteerd. 

  • Wat is generale preventie en hoe wordt deze gerechtvaardigd?

    Generale preventie is ter voorkoming van criminaliteit in de samenleving. De dreiging en het daadwerkelijk straffen schrikken mensen af en voorkomen criminaliteit. Wordt gerechtvaardigd vanwege haar doel: voorkomen van criminaliteit. 

  • Wat is speciale preventie en hoe wordt deze gerechtvaardigd?

    Speciale preventie is erop gericht om te voorkomen dat een persoon recidiveert. Acht de straf gerechtvaardigd als deze erop is gericht mensen te helpen zodat zij niet meer zullen recidiveren. 

  • Naar hedendaagse opvattingen bestaat het besef dat alle drie de strafrechtstheorieën (vergelding, generale preventie en speciale preventie) in onderling verband moeten worden beschouwd. Afzonderlijk schieten zij alledrie tekort als legitimatie van straf. 

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Voorwaarden TBS
Art. 37a lid 1 sub 2 SR

  • Gevangenisstraf 4 jaar of meer
  • De veiligheid van anderen vereist deze maatregel
Combinatie van sancties
Art. 9 lid 3/4 SR: In een aantal gevallen is een combinatie van straffen mogelijk.
Opleggen taakstraf
Art. 22b SR

  • Misdrijf waarop een gevangenisstraf van 6 jaar of minder staat.
Verschillende sancties Wetboek van Strafrecht
Hoofdstraffen en bijkomende straffen (art. 9 SR)

Maatregelen

  • Onttrekking van het verkeer (art. 36 SR)
  • Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel (art. 36e SR)
  • Schadevergoedingsmaatregel (art. 36f SR)
  • Plaatsing psychiatrisch ziekenhuis (art. 37 SR)
  • TBS (art. 37a SR)
  • Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (art. 38m SR)
  • Rechterlijk contact en gebiedsverbod (art. 38v SR)
Schriftuur indienen
  • Moet bij hoger beroep
  • binnen 14 dagen
  • door de appellant

Art. 410 lid 1 SV
Voortbouwend appèl
Gerechtshof richt zich primair op de bezwaren die door de verdachte en het OM naar voren zijn gebracht. De discussie gaat over wat de partijen verdeeld houdt. (art. 415 lid 2 SV)
Gevolgen van vormverzuim
Art. 359a SV (Arrest-afvoerpijp

Stap A: Bereik art. 359a SV

  1. Vormverzuim tijdens voorbereidend onderzoek tegen verdachte tav het ten laste gelegde feit?
  2. Geen vormverzuim met betrekking tot bevelen vrijheidsbenemende dwangmiddelen wat al eer door RC is (kon worden) getoetst?
  3. Geen herstel meer mogelijk?

Dan art. 359a SV van toepassing

Stap B: Factoren voor sancties ex 359a SV (lid 2)

  1. Het belang dat het geschonden voorschrift dient
  2. De ernst van het verzuim (o.a. verwijtbaarheid)'
  3. Het nadeel dat daardoor wordt veroorzaakt (werkelijk in verdediging geschaad?) 

Stap C: Kies de sanctie

  1. Alleen vaststelling vormverzuim
  2. Strafvermindering ( r.o. 3.6.3) : Daadwerkelijk nadeel geschikt voor compensatie d.m.v. strafvermindering? Strafvermindering gerechtvaardigd?
  3. Bewijsuitsluiting (r.o. 3.6.4.) Bewijsmateriaal uitsluitend door verzuim verkregen (causaal verband), schending in aanzienlijke mate van belangrijk voorschrift of beginsel.
  4. Niet-ontvankelijkheid OM (r.o. 3.6.5.)
-Zwolsman-criterium (NJ 1996, 246)
Uitzonderlijk gevallen waarin sprake is van een ernstige inbreuk op beginselen van een goede procesorder, waarbij doelbewust of met grote veronachtzaming van de belangen van verdachte tekort is gedaan aan recht op een eerlijk proces (ernstige schendingen van art. 6 EVRM)

Gevolgen van vormverzuim
Art. 359a SV

Stap A: Bereik art. 359a SV

  1. Vormverzuim tijdens voorbereidend onderzoek tegen verdachte tav het ten laste gelegde feit?
  2. Geen vormverzuim met betrekking tot bevelen vrijheidsbenemende dwangmiddelen wat al eer door RC is (kon worden) getoetst?
  3. Geen herstel meer mogelijk?

Dan art. 359a SV van toepassing

Stap B: Factoren voor sancties ex 359a SV (lid 2)

  1. Het belang dat het geschonden voorschrift dient
  2. De ernst van het verzuim (o.a. verwijtbaarheid)'
  3. Het nadeel dat daardoor wordt veroorzaakt (werkelijk in verdediging geschaad?) 

Controle uitoefenen op het voorbereidend onderzoek
  • Door de strafrechter
  • Toetsing rechtmatigheid van het voorbereidend onderzoek
  • Art. 6 EVRM
  • Geschreven strafprocesrecht
  • Beginselen van behoorlijke procesorde
  • Art. 359a SV
AVAS-arresten
  • Melk en water, NJ 916, 681
  • Motorpapieren, NJ 1950, 180