Samenvatting Class notes - Grondslagen

Vak
- Grondslagen
- Denny
- 2014 - 2015
- Grondslagen
- Psychologie
105 Flashcards en notities
3 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Class notes - Grondslagen

  • 1429740000 Alles

  • Heraclitus 
    Phanta Rhei ('alles stroomt'). Sinds Heraclitus is het duidelijk dat veel wetenschap berust op invariantie-principes, zoals alle elektronen zijn uitwisselbaar. 
  • Ontologie
    Hoe zit de wereld in elkaar?
  • Epistemologie
    Hoe weten we wat waar is?
  • Esthetiek
    Wat maakt sommige dingen mooi en andere lelijk?
  • Ethiek
    Wat maakt sommige daden goed en andere slecht? 
  • Phyrro 
    Introduceert het scepticisme: men kan nooit iets zeker weten. Hij is de primaire motivatie voor Descartes en een inspiratie voor superscepticus Hume. 
  • Nous 
    Onfeilbare intellectuele capaciteit bedacht door Aristoteles 
  • Stoa
    Het beste kun je je gevoel minimaliseren. Populaire stroming bij de Romeinen (geleend van de Grieken)
  • Epicurisme
    Het is het beste om zo evenwichtig mogelijk te leven. Populaire stroming bij de Romeinen (geleend van de Grieken)
  • Augustinus van Hippo
    Leeft in de Middeleeuwen en bedenkt de eerste leertheorie van hoe hij de namen van objecten heeft geleerd, namelijk dat mensen die aan hem aanwijzen. Hij identificeert ook 'problem of other minds': Hoe weten we of andere mensen ook bewustzijn hebben?'. Ruim 2000 jaar later inspireert hij Wittgenstein. 
  • Het klassieke model van Ptolemeus 
    Alle hemellichamen draaien om de aarde 
  • Copernicus 
    Bedenkt een alternatief model voor het zonnestelsel: het heliocentrische model. Maar hij publiceert dit pas vlak voor zijn dood in 1543. 
  • Galileo Galilei
    Hij neemt het werk van Copernicus serieus en schrijft een boekje in het Italiaans waarin hij het heliocentrische model verdedigt. Niet zo handig want de domme figuur in het boekje, Simplicio, verwoord het standpunt van de Kerk. Daardoor wordt Paus Urbanus boos en geeft hem huisarrest. 
  • Kepler 
    Zet eigenlijk de puntjes op de i van het werk van Galileo. Hij ziet dat planeten ellipsen in plaats van cirkels beschrijven. Daarmee wordt het heliocentrische model ineens eenvoudiger. 
  • Newton 
    Publiceert in 1687 de Principia Mathematica: Hij integreert de flodders van Copernicus, Galileo en Kelpler tot één geheel. Deze theorie is vrijwel exact en in de taal van de wiskunde geschreven. Met eenvoudige principes die de status van wetten hebben verklaart Newton een heel spectrum aan fenomenen. De planeten blijken zich aan dezelfde wetten te houden als die op Aarde gelden. 
  • Descartes
    Descartes wilde zekere kennis hebben, hij zoekt een fundament voor kennisverwerving. En hij begint aan alles te twijfelen (het twijfel experiment). Aan bijna alles valt te twijfelen want een malin genie houdt je misschien voor de gek, maar zelfs als een malin genie je voor de gek houdt geldt 'ik twijfel'. Ik twijfel is dus met absolute zekerheid waar. Maar hij gaat door en komt uit op het dualisme. Hij is een rationalist. 
  • Eliminatief materialisme 
    Een alternatief voor het dualisme is ontkennen dat er een geest bestaat. In de uiteindelijke wetenschappelijke beschrijving van het universum komen mentale toestanden niet voor. Zij moeten dus uit ons wereldbeeld geëlimineerd worden. 
  • Niet-eliminatief materialisme
    Je kunt ook ontkennen dat er een geest bestaat als aparte substantie, maar er toch een rol voor in kennen. Mentale toestanden moeten dan op een of andere manier wortelen in hersentoestanden. 
  • Functionalisme (hoofdstuk 7)
    Mentale functies worden gedefineerd door hun rol. Mentale functies worden niet veroorzaakt door het brein, maar erdoor gerealiseerd. Mentale toestanden zouden dus meervoudig realiseerbaar zijn. Een computer zou hiermee dus ook kunnen denken (sterke A.I. these). Meervoudige realisatie blokkeert de these dat mentale toestand X altijd identiek is aan mentale toestand Y. 
  • Bacon 
    Articuleert voor het eerst de wetenschappelijke methode als combinatie van observatie en redenatie. Hij ziet in dat zowel onze observatie als redenatie feilbaar is, maar dat we ons tegen deze feilbaarheid kunnen weren. In 1620 brengt hij het Novum Organum uit waarin de vier idolen staan. 
  • Idols of the Tribe
    Dit zijn vooroordelen die we hebben omdat we mens zijn. We zijn geneigd om typische menselijke fouten te maken, zoals je vergissen bij een visuele illusie. 
  • Idols of the Cave
    Dit zijn voordelen die we hebben omdat tot een bepaalde culturele groep behoren. 
  • Idols of the Marketplace 
    Vooroordelen die we hebben omdat we over dingen kunnen praten. Zo gebruiken we woorden die nergens naar verwijzen, zoals geluk. 
  • Idols of the Theatre 
    Vooroordelen die we hebben omdat autoriteiten zeggen dat ze kloppen. Nu heet dit autoriteitsdrogreden. 
  • John Locke 
    Locke vindt het idee van aangeboren kennis onacceptabel. Hij weerlegt deze theorie dan ook door te stellen dat veel vermeende aangeboren theorieën bij veel mensen niet overeenkomen, zoals universele morele principes. 
  • Berkeley 
    Berkeley neemt de ideeën van Locke zeer serieus en gaat ervan uit dat alle kennis via de zintuigen binnenkomt. Hij concludeert echter dat we geen enkele garantie hebben voor de waarheid van onze kennis. Sterker nog; we kunnen niet eens weten dat we wereld buiten ons bestaat. Dit heet het idealisme: de wereld is in wezen één grote projectie van onze geest. Toch is hij een empirist omdat de waarneming bij hem centraal staat. 
  • Hume 
    David Hume zet het inductieprobleem op de kaart. Volgens Hume zie je alleen correlatie, maar gebruiken we oorzakelijkheid. Dit kan niet omdat we het noodzakelijke verband tussen oorzaak en gevolg niet kunnen waarnemen (we kunnen de counterfactual niet zien). Inductie is een ongeldige redeneervorm: de conclusie volgt niet logisch uit de premissen. Dat wil zeggen dat als de premissen waar zijn, de conclusie niet ook logisch waar is. 
  • Wolff 
    Publiceert in 1732 psychologica empiricia: het eerste boek over de psychologie. Hij gaat ervan uit dat de studie van de geest introspectie vereist. 
  • Comte
    Comte is het oneens met introspectie, omdat er geen onderscheid is tussen de onderzoeker en de onderzochte, objectiviteit bij introspectie onmogelijk is en het onbetrouwbare en conflicterende data oplevert. 

    Comte is een positivist: de wetenschap is uiteindelijk de enige weg naar waarheid. Volgens Comte heeft de wetenschap drie stadia:
    1. Theologische stadia
    2. Metafysische stadia
    3. Positivistische stadia 
  • Kant 
    Kant is ook tegen introspectie, want door de observatie wordt de onderzochte anders, geen onderscheid tussen onderzoeker en onderzochte en bewustzijn altijd in flux. Kant is een van de eerste die een wetenschappelijke psychologie overweegt, maar hij komt tot de conclusie dat de psychologie hooguit kan beschrijven en geef verklarende wetmatigheden zal kennen. 
  • Darwin 
    Ontwikkelt de evolutie theorie, waarmee de mens ineens wel binnen het bereik van de wetenschap valt. 
  • Hooke 
    Onderzoek het menselijk visueel vermogen. 
  • Donders
    Besluit de tijdsduur van bepaalde mentale processen te meten en bedenkt hiermee de mentale chronometrie. 
  • Quetelet 
    Quetelet komt met het idee statistiek op de mens toe te passen. Hij introduceert de gemiddelde mens. Het gemiddelde laat zich wetmatig beschrijven, ook als individuen dat niet doen. 
  • Galton 
    Galton probeert reactietijden te correleren met intelligentie, maar tevergeefs. 
  • Harvey 
    Is een geneeskundige en wijst erop dat het lichaam ook natuurwetenschappelijke principes volgt. Organen hebben functies die zij op mechanische wijze vervullen. Als je de functies snapt, snap je het lichaam. 
  • Wundt
    Wundt wordt gezien als stichter van het eerste psychologische laboratorium. Hij heeft drie methodes: experimentele methode, introspectie en de historische methode. Wundt stelt met de experimentele methode dat het gedrag van het gemiddelde interessant is en ziet individuele verschillen als ruis. 
  • William James 
    Is de schrijver van het eerste echte psychologie boek en introduceert de psychologie in Amerika. Hij legt de nadruk op de functie van fenomenen. 
  • Binet 
    Binet is de maker van de eerste echte psychologische test. Hij bedenkt hierbij ook de somscore. Dit blijkt een veel sterkere voorspeller voor succes dan eerder geopperde variabelen. 
  • Freud 
    Freud bedenkt als eerste een alomvattende psychologische theorie. Een blijvende bijdrage van Freud is dat je psychologische problemen beter kan verhelpen door erover te praten. 
  • Bridgman 
    Bedenkt het operationalisme: concepten moeten gereduceerd worden tot metingen. Tegenwerpingen van het operationalisme van Bridgman zijn:
    - Er zijn concepten die met meerder procedures te meten zijn
    - Operaties kunnen niet synoniem zijn met begrippen 
  • Thorndike
    Formuleert via de Puzzle Box de Law of Effect (gedrag dat gevolgd wordt door een beloning wordt herhaald). 
  • Chomsky 
    Chomsky hakt het radicaal behaviorisme van Skinner in de pan. Hij beargumenteert dat het tekort schiet door de stimulus of poverty en dat grammatica generatief is. Er moet dus als iets van kennis in ons hoofd zitten om taal te leren en poneert het Language Acquisition Device (LAD). 
  • Epifenomenalisme 
    Een ander mogelijkheid in het lichaam-geest debat is het bestaan van de geest te accepteren, maar deze geen oorzakelijke rol te laten spelen. 
  • Supervenience relatie 
    Er kunnen geen mentale verschillen zijn zonder fysieke verschillen (het omgekeerde geldt niet: reductionisme is daardoor geblokkeerd). 
  • John Searle
    John Searle weerlegt de sterke A.I. these met de Chinese Room: Je zit in een kamer en ontvangt Chinese tekens, je hebt een boek waarin staat welke tekens je moet teruggeven. Je weet niet dat het Chinese tekens zijn en dat je een gesprek in het Chinees aan het voeren bent. Niemand in die kamer snapt dus Chinees ('heeft dus bewustzijn'). Het passeren van de Turing Test is dus misschien wel noodzakelijk om bewustzijn aan iets toe te schrijven, maar niet voldoende. Simulatie is geen realisatie. Volgens Searle is bewustzijn een essentieel biologisch iets. 
  • Fred Jackson 
    Fred Jackson onderzoekt de implicaties van het materialisme en vraagt zich af of kennis wel te reduceren is tot kennis over de fysica. Hij verzint Mary de kleurenwetenschapper. Mary groeit op in een zwart-wit kamer en ziet nooit kleur. Ze heeft wel een boek met alle mogelijke kennis over kleur. Op een dag gaat ze de kamer uit en ziet ze kleur. De vraag is of ze iets nieuws leert. Volgens Jackson wel, dus kennis over de fysische processen is dus niet hetzelfde als kennis over de subjectieve ervaring. 
  • Chalmers 
    David Chalmers beoogt dat standaard onderzoek zich alleen met het easy problem bezighouden: welke hersenprocessen liggen aan de basis van welke ervaringen? Chalmers wijst op het hard problem: Hoe is subjectieve ervaring überhaupt mogelijk? 
  • Emobied cognition 
    Subjectieve ervaring is geworteld in embodied cognition, informatie berust op sensatie en motorprogramma's. 
  • Cognitive closure 
    Bedacht door McGinn: Het lichaam-geest probleem is te moeilijk voor ons. 
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Is voorbarige acceptatie van biologische verklaringen riskant?
Ja, bijvoorbeeld antidepressiva: de werkzaamheid bleek veel beperkter dan gedacht en de risico's veel groter. Ook stoppen gaf serieuze klachten.
Wie stinkt het allermeest naar kak?
Felix Blom
fMRI plaatjes lijken soms informatiever dan dat ze daadwerkelijk zijn, hoe komt dit?
De gebieden die oplichten zijn niet pas bij het oplichten actief en alles wat niet oplicht is niet actief, NEE --> het brein is altijd actief, de fMRI laat het verschil zien in activiteit. Als je hier heel streng in bent zullen er minder gebieden oplichten.
Welke wetten heeft Alexandr Luria bedacht?
1. wet van hiërarchische structuur: Corticale gebieden hebben een dominante rol ten opzichte van secundaire, lager gelegen gebieden.
2. wet van afnemende specificiteit: Naarmate informatie verder wordt verwerkt in het brein, des te minder specifiek, globaler en abstracter deze zal zijn. 
3.  wet van progressieve lateralisatie: in de (corticale) hemisferen is meer functionele lateralisatie te vinden dan in lagergelegen gebieden.
Wat was het probleem van de neuronale netwerken die werden nagebouwd met computers?
Elke laag maakte model snel stukken ingewikkelder
Wat is volgens John Hughlings Jackson het tegenovergestelde van evolutie?
Dissolutie; 
"release from control": corticale gebieden konden niet meer conrtoleren, dus lagere gebieden kregen vrij spel
Wat is de equipotentiality theory?
Psychologische functies zijn ondeelbare eigenschappen van de cortex als geheel.
Wat zijn Galls organologie & Kranioscopie?
Organologie: verschillen in aanleg zijn terug te zien in corticale ontwikkeling: goed ontwikkelde funcite, groter corticaal gebied.

Kranioscopie: verschillen in corticale ontwikkeling zijn af te lezen aan knobbels van de schedel.
Ventrikels van Vesalius
- Animal spirits
Vesalius bevestigde de 3 ventrikels in het brein, en kregen daarna verschillende functies.
Waarom vond Aristoteles het hart als denkorgaan?
1. het hart wordt waarneembaar door emotie beïnvloed
2. Het bevindt zich op een centraal punt, overeenkomstig met de rol van het denken
3. Alle levende wezens met bloed hebben een hart, maar niet allemaal ze een waarneembaar brein